<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2024:7013</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-09T14:08:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-10-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-10-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03/085556-24</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:7013">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:7013</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-09T14:06:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2024:7013 Rechtbank Limburg , 04-10-2024 / 03/085556-24</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2024:7013:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling aanwezig hebben grote hoeveelheid MDMA en voorbereidingshandelingen voor de productie van MDMA. Oplegging gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren en 6 maanden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2024:7013:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 03/085556-24 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 4 oktober 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [stad] (Iran) op [geboortedag] 1989,</para>
      <para>thans gedetineerd in [P.I.]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte wordt bijgestaan door mr. G.J.J.G. Stevens-Waltmans, advocaat kantoorhoudende te Roermond.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 20 september 2024. De verdachte en zijn raadsvrouw zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze zaak is gelijktijdig, maar niet gevoegd, behandeld met de strafzaken tegen [medeverdachte 1] (met parketnummer 03/085436-24) en [medeverdachte 2] (met parketnummer 03/085593-24).</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 1:</emphasis> al dan niet met een of meer anderen, 920 kilogram MDMA aanwezig heeft gehad;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 2: </emphasis>al dan niet met een of meer anderen, MDMA en/of methamfetamine heeft geproduceerd, dan wel aanwezig heeft gehad;</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Feit 3:</emphasis> al dan niet met een of meer anderen, voorbereidingshandelingen heeft verricht voor de productie van MDMA en/of methamfetamine.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van alle ten laste gelegde feiten. Voor feit 1 kan een hoeveelheid van 790,54 kilogram MDMA bewezen worden verklaard. De verdachte was samen met medeverdachte [medeverdachte 2] in het lab MDMA aan het produceren, zodat zij wetenschap hadden van de aanwezigheid van MDMA in het lab en daarover ook de beschikking hadden. Ten aanzien van de feiten 2 en 3 kan alleen bewezen worden dat de verdachte op 11 maart 2024 de strafbare handelingen heeft verricht. Het dossier bevat onvoldoende bewijs voor de gehele ten laste gelegde periode. De verdachte moet partieel worden vrijgesproken voor het aanwezig hebben en produceren van methamfetamine, wegens onvoldoende bewijs. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit van de feiten 1 en 2. Zij heeft aangevoerd dat uit de bewijsmiddelen niet volgt dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van MDMA, en ook niet dat hij hierover de beschikkingsmacht had. Een groot gedeelte van de MDMA zat verstopt in dozen en lag op plekken waar de verdachte niet is geweest. De verdachte is gevraagd om één dag pre-precursoren te komen mengen in het lab. Wat zich verder in de loods afspeelde, wist hij niet. Omdat de verdachte pre-precursoren aan het mengen was, heeft hij zich strafbaar gemaakt aan voorbereidingshandelingen voor de vervaardiging van harddrugs, zoals ten laste gelegd onder feit 3, maar niet aan de productie van harddrugs. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewijsmiddelen</emphasis>
        </para>
        <para>Ter bevordering van de leesbaarheid van dit vonnis, heeft de rechtbank de bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring opgenomen in bijlage II.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Bewijsoverweging</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Vaststelling feiten </emphasis>
          <?linebreak?>Uit de bewijsmiddelen volgt dat er op 11 maart 2024 in een loods aan [adres] in Weert een productielocatie voor synthetische drugs is aangetroffen. Op deze locatie werd (in het achterste gedeelte van de loods) een pre-precursor omgezet in PMK. In het middelste gedeelte van de loods werd de PMK omgezet naar MDMA-base, welke verder werd gezuiverd, gekristalliseerd en gedroogd. In totaal is 711,60 kilogram aan MDMA, in verschillende stadia en verspreid op verschillende plekken, in de loods aangetroffen, te weten: <?linebreak?>- in het voorste gedeelte van de loods:  		- 323,65 kg MDMA in zwarte strijkzakken in dozen; <?linebreak?>- in het middelste gedeelte van de loods<?linebreak?>  (de productieruimte): 				- 120 kg MDMA in vaten;</para>
