<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2025:11477</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-21T14:30:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-11-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03/179574-24</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:11477">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2025:11477</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-21T10:42:20</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2025:11477 Rechtbank Limburg , 21-11-2025 / 03/179574-24</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2025:11477:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van de (verlengde) uitvoer van 2,97 kilogram heroïne. Alle omstandigheden afwegend acht de rechtbank een gevangenisstraf van 24 maanden met aftrek passend. De rechtbank zal een deel van die straf, 8 maanden, voorwaardelijk opleggen, met een proeftijd van 2 jaren en met oplegging van de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2025:11477:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 03/179574-24 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 21 november 2025</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedatum 1] 2001,</para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] , [adres 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte wordt bijgestaan door mr. J.B.J.G.M. Schyns, advocaat te Venlo.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 7 november 2025. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze zaak is gelijktijdig maar niet gevoegd behandeld met de strafzaken tegen medeverdachten [medeverdachte 1] (03/179593-24), [medeverdachte 2] (03/179602-24) en [medeverdachte 3] (03/348638-24).</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte op 30 mei 2024 al dan niet met een of meer anderen opzettelijk ongeveer 3,15 kilogram heroïne heeft uitgevoerd en/of vervoerd dan wel opzettelijk aanwezig heeft gehad. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde feit, in die zin dat de verdachte heroïne buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht en vervoerd. De verdachte zat al zeker anderhalf uur op de bijrijdersplek in een auto waar ook een plastic zak met daarin ongeveer 3 kilogram heroïne op de middenconsole stond. Dat, in combinatie met de gegevens en contacten die uit het onderzoek aan de telefoon van de verdachte naar voren komen, vormt daartoe het bewijs. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat sprake is van medeplegen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de verdachte integraal dient te worden vrijgesproken van hetgeen hem ten laste is gelegd, nu er in het voorbereidend onderzoek vormen zijn verzuimd die niet meer kunnen worden hersteld. De verbalisanten hebben het voertuig, met daarin de verdachte als bijrijder, een stopteken gegeven in het kader van artikel 160 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) en vervolgens de verdachte staande gehouden en het voertuig doorzocht. Volgens de verdediging zijn de uitgeoefende opsporingsbevoegdheden en de controle aan het voertuig onrechtmatig geweest. Er blijkt uit het dossier namelijk niet dat daadwerkelijk gebruik is gemaakt van de controlebevoegdheid op grond van de WVW 1994. Er is meteen overgegaan tot doorzoeking van het voertuig waarin de drugs aangetroffen zijn, zonder dat gevraagd is naar het rijbewijs of kentekenbewijs. Het enkel geven van een stopteken is geen controlebevoegdheid. De verbalisanten hebben het voertuig gecontroleerd waartoe zij op grond van artikel 160 WVW 1994 niet bevoegd waren. Artikel 96b van het Wetboek van Strafvordering (Sv) biedt hiervoor evenmin een grondslag, nu er geen sprake was van een redelijk vermoeden van schuld of van een verdenking als bedoeld in artikel 27 en artikel 67 lid 1 Sv. Aldus is onrechtmatig gebruik gemaakt van de doorzoekingsbevoegdheid. Ook de overige door de verbalisanten genoemde aspecten leiden volgens de verdediging niet tot een objectief redelijk vermoeden van schuld. Hiermee is de controlebevoegdheid enkel gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het is bedoeld, namelijk om opsporing mogelijk te maken. Dit levert naar het oordeel van de raadsman misbruik van bevoegdheid (schending van het verbod op détournement de pouvoir) op. Het bewijs voor de in de auto aangetroffen heroïne is daarom op onrechtmatige wijze verkregen. De onrechtmatige doorzoeking van de auto levert een schending van de privacy van de verdachte op en is een inbreuk op zijn persoonlijke levenssfeer in de zin van artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en daarmee is naar het oordeel van de verdediging ook artikel 6 EVRM geschonden (het recht op een eerlijk proces). Volgens de verdediging is sprake van een onherstelbaar vormverzuim als bedoeld in artikel 359a Sv. Het vormverzuim dient volgens de raadsman primair tot bewijsuitsluiting te leiden. Mocht de rechtbank de raadsman daarin niet volgen, dan verzoekt hij subsidiair om compensatie van het vormverzuim door strafvermindering. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Indien de rechtbank van oordeel is dat er geen sprake is van een vormverzuim in het voorbereidend onderzoek, dan wel dat er weliswaar sprake is van een vormverzuim maar dat deze geen bewijsuitsluiting tot gevolg dient te hebben, heeft de raadsman vrijspraak bepleit omdat uit het dossier niet blijkt dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van verdovende middelen en evenmin dat deze zich in zijn machtssfeer bevonden. Hij was ook niet op de hoogte van de eindbestemming. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        <footnote-ref linkend="_a54dfdb4-e822-4293-a4c3-86a2286f9d0a" />
      </para>
      <paragroup>
        <nr>3.3.1</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Vormverzuim</emphasis>
          </para>
          <para>De rechtbank verwerpt het verweer ex artikel 359a Sv en overweegt daartoe als volgt. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank stelt voorop dat uit het proces-verbaal blijkt dat het onderzoek is gestart met een ANPR-hit (Automatic Number Plate Recognition) op een Peugeot 308 met kenteken [kenteken 1] . Een ander voertuig dan het voertuig waarin (zo bleek later) verdachte reed. </para>
          <para>Indien en voor zover de verdediging heeft willen betogen dat de ANPR-hit eveneens onrechtmatig is verkregen verwerpt de rechtbank ook dit verweer omdat de rechtbank in het dossier geen aanwijzingen heeft gevonden om te twijfelen aan de rechtmatigheid van de ANPR-hit.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ten aanzien van het ontstaan van het vermoeden dat verdachte betrokken kon zijn bij een strafbaar feit overweegt de rechtbank als volgt.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Verbalisanten volgen vanuit Rotterdam een Peugeot 308 naar aanleiding van een ANPR-hit.</para>
