<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMID:2010:BN8679</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-13T16:33:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:RBMID:2010:1816</dcterms:replaces>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BN8679</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Middelburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Middelburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-06-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">195348</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMID:2010:BN8679">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMID:2010:BN8679</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:59:57</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-12-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMID:2010:BN8679 Rechtbank Middelburg , 30-06-2010 / 195348</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMID:2010:BN8679:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Aankoop van een woning gaat niet door negatieve BKR-registratie. Vordering niet-ontvankelijk omdat de schadeclaim door de advocaat onvoldoende is onderbouwd. De wet stelt veel hogere eisen aan een vordering wegens immateriële schade hiervan.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMID:2010:BN8679:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>Uitspraak</para>
    <para> </para>
    <parablock>
      <para>RECHTBANK MIDDELBURG </para>
      <para>Sector kanton </para>
    </parablock>
    <para>  </para>
    <para>Locatie [adres] </para>
    <para>  </para>
    <para>zaak/rolnr.: 195348 / 09-2731 </para>
    <para> </para>
    <para>vonnis van de kantonrechter d.d. 30 juni 2010 </para>
    <para>  </para>
    <para>in de zaak van </para>
    <para>  </para>
    <parablock>
      <para>[A], </para>
      <para>wonende te [adres], </para>
      <para>eisende partij, </para>
      <para>verder te noemen: [eiseres], </para>
      <para>gemachtigde: mr. F. Bakker, </para>
    </parablock>
    <para>  </para>
    <para>t e g e n : </para>
    <para>  </para>
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap </para>
      <para>Neckermann.com B.V., </para>
      <para>gevestigd te [adres], </para>
      <para>gedaagde partij, </para>
      <para>verder te noemen: [gedaagde], </para>
      <para>gemachtigde: mr. J.P.M. Mol. </para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para>het verloop van de procedure </para>
    <para>  </para>
    <parablock>
      <para>De procedure is als volgt verlopen: </para>
      <para>- dagvaarding van 11 november 2009, </para>
      <para>- conclusies van antwoord, repliek en dupliek. </para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para>de beoordeling van de zaak </para>
    <para>  </para>
    <para>1.  Bij dagvaarding heeft [eiseres] een schadevergoeding ad € 5.000,- gevorderd op de grond dat de aankoop van een woning te [adres] geen doorgang mocht vinden door een onjuiste negatieve BKR-registratie, waarvoor [gedaagde] verantwoordelijk was. </para>
    <para>  </para>
    <para>2.  [Gedaagde] heeft haar aansprakelijkheid alsook de schade betwist en geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheid op de grond dat de vordering niet voldoende is onderbouwd. [Eiseres] heeft vervolgens haar vordering nader toegelicht en enkele stukken in het geding gebracht. [Gedaagde] heeft in haar verweer volhard. </para>
    <para>  </para>
    <parablock>
      <para>3.  Inderdaad was de vordering bij dagvaarding onvoldoende onderbouwd. Wat betreft de grond voor aansprakelijkheid heeft [eiseres] bij repliek wel voldoende feiten gesteld. Dat geldt echter niet voor de gestelde schade ad € 5.000,-. Dienaangaande heeft [eiseres] bij repliek, samengevat, gesteld: </para>
      <para>De woning was inmiddels aan een ander verkocht, toen [gedaagde] de onjuiste negatieve BKR-registratie liet corrigeren. Daardoor heeft [eiseres] schade geleden. Het was en is voor [eiseres] en haar partner erg moeilijk om een geschikte woning te vinden. Toen ze die uiteindelijk hadden gevonden, kon de koop niet doorgaan door de onjuiste negatieve BKR-registratie van [gedaagde]. [Eiseres] neemt [gedaagde] dit erg kwalijk. Het moge duidelijk zijn dat [eiseres] door toedoen van [gedaagde] schade heeft geleden. [Eiseres] </para>
      <para>is zelfs van oordeel dat haar schade veel groter is. Maar zij heeft haar vordering beperkt tot € 5.000,-. </para>
    </parablock>
    <para>  </para>
    <para>4.  Uit dit betoog kan niet worden afgeleid dat [eiseres] vermogensschade heeft geleden. Niet gesteld of gebleken is dat [eiseres] de in de koopakte vermelde boete ad € 12.500,- heeft verbeurd aan de verkoopster van de woning te [adres]. Verondersteld kan worden dat er, zoals gebruikelijk, een ontbindende voorwaarde van financiering was over-eengekomen. Uit het betwiste feit dat [eiseres] geen vergelijkbare woning heeft kunnen kopen, volgt zonder toelichting – die ontbreekt – niet dat [eiseres] vermogensschade geleden heeft. </para>
    <para>  </para>
    <para>5.  Uit het betoog kan eventueel wel worden afgeleid dat [eiseres] vergoeding wenst van immateriële schade. [Eiseres] neemt het [gedaagde] erg kwalijk en wenst daarvoor wellicht met smartengeld gecompenseerd te worden. Een negatieve emotie als boosheid komt echter niet in aanmerking voor verzilvering. De wet, art. 6:106, lid 1, BW, stelt veel hogere eisen aan een vergoeding van immateriële schade. Dienaangaande heeft [eiseres] ook bij repliek veel te weinig gesteld. Gelet op het voorgaande zal [eiseres] in haar vordering tot schadevergoeding niet-ontvankelijk worden verklaard en worden verwezen in de proceskosten. </para>
    <para> </para>
    <para>DE BESLISSING </para>
    <para>  </para>
    <para>De kantonrechter: </para>
    <para>  </para>
    <para>verklaart [eiseres] niet-ontvankelijk in haar vordering; </para>
    <para>  </para>
    <para>veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding, welke aan de zijde van [gedaagde] tot op heden worden begroot op € 400,- wegens salaris van de gemachtigde van [gedaagde]. </para>
    <para>  </para>
    <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.M. Klarenbeek, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 juni 2010 in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>