<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBMAA:2002:AE4274</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T10:18:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AE4274</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Maastricht" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Maastricht</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2002-06-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">57367</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMAA:2002:AE4274">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBMAA:2002:AE4274</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T17:52:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2002-06-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBMAA:2002:AE4274 Rechtbank Maastricht , 06-06-2002 / 57367</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBMAA:2002:AE4274:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>-</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBMAA:2002:AE4274:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>Vonnis	: 6 juni 2002</para>
    <para />
    <para>Zaaknummer	: 57367 / HA ZA 00-574</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>De rechtbank te Maastricht, enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft het navolgende vonnis gewezen in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[eiser],</para>
      <para>wonende te Roermond,</para>
      <para>eiser,</para>
      <para>procureur mr. J.J.M. Goumans;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>tegen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap DE UITGEVERSMAATSCHAPPIJ DE LIMBURGER BV,</para>
      <para>gevestigd te Maastricht,</para>
      <para>gedaagde,</para>
      <para>procureur mr. J.L.J.E. Koster.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>1. Het verdere verloop van de procedure</para>
    <para />
    <para>Ter voldoening aan de haar in het tussenvonnis van 22 februari 2001 verstrekte bewijsopdracht heeft gedaagde vijf getuigen doen horen. Eiser heeft in contra-enquête drie getuigen doen horen.</para>
    <para />
    <para>Ter voldoening aan de hem in het tussenvonnis van verstrekte bewijsopdracht heeft eiser  twee getuigen doen horen. Gedaagde  heeft in contra-enquête geen getuigen doen horen.</para>
    <para />
    <para>Van deze getuigenverhoren is proces-verbaal opgemaakt dat zich bij de stukken bevindt.</para>
    <para />
    <para>Gedaagde  heeft vervolgens een conclusie na enquête genomen, waarbij  producties in het geding werden gebracht. </para>
    <para />
    <para>Daarop heeft eiser ook een conclusie na enquête genomen, waarbij  producties in het geding werden gebracht.</para>
    <para />
    <para>Ten slotte hebben partijen wederom vonnis gevraagd op het rechtbankdossier. De uitspraak van het vonnis is nader bepaald op heden.</para>
    <para />
    <para />
    <para>2. De verdere beoordeling</para>
    <para />
    <para>2.1 In de editie van het door gedaagde uitgegeven "Dagblad De Limburger" van 20 april 1999 is een artikel geplaatst met als kop:</para>
    <para />
    <para>"Ministerie opgelicht door bestuursleden [woonplaats] school".</para>
    <para />
    <para>De  eerste alinea van dit artikel luidt als volgt:</para>
    <para />
    <para>"Voorzitter [O] en secretaris [eiser] (de rechtbank: eiser) van het voormalig bestuur van basisschool [school] in de [woonplaats] wijk [wijk] hebben het Vervangings- en Participatiefonds van het ministerie van Onderwijs voor ruim 25.000 gulden opgelicht. Zij hebben een vergoeding geclaimd voor nooit verrichte werkzaamheden."</para>
    <para />
    <para>2.1 Bij voormeld vonnis, waarbij de rechtbank volhardt, werd gedaagde toegelaten door getuigen te bewijzen feiten en omstandigheden waaruit kan worden afgeleid  dat die beschuldiging steun vond in het ten tijde van de gewraakte publicatie beschikbare feitenmateriaal, danwel dat zij de beschuldiging niet lichtvaardig heeft geuit.</para>
    <para />
    <para>2.2 De rechtbank is van oordeel dat gedaagde geslaagd is in het leveren van het bewijs. Uit de samenhang van de getuigenissen, afgelegd door de schrijver van het gewraakte artikel, [journ[journalist], werkzaam bij gedaagde, en het voormalig bestuurslid [bestuurslid], met de bijbehorende door hem overgelegde verklaringen, alsmede de verklaringen van [H] en [S], is gebleken dat de beschuldiging in de gewraakte publicatie steun vond in het ten tijde van de gewraakte publicatie aan hem, [journalist], beschikbare feitenmateriaal. De in contra-enquête gehoorde getuigen doen hier niet aan af, temeer nu eiser zelf verklaart dat hij kort voor de publicatie door [journalist] telefonisch over de zaak is benaderd en hij daar geen informatie over wilde geven.</para>
    <para />
    <para>2.3 Al het vorenstaande brengt met zich dat de bewijsvoering door eiser geen bespreking meer behoeft en dat de vordering moet worden afgewezen. Eiser moet als de  in het ongelijk gestelde partij de kosten van deze procedure dragen.</para>
    <para />
    <para />
    <para>3. De uitspraak</para>
    <para />
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <para>wijst het gevorderde af;</para>
    <para />
    <para>veroordeelt eiser in de kosten van de procedure aan de zijde van gedaagde  gevallen en tot op heden begroot op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>vast recht	€	€€449,24</para>
      <para>getuigentaxen	€	279,30</para>
      <para>salaris procureur	€1.996,00</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Bergmans, vice-president,  en ter openbare terechtzitting uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>