          <para>Het valt verbalisanten dan op dat een Renault Clio, met kenteken [kenteken 2] , lijkt ‘mee te rijden’ met de Peugeot 308. Beide voertuigen nemen immers exact dezelfde route vanaf Rotterdam, blijven dicht bij elkaar rijden, maken ruimte voor elkaar bij inhaalacties om vervolgens weer direct achter elkaar te rijden. Daarnaast nemen beide voertuigen dezelfde afrit naar een tankstation en verlaten dit weer gelijktijdig. Uit het politiesysteem blijkt vervolgens dat de Peugeot 308 mogelijk betrokken is bij de handel in verdovende middelen en dat bij de eigenaar van de Renault Clio tijdens een verkeerscontrole in januari 2023, een handelshoeveelheid verdovende middelen, twee telefoons en een grote hoeveelheid contant geld werd aangetroffen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Naar aanleiding van de voorgaande bevindingen van de verbalisanten merkt de rechtbank vervolgens op dat de verbalisanten bevoegd waren om het voertuig, de Renault Clio, te volgen teneinde dit te controleren. Voor gebruikmaking van die controlebevoegdheid hoeft geen bijzondere aanleiding te zijn geweest en deze mag plaatsvinden ongeacht of er een ANPR-hit aan voorafgegaan is. De verbalisanten zijn overgegaan tot het onopvallend volgen van het voertuig om het op een later moment aan een controle in het kader van artikel 160 WVW 1994 te onderwerpen. De verbalisanten hebben de Renault Clio, met daarin – zo bleek pas later – verdachte als bijrijder, uiteindelijk gevolgd tot Maasbree en het voertuig een stopteken gegeven conform de WVW 1994. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Nog voordat de controle op basis van de WVW 1994 kon worden uitgevoerd, ontstond er echter bij verbalisanten een redelijk vermoeden van schuld in de zin van artikel 27 Sv dat de inzittenden van de Renault Clio betrokken konden zijn bij enig strafbaar feit. Immers maakte de bestuurder na het geven van het stopteken vreemde rijbewegingen en probeerde te ontkomen aan de staandehouding door het stopteken te negeren en weg te rijden van de politie. Toen het voertuig tot stilstand werd gebracht, zagen de verbalisanten dat de bestuurder van het voertuig snel een telefoon op de achterbank gooide, uitstapte en dat de bestuurder en de bijrijder zeer nerveus en druk om zich heen keken. Zij leken te willen vluchten. Vervolgens zien verbalisanten, vanaf de buitenkant van de auto, een dichtgeknoopte plastic tas op de middenconsole liggen en de op de achterbank gegooide mobiele telefoon met daarop een geopend navigatieprogramma. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Deze feiten en omstandigheden maken dat naar het oordeel van de rechtbank er op dat moment bij verbalisanten het redelijk vermoeden kon ontstaan dat verdachte betrokken kon zijn bij een strafbaar feit. De oorspronkelijk bedoelde controle op basis van de WVW 1994 was daardoor niet langer aan de orde. De verbalisanten waren op dat moment daarom bevoegd de Renault Clio te doorzoeken ex artikel 96b, lid 1, Sv. Het aantreffen van de drugs is dus niet het resultaat van onrechtmatig handelen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het voorgaande betekent dat er naar het oordeel van de rechtbank geen sprake is geweest van (door de raadsman opgeworpen) schending van het verbod op détournement de pouvoir en ook niet van een onherstelbaar vormverzuim in het voorbereidend onderzoek, zoals bedoeld in artikel 359a Sv. Van een schending van artikel 6 of artikel 8 EVRM is evenmin sprake. De rechtbank verwerpt het verweer van de verdediging. Bewijsuitsluiting of strafvermindering is dan ook niet aan de orde. </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.2</nr>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bewijsmiddelen</emphasis>
        </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De politie</emphasis>
            <footnote-ref linkend="_8444d0a7-b313-4870-b09d-d7ff14489237" /> relateerde het volgende: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op 30 mei 2024 om 17:07 uur zagen wij, verbalisanten, dat een Peugeot 308, voorzien van het Nederlandse kenteken [kenteken 1] een melding gaf op de Automatic Numberplate Recognition (ANPR). Hieruit bleek dat het voertuig reed op de A16 ter hoogte van de Van Brienenoordbrug Rotterdam, gaande in de richting van het zuiden. Uit de systemen bleek dat dit voertuig op naam stond van: [naam 1] , geboren op [geboortedatum 2] 1999 te [geboorteplaats 2] . Blijkens de basisregistratie personen is [naam 1] woonachtig op de [adres 2] te [woonplaats 2] . Op dit adres staat ook ingeschreven: [medeverdachte 3] , geboren op [geboortedatum 3] 1995 te [geboorteplaats 2] .</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Wij besloten de controle van dit voertuig uit te stellen en het voertuig onopvallend te volgen. Hierop is contact opgenomen met de politiehelikopter ter visuele ondersteuning. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Een Renault Clio, voorzien van het Nederlandse kenteken [kenteken 2] , reed sinds de Van Brienenoordbrug op de A16 met de Peugeot 308 mee. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Wij zagen dat de voertuigen de A58 afreden, de A2 opreden en vervolgens de A67 opreden. Zowel de Peugeot 308 als de Renault Clio nam de afrit naar tankstation “Esso [naam tankstation] ”. Omstreeks 18:51 uur verlieten de twee voertuigen het terrein van tankstation “Esso [naam tankstation] ” en reden achter elkaar de A67 op. Wij zagen dat de Renault Clio en de Peugeot 308 continu dicht bij elkaar reden. Wij zagen dat de Renault Clio voor het grootste gedeelte vóór de Peugeot 308 reed. Wij zagen dat beide voertuigen ruimte voor elkaar maakten bij inhaalacties om vervolgens weer direct achter elkaar te rijden. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Omstreeks 19:09 uur reden de voertuigen op de A67 ter hoogte van Maasbree. Wij besloten om de controle op grond van artikel 160 Wegenverkeerswet 1994 op beide voertuigen in te stellen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Wij, verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , reden voor de Renault Clio en gaven de bestuurder van de Renault Clio een volgteken middels het in ons dienstvoertuig aanwezige verlichte transparant. Wij zagen dat er twee personen in het voertuig zaten. Wij, verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , reden achter de Peugeot 308 die nog steeds strak achter de Renault Clio reed en zagen dat de remlichten van de Renault Clio direct na het volgteken aangingen. Wij zagen dat de remlichten van de Peugeot 308 direct hierop aangingen. Wij zagen dat de Renault Clio (net als het dienstvoertuig met het volgteken) met de twee rechter wielen op de afrit reed en vervolgens toch terugstuurde de A67 op. Wij zagen dat de Peugeot 308 exact dezelfde stuurbeweging maakte. Direct hierop zagen wij dat de Renault Clio alsnog naar rechts stuurde en het volgteken volgde en de afrit 38 Maasbree nam. Hierbij zagen wij dat de Peugeot 308 nogmaals de afrit opreed achter de Renault Clio aan, maar dat deze op het laatste moment over het puntstuk de A67 weer op reed. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Wij zagen vervolgens dat de Renault Clio het volgteken negeerde. Hierop hebben wij ons onopvallende dienstvoertuig langs de Renault Clio gereden door de grasrand en ons dienstvoertuig stilgezet voor de Renault Clio. Wij zijn uit ons dienstvoertuig gestapt en in de richting van de Renault Clio gelopen. Ik, verbalisant [verbalisant 4] , zag dat de bestuurder van het voertuig snel een telefoon op de achterbank gooide. Wij hebben de bestuurder en bijrijder vervolgens uit het voertuig laten stappen. Wij zagen dat de bestuurder en bijrijder erg nerveus leken en druk om zich heen keken. Hierbij kregen wij het sterke vermoeden dat zij hun kansen aan het inschatten waren om weg te kunnen rennen. Wij zagen in het middenconsole van het voertuig direct een dichtgeknoopte plastic Albert Heijn tas liggen. Tevens konden wij van buiten het voertuig zien dat er een navigatie openstond op de telefoon die op de achterbank was gegooid door de bestuurder. Ik, verbalisant [verbalisant 3] , kreeg het sterke vermoeden dat de bestuurder en bijrijder iets strafbaars te verbergen hadden in het voertuig. (De rechtbank begrijpt dat er bij verbalisant een redelijk vermoeden ontstond dat verdachte betrokken kon zijn bij een strafbaar feit).