<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2024:1009</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-05T15:57:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-03-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03/212328-23; 03/095562-22; 03/234624-22 (tul)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:1009">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2024:1009</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-05T15:52:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2024:1009 Rechtbank Limburg , 04-03-2024 / 03/212328-23; 03/095562-22; 03/234624-22 (tul)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2024:1009:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>-</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2024:1009:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 03/212328-23 </para>
      <para>Parketnummers	: 03/095562-22 en 03/234624-22 (tul)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer van 4 maart 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2004,</para>
      <para>wonende te [adresgegevens verdachte] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte wordt bijgestaan door mr. L.M.E. Kleczewski, advocaat, kantoorhoudende te Venlo.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 27 februari 2024. De verdachte en zijn raadsvrouw zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze zaak is gelijktijdig behandeld met de strafzaak tegen [medeverdachte] (parketnummer 03/212340-23).</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte op 24 augustus 2023 tezamen en in vereniging opzettelijk brand heeft gesticht op het (parkeer)terrein van het politiebureau te Heerlen, waardoor goederen en/of personen in gevaar werden gebracht.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het tenlastegelegde.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit van de tenlastegelegde opzettelijke brandstichting, omdat in het dossier onvoldoende aanwijzingen aanwezig zijn dat sprake is geweest van een voltooide brandstichting. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht de tenlastegelegde opzettelijke brandstichting niet bewezen en overweegt daartoe als volgt. De rechtbank stelt voorop dat van een voltooide brandstichting slechts kan worden gesproken als iets dat daartoe niet bestemd is, in brand wordt gestoken. Daarvan is in casu geen sprake. De verdachte heeft samen met [verdachte] op 24 augustus 2023 een molotovcocktail (een met een brandbare vloeistof gevulde fles, voorzien van een lont) in aanraking gebracht met vuur en deze vervolgens op het (parkeer)terrein van het politiebureau te Heerlen gegooid. Deze molotovcocktail is aldaar in aanraking gekomen met het wegdek, waarna de fles kapot viel en, zo volgt uit het verrichte forensisch onderzoek, de vervolgens ontstane brand zelfstandig is gedoofd nadat de vloeistof uit de fles was ‘opgebrand’. Niet kan uit het dossier worden afgeleid dat het vuur is overgeslagen naar het wegdek en dat het wegdek zelf vlam heeft gevat. Dat het wegdek zwartgeblakerd was, leidt niet tot een ander oordeel nu dit het gevolg is geweest van het branden van de molotovcocktail op dat deel van het wegdek. Derhalve is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake geweest van een voltooide brandstichting. Nu niet tevens (subsidiair) een (mogelijk wel bewijsbare) poging tot brandstichting ten laste is gelegd, zal de rechtbank de verdachte vrijspreken. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De vorderingen tot tenuitvoerlegging</title>
    <para>Bij onherroepelijk vonnis van 4 juli 2022 met parketnummer 03/095562-22 heeft de kinderrechter van de rechtbank Limburg de verdachte veroordeeld tot, voor zover relevant, een werkstraf voor de duur van 80 uren voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en bijzondere voorwaarden.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij onherroepelijk vonnis van 26 september 2022 met parketnummer 03/235624-22 heeft de politierechter van de rechtbank Limburg de verdachte veroordeeld tot, voor zover relevant, een werkstraf voor de duur van 40 uren voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en als bijzondere voorwaarde een meldplicht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de verdachte wordt vrijgesproken van het aan hem tenlastegelegde feit, zal de rechtbank</para>
      <para>de vorderingen tot tenuitvoerlegging afwijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- spreekt de verdachte vrij van het tenlastegelegde;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="bold">heft op</emphasis> het (geschorste) bevel tot voorlopige hechtenis met ingang van heden;</para>
    <bridgehead role="italic">Vorderingen  tot tenuitvoerlegging</bridgehead>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="bold">wijst af </emphasis>de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 03/095562-22 van de officier van justitie van 12 december 2023;<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="bold">wijst af </emphasis>de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 03/235624-22 van de officier van justitie van 12 december 2023.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. D.J.E. Hamers-Aerts, voorzitter, mr. H.M.J. Quaedvlieg en mr. E.B.A. Ferwerda, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.H.C. van den Munckhof, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 4 maart 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mrs. Hamers-Aerts en Ferwerda zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
      <para>De griffier is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>BIJLAGE I: De tenlastelegging</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij, op of omstreeks 24 augustus 2023 in de gemeente Heerlen tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met een fles met daarin benzine en/of een stuk textiel, in ieder geval een (of meer) brandbare (vloei)stof(fen) en/of (vervolgens) deze (brandende) fles ("molotovcocktail") over de muur, het hek, en/of de (toegangs)poort van het ((parkeer)terrein van het) politiebureau te gooien,</para>
      <para>ten gevolge waarvan het wegdek van dat (parkeer)terrein geheel of gedeeltelijk is verbrand, in elk geval brand is ontstaan,</para>
      <para>en daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten een (of meer) aldaar geparkeerd(e) dienstvoertuig(en) en/of het (gebouw van het) politiebureau, in ieder geval gemeen gevaar voor goederen, en/of</para>
      <para>levensgevaar en/of gevaar voor lichamelijk letsel voor een (of meer) ander(en) te weten de op dat politiebureau werkzame perso(o)n(en), in ieder geval een (of meer) ander(en), te duchten was;</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>