<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2026:1631</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-19T11:18:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2026-02-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03.267458.19 + 03.309129.24 (ttz gev.)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2026:1631">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2026:1631</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-17T13:20:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2026:1631 Rechtbank Limburg , 17-02-2026 / 03.267458.19 + 03.309129.24 (ttz gev.)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2026:1631:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verdachte heeft zich gedurende een periode van ongeveer een jaar bezig gehouden met de handel in hennep. Daarnaast is op twee verschillende momenten bij elkaar ongeveer 2,5 kilo hennep bij de verdachte aangetroffen. In deze zaak is de redelijke termijn met ongeveer 4 jaar overschreden. Veroordeling tot een gevangenisstraf van 120 dagen, waarvan 110 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 1 jaar.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2026:1631:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummers: 03.267458.19 + 03.309129.24 (ttz.gev.)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 17 februari 2026</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboorte datum] 1994 ,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte wordt bijgestaan door mr. L.P.H. Hameleers, advocaat te Roermond.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 3 februari 2026. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze zaak is gelijktijdig, maar niet gevoegd behandeld met de strafzaken tegen medeverdachten [medeverdachte 1] (03.270985.19 + 03.212857.23) en [medeverdachte 2] (03.267463.19 + 03.309104.24).</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met parketnummer 03.267458.19:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1</emphasis>: op 8 november 2019 in de gemeente Venlo samen met (een) ander(en) opzettelijk 2465,2 gram hennep aanwezig heeft gehad;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2</emphasis>: in de periode van 1 november 2018 tot en met 8 november 2019 in de gemeente Venlo samen met (een) ander(en), in de uitoefening van een bedrijf of beroep, opzettelijk hennep heeft verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval voorhanden heeft gehad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met parketnummer 03.309129.24:</emphasis>
      </para>
      <para>op 8 februari 2020 samen met (een) ander(en) opzettelijk 45,2 gram hennep heeft vervoerd dan wel opzettelijk aanwezig heeft gehad. </para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">parketnummer 03.267458.19</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie acht feit 1 en feit 2 wettig en overtuigend bewezen, mede gelet op de bekennende verklaring van de verdachte.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">parketnummer 03.309129.24</emphasis>
        </para>
        <para>Ook in deze zaak heeft de officier van justitie gerekwireerd tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde feit. Hij heeft daarbij verwezen naar de bevindingen en de achtervolging van de politie en de aangetroffen dactyloscopische sporen van de verdachte op de buitenkant van één van de aangetroffen gripzakjes. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat ten aanzien van dit feit sprake is van medeplegen.  </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft aangevoerd dat de feiten niet door de verdediging worden betwist, nu de verdachte een bekennende verklaring heeft afgelegd. De raadsman heeft voor wat betreft de tenlastegelegde periode ten aanzien van feit 2 onder parketnummer 03.267458.19 aangevoerd dat deze dient aan te vangen vanaf 1 januari 2019.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <paragroup>
        <nr>3.3.1</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ten aanzien van de zaak met parketnummer 03.267458.19</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_dd8b5f8c-83d8-4d16-91cb-fb296e629952" />
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">Feit 1</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht het feit wettig en overtuigend bewezen. Nu de verdachte dit feit ter terechtzitting heeft bekend en geen vrijspraak is bepleit, zal de rechtbank overeenkomstig artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen, te weten:</para>
        </parablock>
        <para>- de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd tijdens de zitting van 3 februari 2026;</para>
        <para>- de verklaring van de verdachte afgelegd bij de politie op 9 november 2019;<footnote-ref linkend="_518b29b6-7fbe-4054-b7ed-0d6f7c5b9ea7" /></para>
        <para>- het proces-verbaal van binnentreden in woning d.d. 8 november 2019;<footnote-ref linkend="_3e57b473-dfa4-4a0f-bfdb-6cfb48a2e208" /></para>
        <para>- de lijst van inbeslaggenomen goederen d.d. 14 november 2019;<footnote-ref linkend="_30d12e0d-df19-4ad6-879f-79675985a747" /></para>
        <para>- het proces-verbaal van aanhouding van verdachte [medeverdachte 2] d.d. 8 november 2019;<footnote-ref linkend="_8e661a96-785b-4a24-b75d-0b6666d278c2" /></para>