</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Wij, verbalisanten [verbalisant 2] en [verbalisant 1] hebben de Renault Clio doorzocht op grond van artikel 96b van het Wetboek van Strafvordering. Wij openden de Renault Clio en zagen hierbij direct de dichtgeknoopte plastic Albert Heijn tas liggen op het middenconsole. Hierop hebben wij de dichtgeknoopte plastic Albert Heijn tas ter plaatse in beslag genomen en hebben deze geopend. Hierbij zagen wij dat de tas gevuld was met meerdere, in plastic verpakte, blokken. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De plastic Albert Heijn tas met blokken is ter plaatse veiliggesteld op de voorgeschreven wijze in een ademende sealbag door middel van gebruik van latex handschoenen.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Na de aanhoudingen bleek de bestuurder te zijn: [medeverdachte 1] geboren op [geboortedatum 4] 2003 te [geboorteplaats 3] . De bijrijder bleek te zijn: [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 2001 te [geboorteplaats 1] . </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Wij, verbalisanten [verbalisant 5] en [verbalisant 6] , zagen dat er één persoon in de Peugeot 308 zat. Wij gaven de bestuurder van de Peugeot 308 een volgteken middels het in ons dienstvoertuig aanwezige verlichte transparant. De controle van de Peugeot 308 vond plaats op parkeerplaats Deersels. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Over de <emphasis role="bold">staandehouding van de Peugeot 308</emphasis><footnote-ref linkend="_3c48117e-0201-4ec4-ad0c-790a4ac51d67" /> relateerden de verbalisanten onder meer het volgende: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ik, verbalisant [verbalisant 5] , vorderde aan de bestuurder een geldig rijbewijs en kentekenbewijs. De bestuurder overhandigde mij een kentekenbewijs van de Peugeot en een geldig Nederlands rijbewijs. Hiermee gaf de bestuurder op te zijn: [medeverdachte 2] , geboren op [geboortedatum 5] 2001 te [geboorteplaats 2] . </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Met betrekking tot <emphasis role="bold">de eindbestemming</emphasis><footnote-ref linkend="_ee2f565e-8738-492d-a5de-99605a80277a" /> relateerden de verbalisanten aanvullend als volgt: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Tijdens de doorzoeking van de Renault Clio met kenteken [kenteken 2] pakte ik, verbalisant [verbalisant 1] , de telefoon vast. Ik zag dat het een blauwe iPhone betrof met een kapotte achterzijde. Door de verdachte werd na de cautie verklaard dat dit zijn telefoon was. Ik zag dat de telefoon in een vergrendelde modus stond maar de route op het scherm zichtbaar was. Op deze wijze kon ik zien dat de eindbestemming van de route de volgende locatie betrof: [adres 3] in Duitsland. Deze locatie in Duitsland betreft een op dat adres gevestigde Burger King. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De camerabeelden van het tankstation ‘Esso [naam tankstation] ’ van 30 mei 2024 van 18:30 uur tot en met 19:00 uur werden opgevraagd. Uit <emphasis role="bold">de beschrijving van de beelden</emphasis><footnote-ref linkend="_c250ae6e-e841-46f0-aa2f-070ebaed33f0" /> volgt het volgende: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op de beelden zag ik dat eerst de Clio komt aangereden met hier achteraan de Peugeot. Ik zie dat de bestuurder van de Clio het voertuig stilzet bij pomp 6. Ik zie dat de bestuurder en bijrijder blijven zitten in het voertuig. Ik zie dat de bestuurder van de Peugeot het voertuig stilzet bij de naast gelegen pomp. Ik zie dat de bestuurder van de Peugeot uitstapt en gaat tanken. Ik zie dat de bijrijder van de Clio een aantal keer kijkt naar de bestuurder van de Peugeot. Vervolgens zie ik dat de bestuurder van de Peugeot de tankshop in loopt. Vervolgens zie ik dat de bijrijder van de Clio uitstapt, iets in de prullenbak gooit en weer in de Clio stapt. Vervolgens zie ik dat de bestuurder van de Peugeot terugkomt en instapt in de Peugeot. Vervolgens zie ik dat de Clio wegrijdt en de Peugeot hier direct achteraan rijdt.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">Verbalisant [verbalisant 7]</emphasis>
            <footnote-ref linkend="_ac564b91-d83b-4d47-a493-01b602c83034" /> relateerde aanvullend als volgt: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Voordat de voertuigen gezamenlijk door de ANPR-portalen reden, gaf de Renault om 15:12 uur een hit op A16 Li Pr 20.1 Brienenoordbrug.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De in de Renault Clio aangetroffen plastic tas werd <emphasis role="bold">in beslag genomen</emphasis><footnote-ref linkend="_ad2e2d98-6707-460d-8ff4-5b972e9216fe" /> onder goednummer 1709381. De blokken die in de tas zaten werden <emphasis role="bold">in beslag genomen</emphasis><footnote-ref linkend="_5d19baff-a619-4893-8328-d6802b95c498" />onder goednummer 1709385. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Aan de blokken met verdovende middelen met goednummer 1709385 werd het <emphasis role="bold">SIN-nummer AART5117NL</emphasis><footnote-ref linkend="_e065c477-f190-46ae-8417-77f2982aa622" /> gekoppeld en aan de plastic tas werd het <emphasis role="bold">SIN-nummer AART5118NL</emphasis><footnote-ref linkend="_dfaebf64-6842-4dbd-8fb7-72a370a5e72a" /> gekoppeld. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit het <emphasis role="bold">forensisch onderzoek</emphasis><footnote-ref linkend="_8d724291-6b53-4d82-930f-8c6c0c484fd8" /> blijkt het volgende: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het volgende onderzoeksitem is aangeboden voor onderzoek: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uniek voorwerp nummer: AART5117NL</para>
          <para>BVH-goednummer: G1709385</para>
          <para>Object: 6 wit gekleurde blokverpakkingen met daarin een bruin gekleurd blok</para>
          <para>Brutogewicht: 3076,25 gram</para>
          <para>Nettogewicht: 2973,87 gram</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Door ons is het volgende waargenomen en bevonden. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Veiliggesteld monster afkomstig van goed AART5117NL</para>
          <para>Uniek voorwerp nummer: AARX9381NL</para>
          <para>Object: monstername 1 van 6</para>
          <para>Bijzonderheden: afkomstig van 1 van de 6 blokken</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Veiliggesteld monster afkomstig van goed AART5117NL</para>
          <para>Uniek voorwerp nummer: AARX9382NL</para>
          <para>Object: monstername 2 van 6</para>
          <para>Bijzonderheden: afkomstig van 1 van de 6 blokken</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Veiliggesteld monster afkomstig van goed AART5117NL</para>
          <para>Uniek voorwerp nummer: AARX9383NL</para>
          <para>Object: monstername 3 van 6</para>
          <para>Bijzonderheden: afkomstig van 1 van de 6 blokken</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Veiliggesteld monster afkomstig van goed AART5117NL</para>
          <para>Uniek voorwerp nummer: AARX9384NL</para>
          <para>Object: monstername 4 van 6</para>
          <para>Bijzonderheden: afkomstig van 1 van de 6 blokken</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Veiliggesteld monster afkomstig van goed AART5117NL</para>
          <para>Uniek voorwerp nummer: AARX9385NL</para>
          <para>Object: monstername 5 van 6</para>
          <para>Bijzonderheden: afkomstig van 1 van de 6 blokken</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Veiliggesteld monster afkomstig van goed AART5117NL</para>
          <para>Uniek voorwerp nummer: AARX9386NL</para>
          <para>Object: monstername 6 van 6</para>
