<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2025:8523</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-24T15:23:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-06-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/03/330354 / HA ZA 24-221</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Notamail 2025/203</rdf:li>
          <rdf:li>Sdu Nieuws Personen- en familierecht 2025/508</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2025-0472</rdf:li>
          <rdf:li>VEAN-ERF-Updates.nl 2025-0472</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:8523">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:8523</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-09-05T08:00:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-09-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2025:8523 Rechtbank Limburg , 11-06-2025 / C/03/330354 / HA ZA 24-221</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2025:8523:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Civiel recht. Bodemzaak. Erfrecht. Eiseres is executeur in de nalatenschap van haar moeder. Gedaagde is de weduwe van haar overleden broer. Gedaagde woont in een woning die voor 1/5de deel haar eigendom is. Het overige 4/5de eigendomsdeel maakt deel uit van de nalatenschap van de moeder van eiseres. Eiseres vordert als executeur dat de woning waarin gedaagde woont wordt verkocht. Volgens haar is dat nodig om schulden van de nalatenschap te kunnen voldoen. De rechtbank verklaart eiseres in haar vorderingen niet ontvankelijk omdat er geen schulden meer zijn, zodat haar taak als executeur is geëindigd en zij dus geen vorderingen als executeur meer kan instellen. Als aangenomen zou moeten worden dat eiseres nog steeds executeur is, geldt dat de vorderingen van eiseres moeten worden afgewezen. De executeur mag de woning alleen verkopen als dat nodig is voor de voldoening van schulden van de nalatenschap. Die situatie doet zich niet voor. De voorschotten die in het kader van de partiële verdeling van de nalatenschap van de moeder van eiseres al zijn uitgekeerd, zijn ruimschoots voldoende om de gestelde schulden te kunnen betalen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2025:8523:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK Limburg</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/03/330354 / HA ZA 24-221</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis bij vervroeging van 11 juni 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>, </para>
      <para>handelend in haar hoedanigheid van executeur in de nalatenschap van <?linebreak?>mevrouw [erflaatster] ,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiseres] ,</para>
      <para>advocaat: mr. S. de Block te Maastricht,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats 2] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [gedaagde] ,</para>
      <para>advocaat: mr. J.M.P. Schobbers-Deinum te Venlo.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding met de producties 1 tot en met 10,<?linebreak?>- de conclusie van antwoord met de producties 1 tot en met 8,<?linebreak?>- de brief waarin een mondelinge behandeling is bepaald,</para>
      <para>- de spreekaantekeningen van [eiseres] ,</para>
      <para>- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 13 februari 2025.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Op [overlijdensdatum 1] 2023 is mevrouw [erflaatster] overleden (hierna te noemen: erflaatster). Zij was gehuwd met de heer [erflater 1] , die op [overlijdensdatum 2] 1980 is overleden (hierna te noemen: erflater). Uit hun huwelijk zijn twee kinderen geboren, te weten [eiseres] en wijlen de heer [erflater 2] (hierna te noemen: [erflater 2] ). [gedaagde] is de weduwe van [erflater 2] .</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Erflater heeft bij testament van 11 juni 1949<footnote-ref linkend="_bce353bb-c54f-4e15-a746-4dad87ceec84" /> over zijn nalatenschap beschikt. De erfgenamen van erflater zijn erflaatster, [eiseres] en [erflater 2] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [erflater 2] is ná erflater, maar vóór erflaatster, overleden op [overlijdensdatum 3] 1991. Uit zijn huwelijk met [gedaagde] is geboren hun dochter mevrouw [naam dochter erflater 2] (hierna te noemen: “ [naam dochter erflater 2] ”). Bij testament van 9 januari 1990<footnote-ref linkend="_64002667-fe06-40e0-b663-eb27a4cb4448" /> heeft [erflater 2] over zijn nalatenschap beschikt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Erflaatster heeft voor het laatst over haar nalatenschap beschikt bij testament van <?linebreak?>9 december 2020<footnote-ref linkend="_60a8ad47-e6ad-4b56-a95a-10a2f6b0583e" />. Bij testament heeft zij [eiseres] en [naam dochter erflater 2] tot haar enige erfgenamen benoemd, ieder voor gelijke delen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Erflaatster heeft [eiseres] bij testament tot executeur benoemd. Zij heeft deze benoeming aanvaard. In het testament van erflaatster is over de taak van executeur het volgende opgenomen:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>(…)</para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">EXECUTEUR</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">2.	