        <para>- het proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 november 2019.<footnote-ref linkend="_84519185-714f-4ff7-9df6-487a595265d8" /></para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="underline">Feit 2</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank acht het feit wettig en overtuigend bewezen. Nu de verdachte dit feit ter terechtzitting heeft bekend en geen vrijspraak is bepleit, zal de rechtbank overeenkomstig artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen, te weten:</para>
        </parablock>
        <para>- de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd tijdens de zitting van 3 februari 2026;</para>
        <para>- de verklaring van de verdachte afgelegd bij de politie op 9 november 2019;<footnote-ref linkend="_69dd97f5-d17c-4a77-b781-a8ed82995e39" /></para>
        <para>- de verklaring van de verdachte afgelegd bij de politie op 10 november 2019;<footnote-ref linkend="_09f828a5-52aa-4856-b04a-934ca30d2039" /></para>
        <para>- de verklaring van de medeverdachte [medeverdachte 1] afgelegd bij de politie op 12 november 2019;<footnote-ref linkend="_e5b32952-c101-4916-b6bc-e0ca5da6a519" /></para>
        <para>- de verklaring van de medeverdachte [medeverdachte 2] afgelegd bij de politie op 10 november 2019;<footnote-ref linkend="_291a8260-21cb-4b0d-ab15-73e3169b5970" /></para>
        <para>- het proces-verbaal van bevindingen d.d. 22 oktober 2019;<footnote-ref linkend="_71f84b7a-90e7-4564-ae15-5b9614bc41a7" /></para>
        <para>- het proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 november 2019.<footnote-ref linkend="_43f8a476-5fa5-4722-8f43-7ee55211c7e1" /></para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Partiële vrijspraak tenlastegelegde periode</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank zal de verdachte partieel vrijspreken van de handel in hennep in de periode van 1 november 2018 tot en met 31 december 2018. Gelet op de verklaring van de medeverdachte [medeverdachte 1] afgelegd bij de politie staat vast dat de verdachte samen met de medeverdachte [medeverdachte 1] in ieder geval vanaf 1 januari 2019 is gestart met de handel in hennep. Het dossier bevat onvoldoende bewijs dat zij reeds vanaf 1 november 2018 actief waren. De opsteller van de tenlastelegging heeft die startdatum kennelijk gebaseerd op de verklaring van de medeverdachte [medeverdachte 1] op 19 november 2019 dat hij ‘één jaar echt actief’ is in de softdrugshandel. Zijn raadsvrouw heeft overtuigend bepleit dat uit zijn overige verklaringen blijkt dat hij daarmee het toen lopende kalenderjaar heeft bedoeld.</para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.2</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Ten aanzien van de zaak met parketnummer 03/309129-24</emphasis>
            <footnote-ref linkend="_a50cdf32-4bf9-466a-85c8-88832882dadc" />
          </para>
          <para>De rechtbank acht het feit wettig en overtuigend bewezen. Nu de verdachte dit feit ter terechtzitting heeft bekend en geen vrijspraak is bepleit, zal de rechtbank overeenkomstig artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen, te weten:</para>
        </parablock>
        <para>- de bekennende verklaring van de verdachte afgelegd tijdens de zitting van 3 februari 2026;</para>
        <para>- het proces-verbaal van bevindingen van 8 februari 2020;<footnote-ref linkend="_7a3ec638-7967-44ab-b0c3-1e3e71c11e07" /></para>
        <para>- een kennisgeving van inbeslagneming van verdovende middelen en gripzakjes;<footnote-ref linkend="_419f389c-f8bc-4001-ad71-3095da129ff3" /></para>
        <para>- het proces-verbaal vooronderzoek lab van 21 februari 2020;<footnote-ref linkend="_149d3e36-486e-4e7b-989d-9039e5aa3906" /></para>
        <para>- het proces-verbaal vooronderzoek lab van 5 maart 2020;<footnote-ref linkend="_f95c2a82-18fb-4c7a-b42c-5eda04e7cf87" /></para>
        <para>- het proces-verbaal individualisatie dactyloscopisch spoor van 6 april 2020.<footnote-ref linkend="_154856f5-7bff-4c5a-9f9c-c6166cf68852" /></para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Partiële vrijspraak</emphasis>
          </para>
          <para>Het dossier bevat geen bewijs voor het aan de verdachte onder dit feit ten laste gelegde medeplegen, zodat de verdachte in zoverre moet worden vrijgesproken. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht bewezen dat de verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">t.a.v. 03.267458.19, feit 1:</emphasis>
        </para>
        <para>op 8 november 2019 in de gemeente Venlo, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van ongeveer 2465,2 (38,3 + 2426,9) gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">t.a.v. 03.267458.19, feit 2:</emphasis>
        </para>
        <para>in de periode van 1 januari 2019 tot en met 8 november 2019 in de gemeente Venlo, tezamen en in vereniging met anderen, in de uitoefening van een bedrijf of beroep, opzettelijk heeft verwerkt en verkocht en afgeleverd en verstrekt en vervoerd een hoeveelheid hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">t.a.v. 03.309129.24:</emphasis>
        </para>
        <para>op 8 februari 2020 in de gemeente Venlo opzettelijk heeft vervoerd een hoeveelheid van 45,2 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para>Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">t.a.v. 03.267458.19, feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">t.a.v. 03.267458.19, feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>medeplegen van in de uitoefening van een beroep of bedrijf opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">t.a.v. 03.309129.24:</emphasis>