          <para>Bijzonderheden: afkomstig van 1 van de 6 blokken</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit <emphasis role="bold">het deskundigenrapport van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI)</emphasis><footnote-ref linkend="_6b0d0608-a91c-45f9-aa10-843a49e72bb6" /> volgt onder meer: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Kenmerk: AART5117NL</para>
          <para>Omschrijving: blok(ken) bruin, uit 2973,87 gram; aantal bemonsteringen in onderzoek: zes</para>
          <para>Conclusie: bevat heroïne</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verbalisant relateerde met betrekking tot <emphasis role="bold">het testen van de blokken</emphasis><footnote-ref linkend="_362bcf76-439b-4baa-8f3f-31b9852776ca" /> als volgt: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ik heb de breathable evidence bag geopend conform Forensische Opsporingsnormen, te weten middels dubbele handschoenen en een mondkapje. Ik opende vervolgens de Albert Heijn tas en zag dat hierin 6 blokken zaten verpakt. Eén van deze blokken werd door mij getest en vervolgens separaat verpakt. De overige vijf blokken zijn door mij niet aangeraakt en in de Albert Heijn tas gebleven.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>In het proces-verbaal <emphasis role="bold">vooronderzoek lab</emphasis><footnote-ref linkend="_99bbf778-897a-4644-ab01-730645c2e3eb" /> staat onder meer het volgende beschreven: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Wij stelden vast dat de 5 verpakkingen te bevuild waren voor dactyloscopisch vervolgonderzoek. Daarom heb ik, verbalisant [verbalisant 8] , de gehele buitenzijde van alle 5 de blokverpakkingen apart bemonsterd op humane biologische sporen. Ik heb de sporen veiliggesteld, gewaarmerkt met SIN AARH0177NL, AARH0178NL, AARH0179NL, AARH0180NL en AARH0181NL, verpakt en verzegeld. De sporen hebben een relatie met SIN AART5118NL. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit het <emphasis role="bold">rapport Forensisch DNA-onderzoek</emphasis><footnote-ref linkend="_be027097-d554-4298-ab22-a31bb0334252" /> van The Maastricht Forensic Insitute volgt het volgende: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Tabel 4 – Resultaat van het (vergelijkend) DNA-onderzoek</para>
        </parablock>
        <informaltable>
          <tgroup cols="3">
            <colspec colname="colA" />
            <colspec colname="colB" />
            <colspec colname="colC" />
            <tbody>
              <row>
                <entry>
                  <para>
                    <emphasis role="bold italic">Bemonstering</emphasis>
                  </para>
                </entry>
                <entry>
                  <para>
                    <emphasis role="bold italic">DNA-profiel</emphasis>
                  </para>
                </entry>
                <entry>
                  <para>
                    <emphasis role="bold italic">Mogelijke donor van DNA</emphasis>
                  </para>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry>
                  <para>Gehele buitenzijde van 1 van de 5 blokken (met SIN AART5118NL) </para>
                  <para />
                  <para>AARH0180NL</para>
                </entry>
                <entry>
                  <para>DNA-mengprofiel afkomstig van minimaal drie donoren, van wie zeker één man.</para>
                  <para />
                  <para>Er is een DNA-hoofdprofiel afgeleid van een man waarvan de frequentie van voorkomen kleiner is dan één op één miljard.</para>
                  <para />
                </entry>
                <entry>
                  <para>Onbekende man A </para>
                  <para>(DNA-hoofdprofiel)</para>
                  <para />
                </entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </informaltable>
        <para />
        <parablock>
          <para>Tabel 5 – DNA-profiel(en) opgenomen in de Nederlandse DNA-databank voor strafzaken</para>
        </parablock>
        <informaltable>
          <tgroup cols="3">
            <colspec colname="colA" />
            <colspec colname="colB" />
            <colspec colname="colC" />
            <tbody>
              <row>
                <entry>
                  <para>
                    <emphasis role="bold italic">SIN</emphasis>
                  </para>
                </entry>
                <entry>
                  <para>
                    <emphasis role="bold italic">Mogelijke donor van DNA</emphasis>
                  </para>
                </entry>
                <entry>
                  <para>
                    <emphasis role="bold italic">DNA-profielcluster</emphasis>
                  </para>
                </entry>
              </row>
              <row>
                <entry>
                  <para>Gehele buitenzijde van 1 van de 5 blokken (met SIN</para>
                  <para>AART5118NL)</para>
                  <para />
                  <para>AARHO18ONL</para>
                  <para>(DNA-hoofdprofiel)</para>
                  <para />
                </entry>
                <entry>
                  <para>Onbekende man A</para>
                </entry>
                <entry>
                  <para>45623</para>
                </entry>
              </row>
            </tbody>
          </tgroup>
        </informaltable>
        <para />
        <parablock>
          <para>De DNA-profielen in DNA-profielcluster 45623 komen overeen met één of meer DNA-profielen in één of meer buitenlandse DNA-databanken. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De code van <emphasis role="bold">het DNA-profiel uit Duitsland</emphasis><footnote-ref linkend="_82cad6a5-c675-487d-8295-898cb3e5e55f" /> is: K051908800354. Met deze code zijn in Duitsland door middel van een internationaal rechtshulpverzoek de bij het DNA-profiel behorende <emphasis role="bold">gegevens</emphasis><footnote-ref linkend="_2aa59a27-ddcc-4abc-82c4-ea1b6333d7b5" />opgevraagd. De <emphasis role="bold">identificatie naar aanleiding van DNA-sporen</emphasis><footnote-ref linkend="_6d33c821-0b29-4aab-8af0-acea796d19ff" /> leidt vervolgens naar [medeverdachte 3] , geboren op [geboortedatum 3] 1995 te [geboorteplaats 2] . </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>In de Peugeot 308, waar medeverdachte [medeverdachte 2] in reed, werd in de middenconsole een grijze Apple iPhone 12 Pro Max aangetroffen en deze is <emphasis role="bold">in beslag genomen</emphasis><footnote-ref linkend="_872181d3-c856-492c-a2c7-ce37becd37c3" /> onder goednummer 1709378. Uit <emphasis role="bold">onderzoek aan deze inbeslaggenomen telefoon</emphasis><footnote-ref linkend="_11c3ac4e-5719-407f-8148-c074d90b9e2f" /> kwam het volgende naar voren: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Apple ID: [apple ID 1]</para>
          <para>Last MSISDN: [telefoonnummer 1]</para>
          <para>Device Name: Iphone van [medeverdachte 2]</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verdachte [medeverdachte 2] is aangehouden op 30 mei 2024 om 19.15 uur. Op 30 mei 2024 werd de verdachte om 19.16 uur twee keer gebeld door het contact ' [naam 2] ' met telefoonnummer [telefoonnummer 2] . Om 19.11 uur heeft de verdachte zelf gebeld naar dit contact. Op 30 mei 2024 zijn er nog 14 meer contacten geweest in- en uitgaand met ' [naam 2] '.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Daarnaast is er op 30 mei 2024 ook veelvuldig contact geweest met telefoonnummer</para>
          <para>
