<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2022:6115</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-08-10T14:17:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-06-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9796884 CV EXPL 22-1619</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2022:6115">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2022:6115</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-08-10T14:17:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2022:6115 Rechtbank Limburg , 14-06-2022 / 9796884 CV EXPL 22-1619</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2022:6115:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Partijen maken op de mondelinge behandeling afspraken over de betaling van de huurachterstand. Zodra niet aan de voorwaarden wordt voldaan, wordt de huurovereenkomst ontbonden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2022:6115:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Burgerlijk recht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 9796884 \ CV EXPL  22-1619</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de kantonrechter van 14 juni 2022</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de stichting STICHTING WOONWENZ</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Venlo,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>gemachtigde Zuyd Groep,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend [adres] ,</para>
      <para>
        [postcode] [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>procederende in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure </title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding</para>
      <para>- de conclusie van antwoord</para>
      <para>- de beslissing waarbij een comparitie van partijen is gelast</para>
      <para>- het hieronder weergegeven proces-verbaal van de comparitie van heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vonnis is bepaald op heden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het proces-verbaal van de comparitie</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Verschenen zijn: </para>
      <para>- [vertegenwoordiger] namens eisende partij, bijgestaan door de heer Munnik van Zuyd Groep;</para>
      <para>- gedaagde partij in persoon.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Na bespreking van de zaak verklaren partijen het eens te zijn geworden over het volgende:</para>
        <para>a) De huurachterstand berekend tot en met 1 juni 2022 bedraagt € 2.795,75;</para>
        <para>b) Wegens buitengerechtelijke incassokosten is huurder verschuldigd € 233,83 inclusief BTW;</para>
        <para>c) Huurder dient de proceskosten te betalen, begroot op € 127,43 voor de dagvaarding, € 487,00 voor griffierecht en € 436,00 (2 x € 218,00) voor gemachtigdesalaris, derhalve in totaal € 1.050,43;</para>
        <para>d) Huurder zal de schuld wegens de huurachterstand, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten, derhalve in <emphasis role="bold">totaal € 4.080,01</emphasis> betalen door overboeking op rekeningnummer [bankrekeningnummer]  ten name van Zuyd Gerechtsdeurwaarders Brabant BV, onder vermelding van dossiernummer [dossiernummer] ;</para>
        <para>e) Het onder d) genoemde totaalbedrag zal in maandelijkse termijnen van ten minste € 150,00 door huurder worden betaald;</para>
        <para>f) Daarnaast zal huurder stipt blijven voldoen aan de lopende huurverplichtingen jegens verhuurder;</para>
        <para>g) Indien huurder in gebreke blijft met voldoening van de hiervoor onder e) genoemde afbetalingsregeling en/of met de lopende huurverplichtingen vanaf 1 juli 2022, is huurder in verzuim zonder dat ingebrekestelling is vereist en is het gehele bedrag  direct opeisbaar. In dat geval is huurder tevens met ingang van de dag van het intreden van het verzuim over het verschuldigde bedrag de wettelijke rente ex art. 6:119 BW verschuldigd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Verhuurder wijzigt haar geldvordering tot hetgeen huurder krachtens deze afspraken verschuldigd is en verzoekt de gevorderde ontbinding en ontruiming voorwaardelijk uit te spreken. Nadat de kantonrechter partijen te kennen heeft gegeven in hoeverre de kantonrechter de nevenvorderingen toewijsbaar acht, verklaart verhuurder daarmee in te stemmen en het door haar meer of anders gevorderde in te trekken. Huurder verzet zich niet tegen toewijzing van de gewijzigde vordering. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Partijen verklaren ermee in te stemmen dat ter zitting van heden vonnis wordt gewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Huurder huurt van verhuurder de woning aan de [adres] te [plaatsnaam] , voor een huurprijs van thans € 644,18 per maand. De huurprijs is bij vooruitbetaling verschuldigd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Verhuurder heeft op de in de dagvaarding aangevoerde gronden - samengevat - de ontbinding van de huurovereenkomst, de ontruiming van het gehuurde en betaling van de huurachterstand plus de tot aan de ontruiming verschuldigde termijnen gevorderd, vermeerderd met rente, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Gehoord de standpunten van partijen, overweegt de kantonrechter dat de onvoldoende betwiste vorderingen, zoals op de mondelinge behandeling gewijzigd, toewijsbaar zijn. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Huurder zal als de overwegend in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld tot betaling van de proceskosten zoals hiervoor onder 2.2. c) begroot.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>veroordeelt huurder tot betaling aan verhuurder een bedrag van € 2.795,75 ter zake van achterstallige huurpenningen tot en met juni 2022, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 maart 2022 tot aan de dag van algehele betaling, en een bedrag van € 233,83 inclusief btw ter zake van buitengerechtelijke incassokosten, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>veroordeelt huurder tot betaling aan verhuurder van € 644,18 per maand voor iedere ingegane maand vanaf 1 juli 2022 tot het tijdstip van ontruiming,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>veroordeelt huurder tot betaling van de proceskosten, tot op heden begroot op € 1.050,43,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <parablock>
        <para>ontbindt de huurovereenkomst tussen partijen met betrekking tot de woning </para>
        <para>aan de [adres] te [plaatsnaam] en veroordeelt huurder de woning binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis met alle personen en zaken die zich van de kant van huurders in en om het gehuurde bevinden, te verlaten en te ontruimen en ontruimd te houden en onder afgifte van de sleutels ter vrije en algehele beschikking van verhuurder te stellen, </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>indien en zodra aan een van de volgende voorwaarden wordt voldaan:</para>
      </parablock>
      <para />
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>huurder is in gebreke met de voldoening van de hiervoor onder 2.2. e) bedoelde afbetalingsverplichting; en/of</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>huurder is in gebreke met de voldoening van enige termijn van de maandelijkse huur als bedoeld onder 2.2 e),</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.<?linebreak?></para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.A.J. van Leeuwen en in het openbaar uitgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>type: PLG</para>
        <para>coll:</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>