        <para>
          <?linebreak?>- in het achterste gedeelte van de loods:  	- 267,95 kg MDMA in bruine broodkratten <?linebreak?>                                                                                in een zwarte kweektent.	</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van hetgeen overigens is aangetroffen ontbreekt bewijs dat het hier om een op de bij de Opiumwet behorende lijst I of II genoemd middel betreft. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ook is er een grote hoeveelheid stoffen en voorwerpen aangetroffen ten behoeve van de productie van synthetische drugs. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten tijde van het aantreffen van de productielocatie waren de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] in de loods aanwezig. Zij waren op dat moment in het achterste gedeelte van de loods bezig met het omzetten van een pre-precursor in de precursor PMK. Zij hebben dus PMK geproduceerd. </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 1 </emphasis>
          <?linebreak?>Voor een bewezenverklaring van het al dan niet tezamen en in vereniging met (een) ander(en) opzettelijk aanwezig hebben van de ten laste gelegde hoeveelheid MDMA is vereist dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van die verdovende middelen in de loods en dat die verdovende middelen zich in de machtssfeer van de verdachte bevonden.<?linebreak?></para>
        <para>Uit de bewijsmiddelen en voormelde feiten en omstandigheden blijkt dat er zich in de loods een professionele en grootschalige productielocatie voor MDMA bevond. De MDMA is in verschillende stadia van bereiding en verspreid over verschillende plekken in de loods aangetroffen. De verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] waren ten tijde van het aantreffen van de productielocatie met zijn tweeën in de loods. Zij hadden toegang tot alle delen van de loods en dus ook tot de plekken waar de MDMA is aangetroffen. De rechtbank leidt dit af uit het feit dat de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] in het achterste deel van de loods PMK hebben geproduceerd en dat deel alleen te bereiken is via het voorste deel van de loods en vervolgens het middelste deel van de loods (de productieruimte), omdat de loods alleen toegankelijk is via de schuifdeuren in het voorste deel van de loods. De rechtbank wijst er in dit verband ook op dat de Jumbo-tas van de verdachte in het voorste gedeelte van de loods is aangetroffen en het door de verdachte gedragen volgelaatsmasker in het middelste gedeelte van de loods is aangetroffen. Een deel van de aangetroffen MDMA was duidelijk zichtbaar. Ook de stoffen en voorwerpen ten behoeve van de productie van synthetische drugs waren duidelijk zichtbaar. <?linebreak?>Voorts hing er in de loods een zeer penetrante geur. Daarbij komt dat de verdachte ter terechtzitting heeft verklaard dat hij wist dat hij in de loods iets ging doen wat met drugs te maken had. Gelet hierop kan het niet anders zijn geweest dan dat verdachte wetenschap moet hebben gehad van de aanwezigheid van MDMA. Dat een deel van de MDMA niet (direct) zichtbaar was, doet daaraan niet af. Ook volgt uit genoemde omstandigheden dat de MDMA zich in zijn machtssfeer bevond. <?linebreak?></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Medeplegen</emphasis>
          <?linebreak?>De rechtbank stelt voorop dat de betrokkenheid aan een strafbaar feit als medeplegen kan worden bewezenverklaard als is komen vast te staan dat bij het begaan daarvan sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking. Bij de beoordeling of daaraan is voldaan, kan rekening worden gehouden met onder meer de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de uitvoering of afhandeling van het delict en het belang van de rol van de verdachte.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Uit de bewijsmiddelen en voormelde feiten en omstandigheden leidt de rechtbank af dat de verdachte op 11 juni 2024 samen met medeverdachte [medeverdachte 2] in de loods PMK heeft geproduceerd. Er zijn geen aanwijzingen dat de verdachte en diens medeverdachte [medeverdachte 2] de enige personen waren die betrokken waren bij deze productie; gelet op de aard en omvang van de locatie acht de rechtbank dat ook geenszins aannemelijk. Het kan dus niet anders zijn dan dat de verdachte dit feit met meerdere personen heeft gepleegd. Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de voor medeplegen vereiste voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en derden is komen vast te staan. Dat ieders rol niet exact te duiden is, leidt niet tot een ander oordeel. <?linebreak?>Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte tezamen en in vereniging met anderen opzettelijk 711,60 kg MDMA aanwezig heeft gehad. Voor het meerdere is onvoldoende bewijs voorhanden, zodat de rechtbank de verdachte daarvan zal vrijspreken. <?linebreak?><emphasis role="italic">Feit 2 </emphasis><?linebreak?>Zoals hiervoor is vastgesteld, hebben de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] op 11 maart 2024 PMK geproduceerd. De productie van PMK kwalificeert als een voorbereidingshandeling en niet als productie van amfetamine, omdat PMK geen amfetamine bevat en voor een bewezenverklaring van productie van amfetamine is vereist dat “een stof bevattende amfetamine” is geproduceerd. <?linebreak?>Er zijn wel aanwijzingen dat er kort voor het aantreffen van de productielocatie – naast PMK – ook MDMA is geproduceerd. Uit het aanvullend proces-verbaal van bevindingen van 8 augustus 2024 blijkt namelijk dat op het moment van het aantreffen van de productielocatie er negen vaten met kristallen in de productieruimte stonden waarvan de vloeistof was afgepompt, terwijl daarnaast een leeg vat stond waar een vloeistofpomp inhing en daarnaast een vat met kristallen en vloeistof stond waarvan de vloeistof nog moest worden afgepompt. Ook was er één vriezer waarin nog twee soortgelijke vaten met kristallen en vloeistof stonden, terwijl in de rest van de vriezers niets meer of slechts een jerrycan met zoutzuur stond en deze vriezers wél in werking waren. Het dossier bevat evenwel geen andere informatie op grond waarvan de rechtbank met voldoende zekerheid kan vaststellen dat op 11 maart 2024 de vaten met kristallen en vloeistof daadwerkelijk zijn afgepompt of dat op die dag andere werkzaamheden zijn verricht waaruit blijkt dat er op die dag MDMA is geproduceerd, terwijl er evenmin bewijs voor handen is waaruit blijkt dat de verdachte eerder dan 11 maart 2024 op de productielocatie is geweest. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank daarom van oordeel dat er ten aanzien van de productie van methamfetamine onvoldoende bewijs voorhanden is, zodat de rechtbank de verdachte daarvan zal vrijspreken. Dit geldt eveneens voor het ten laste gelegde afleveren, verstrekken en vervoeren van MDMA en methamfetamine. <?linebreak?>Gelet op hetgeen hiervoor onder feit 1 is overwogen acht de rechtbank wel het impliciet subsidiair ten laste gelegde medeplegen van het aanwezig hebben van een hoeveelheid MDMA wettig en overtuigend bewezen met dien verstande dat de rechtbank de pleegperiode zal beperken tot 11 maart 2024, omdat geen bewijs voorhanden is dat de verdachte eerder dan 11 maart 2024 op de productielocatie is geweest.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Eendaadse samenloop</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat de combinatie van het aanwezig hebben van MDMA van zowel feit 1 en feit 2 eendaadse samenloop oplevert. De onder feit 1 en 2 bewezen verklaarde gedragingen leveren namelijk een zodanig samenhangend, zich op dezelfde tijd en plaats afspelend feitencomplex op, dat verdachte daarvan in wezen één verwijt wordt gemaakt.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Feit 3 </emphasis>
          <?linebreak?>Uit de bewijsmiddelen blijkt dat de verdachte samen met medeverdachte [medeverdachte 2] PMK heeft geproduceerd. De productie van PMK betreft een voorbereidingshandeling. De verdediging heeft zich voor wat betreft dit feit gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Voor wat betreft het medeplegen verwijst de rechtbank naar hetgeen onder feit 1 is overwogen. Voor wat betreft de pleegperiode verwijst de rechtbank naar hetgeen onder feit 2 is overwogen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Gelet op het voorgaande acht de rechtbank feit 3 wettig en overtuigend bewezen met dien verstande dat de rechtbank de pleegperiode zal beperken tot 11 maart 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht bewezen dat de verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>T.a.v. feit 1:</para>
        <para>op 11 maart 2024 in de gemeente Weert, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad (ongeveer) 790,25 kilogram MDMA, zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>T.a.v. feit 2:</para>
