<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2024:1596</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-19T12:05:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-03-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/03/325118 / HA ZA 23-529</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:1596">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:1596</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-05T12:57:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2024:1596 Rechtbank Limburg , 06-03-2024 / C/03/325118 / HA ZA 23-529</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2024:1596:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijwaring.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2024:1596:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="6f2a0761-ab17-4455-9ea6-1f3124517e05" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="6381d9b3-2383-45c7-95a6-31490de84189" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Burgerlijk recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/03/325118 / HA ZA 23-529</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in incident van 6 maart 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend te [woonplaats] ,</para>
      <para>eiseres in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerster in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. G.G.J. Geerlings,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident]
        </emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>gedaagde in de hoofdzaak,</para>
      <para>eiseres in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. B.A.L.H. Robijns.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] en [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding met producties 1 t/m 23</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord tevens houdende de incidentele vordering tot oproeping in vrijwaring met producties 1 t/m 4</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de incidentele conclusie van antwoord.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geschil</title>
    <bridgehead role="italic">in de hoofdzaak</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Partijen hebben een overeenkomst ten behoeve van de nieuwbouw van de woning van [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] aan de [adres] te [woonplaats] . [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] stelt dat er lekkages zijn aan de kozijnen. [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst en uit dien hoofde aansprakelijk is voor de schade. [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] vordert dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:<?linebreak?>I. Zal verklaren voor recht dat [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming</para>
        <para>van de overeenkomst en [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] zal veroordelen tot betaling van een vervangende</para>
        <para>schadevergoeding ter hoogte van € 72.507,00, althans een in goede justitie te bepalen</para>
        <para>bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 15 juli 2021, althans vanaf <?linebreak?>28 september 2023, thans een in goede justitie te bepalen datum tot aan de dag der</para>
        <para>algehele voldoening;</para>
        <para>II. [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] zal veroordelen in de buitengerechtelijke kosten ten bedrage van € 1.500,07,</para>
        <para>althans een in goede justitie te bepalen bedrag;</para>
        <para>III. [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] zal veroordelen in de deskundigenkosten ad € 2.268,75;</para>
        <para>IV. [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] zal veroordelen in de kosten van deze procedure, te voldoen binnen veertien</para>
        <para>dagen na dagtekening van het vonnis, en – voor het geval voldoening van de</para>
        <para>proceskosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt – te vermeerderen met de</para>
        <para>wettelijke rente over de proceskosten te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening</para>
        <para>alsmede de nakosten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in het incident</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] vordert dat haar wordt toegestaan [naam bv] (hierna: [naam bv] ) in vrijwaring op te roepen. [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] stelt dat zij als hoofdaannemer heeft gefungeerd, maar dat de kozijnen in opdracht zijn gegeven aan [naam bv] op basis van onderaanneming. Bij een veroordeling van [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] , zal [naam bv] als onderaannemer/</para>
        <para>leverancier [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] schadeloos dienen te stellen. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident] refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling in het incident</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Gelet op de door [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] aangevoerde gronden voor de oproeping in vrijwaring van [naam bv] , is naar het oordeel van de rechtbank voldoende aannemelijk dat de rechtsverhouding tussen [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] enerzijds en [naam bv] anderzijds met zich mee kan brengen dat [naam bv] gehouden zal zijn om [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] vrij te houden van de nadelige gevolgen van een (deel van de) eventuele veroordeling in deze (hoofd)zaak. Dat is voor toewijzing van het verzoek voldoende.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">in het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>staat toe dat [naam bv] door [gedaagde in de hoofdzaak, eiseres in het incident] wordt gedagvaard tegen de terechtzitting van <emphasis role="bold">3 april 2024</emphasis>,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">in de hoofdzaak </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <parablock>
        <para>bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van <emphasis role="bold">1 mei 2024</emphasis> voor opgave verhinderdata zijdens beide partijen voor een te bepalen mondelinge behandeling in de periode juni tot en met oktober 2024.<?linebreak?></para>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. B.R.M. de Bruijn en in het openbaar uitgesproken.<footnote-ref linkend="_1d25fd65-9a78-46d5-8b4a-ec55a043dbdb" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_1d25fd65-9a78-46d5-8b4a-ec55a043dbdb" label="1">
    <para>type: AH</para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>