            [telefoonnummer 3] , dit blijkt het telefoonnummer van de medeverdachte [medeverdachte 1] te zijn.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het laatste chatgesprek binnen WhatsApp is een gesprek met ' [naam 2] '.</para>
          <para>H= ' [naam 2] '</para>
          <para>G= gebruiker telefoon</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">22-05-2024</emphasis>
          </para>
          <para>H: Ouiii</para>
          <para>H: Wat doe je [medeverdachte 2] ?</para>
          <para>G: Wie is dit</para>
          <para>H: Ik khalou [medeverdachte 3]</para>
          <para>G: Oh heb je nieuwe num</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">27-05-2024</emphasis>
          </para>
          <para>G: Stuurt een video waarbij vermoedelijk heroïne op een folie ligt en wordt aangestoken waardoor de heroïne uitloopt.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">28-05-2024</emphasis>
          </para>
          <para>H: [telefoonnummer 4]</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">29-05-2024</emphasis>
          </para>
          <para>H: [telefoonnummer 5]</para>
          <para>H: Dienturk de nr</para>
          <para>G: Saff sgoed</para>
          <para>H: Bel hem van te voren 21 min zeg ben Nifo van [naam 3]</para>
          <para>H: [medeverdachte 3]</para>
          <para>H: Stuurt afbeelding met adres: [adres 3] [plaats]</para>
          <para>H: Dat is die 2e adres van hun</para>
          <para>G: Ohke</para>
          <para>H: De ze Moeten nadat je trab heb gepakt</para>
          <para>G: Dan moet ik ze terug brengen na roertje</para>
          <para>H: Wat</para>
          <para>G: K rij met hun meena die adres</para>
          <para>G: Daarna bedoel ik rijden we terug na roertje</para>
          <para>H: Laat ze eerst die mensen helpen dan zeg ik wat ze moeten doen</para>
          <para>G: Saff is goed</para>
          <para>G: Moet k voor je filmen</para>
          <para>H: Nee maar</para>
          <para>H: Kijk</para>
          <para>H: Stuurt audio: 'Kijk doe die van ene liter, doe maar op folie, goed laten lopen dan moet je m zetten. En die van 2 liter moet je op folie doen, doe maar naast elkaar zetten ja’.</para>
          <para>G: Oke</para>
          <para>G: Stuurt weer een foto van 2 substanties op een folie.</para>
          <para>G: Linker is 1</para>
          <para>G: Rechter is van 2</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">30-05-2024</emphasis>
          </para>
          <para>G: Jo khalo</para>
          <para>G: Ik doe nu kleren aan kom ik na je toe</para>
          <para>G: Jo khalo we gaan ny vertrekken</para>
          <para>H: Okee</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het volgende chatgesprek in WhatsApp betreft het gesprek met telefoonnummer [telefoonnummer 3] , dit betreft het nummer van verdachte [medeverdachte 1] . Dit gesprek is gestart op 29 mei 2024.</para>
          <para>E: [medeverdachte 1]</para>
          <para>G: Gebruiker telefoon</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">29-05-2024</emphasis>
          </para>
          <para>E: Yo</para>
          <para>G: Emoticon van duim omhoog</para>
          <para>G: [adres 3] [plaats]</para>
          <para>E: Yo</para>
          <para>G: Yo bro</para>
          <para>G: 3 uur morgen</para>
          <para>G: Heb je adres nog</para>
          <para>E: Ja man</para>
          <para>G: Aai</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">30-05-2024</emphasis>
          </para>
          <para>G: Joo</para>
          <para>E: Ben je daar</para>
          <para>G: Ben onderweg na jou is beetje druk op de weg</para>
          <para>G: Wacht beetje daar waar ik gister na je toe kwam</para>
          <para>E: Hoelaang</para>
          <para>E: Was 3 hier al</para>
          <para>G: Sgoed</para>
          <para>G: Ben onderweg aneef</para>
          <para>E: Yo</para>
          <para>E: Bijna hier?</para>
          <para>G: Ja nifo</para>
          <para>G: 5 min</para>
          <para>G: S esso</para>
          <para>G: Kom daar na toe</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het volgende chatgesprek in WhatsApp betreft het gesprek met telefoonnummer [telefoonnummer 4] , dit telefoonnummer is in het politiesysteem gekoppeld aan [naam 1] , geboren op [geboortedatum 2] -1999. Dit betreft tevens de tenaamgestelde van de Peugeot waar [medeverdachte 2] in reed.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>S = [telefoonnummer 4]</para>
          <para>G = gebruiker telefoon</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>G: Slm [naam 1]</para>
          <para>G: Mer [medeverdachte 2]</para>
          <para>G: Alles goed</para>
          <para>S: Salam [medeverdachte 2] goed hmdl met jou</para>
          <para>G: Hmdlh</para>
          <para>G: Vraagje is khalo nog aan slapen</para>
          <para>S: Jaa hij slaapt nog maar ga hem zo wakker maken</para>
          <para>S: Want hij moet wakker worden</para>
          <para>S: Moet ik wat zeggen?</para>
          <para>G: Jaa</para>
          <para>G: Kan je hem vragen</para>
          <para>G: Of ik na je toe moet komen nu</para>
          <para>S: Isgoedd</para>
          <para>G: Oke chokran</para>
          <para>S: Heb het gezegd</para>
          <para>S: Hij zegt ga je nu appen</para>
          <para>G: Oke sgoed</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">Verbalisant [verbalisant 10]</emphasis>
            <footnote-ref linkend="_302a5162-1742-44e1-bd7a-dd22e136af56" /> relateerde als volgt: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Khalo betekent in het Arabisch broer van je moeder en ik zag in het politiesysteem dat de Peugeot [kenteken 1] op 6 augustus 2024 op naam is gezet van [naam 4] op de [adres 4] in [woonplaats 3] . Dit is de moeder van [medeverdachte 2] . </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Bij de aanhouding van de medeverdachte [medeverdachte 1] werd een grijze Apple iPhone 11 Pro Max die hij in zijn handen had <emphasis role="bold">in beslag genomen</emphasis><footnote-ref linkend="_00cff870-8e5a-4c68-aeec-acd8746e9689" /> onder goednummer 1709377. Uit <emphasis role="bold">onderzoek aan deze inbeslaggenomen telefoon</emphasis><footnote-ref linkend="_55302c42-2fd4-4707-aaff-e60331fff739" /> kwam het volgende naar voren: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Apple ID: [apple ID 2]</para>
          <para>Last MSISDN: [telefoonnummer 6] [telefoonnummer 3]</para>
          <para>Whatsapp: [telefoonnummer 3]</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ik zocht in de extractie van de telefoon van de verdachte [medeverdachte 1] naar het nummer van de verdachte [medeverdachte 2] . Ik zie dat de telefoon op 30 mei 2024 meerdere keren werd gebeld door de telefoon van [medeverdachte 2] , namelijk om 16:51 uur en 16:45 uur.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Uit onderzoek aan de telefoon van de verdachte [medeverdachte 2] blijkt dat [medeverdachte 2] contact heeft met een contact " [naam 2] ". Ik zie dat dit contact ook voorkomt in de telefoon van de verdachte [medeverdachte 1] . Ik zie dat er berichten zijn verstuurd op 29 en 30 mei. Ik zie dat deze berichten gewist zijn. Ik zie dat de verdachte [medeverdachte 1] op 29 mei 2024 en 30 mei 2024 meerdere keren belde naar het nummer van " [naam 2] ".</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De telefoon welke onder de verdachte [verdachte] in beslag genomen is, maakt gebruik van het telefoonnummer [telefoonnummer 7] . Ik zie dat dit telefoonnummer staat opgeslagen in de telefoon onder de naam [verdachte] . </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ik zocht op het adres “ [adres 3] [plaats] ". Ik zie dat er op 30 mei 2024 om 17:08 uur een bericht werd verstuurd met snapchat naar het contact [verdachte] . De inhoud van dit bericht betreft " [adres 3] [plaats] ".</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>In de Renault Clio werd op de achterbank een blauwe Apple iPhone 14 aangetroffen. Door de verdachte werd verklaard dat dit zijn telefoon was. De telefoon is <emphasis role="bold">in beslag genomen</emphasis><footnote-ref linkend="_45dd84ad-68b3-41bf-a427-7de1c46d5271" /> onder goednummer 1709370. Uit <emphasis role="bold">onderzoek aan deze inbeslaggenomen telefoon</emphasis><footnote-ref linkend="_761465ed-b1d6-46d0-8cb4-e26c5d8eb09d" /> kwam het volgende naar voren: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Apple ID: [apple ID 3]</para>
