<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2024:3344</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-20T08:51:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-06-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/03/314184 / HA ZA 23-57</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBLIM:2024:525" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Tussenuitspraak: ECLI:NL:RBLIM:2024:525</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:3344">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:3344</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-06-24T11:43:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-06-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2024:3344 Rechtbank Limburg , 05-06-2024 / C/03/314184 / HA ZA 23-57</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2024:3344:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Rolverwijzing vanwege potentieel doorslaggevende stelling in laatste processtuk gedaagden, waar eiseres nog niet op heeft kunnen reageren.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2024:3344:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK Limburg</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Civiel recht </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/03/314184 / HA ZA 23-57</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 5 juni 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres]
        </emphasis>, </para>
      <para>te [woonplaats 1] ,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>hierna te noemen: [eiseres] ,</para>
      <para>advocaat: mr. S.L. Smits-Emons,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [gedaagde sub 1] , </title>
    <parablock>
      <para>te [vestigingsplaats] ,<?linebreak?>2. <emphasis role="bold">[gedaagde sub 2]</emphasis>, </para>
      <para>te [woonplaats 2] ,</para>
      <para>gedaagde partijen,</para>
      <para>hierna samen te noemen: [gedaagden] ,</para>
      <para>advocaat: mr. L.C. Dufour.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het tussenvonnis van 31 januari 2024,</para>
      <para>- de akte van [eiseres] tevens houdende een akte wijziging van eis, met producties 39 en 40, <?linebreak?>- de antwoordakte van [gedaagden]</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De rechtbank verwijst naar het tussenvonnis van 31 januari 2024, waarbij wordt volhard.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>In hun antwoordakte hebben [gedaagden] onder meer gesteld dat mr. Smits-Emons aan mr. Dufour heeft bericht dat [eiseres] een rechtsbijstandverzekering heeft afgesloten die de kosten van rechtsbijstand in de zaak tegen [gedaagden] dekt. Het betreft, zo begrijpt de rechtbank de stelling van [gedaagden] , een andere verzekering dan de verzekering die de kosten heeft gedekt van de zaak van [eiseres] tegen NN. Die verzekering biedt, blijkens de door [eiseres] als productie 40 overgelegde stukken, geen dekking voor de zaak van [eiseres] tegen [gedaagden]</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Omdat de stelling van [gedaagden] potentieel doorslaggevend kan zijn voor de beoordeling van de vordering ter zake van de buitengerechtelijke kosten, [eiseres] niet heeft kunnen reageren op de stelling van [gedaagden] maar [gedaagden] ook niet kan worden verweten dat zij dit verweer niet eerder naar voren hebben gebracht, zal nog een laatste aktewisseling worden bevolen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Op de hierna vermelde roldatum zal [eiseres] zich bij akte uitsluitend kunnen uitlaten over de vraag of:</para>
      <para>- de kosten rechtsbijstand in de zaak tegen [gedaagden] zijn gedekt door een verzekering en zo ja,</para>
      <para>- welke aanspraken [eiseres] ter zake onder welke voorwaarden heeft, en</para>
      <para>- of inmiddels tot uitkering is overgegaan en zo ja,</para>
      <para>- tot welk bedrag. </para>
      <para>
        [gedaagden] zullen - eveneens uitsluitend over dit onderwerp - een antwoordakte kunnen nemen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De rechtbank is voornemens om - nadat de aktes zijn genomen - in afwijking van artikel 2.14 van het procesreglement, deze zaak meteen naar de rol te verwijzen voor vonnis. Als partijen daar bezwaar tegen hebben kunnen zij dat via een B-formulier op de rol kenbaar maken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van <emphasis role="bold">woensdag 19 juni 2024</emphasis> voor het nemen van een akte door [eiseres] over wat is vermeld onder 2.4. waarna [gedaagden] op de rol van twee weken daarna een antwoordakte kunnen nemen,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. B.R.M. de Bruijn en in het openbaar uitgesproken op 5 juni 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>