<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2021:8643</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-06T17:06:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-11-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-10-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9457479 EZ VERZ 21-212</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>ERF-Updates.nl 2021-0375</rdf:li>
          <rdf:li>JERF Actueel 2021/529</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2021:8643">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2021:8643</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-12-08T08:30:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-12-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2021:8643 Rechtbank Limburg , 28-10-2021 / 9457479 EZ VERZ 21-212</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2021:8643:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Erfrecht. Vaststelling loon vereffenaar en vereffeningskosten. Art. 4:206 BW. Kantoorkosten zijn geen looncomponent en vallen niet onder het Recofa-uurtarief en de daarop van toepassing zijnde factoren als bedoeld in artt. 6.4 en 6.5 van de Recofa-richtlijnen en niet onder de niet gespecifieerde verschotten omdat het bepaalde in art. 6.6 van de Recofa-richtlijnen enkel van toepassing is op faillissementen en niet op erfrecht.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2021:8643:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Burgerlijk recht / Kantonrechter </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknr: 9457479 \ EZ VERZ 21-212</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van 28 oktober 2021 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">MR. MAARTEN VAN DER MEULEN</emphasis> en <emphasis role="bold">MANON VAN BEZOUW,</emphasis></para>
      <para>beiden kantoor houdend te 5240 AG Rosmalen,</para>
      <para>verzoekers, in hun hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschap van</para>
      <para>
        [erflater]
      </para>
      <para>gemachtigde mr. J. van der Wende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Op 16 september 2021 is een verzoekschrift met bijlagen ter griffie van deze rechtbank ontvangen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vervolgens is beschikking bepaald waarvan de uitspraak is gesteld op heden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het verzoek </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Verzoekers vragen:</para>
        <para>I. het loon van de vereffenaar over de periode 24 juli 2020 tot en met 8 september 2021 vast te stellen op € 3.308,88 exclusief btw / € 4.003,74 inclusief BTW, althans een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag</para>
        <para>II. het totale loon van de vereffenaar vast te stellen op:</para>
        <para>- Reeds vastgesteld voorschot van € 15.916,71 exclusief btw /  € 19.259,21 inclusief btw </para>
        <para>- Verzocht aanvullend loon € 3.308,88 exclusief btw / € 4.003,74 inclusief btw</para>
        <para>- Totaal € 15.916,71 exclusief btw / € 19.259,21 inclusief btw.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Uit de processtukken blijkt het volgende:</para>
      <para>- op [overlijdensdatum] is te [overlijdensplaats] [erflater] (verder te noemen: de erflater) laatstelijk wonend te [woonplaats] , overleden</para>
      <para>- bij akte van 7 december 2017 hebben de erfgenamen de nalatenschap van de erflater beneficiair aanvaard</para>
      <para>- bij beschikking van deze rechtbank van 28 mei 2019 zijn verzoekers tot vereffenaars van de nalatenschap van de erflater benoemd</para>
      <para>- bij beschikking van de kantonrechter van 8 oktober 2020 is het voorschot van het loon van de vereffenaars en hun kantoorgenoten over de periode 21 mei 2019 tot en met 23 juli 2020 vastgesteld op € 12.607,83 exclusief btw (zijnde € 15.255,47 inclusief btw)</para>
      <para>- de vereffening van de nalatenschap is voltooid en de activa van de nalatenschap, exclusief de vereffeningskosten, bedragen € 28.408,18 (productie 5).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Wat het verzoek onder I betreft volgt uit de door verzoekers aangeleverde urenspecificatie dat M. van Bezouw in 2020 geen 0,3 doch 0,4 uren aan de vereffening heeft besteed waardoor het door verzoekers berekende bedrag van € 26,28 zal worden gewijzigd in € 35,04. Met inachtneming hiervan zal en de door verzoekers gevraagde forfaitaire vergoeding van vier uren, zal de kantonrechter het salaris van verzoekers en hun kantoorgenoten vanaf 24 juli 2020 tot en met 8 september 2021 vaststellen op € 4.014,38 inclusief btw.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Het verzoek onder II zal worden afgewezen aangezien bij beschikking van 8 oktober 2020 het onder a reeds is vastgesteld en bij deze beschikking het onder b zoals in r.o. 3.2. is overwogen heden, gewijzigd, zal worden vastgesteld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Ten aanzien van de door verzoekers als productie 5 aangeleverde uitdelingslijst merkt de kantonrechter op dat verzoekers € 610,22 en € 160,15 aan kantoorkosten in rekening hebben gebracht. Deze kantoorkosten zijn geen looncomponent en vallen niet onder het Recofa-uurtarief en de daarop van toepassing zijnde factoren als bedoeld in artt. 6.4 en 6.5 van de Recofa-richtlijnen en niet onder de niet gespecifieerde verschotten omdat het bepaalde in art. 6.6 van de Recofa-richtlijnen enkel van toepassing is op faillissementen en niet op erfrecht. Verder dienen de vereffeningskosten vermeerderd te worden de ten onrechte geheven griffierechten voor het deponeren van de boedelbijschrijving. Aangezien dat tweemaal is gebeurd dienen de vereffeningskosten met tweemaal € 79,00 te worden verhoogd. Met inachtneming hiervan en het in r.o. 3.2. berekende bedrag worden verzoekers, met het oog op het bewaken van de belangen van de schuldeisers van deze nalatenschap, er op geattendeerd om de rekening en verantwoording en de nog te deponeren uitdelingslijst  aan te passen. De kantonrechter zal, om de voortgang van de afwikkeling van deze nalatenschap te kunnen bewaken verzoekers in de gelegenheid stellen om uiterlijk binnen twee maanden na heden een uitdelingslijst ter griffie van deze rechtbank ter inzage neer te leggen. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De kantonrechter</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <parablock>
        <para>stelt het salaris van verzoekers en hun kantoorgenoten vanaf 24 juli 2020 tot en met </para>
        <para>8 september 2021 vast op € 4.014,38 inclusief btw, </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>stelt verzoekers in de gelegenheid om uiterlijk binnen twee maanden na heden een uitdelingslijst in deze nalatenschap ter griffie van deze rechtbank ter inzage neer te leggen,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>wijst af het meer of anders verzochte.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Deze beschikking is gegeven door mr. R.P.J. Quaedackers, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken. </para>
        <para>type: TY</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>