<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMNE:2013:2821</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T02:44:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-07-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Midden-Nederland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Midden-Nederland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-07-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">16-661449-13, 16-653292-12 (tul), 16-512371-10 (tul)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Utrecht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2013:2821">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMNE:2013:2821</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-08-01T16:36:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-08-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMNE:2013:2821 Rechtbank Midden-Nederland , 12-07-2013 / 16-661449-13, 16-653292-12 (tul), 16-512371-10 (tul)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMNE:2013:2821:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak. De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met een ander heeft ingebroken in een woning, dan wel heeft geprobeerd samen met een ander in te breken in deze woning.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMNE:2013:2821:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling Strafrecht</para>
      <para>Zittingslocatie Utrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 16/661449-13, 16/653292-12 (tul), 16/512371-10 (tul) (P)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige strafkamer van 12 juli 2013.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte],</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op[geboortedatum],</para>
      <para>ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens op het adres </para>
      <para>
        [adres 1], [postcode] [woonplaats].</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het onderzoek ter terechtzitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 28 juni 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van wat verdachte en de advocaat, mr. A.J. Admiraal, naar voren hebben gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte samen met een ander heeft ingebroken in een woning, dan wel heeft geprobeerd samen met een ander in te breken in deze woning. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Voorvragen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde feit en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waardering van het bewijs</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van het Openbaar Ministerie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan de voltooide diefstal en vordert vrijspraak ten aanzien van het primair ten laste gelegde feit. De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de poging diefstal, die hem subsidiair ten laste is gelegd, heeft begaan. De officier van justitie heeft zich daarbij gebaseerd op de aangifte, de getuigenverklaring en de processen-verbaal van bevindingen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De verdediging heeft aangevoerd dat verdachte niets van doen heeft met de inbraak in de woning dan wel de poging daartoe. Er is geen bewijsmiddel dat duidt op betrokkenheid van verdachte bij die inbraak. De verdediging verzoekt de rechtbank om verdachte vrij te spreken vanwege onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht -evenals de verdediging doch anders dan de officier van justitie- niet</para>
        <para>wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, zodat hij</para>
        <para>daarvan moet worden vrijgesproken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank overweegt daartoe als volgt.</para>
        <para>Op 29 april 2013 is er ingebroken in een woning aan de [adres 2] te Utrecht. Getuige [getuige] heeft hiervan melding gemaakt bij de politie. De getuige heeft het signalement opgegeven van de personen die zich op dat moment ophielden bij de woning aan de [adres 2]. Zij verklaarde dat zij twee mannen om 1.25 uur zag lopen en hen enig moment heeft kunnen volgen. Kort daarop hoorde zij breekgeluiden, waarop zij de politie belde en op dat moment zag zij een van de twee mannen die zij vlak daarvoor ook had gezien. </para>
        <para>Medeverdachte[medeverdachte] is kort na de melding door de politie aangehouden in de nabije omgeving van de woning. Medeverdachte[medeverdachte] stond op het moment van de aangehouding bij twee fietsen, waarvan één van de fietsen hem toebehoorde. De andere fiets bleek van verdachte te zijn. De telefoon van medeverdachte[medeverdachte] heeft in de nacht van de inbraak om 01.26 uur gebeld met het telefoonnummer van verdachte. De sleutelbos van verdachte is aangetroffen in de fouillering van medeverdachte[medeverdachte]. Verdachte voldoet aan het door de getuige opgegeven signalement. Voorts had verdachte tijdens zijn insluiting een donkere pet met oorflappen bij zich, welke voldoet aan de omschrijving van de getuige. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Verdachte heeft ter zitting verklaard over zijn aanwezigheid in de omgeving van de[adres 2] rond het tijdstip van de melding van de inbraak. Voorts heeft verdachte ter zitting aangegeven waarom hij zijn fiets die nacht heeft achterlaten en waarom zijn sleutelbos bij medeverdachte[medeverdachte] is aangetroffen. De rechtbank acht zijn verklaring over zijn gedragingen hoogst merkwaardig. Weliswaar zijn er aanwijzingen dat verdachte betrokken is bij het tenlastegelegde, maar nu er geen (technisch) bewijs voorhanden is op grond waarvan kan worden vastgesteld dat verdachte op zijn minst genomen op de plaatsdelict aanwezig is geweest en verdachte ontkent iets met de (poging) diefstal met braak te maken te hebben, is de rechtbank van oordeel dat het wettig bewijs ontbreekt. Hierbij speelt mee dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat de medeverdachte verdachte heeft gebeld op het moment dat zij - op grond van de verklaring van getuige [getuige] - aan het inbreken zouden zijn. De verdachte moet dan ook worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De voorlopige hechtenis is reeds bij separaat opgemaakte beslissing opgeheven.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De vorderingen tot tenuitvoerlegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zoals hiervoor is overwogen, heeft de rechtbank verdachte vrijgesproken van het hem tenlastegelegde. Derhalve kan niet worden geoordeeld dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd schuldig heeft gemaakt aan een nieuw strafbaar feit en daarmee de algemene voorwaarde heeft overtreden. De vorderingen tot tenuitvoerlegging zullen dan ook worden afgewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
      <para>Verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vorderingen tenuitvoerlegging</emphasis>
      </para>
      <para>Wijst de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 16/653292-12 af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wijst de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 16/512371-10 af. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Krol, voorzitter, mrs. P.P.C.M. Waarts en M.H.L. Schoenmakers, rechters, in tegenwoordigheid van drs. E.M.S. Arduin, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 12 juli 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. M.H.L. Schoenmakers is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. <emphasis role="bold">BIJLAGE: De tenlastelegging</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Primair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 29 april 2013 te Utrecht, althans in het arrondissement</para>
      <para>Midden-Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans</para>
      <para>alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een woning</para>
      <para>(gelegen aan de [adres 2]) heeft weggenomen goederen en/of</para>
      <para>geld, in elk geval datgene wat van zijn/hun gading was, in elk geval enig</para>
      <para>goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde], in elk geval aan een</para>
      <para>ander of anderen dan aan verdachte en / of zijn mededader(s), waarbij</para>
      <para>verdachte en / of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des</para>
      <para>misdrijfs heeft / hebben verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren)</para>
      <para>onder zijn / hun bereik heeft / hebben gebracht door middel van braak,</para>
      <para>verbreking en/of inklimming door met een breekijzer, in elk geval een</para>
      <para>soortgelijk (breek)voorwerp, een (keuken) raam van die woning open te breken</para>
      <para>en/of (vervolgens) door dat (keuken)raam naar binnen te klimmen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 29 april 2013 te Utrecht, althans in het arrondissement</para>
      <para>Midden-Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf</para>
      <para>om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het</para>
      <para>oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in / uit een woning (gelegen aan de</para>
      <para>
        [adres 2]) weg te nemen goederen en/of geld, in elk geval</para>
      <para>datgene wat van zijn/hun gading zou blijken te zijn, geheel of ten dele</para>
      <para>toebehorende aan [benadeelde], in elk geval aan een ander of anderen dan aan</para>
      <para>verdachte en / of zijn mededader(s) en zich daarbij de toegang tot die woning</para>
      <para>te verschaffen en / of die / dat weg te nemen goederen en/of geld, in elk</para>
      <para>geval datgene wat van zijn/hun gading zou blijken te zijn, onder zijn / hun</para>
      <para>bereik te brengen door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming</para>
      <para>en/of valse sleutel,  tezamen en in vereniging met een ander of anderen,</para>
      <para>althans alleen, als volgt heeft gehandeld: zijnde en/of hebbende hij,</para>
      <para>verdachte, en/of (één of meer van) zijn mededader(s) met een breekijzer, in</para>
      <para>elk geval een soortgelijk (breek)voorwerp een (keuken)raam van die woning</para>
      <para>opengebroken en/of (vervolgens) door dat (keuken)raam naar binnen geklommen</para>
      <para>en/of een of meer goed(eren) afkomstig uit die woning in een kussensloop</para>
      <para>gestopt, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>