De executeur heeft tot taak de goederen van de nalatenschap te beheren</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	en de schulden van de nalatenschap te voldoen die tijdens zijn beheer uit</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	die goederen moeten worden voldaan, zoals het afgeven van legaten, het</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	nakomen of uitvoeren van overeenkomsten en de voldoening van de kosten</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	van mijn uitvaart, van eventuele taxatie- en boedelkosten en van de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	successierechten die ten laste komen van erfgenamen of legatarissen. In</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	verband met de betaling van de schulden is de executeur bevoegd de door</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	hem beheerde goederen van mijn nalatenschap te gelde te maken.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	De executeur behoeft over de keuze en de te gelde making niet in overleg</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	te treden met de erfgenamen en hun toestemming daarvoor is ook niet</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">	vereist.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">9.	De taak en het beheer van de executeur eindigen:</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">	a. wanneer hij zijn werkzaamheden heeft voltooid;</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">	(…)</emphasis>
        </para>
        <para>(…)</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>In verband met de afwikkeling van de nalatenschap van erflaatster is in <?linebreak?>oktober 2023 het appartement in Knokke (België) verkocht. Uit de verkoopopbrengst zijn voorschotten op de erfenis uitgekeerd aan [eiseres] en [naam dochter erflater 2] . Ook [gedaagde] heeft een bedrag uit de verkoopopbrengst ontvangen als rechtsopvolgster van <?linebreak?>[erflater 2] , die na het overlijden van erflater als erfgenaam mede gerechtigd was tot het eigendomsaandeel van erflater in het appartement in Knokke.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Tot de nalatenschap van erflaatster behoort tevens een 4/5e eigendomsaandeel in de woning aan de [adres 1] te [woonplaats 2] (hierna te noemen: “de woning in [woonplaats 2] ”). [gedaagde] is voor 1/5e deel eigenaar van de woning in [woonplaats 2] en zij woont er al jaren.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] vordert – na vermindering van eis – dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>I. [eiseres] vervangende toestemming zal verlenen om namens [gedaagde] over te gaan tot verkoop van de woning staande en gelegen te [woonplaats 2] aan de [adres 1] , middels tussenkomst van makelaarskantoor [naam makelaar] te [woonplaats 2]  aan de [adres 2] , althans door een nader door de rechtbank te benoemen makelaar, voor een vraagprijs van € 315.000,00, met een bodemprijs van € 300.000,00, dan wel een nader in overleg met de makelaar overeen te komen bodemprijs, alles kosten koper, door het geven van een verkoopopdracht en het sluiten van een verkoopovereenkomst ten kantore van een door [eiseres] te kiezen notaris,</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>II. [eiseres] vervangende toestemming zal verlenen namens [gedaagde] voor de levering van de woning, waarmee de uitspraak ex artikel 3:300 lid 2 BW in de plaats treedt van de gehele akte,</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>III. [gedaagde] zal veroordelen om binnen 7 dagen na betekening van dit vonnis haar onvoorwaardelijke medewerking te verlenen tot verkoop en levering van de woning zoals omschreven in randnummer 3.6. van de dagvaarding aan de verkoop van de woning staande en gelegen te [woonplaats 2] aan de [adres 1] , op straffe van een dwangsom van € 750,00 per dag of dagdeel dat [gedaagde] in gebreke blijft aan het vonnis te voldoen, tot een maximum van € 60.000,00,</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>IV. [gedaagde] zal veroordelen in de kosten van deze procedure, te voldoende binnen veertien dagen na dagtekening van dit vonnis, en, indien voldoening binnen die termijn uitblijft, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf veertien dagen na dagtekening van dit vonnis.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert verweer. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>
        [eiseres] stelt dat zij deze procedure begonnen is, omdat zij de nalatenschap van haar moeder definitief wil afwikkelen. Om daartoe over te kunnen gaan, is het volgens haar nodig dat de woning in [woonplaats 2] , die voor 1/5e deel eigendom is van [gedaagde] en voor 4/5e deel behoort tot de nalatenschap van erflaatster<footnote-ref linkend="_1a66ac88-9f5c-4663-9cf6-04886be07b1f" />, wordt verkocht. [gedaagde] wil daaraan niet meewerken. [eiseres] is van mening dat van de nalatenschap niet verwacht mag worden dat de onverdeeldheid blijft voortduren.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] voert als verweer aan dat [eiseres] niet kan worden ontvangen in haar vorderingen. [eiseres] heeft de vorderingen als executeur heeft ingediend, terwijl haar taak als executeur is geëindigd, omdat de nalatenschap van erflaatster geen schulden meer heeft. Als de rechtbank zou oordelen dat [eiseres] toch nog executeur is, is zij alleen bevoegd tot verkoop van de woning in [woonplaats 2] als dat nodig is voor de voldoening van schulden van de nalatenschap. Daarvan is geen sprake en daarom moeten haar vorderingen in ieder geval worden afgewezen, aldus [gedaagde] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat het verweer van [gedaagde] dat [eiseres] niet-ontvankelijk is in haar vorderingen slaagt. De rechtbank overweegt hiertoe als volgt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>
