<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2025:7885</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-19T10:23:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-05-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">11675307 / AZ VERZ 25-46</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR-Updates.nl 2025-1009</rdf:li>
          <rdf:li>VAAN-AR-Updates.nl 2025-1009</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:7885">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:7885</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-13T11:35:27</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-08-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2025:7885 Rechtbank Limburg , 19-05-2025 / 11675307 / AZ VERZ 25-46</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2025:7885:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2025:7885:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Civiel recht</para>
    <para>Kantonrechter </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer / rekestnummer: 11675307 AZ VERZ 25-46</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van </emphasis>
        <emphasis role="bold caps">19 </emphasis>
        <emphasis role="bold">mei 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoekster]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd en kantoorhoudend te [vestigingsplaats 1] ,</para>
      <para>verzoekende partij, tevens verwerende partij in het (voorwaardelijk) tegenverzoek,</para>
      <para>hierna te noemen: [verzoekster] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. R.A. van Huussen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerster]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend te [woonplaats 1] ,</para>
      <para>verwerende partij, tevens verzoekende partij in het (voorwaardelijk) tegenverzoek,</para>
      <para>hierna te noemen: [verweerster] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. T. van Liempd,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in welke zaak de volgende partij zich heeft gevoegd aan de zijde van [verzoekster] :</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [gevoegde partij 1] ,</title>
    <parablock>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">2. [gevoegde partij 2]</emphasis>,</para>
      <para>wonend te [woonplaats 2] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [gevoegde partij 1] en [gevoegde partij 2] ,</para>
      <para>gemachtigde: mr. E.V.C. Savelkoul.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het verzoekschrift met bijlagen 1 tot en met 10</para>
      <para>- het verweerschrift, tevens houdend een (voorwaardelijk) tegenverzoek met bijlagen 1 tot en met 7</para>
      <para>- het incidenteel verzoek / de incidentele conclusie tot voeging ex artikel 217 Rv met bijlagen 1 tot en met 5 </para>
      <para>- de mondelinge behandeling van 19 mei 2025, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is beschikking bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Tussen partijen staat vast dat [verweerster] , geboren op [geboortedatum] 1967 , op </para>
        <para>1 augustus 2013 krachtens arbeidsovereenkomst in dienst is getreden bij [gevoegde partij 1] , de rechtsvoorganger van [verzoekster] , in de functie van balie assistente, voor laatstelijk 32 uur per week tegen het minimumloon. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>
        [gevoegde partij 1] heeft het pand, de inventaris en het klantenbestand per 1 april 2022 verkocht aan [verzoekster] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Bij vonnis van 16 oktober 2024 heeft de kantonrechter van deze rechtbank geoordeeld dat per 1 april 2022 sprake is van een overgang van onderneming in de zin van art. 7:662 BW, zodat de rechten en verplichtingen uit voormelde arbeidsovereenkomst zijn overgegaan op [verzoekster] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [verzoekster] verzoekt de tussen haar en [verweerster] bestaande arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van art. 7:671b lid 1 onderdeel a BW in verbinding met art. 7:669 lid 3 onderdeel g BW, onder toekenning van een beëindigingsvergoeding.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Aan het verzoek legt [verzoekster] ten grondslag dat de arbeidsrelatie zodanig is verstoord dat van een vruchtbare samenwerking geen sprake meer kan zijn. Herplaatsing van [verweerster] is niet mogelijk (gebleken).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>
        [verweerster] heeft tegen toewijzing van het thans aan de kantonrechter gerichte verzoek tot ontbinding verweer gevoerd. Niettemin heeft zij de reden zoals deze door [verzoekster] gesteld is, erkend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat - zonder dat partijen elkaar daarvan een verwijt maken - er sprake is van een redelijke grond voor ontbinding als bedoeld in art. 7:671b lid 1 onderdeel a BW in verbinding met art. 7:669 lid 3 onderdeel g BW, en er geen mogelijkheid tot herplaatsing van [verweerster] is. De kantonrechter zal de arbeidsovereenkomst dan ook ontbinden. Weliswaar is [verweerster] arbeidsongeschikt, maar niet gebleken is dat het verzoek van [verzoekster] verband houdt met die arbeidsongeschiktheid of enig ander bijzonder opzegverbod.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>Gelet op hetgeen partijen hierover hebben aangevoerd, zal de arbeidsovereenkomst worden ontbonden met ingang van 1 september 2025. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>Partijen zijn het erover eens dat [verweerster] recht heeft op een beëindigingsvergoeding van € 10.000,00 bruto en dat [gevoegde partij 1] dit namens [verzoekster] aan [verweerster] zal betalen. [gevoegde partij 1] zal daarom worden veroordeeld tot betaling van die vergoeding.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>De kantonrechter acht termen aanwezig de proceskosten te compenseren in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>ontbindt de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst met ingang van </para>
        <para>1 september 2025,</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gevoegde partij 1] om aan [verweerster] een beëindigingsvergoeding te betalen van € 10.000,00 bruto,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>compenseert de kosten van deze procedure in die zin, dat iedere partij haar eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. A.P.A. Bisscheroux en in het openbaar uitgesproken op 19 mei 2025.</para>
        <para>CJ</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>