        <para>omstreeks 11 maart 2024 in de gemeente Weert, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA zijnde MDMA als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>T.a.v. feit 3:</para>
        <para>omstreeks 11 maart 2024 in de gemeente Weert, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen van een of meer hoeveelheden MDMA, zijnde MDMA vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I voor te bereiden en/of te bevorderen</para>
      </parablock>
      <para>- grote hoeveelheden chemicaliën waaronder, fosforzuur, zoutzuur, natriumhydroxide, ethylester van PMK-glycidezuur, wijnsteenzuur, AIBN, methylamine, methanol en aceton en/of</para>
      <para>- drie rvs-destillatieopstellingen en</para>
      <para>- twee hogedruk reactieopstellingen en</para>
      <para>- een witte kunststof reactieketel en</para>
      <para>- centrifuges en</para>
      <para>- blauwe vaten (met de geur van metamfetamine) en</para>
      <para>- vaten gevuld met een sterk basische vloeistof en</para>
      <para>- ( grote) hoeveelheden PMK en/of BMK</para>
      <parablock>
        <para>voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte en verdachtes mededaders wisten of ernstige redenen hadden te vermoeden, dat die bestemd waren tot het plegen van die feiten,</para>
        <para>en (een grote) hoeveelheid PMK heeft geproduceerd;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De strafbaarheid van het bewezen verklaarde</title>
    <para>Het bewezen verklaarde levert de volgende strafbare feiten op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>T.a.v. feit 1 en feit 2:</para>
      <para>eendaadse samenloop van</para>
      <para>medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod</para>
      <para>en</para>
      <para>medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>T.a.v. feit 3:</para>
      <para>medeplegen om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen en voorwerpen en stoffen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para>De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.</para>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De straf en/of de maatregel</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft op grond van hetgeen zij bewezen heeft geacht gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 4 jaren met aftrek van het voorarrest.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft verzocht om bij een veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf te bepalen dat een gedeelte daarvan onder voorwaarden vooralsnog niet zal worden ten uitvoer gelegd. Tevens heeft de raadsvrouw verzocht om in het bijzonder rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezen verklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van het aanwezig hebben van een grote hoeveelheid MDMA en aan het verrichten van voorbereidingshandelingen voor de productie daarvan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft zich begeven op het terrein van de grootschalige productie en handel in harddrugs. Hij heeft daarmee een bijdrage geleverd aan het in stand houden van het criminele drugscircuit met alle kwalijke neveneffecten van dien. De productie van en handel in drugs gaan namelijk gepaard met vele vormen van ernstige criminaliteit en dit heeft een ontwrichtende werking op de samenleving. Het is een feit van algemene bekendheid dat het gebruik van harddrugs schadelijke gevolgen kan hebben voor de volksgezondheid en tot ernstige verslavingsproblematiek kan leiden met alle gevolgen van dien. Bij de productie van harddrugs worden allerhande veiligheids- en gezondheidsvoorschriften met voeten getreden en de productie van harddrugs resulteert vrijwel altijd in de illegale lozing van drugsafval, hetgeen grote schade aan het milieu toebrengt en tot hoge kosten leidt bij de sanering daarvan. Drugscriminaliteit leidt tot ondermijning, waarbij de grens tussen de onderwereld en de bovenwereld vervaagt doordat grote hoeveelheden crimineel geld via witwassen en legale bedrijven de maatschappij in worden gepompt. De verdachte heeft geen enkel oog gehad voor deze kwalijke gevolgen en is kennelijk puur gericht geweest op financieel voordeel voor zichzelf.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in vergelijkbare zaken worden opgelegd. De rechtbank weegt daarbij strafverzwarend mee dat de verdachte ook wat betreft zijn proceshouding op geen enkele wijze verantwoordelijkheid heeft genomen voor de door hem gepleegde strafbare feiten. Ter terechtzitting heeft de verdachte nauwelijks tot geen openheid van zaken verschaft. “Geen commentaar” was doorgaans zijn antwoord; het achterste van zijn tong liet hij daarmee niet zien. