<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMAA:2003:AF5836</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-10T21:18:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AF5836</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Maastricht" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Maastricht</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2003-03-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03-005338-02</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHSHE:2003:AP0512" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg">Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2003:AP0512</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMAA:2003:AF5836">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMAA:2003:AF5836</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T18:31:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2003-03-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMAA:2003:AF5836 Rechtbank Maastricht , 14-03-2003 / 03-005338-02</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMAA:2003:AF5836:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>-</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMAA:2003:AF5836:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>Parketnummer: 03/005338-02</para>
    <para />
    <para>Datum uitspraak: 14 maart 2003 (bij vervroeging)</para>
    <para />
    <para />
    <para>RECHTBANK MAASTRICHT</para>
    <para />
    <para>VONNIS</para>
    <para />
    <para>op tegenspraak bij verstek gewezen door de meervoudige kamer voor strafzaken in de zaak tegen</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[Naam verdachte],</para>
      <para>geboren [geboorteplaats] op [geboortedatum],</para>
      <para>wonende te [woonplaats], [adres], </para>
      <para>thans gedetineerd in de P.I. Limburg Zuid - HvB Overmaze te  </para>
      <para>Maastricht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 10 december 2002, 13 februari 2003 en 13 maart 2003.</para>
    <para />
    <para />
    <para>De tenlastelegging</para>
    <para />
    <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 19 oktober 1996 in de gemeente Maastricht ter uitvoering </para>
      <para>van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met </para>
      <para>een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en met voorbedachten rade </para>
      <para>[naam slachtoffer1] en/of [naam slachtoffer2] van het leven te beroven, tezamen en in </para>
      <para>vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met dat opzet en na kalm </para>
      <para>beraad en rustig overleg, een ruit van de woning van die [naam slachtoffer1] en/of </para>
      <para>[naam slachtoffer2] heeft/hebben vernield en/of (vervolgens) een handgranaat de woning van </para>
      <para>die [naam slachtoffer1] en/of die [naam slachtoffer2] heeft/hebben binnengegooid via de ruit van de </para>
      <para>kamer waarin die [naam slachtoffer1] en/of die [naam slachtoffer2] verbleef/verbleven , terwijl de </para>
      <para>uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of</para>
      <para>zou kunnen leiden, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 19 oktober 1996 in de gemeente Maastricht ter uitvoering </para>
      <para>van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met </para>
      <para>een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [naam slachtoffer1] en/of [naam slachtoffer2] van het leven te beroven, met dat opzet een ruit van de woning van die </para>
      <para>[naam slachtoffer1] en/of [naam slachtoffer2] heeft/hebben vernield en/of (vervolgens) een </para>
      <para>handgranaat de woning van die [naam slachtoffer1] en/of die [naam slachtoffer2] heeft/hebben </para>
      <para>binnengegooid via de ruit van de kamer waarin die [naam slachtoffer1] en/of die [naam slachtoffer2] </para>
      <para>verbleef/verbleven, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is </para>
      <para>voltooid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>Vrijspraak</para>
    <para />
    <para>Uit het onderzoek ter terechtzitting is de rechtbank gebleken dat er naast de verklaringen van de getuige [naam getuige] geen andere bewijsmiddelen voorhanden zijn op grond waarvan het aan verdachte primair of subsidiair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden verklaard.</para>
    <para />
    <para>De rechtbank acht derhalve niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte primair en subsidiair is ten laste gelegd. </para>
    <para />
    <para>De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.</para>
    <para />
    <para>De rechtbank zal gelet op het vorenstaande het bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte opheffen met ingang van 14 maart 2003, en de vorderingen van de benadeelde partijen [naam slachtoffer1] en [naam slachtoffer2] niet-ontvankelijk verklaren.</para>
    <para />
    <para />
    <para>BESLISSINGEN:</para>
    <para />
    <para>De rechtbank </para>
    <para />
    <para>- verklaart niet wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het primair en subsidiair  ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;</para>
    <para />
    <para>- heft op het bevel tot voorlopige hechtenis met ingang van heden;</para>
    <para />
    <para>- niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [naam slachtoffer1] in zijn vordering;</para>
    <para />
    <para>- veroordeling van de benadeelde partij [naam slachtoffer1] voornoemd in de kosten, door  verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot op nihil;</para>
    <para />
    <para>- niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [naam slachtoffer2] in haar vordering;</para>
    <para />
    <para>- veroordeling van de benadeelde partij [naam slachtoffer2] voornoemd in de kosten, door  verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot op nihil.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is aldus gewezen door mr. A.S. Arnold, voorzitter, mr. E.W.A. van den Berg-Buntsma en mr. M.E. Kramer, rechters, in tegenwoordigheid van F.P.J.M. Vugs, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 14 maart 2003.</para>
      <para>Typ: EV</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>