      </para>
      <para>opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para>De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De straf </title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf van 120 dagen, waarvan 110 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 1 jaar en met aftrek van de 14 dagen die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. De officier van justitie heeft bij het bepalen van zijn strafeis rekening gehouden met de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, alsmede met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en de overschrijding van de redelijke termijn. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat toepassing geven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht of een straf conform voorarrest de enige passende afdoening is vanwege de extreme overschrijding van de redelijke termijn. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft zich gedurende een periode van ongeveer een jaar bezig gehouden met de handel in hennep. In die periode heeft de verdachte een aantal maanden met één van de medeverdachten samengewerkt, daarna heeft de verdachte kort met beide medeverdachten samengewerkt en – nadat er een conflict met één van de medeverdachten is ontstaan – is de verdachte met de andere medeverdachte verder gegaan. Daarnaast is op twee verschillende momenten bij elkaar ongeveer 2,5 kilo hennep bij de verdachte aangetroffen. De verdachte heeft de feiten ter zitting bekend.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met zijn handelen heeft de verdachte een essentiële bijdrage geleverd aan het in stand houden van de illegale softdrugshandel met alle kwalijke neveneffecten van dien. Het is een feit van algemene bekendheid dat hennep, althans de werkzame stof THC, een zeer schadelijke werking heeft voor de gezondheid van gebruikers en tot ernstige verslavingsproblematiek kan leiden. Tevens gaan illegale hennepactiviteiten vaak gepaard met andere vormen van (gewelds-, vermogens- en andere) criminaliteit. De verdachte heeft geen oog gehad voor deze kwalijke gevolgen en is kennelijk puur gericht geweest op financieel voordeel voor zichzelf. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gezien de ernst van de feiten kan in beginsel niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Gelet op hetgeen de rechtbank bewezen heeft verklaard, acht de rechtbank in principe een gevangenisstraf van 6 maanden passend. De rechtbank ziet echter voldoende reden om van dit uitgangspunt af te wijken. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met betrekking tot de redelijke termijn en het procesverloop in deze zaak overweegt de rechtbank allereerst het volgende. Als uitgangspunt heeft te gelden dat de behandeling op zitting moet zijn afgerond met een eindvonnis binnen twee jaar nadat de redelijke termijn is aangevangen. In deze zaak is de redelijke termijn met ongeveer 4 jaar overschreden. Dat betekent dat het in dit vonnis gaat om de bestraffing voor strafbare feiten die ongeveer 6 jaar geleden en eerder hebben plaatsgevonden.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft ook acht geslagen op het strafblad van de verdachte en kennisgenomen van zijn persoonlijke omstandigheden. Sinds de verdachte op 19 februari 2020 uit detentie is, heeft hij onder toezicht van de reclassering zijn leven gebeterd. Hij is een aantal keer gewisseld van baan, maar intussen werkt hij als logistiek medewerker en kan hij goed rondkomen. Naar eigen zeggen is hij nu van de drugs af. Vorig jaar heeft hij een huis gekocht en is hij getrouwd. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het tijdsverloop in deze zaak en de voornoemde omstandigheden maken dat de rechtbank zal afwijken van het uitgangspunt om aan de verdachte een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf op te leggen. De rechtbank zal - conform de eis van de officier van justitie – aan de verdachte opleggen een gevangenisstraf van 120 dagen, waarvan 110 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 1 jaar.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Het beslag</title>
    <paragroup>
      <nr>7.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het inbeslaggenomen geldbedrag van € 1.025,00 verbeurd verklaard dient te worden. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft zich niet uitgelaten over het beslag.   </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal het inbeslaggenomen geldbedrag van € 1.025,00 verbeurd verklaren, omdat dit geld geheel of grotendeels door middel van het bewezenverklaarde is verkregen en het toebehoort aan de verdachte.  </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 47, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder <emphasis role="bold">3.4</emphasis> is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder <emphasis role="bold">4</emphasis> is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> van <emphasis role="bold">120 dagen</emphasis>, waarvan <emphasis role="bold">110 dagen voorwaardelijk</emphasis>;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in <emphasis role="bold">voorarrest</emphasis> is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf <emphasis role="bold">in mindering</emphasis> zal worden gebracht;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een <emphasis role="bold">proeftijd</emphasis> van <emphasis role="bold">1 jaar</emphasis> zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="bold">verklaart verbeurd</emphasis> het volgende in beslag genomen voorwerp:</para>