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft ook gekeken naar de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, maar ziet, gelet op de ernst van de bewezenverklaarde feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, geen aanleiding om hier in strafmatigende zin rekening mee te houden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles afwegend acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren en 6 maanden passend en geboden. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank wijkt hiermee af van de eis van de officier van justitie, nu zij gelet op al hetgeen hiervoor is overwogen van oordeel is dat met voornoemde straf, in dit geval, voldoende recht wordt gedaan aan de ernst van de bewezen verklaarde strafbare feiten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet of tot het moment dat de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling aan de orde is, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 47, 55 en 57 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2, 10 en 10a van de Opiumwet.</para>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>8</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart dat het bewezen verklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte voor de bewezenverklaarde feiten tot een gevangenisstraf van 3 jaren en 6 maanden;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>
      <?linebreak?>Dit vonnis is gewezen door mr. B. de Groot, voorzitter, mr. M.M. Beije en mr. M.B. Bax, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.W.P. Huntjens, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 4 oktober 2024.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>De voorzitter is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
      <para>BIJLAGE I: De tenlastelegging</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>T.a.v. feit 1:</para>
      <para>hij op of omstreeks 11 maart 2024 in de gemeente Weert, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk</para>
      <para>aanwezig heeft gehad (ongeveer) 920 kilogram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>T.a.v. feit 2:</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 1 november 2023 tot en met 11 maart 2024 in de gemeente Weert, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk meermalen, althans eenmaal, (telkens)</para>
      <para>heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,</para>
      <para>(een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende MDMA en/of</para>
      <para>(een) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende methamfetamine,</para>
      <para>zijnde MDMA en/of methamfetamine (telkens) (een) middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I,</para>
      <para>dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>T.a.v. feit 3:</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 1 november 2023 tot en met 11 maart 2024 in de gemeente Weert, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken,  vervoeren en/of binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen van een of meer hoeveelhe(i)d(en) MDMA en/of methamfetamine, zijnde MDMA en/of methamfetamine (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I voor te bereiden en/of te bevorderen</para>
    </parablock>
    <para>- grote hoeveelheden chemicaliën waaronder, fosforzuur, zoutzuur, natriumhydroxide, ethylester van PMK-glycidezuur, wijnsteenzuur, AIBN, methylamine, methanol en aceton en/of</para>
    <para>- drie rvs-destillatieopstellingen en/of</para>
    <para>- twee hogedruk reactieopstellingen en/of</para>
    <para>- een witte kunststof reactieketel en/of</para>
    <para>- centrifuges en/of</para>
    <para>- blauwe vaten (met de geur van metamfetamine) en/of</para>
    <para>- vaten gevuld met een sterk basische vloeistof en/of</para>
    <para>- ( grote) hoeveelheden PMK en/of BMK</para>
    <parablock>
      <para>voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en),</para>
      <para>en/of(een grote) hoeveelhe(i)d(en) BMK en/of PMK heeft geproduceerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Bijlage II: De bewijsmiddelen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vanwege de omvang en het gebruik van afbeeldingen zijn de bewijsmiddelen niet gepubliceerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>