        [eiseres] is erfgenaam<footnote-ref linkend="_b6abfcf1-adf1-40fa-bbb1-e33136b160e1" /> van erflaatster en de executeur van haar nalatenschap<footnote-ref linkend="_f3435f8d-8952-401d-a582-c6583fb8a957" />. [eiseres] heeft de vorderingen niet als erfgenaam van erflaatster, tevens deelgenoot in de woning in [woonplaats 2] ingesteld, maar uitsluitend als executeur.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Tot de taak van de executeur behoort het om schulden van de nalatenschap te voldoen. In het testament van erflaatster is bepaald dat de executeur enkel in verband met de betaling van schulden bevoegd is de door haar beheerde goederen van de nalatenschap te gelde te maken<footnote-ref linkend="_d01f4ed7-9aa6-442b-bba4-07880c898644" />. De taak van de executeur eindigt als de werkzaamheden zijn voltooid<footnote-ref linkend="_83de0417-c2b9-401f-bfe3-899247fab6ac" />. Partijen verschillen van mening of de taak van [eiseres] als executeur is geëindigd. Centraal staat daarin de vraag of er nog schulden van de nalatenschap bestaan.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>
        [eiseres] stelt dat zij nog steeds executeur is, omdat de nalatenschap schulden heeft. Ook meent zij dat verkoop van de woning in [woonplaats 2] nodig is om die schulden te kunnen betalen. Ter onderbouwing van haar stelling heeft zij tijdens de mondelinge behandeling een overzicht verstrekt dat gehecht is aan het proces-verbaal. In dit overzicht staan als schulden vermeld: kosten belastingadviseur erflaatster, kosten notaris, kosten makelaar Knokke, BsGW, belasting West-Vlaanderen, kosten banktransacties en een lening van [eiseres] in privé aan erflaatster. Zij betoogt dat de in het overzicht benoemde kosten en belastingen zijn opgekomen nadat de verkoopopbrengst van het appartement in Knokke al verdeeld was onder [eiseres] , [naam dochter erflater 2] en [gedaagde]<footnote-ref linkend="_7061dce7-17a4-4c0f-935e-3406de3dca09" />. Zij stelt verder dat die kosten en belastingen door haar in privé met eigen geld zijn voorgeschoten en dat de nalatenschap op dit moment geen externe schuldeisers heeft. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat alle nog opkomende kosten en belastingen, zoals hiervoor genoemd, te verwachten waren. Een deel daarvan hing samen met de verkoop van het appartement in Knokke. Ondanks dat deze schulden nog verwacht konden worden, is er voor gekozen om na de verkoop van het appartement te Knokke tot partiële verdeling over te gaan en is de verkoopopbrengst gebruikt om substantiële bedragen uit te keren. De uitgekeerde bedragen overtreffen ruimschoots de omvang van de gestelde kosten en belastingen die voor rekening van de nalatenschap komen. Als niet tot partiële verdeling was overgegaan, had de verkoopopbrengst van het appartement in Knokke aangewend kunnen worden voor de voldoening van die schulden. De taak van [eiseres] als executeur zou dan zijn geëindigd. Tegen die achtergrond is de rechtbank van oordeel dat de taak van [eiseres] als executeur in wezen geëindigd is. Dat betekent dat zij geen vorderingen als executeur meer kan instellen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>Als aangenomen zou moeten worden dat [eiseres] toch nog steeds executeur is, geldt dat de vorderingen moeten worden afgewezen. De executeur mag de woning in [woonplaats 2] alleen verkopen als dat nodig is voor de voldoening van schulden van de nalatenschap. Die situatie doet zich niet voor. De voorschotten die in het kader van de partiële verdeling zijn uitgekeerd, zijn ruimschoots voldoende om de gestelde schulden te kunnen betalen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>Gelet op de familierelatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>verklaart [eiseres] niet-ontvankelijk in haar vorderingen, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken op <?linebreak?>11 juni 2025.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>DS</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_bce353bb-c54f-4e15-a746-4dad87ceec84" label="1">
    <para> productie 1 [gedaagde]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_64002667-fe06-40e0-b663-eb27a4cb4448" label="2">
    <para> productie 3 [gedaagde]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_60a8ad47-e6ad-4b56-a95a-10a2f6b0583e" label="3">
    <para> productie 1 [eiseres]</para>
  </footnote>
  <footnote id="_1a66ac88-9f5c-4663-9cf6-04886be07b1f" label="4">
    <para> Zie rov. 2.7</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b6abfcf1-adf1-40fa-bbb1-e33136b160e1" label="5">
    <para> Zie rov. 2.4</para>
  </footnote>
  <footnote id="_f3435f8d-8952-401d-a582-c6583fb8a957" label="6">
    <para> Zie rov. 2.5</para>
  </footnote>
  <footnote id="_d01f4ed7-9aa6-442b-bba4-07880c898644" label="7">
    <para> Zie rov. 2.5</para>
  </footnote>
  <footnote id="_83de0417-c2b9-401f-bfe3-899247fab6ac" label="8">
    <para> Zie rov. 2.5</para>
  </footnote>
  <footnote id="_7061dce7-17a4-4c0f-935e-3406de3dca09" label="9">
    <para> Zie rov. 2.6</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>