    <para>03-267458-19: 1025 EUR (ibn 08-11-2019).</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. L. Bastiaans, voorzitter, mr. N.P.J. van de Pasch en mr. S.S. Vijn, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.C.G. Taranto, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 februari 2026.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. N.P.J. van de Pasch is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
      <para>De griffier is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
      <para>BIJLAGE: <emphasis role="bold">De tenlastelegging</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">t.a.v. 03.267458.19, feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>hij op of omstreeks 8 november 2019 in de gemeente Venlo tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van ongeveer 2465,2 (38,3 + 2426,9) gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">t.a.v. 03.267458.19, feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 november 2018 tot en met 8 november 2019 in de gemeente Venlo, in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, in de uitoefening van een bedrijf of beroep, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">t.a.v. 03.309129.24, feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>hij op of omstreeks 8 februari 2020 in de gemeente Venlo tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van ongeveer 45,2 gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_dd8b5f8c-83d8-4d16-91cb-fb296e629952" label="1">
    <para> Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, District Noord- en Midden-Limburg, basisteam Venlo/Beesel, BHV-nummer PL2321-2019136270 (onderzoek LB13019002 / DELTA), gesloten d.d. 7 april 2020, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 655.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_518b29b6-7fbe-4054-b7ed-0d6f7c5b9ea7" label="2">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 9 november 2019, pagina 462.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3e57b473-dfa4-4a0f-bfdb-6cfb48a2e208" label="3">
    <para> Proces-verbaal van binnentreden in woning d.d. 8 november 2019, pagina 444.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_30d12e0d-df19-4ad6-879f-79675985a747" label="4">
    <para> Lijst van inbeslaggenomen goederen d.d. 14 november 2019, pagina 450-451.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8e661a96-785b-4a24-b75d-0b6666d278c2" label="5">
    <para> Proces-verbaal van aanhouding van verdachte [medeverdachte 2] d.d. 8 november 2019, pagina 504.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_84519185-714f-4ff7-9df6-487a595265d8" label="6">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 november 2019, pagina 224.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_69dd97f5-d17c-4a77-b781-a8ed82995e39" label="7">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 9 november 2019, pagina 462.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_09f828a5-52aa-4856-b04a-934ca30d2039" label="8">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 10 november 2019, pagina 469.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e5b32952-c101-4916-b6bc-e0ca5da6a519" label="9">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 1] d.d. 12 november 2019, pagina 367, 368 en 370. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_291a8260-21cb-4b0d-ab15-73e3169b5970" label="10">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte [medeverdachte 2] d.d. 10 november 2019, pagina 549-554.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_71f84b7a-90e7-4564-ae15-5b9614bc41a7" label="11">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen d.d. 22 oktober 2019, pagina 171-172.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_43f8a476-5fa5-4722-8f43-7ee55211c7e1" label="12">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 november 2019, pagina 187-189.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a50cdf32-4bf9-466a-85c8-88832882dadc" label="13">
    <para> Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, onderzoek GENGAR, proces-verbaalnummer LB13020007, gesloten op 15 januari 2021, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 410.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7a3ec638-7967-44ab-b0c3-1e3e71c11e07" label="14">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 8 februari 2020, pagina 91-93.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_419f389c-f8bc-4001-ad71-3095da129ff3" label="15">
    <para> Kennisgeving van inbeslagneming van 8 februari 2020, pagina 95.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_149d3e36-486e-4e7b-989d-9039e5aa3906" label="16">
    <para> Proces-verbaal vooronderzoek lab van 21 februari 2020, pagina 98-99 en de bijbehorende foto op pagina 101.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f95c2a82-18fb-4c7a-b42c-5eda04e7cf87" label="17">
    <para> Proces-verbaal vooronderzoek lab van 5 maart 2020, pagina 102-103.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_154856f5-7bff-4c5a-9f9c-c6166cf68852" label="18">
    <para> Proces-verbaal individualisatie dactyloscopisch spoor van 6 april 2020, pagina 106 en het bijbehorende Rapport Dactyloscopisch Onderzoek van 13 maart 2020 op pagina 108-111.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>