          <para>Last used MSISDN: [telefoonnummer 7]</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ik, verbalisant [verbalisant 9] , heb onderzoek gedaan naar de belgeschiedenis op deze telefoon. Ik zag dat er vanaf 30 maart 2024 66 keer contact is geweest met het telefoonnummer [telefoonnummer 6] . Uit onderzoek is gebleken dat dit telefoonnummer gebruikt wordt door medeverdachte [medeverdachte 1] . Dit betreffen zowel inkomende als uitgaande telefoongesprekken. Op 30 mei 2024, de dag van de aanhouding, heeft er nog tweemaal een uitgaand gesprek plaatsgevonden om 12:57 uur. Er is tevens contact geweest met het telefoonnummer [telefoonnummer 3] via de app 'WhatsApp'.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ik zie tevens dat er op 30 mei 2024 viermaal contact is geweest met het telefoonnummer [telefoonnummer 2] . Uit de processen verbaal van onderzoek van de telefoons van medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] bleek dat er ook contact is geweest met dit telefoonnummer. Dit telefoonnummer zou toebehoren aan een contactpersoon genaamd ' [naam 2] '. In deze telefoon zie ik overigens dat er geen naam aan gekoppeld staat. De vier gesprekken betreffen uitgaande gesprekken welke plaats hebben gevonden om 15.13 uur en 15.14 uur. Twee gesprekken duurden slechts 1 seconde en twee duurden 24 seconden.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">Medeverdachte [medeverdachte 1]</emphasis>
            <footnote-ref linkend="_bde1ae93-2f79-41fa-8422-79081d269dd4" /> is op 5 december 2024 als getuige gehoord. Hij verklaarde, voor zover van belang, het volgende: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De getuige verklaart een bloed- of aanverwant van de verdachte te zijn. [verdachte] is zijn neef. De moeder van [verdachte] is zijn nicht, maar hij noemt [verdachte] zijn neef.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Op 30 mei 2024 had ik mijn neef [verdachte] opgehaald. [verdachte] wist dat we naar Rotterdam gingen. Ik weet wat er in de tas zat. In Rotterdam heb ik de tas gepakt. Ik was niet lang weg. Ik heb het op de achterbank neergezet. Gewoon in het zicht. [verdachte] heeft toen wel gekeken. Toen ik het stopteken kreeg zette ik het in de middenconsole omdat ik het wilde verstoppen. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De verdachte</emphasis>
            <footnote-ref linkend="_bca6c047-e266-43ef-9c56-ee2e9fed0001" /> verklaarde, voor zover van belang, als volgt: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Mij werd gevraagd mijn navigatie in te vullen. De bestuurder had mij dit gevraagd en dat heb ik gedaan. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold">De verdachte</emphasis>
            <footnote-ref linkend="_d5b62bc9-4baf-4627-8e24-b24787278e2e" /> verklaarde voorts, voor zover van belang, als volgt: </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>We zijn naar Rotterdam gereden. In Rotterdam zijn we ergens gestopt en [medeverdachte 1] is even uit de auto geweest. Ik zat op mijn telefoon. </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.3.3</nr>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Overwegingen van de rechtbank </emphasis>
          </para>
          <para>Uit de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen volgt dat op 30 mei 2024 een Renault Clio (met [medeverdachte 1] als bestuurder en de verdachte als bijrijder) en een Peugeot 308 (met [medeverdachte 2] als bestuurder) in colonne van Rotterdam naar Maasbree zijn gereden en dat in de Renault Clio zes blokken heroïne lagen met een netto gewicht van 2973,98 gram. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van de (verlengde) uitvoer van heroïne uit Nederland. De rechtbank overweegt als volgt. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Vervoeren van heroïne</emphasis>
          </para>
          <para>Voor de bewezenverklaring van het al dan niet tezamen en in vereniging met (een) ander(en) vervoeren, althans opzettelijk aanwezig hebben van de ten laste gelegde hoeveelheid drugs is nodig dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van die drugs en feitelijke macht over de drugs heeft kunnen uitoefenen in de zin dat hij daarover heeft kunnen beschikken. Daarvoor moet de verdachte op z'n minst de aanmerkelijke kans bewust hebben aanvaard dat het verdovende middel in zijn machtssfeer aanwezig is geweest.</para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Verdachte verklaart geen tas te hebben gezien toen hij de auto instapte en niet geweten te hebben wat er in de tas zat. Uit de verklaring van [medeverdachte 1] , die bij de rechter-commissaris verklaarde de gehele waarheid en niets anders dan de waarheid te zullen zeggen, volgt dat de verdachte heeft gekeken toen [medeverdachte 1] de plastic tas op de achterbank van de auto zette. Bovendien stond deze plastic tas ten tijde van de staandehouding op de middenconsole en dus in het directe bereik en zicht van de verdachte. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De telefoon van de verdachte stond ingesteld op het adres: [adres 3] , [plaats] , in Duitsland. Hij heeft het adres diezelfde dag om 17:08 uur via Snapchat ontvangen van een account met de naam [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] heeft het adres een dag eerder, op 29 mei 2024, van [medeverdachte 2] doorgestuurd gekregen via Whatsapp en [medeverdachte 2] kreeg het adres van ‘ [naam 2] ’, ook op 29 mei 2024. De rechtbank gaat uit van de eerste verklaring van verdachte dat hij het adres op de navigatie heeft ingetoetst en hecht geen geloof aan de latere verklaring van verdachte dat het adres door medeverdachte [medeverdachte 1] zou zijn ingetoetst en hij dus niet wist van de eindbestemming. Uit de bevindingen van de politie blijkt tevens dat de route en de eindbestemming zichtbaar waren op het scherm van de telefoon, ook in de vergrendelde modus. De rechtbank stelt op basis van al die omstandigheden vast dat de verdachte op de hoogte was van de eindbestemming van de rit. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De rechtbank leidt verder uit de Whatsapp-gesprekken die zich in het dossier bevinden af dat verdachten contact hadden over verdovende middelen met ‘ [naam 2] ’. Uit onderzoek aan de telefoon van verdachte volgt dat het toestel van verdachte op 30 mei 2024 om 15:13 uur en 15:14 uur naar het nummer van [naam 2] heeft gebeld. Zijn verklaring dat iemand anders met zijn telefoon naar het nummer van [naam 2] moet hebben gebeld, acht de rechtbank onaannemelijk. Het voertuig waar verdachte in zat werd om 15:12 uur geregistreerd door een ANPR-camera op de Van Brienenoordbrug. Bovendien heeft verdachte verklaard dat hij verzonken was in zijn telefoon. Ook gelet op de omstandigheid dat de verdachte twee uur later zijn eigen telefoon nog in gebruik had, maakt dat de rechtbank ervan uitgaat dat de verdachte telefonisch contact heeft gehad met het nummer van [naam 2] . </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>De verdachte heeft bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat er verdovende middelen in de tas zaten die naar het buitenland zouden worden vervoerd en daarmee tenminste voorwaardelijk opzet gehad op het vervoeren van de aangetroffen heroïne. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Buiten het grondgebied van Nederland brengen</emphasis>
