<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2022:10697</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-04-13T14:55:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-04-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-01-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/03/278317 / FA RK 20-1896</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBLIM:2026:3495" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg">Einduitspraak: ECLI:NL:RBLIM:2026:3495</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2022:10697">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2022:10697</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-04-13T14:55:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-04-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2022:10697 Rechtbank Limburg , 11-01-2022 / C/03/278317 / FA RK 20-1896</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2022:10697:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verwijzing naar MK</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2022:10697:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie en jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Datum uitspraak: 11 januari 2022</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: C/03/278317 / FA RK 20-1896</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De enkelvoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de navolgende beschikking gegeven inzake:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>, </para>
      <para>verzoekster, hierna te noemen de moeder,</para>
      <para>wonend op een binnen het arrondissement van de rechtbank gelegen geheim adres,</para>
      <para>advocaat: mr. C.L.J.M. Wilhelmus, gevestigd te Sittard, gemeente Sittard-Geleen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vader]
        </emphasis>, </para>
      <para>wederpartij, hierna te noemen de vader,</para>
      <para>wonend op een binnen het arrondissement van de rechtbank gelegen geheim adres,</para>
      <para>advocaat: mr. W.H.P. de Jongh, gevestigd te Roosendaal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In zijn hoedanigheid als omschreven in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) is in deze zaak betrokken:</para>
      <para>de <emphasis role="bold">Raad voor de Kinderbescherming</emphasis>, regio Zuidoost Nederland, gevestigd te Maastricht, hierna te noemen: de Raad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wederom gezien de stukken, waaronder thans ook de door deze rechtbank gegeven en op 10 juli 2020 en 8 juni 2021 uitgesproken beschikkingen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Verdere procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het rapport van de Raad, binnengekomen bij de rechtbank op 5 november 2021;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de uitstelverzoeken van partijen (voor reactie op het raadsrapport), binnengekomen bij de rechtbank op 18 november 2021. De rechtbank heeft partijen daarop een (verlengde) termijn gegeven tot 3 december 2021. Vervolgens is op 2 december 2021 een reactie van de moeder op het raadsrapport (met bijlage) bij de rechtbank binnengekomen.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Verwijzing naar meervoudige kamer</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet gelet op de inhoud van het rapport van de Raad en de reactie van de moeder daarop, waarbij zij haar verzoek heeft gewijzigd in die zin dat <emphasis role="italic">“zij de rechtbank verzoekt om een begeleide omgang op te leggen tussen moeder en de kinderen (BOR 3 regeling) dan wel een dusdanige zorgregeling tussen moeder en de kinderen op te leggen als uw rechtbank in goede justitie mag vermenen te behoren”</emphasis>, aanleiding om een mondelinge behandeling te bepalen.</para>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat gelet op de complexiteit van de zaak, de zaak verder meervoudig behandeld dient te worden. De rechtbank zal de zaak daarom verwijzen naar de mondelinge behandeling van de meervoudige familiekamer van 27 januari 2022 om 11.00 uur. De zaak zal gezamenlijk worden behandeld met de zaak met zaaknummer C/03/295821 / FA RK 21-3224. De ouders zijn hiervan reeds op de hoogte gesteld (en hebben ingestemd met voormelde datum en tijdstip).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naast de Raad en de ouders, zal de gecertificeerde instelling Stichting Bureau Jeugdzorg Limburg (als informant) voor de mondelinge behandeling worden opgeroepen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de meervoudige familiekamer van de rechtbank Limburg, locatie Maastricht, en bepaalt de mondelinge behandeling op <emphasis role="bold">27 januari 2022</emphasis> om <emphasis role="bold">11.00 uur</emphasis>, in het gerechtsgebouw aan de St. Annadal 1 te Maastricht, waarvoor de Raad en de ouders bij dezen zijn opgeroepen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. M.T.A.C. Russel, rechter, tevens kinderrechter en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier op 11 januari 2022.</para>
              <para>sd</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
              <para />
              <para>Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:</para>
              <para>a. door de verzoekende partij en degenen aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden, binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak;</para>
              <para>b. door andere belanghebbenden binnen 3 maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>