<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2014:3025</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T12:03:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-06-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/16338414 / HAZA 13-125</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2014:3025">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2014:3025</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-08-01T13:59:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-08-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2014:3025 Rechtbank Midden-Nederland , 25-06-2014 / C/16338414 / HAZA 13-125</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2014:3025:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Herstelvonnis met verwijzing naar het vonnis d.d. 30-4-2014</para>
        <para>ECLI:NL:RBMNE:2014:3299</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2014:3025:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Civiel Recht</para>
      <para>Handelskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Locatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer / rolnummer: C/16338414 / HAZA 13-125</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Herstelvonnis van 25 juni 2014</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de zaak van </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>,</para>
      <para>Gevestigd te [vestigingsplaats],</para>
      <para>Eiseres in reconventie,</para>
      <para>Verweerster in reconventie,</para>
      <para>Advocaat mr. A.F.J. Jacobs te Amsterdam</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>Gevestigd te [vestigingsplaats],</para>
      <para>Gedaagde in conventie,</para>
      <para>Eiseres in reconventie</para>
      <para>Advocaat mr. R.P.M. Laat te Utrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het verzoek tot verbetering</emphasis>
      </para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>1.1.</nr>
        <para>Bij brief van 5 mei 2014 is namens [eiseres] de rechtbank verzocht om verbetering van het op 30 april 2014 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat in 5.5. van het dictum, overeenkomstig rechtsoverweging 4.26, wordt beslist dat de geldlening vanaf 14 mei 2014 opeisbaar is.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>1.2.</nr>
        <parablock>
          <para>De rechtbank heeft [gedaagde] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten, binnen twee weken na 6 mei 2013, aldus voor 20 mei 2014.</para>
          <para>Bij brief van 15 mei 2014 heeft mr. Laat verzocht om een verlenging van twee weken van de gestelde reactietermijn. . Dit is door de rechtbank toegestaan, zodat [gedaagde] tot 3 juni 2014 de gelegenheid had te reageren. [gedaagde] heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.</para>
          <para />
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          <emphasis role="bold">De beoordeling </emphasis>
        </emphasis>
      </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 30 april 2014 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt. </nr>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De rechtbank </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <paragroup>
        <nr>3.1.</nr>
        <parablock>
          <para>bepaalt dat nr. 5.2. van het op 30 april 2014 tussen [eiseres] en [gedaagde] gewezen vonnis, waar staat </para>
          <para>"veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] uiterlijk op 13 juli 2014 te betalen een bedrag van € 903.846,00 (negenhonderddrieduizend achthonderdzesenveertig euro), te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 14 juli 2014 als bedoeld in art. 6: ll9a BW tot de dag van volledige betaling; " </para>
          <para>wordt gewijzigd in </para>
          <para>"veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] uiterlijk op 13 mei 2014 te betalen een bedrag van € 903.846,00 (negenhonderddrieduizend achthonderdzesenveertig euro), te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 14 mei 2014 als bedoeld in art. 6: 119a BW tot de dag van volledige betaling;" </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.2.</nr>
        <para>bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 25 juni 2014 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 30 april 2014; </para>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.</nr>
        <parablock>
          <para>gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 30 april 20 14 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren. </para>
          <para />
          <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.M. Loots en in het openbaar uitgesproken op 25 juni 2014. </para>
        </parablock>
        <mediaobject>
          <imageobject>
            <imagedata align="center" scale="100" fileref="0702d3ce-1d4f-4626-ba9b-a5468b951e36" depth="1123" width="794" format="image/png" />
          </imageobject>
        </mediaobject>
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>