          </para>
          <para>Onder het buiten het grondgebied van Nederland brengen van middelen is op grond van artikel 1 lid 4 van de Opiumwet mede begrepen het met bestemming naar het buitenland vervoeren van die middelen. Om die reden acht de rechtbank bewezen dat de verdachte de heroïne buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht. </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">Medeplegen</emphasis>
          </para>
          <para>Naar het oordeel van de rechtbank is er, gelet op de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen, sprake geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en de medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] . Er is dan ook sprake van medeplegen.  </para>
        </parablock>
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht bewezen dat de verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">op 30 mei 2024 te Maasbree, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht 2,97 kilogram van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para>Het bewezenverklaarde levert het volgende strafbare feit op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder A van de Opiumwet gegeven verbod.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para>De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De straf </title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft bij het formuleren van zijn eis aansluiting gezocht bij de LOVS-oriëntatiepunten en gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, met aftrek van het voorarrest en met oplegging van de bijzondere voorwaarde meldplicht en een contactverbod met de medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] .</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft de rechtbank verzocht om, in geval van een veroordeling, het jeugdstrafrecht toe te passen. Verder heeft de raadsman verzocht om bij het bepalen van de strafmaat rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, de beperkte rol die hij heeft gehad en het positieve advies van de reclassering en om geen langere onvoorwaardelijke jeugddetentie of gevangenisstraf op te leggen dan de tijd die hij reeds in voorarrest heeft doorgebracht. De verdachte is bereid om een taakstraf uit te voeren. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ernst van de gedragingen</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van de (verlengde) uitvoer van 2,97 kilogram heroïne. De verdachte heeft als zogenaamde ‘loopjongen’ een essentiële bijdrage geleverd aan het in stand houden van het criminele drugscircuit met alle kwalijke neveneffecten van dien. Drugshandel gaat namelijk vaak gepaard met vele andere vormen van (gewelds-, vermogens- en andere) criminaliteit en is een gevaar voor het milieu en de volksgezondheid. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Persoon van de verdachte</emphasis>
        </para>
        <para>De verdachte is een jongeman van 24 jaar die nog niet eerder is veroordeeld voor een soortgelijk delict. Hij staat inmiddels een jaar onder schorsingstoezicht bij de reclassering. In het reclasseringsadvies komt het beeld naar voren van iemand die niet het achterste van zijn tong laat zien, impulsieve keuzes maakt en makkelijk beïnvloedbaar is. Daar tegenover staat dat de verdachte gedurende het schorsingstoezicht een prille positieve gedragsverandering heeft doorgemaakt. Hij heeft een training gericht op cognitieve vaardigheden afgerond, werkt nu ongeveer 35 uur per week als bezorger, heeft zijn schulden afbetaald en is gestopt met blowen. De reclassering stelt in haar rapport vast dat door middel van het voortzetten van reclasseringstoezicht de huidige ontwikkeling kan worden gestabiliseerd. De reclassering adviseert een (deels) voorwaardelijke straf met een meldplicht en een contactverbod met de medeverdachten. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank houdt rekening met deze en andere persoonlijke omstandigheden van de verdachte zoals ter terechtzitting besproken. </para>
        <para>Ten aanzien van het verzoek van de raadsman om het jeugdstrafrecht toe te passen, overweegt de rechtbank het volgende. De verdachte was ten tijde van het plegen van het strafbare feit meerderjarig, zodat in beginsel het volwassenenstrafrecht van toepassing is. De rechtbank ziet in het advies van de reclassering, de leeftijd van de verdachte, zijn houding, zijn vaardigheden en de omstandigheden waaronder het feit is begaan ook geen reden om het jeugdstrafrecht toe te passen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De straf</emphasis>
        </para>
        <para>Gezien de ernst van het feit kan in beginsel niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Voor de verdachte moet duidelijk zijn dat dergelijk gedrag onaanvaardbaar is. Hij had op meerdere momenten andere beslissingen kunnen en moeten nemen. Bij de bepaling van de hoogte van de straf heeft de rechtbank acht geslagen op de LOVS-oriëntatiepunten. Voor de uitvoer van bijna 3 kilogram harddrugs geldt in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 24 tot 30 maanden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alle omstandigheden afwegend acht de rechtbank – net als de officier van justitie – een gevangenisstraf van 24 maanden met aftrek passend. De rechtbank zal een deel van die straf, groot 8 maanden, voorwaardelijk opleggen, met een proeftijd van 2 jaren en met oplegging van de door de reclassering geadviseerde meldplicht en een contactverbod met de medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] . Met de officier van justitie acht de rechtbank een contactverbod met de medeverdachte [medeverdachte 1] , een neef van de verdachte, niet proportioneel. Zij zal dit dan ook achterwege laten. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet of tot het moment dat de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling aan de orde is, als bedoeld in artikel 6:2:10 Sv.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Het beslag</title>
    <para>Onder de verdachte is het volgende voorwerp in beslag genomen: 1 STK GSM (Omschrijving: PL2300-2024086836-G1709370, gebarsten achterkant, blauw, merk: Apple).</para>
    <paragroup>
      <nr>7.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de inbeslaggenomen telefoon verbeurd verklaard dient te worden. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft zich niet uitgelaten over de inbeslaggenomen telefoon. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>7.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank zal de inbeslaggenomen iPhone verbeurd verklaren, omdat de strafbare feiten met behulp van deze telefoon zijn begaan of voorbereid als bedoeld in artikel 33a van het Wetboek van Strafrecht.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a en 47 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder <emphasis role="bold">3.4</emphasis> is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder <emphasis role="bold">4</emphasis> is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> van <emphasis role="bold">24 maanden</emphasis>, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in <emphasis role="bold">voorarrest</emphasis> is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf <emphasis role="bold">in mindering</emphasis> zal worden gebracht;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een <emphasis role="bold">proeftijd</emphasis> van <emphasis role="bold">2 jaren</emphasis> zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>stelt de volgende bijzondere voorwaarden, waaraan de veroordeelde gedurende de proeftijd heeft te voldoen:</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>a. <emphasis role="bold">meldplicht bij de reclassering:</emphasis></para>
    <para>veroordeelde meldt zich binnen drie dagen na het ingaan van de proeftijd bij Reclassering Nederland op het telefoonnummer 088-8041504, of bij zijn huidige toezichthouder. Veroordeelde blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;</para>
    <para>
      <emphasis role="bold">contactverbod: </emphasis>
    </para>
    <para>veroordeelde heeft of zoekt op geen enkele wijze - direct of indirect - contact met [medeverdachte 2] (geboren op [geboortedatum 5] 2001 te [geboorteplaats 2] ) en [medeverdachte 3] (geboren op [geboortedatum 3] 1995 te [geboorteplaats 2] ), zolang de reclassering dit verbod nodig vindt;</para>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>geeft aan de reclassering de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;</para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="bold">verklaart verbeurd</emphasis> het volgende in beslag genomen voorwerp:</para>
    <para>1 STK GSM (Omschrijving: PL2300-2024086836-G1709370, gebarsten achterkant, blauw, merk: Apple).</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. H.E.G. Peters, voorzitter, mr. C.P.W. van Well en mr. J. van Berchum, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.E.M. Bongers, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 21 november 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. Van Berchum en de griffier zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
      <para>BIJLAGE: <emphasis role="bold">De tenlastelegging</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">hij op of omstreeks 30 mei 2024 te Maasbree, gemeente Peel en Maas, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 3,15 kilogram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_a54dfdb4-e822-4293-a4c3-86a2286f9d0a" label="1">
    <para> Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Landelijke Expertise En Operaties, proces-verbaalnummer PL2300-2024088261, gesloten op 14 november 2024, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 343.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8444d0a7-b313-4870-b09d-d7ff14489237" label="2">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 30 mei 2024, p. 28-32 en de bijbehorende foto’s op p. 38-39.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3c48117e-0201-4ec4-ad0c-790a4ac51d67" label="3">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 30 mei 2024, p. 45-46.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ee2f565e-8738-492d-a5de-99605a80277a" label="4">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 31 mei 2024, p. 49.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_c250ae6e-e841-46f0-aa2f-070ebaed33f0" label="5">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 5 juni 2024, p. 151.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ac564b91-d83b-4d47-a493-01b602c83034" label="6">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 4 juni 2024, p. 124.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_ad2e2d98-6707-460d-8ff4-5b972e9216fe" label="7">
    <para> KVI (goednummer PL2300-2024086836-1709381) van 30 mei 2024, p. 300.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5d19baff-a619-4893-8328-d6802b95c498" label="8">
    <para> KVI (goednummer PL2300-2024086836-1709385) van 30 mei 2024, p. 302.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_e065c477-f190-46ae-8417-77f2982aa622" label="9">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 12 juni 2024, p. 52.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_dfaebf64-6842-4dbd-8fb7-72a370a5e72a" label="10">
    <para> Proces-verbaal vooronderzoek lab van 7 juni 2024, p. 79.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8d724291-6b53-4d82-930f-8c6c0c484fd8" label="11">
    <para> Proces-verbaal forensisch onderzoek aan onderzoeksitems van 10 juni 2024, p. 59-62.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6b0d0608-a91c-45f9-aa10-843a49e72bb6" label="12">
    <para> Rapport NFiDENT van 7 juni 2024, p. 63.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_362bcf76-439b-4baa-8f3f-31b9852776ca" label="13">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 6 juni 2024, p. 131.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_99bbf778-897a-4644-ab01-730645c2e3eb" label="14">
    <para> Proces-verbaal vooronderzoek lab van 7 juni 2024, p. 80.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_be027097-d554-4298-ab22-a31bb0334252" label="15">
    <para> Rapport Forensisch DNA-onderzoek van 25 juli 2024, p. 82-84 en de bijlage op p. 86.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_82cad6a5-c675-487d-8295-898cb3e5e55f" label="16">
    <para> Rapport van het NFI van 30 juli 2024, p. 105. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_2aa59a27-ddcc-4abc-82c4-ea1b6333d7b5" label="17">
    <para> Europees onderzoeksbevel van 5 augustus 2024, p. 91, 92 en 97.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_6d33c821-0b29-4aab-8af0-acea796d19ff" label="18">
    <para> Proces-verbaal identificatie n.a.v. DNA-sporen inzake profielcluster 45623 van 20 september 2024, p. 90 en de Duitse informatie op p. 108.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_872181d3-c856-492c-a2c7-ce37becd37c3" label="19">
    <para> KVI (goednummer PL2300-2024086836-1709378) van 30 mei 2024, p. 299.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_11c3ac4e-5719-407f-8148-c074d90b9e2f" label="20">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 6 juni 2024, p. 158-162.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_302a5162-1742-44e1-bd7a-dd22e136af56" label="21">
    <para> Proces-verbaal van verdenking van 29 oktober 2024, p. 207.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_00cff870-8e5a-4c68-aeec-acd8746e9689" label="22">
    <para> KVI (goednummer PL2300-2024086836-1709377) van 30 mei 2024, p. 301.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_55302c42-2fd4-4707-aaff-e60331fff739" label="23">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 7 juni 2024, p. 167-168.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_45dd84ad-68b3-41bf-a427-7de1c46d5271" label="24">
    <para> KVI (goednummer PL2300-2024086836-1709370) van 30 mei 2024, p. 294.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_761465ed-b1d6-46d0-8cb4-e26c5d8eb09d" label="25">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen van 13 juni 2024, p. 153 en 155.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bde1ae93-2f79-41fa-8422-79081d269dd4" label="26">
    <para> Proces-verbaal van verhoor getuige [medeverdachte 1] van 5 december 2024, blad 1-5.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bca6c047-e266-43ef-9c56-ee2e9fed0001" label="27">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte op de vordering tot bewaring op 3 juni 2024. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_d5b62bc9-4baf-4627-8e24-b24787278e2e" label="28">
    <para> Verklaring van de verdachte ter terechtzitting op 13 september 2024. </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>