<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2021:8523</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-11-18T17:56:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-11-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-11-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">9423194 CV EXPL 21-4266</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2021:8523">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2021:8523</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-11-18T17:55:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-11-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2021:8523 Rechtbank Limburg , 10-11-2021 / 9423194 CV EXPL 21-4266</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2021:8523:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vord tot nakoming vd gestolen koop/aanneemovereenkomst toegewezen; beroep op art 1:88 faalt. Ged kan daar geen beroep op doen; beroep op dwang: niet onderbouwden wordt verworpen; overeenkomst is rechtsgeldig tot stand gekomen en is blijven voortbestaan</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2021:8523:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Burgerlijk recht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 9423194 CV EXPL 21-4266</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis (bij vervroeging) van de kantonrechter van 10 november 2021 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">ABITARE B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Geleen, gemeente Sittard-Geleen,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>gemachtigde mr. W.B.M. Vondenhoff,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend te [woonplaats] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>procederend in persoon.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna Abitare en [gedaagde] genoemd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het exploot van dagvaarding van 11 augustus 2021, met producties 1 tot en met 9,</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord, </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de nagestuurde productie 10 van Abitare, ter griffie ontvangen op 22 september 2021, </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 5 oktober 2021. </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Tussen partijen is op 21 oktober 2020 een koop-/ aanneemovereenkomst voor een op maat gemaakte keuken tot stand gekomen. In de overeenkomst staat, geciteerd voor zover hier van belang (productie 1 bij dagvaarding):</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…) </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Totaal te betalen (inclusief montage):		</emphasis>
          <emphasis role="underline italic">€ 32.800,00</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold underline italic">De keuken zal gemonteerd worden in december 2020 nadere plaatsings datums volgen!</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Deze order is inclusief (keuken)montage. (…) </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Betalingsvoorwaarden: 25% aanbetaling, 75% voor levering. (…)”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Bij e-mail van 30 oktober 2020 heeft Abitare aan [gedaagde] een aanbetalingsfactuur gestuurd voor een bedrag van € 8.200,00, zijnde 25% van de overeengekomen som. (productie 2 bij dagvaarding)</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Bij e-mail van 2 november 2020 heeft Abitare [gedaagde] geïnformeerd over de lever- en montagedata. In deze e-mail staat, geciteerd voor zover hier van belang (productie 3 bij dagvaarding):</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Conform afspraak orderbevestiging zouden wij u nog informeren over de montage datums, deze staan voorlopig ingepland op:</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">-21 t/m 24 december 2020 elke dag startend rond 8/8.30u</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Aflevering van de goederen zal dan de 18de December gedurende de dag zijn. (…)”.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Op 9 november 2020 heeft Abitare aan [gedaagde] een herinnering verstuurd ten aanzien van de aanbetalingsfactuur van 30 oktober 2020 die op dat moment nog niet was voldaan. (productie 4 bij dagvaarding)</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <parablock>
        <para>Partijen hebben vervolgens via Whatsapp gecommuniceerd. In de door Abitare als productie 5 overgelegde Whatsapp-correspondentie staat, geciteerd voor zover hier van belang: </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(...)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">do 12 nov.</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde] ]		<emphasis role="italic">Goede avond [naam] , de status is, dat we nieuwe afspraken hebben gemaakt. Zei moeten deze nog ondertekenen, als het goed is gaat dat morgen gebeuren. Indien alles loopt zoals gepland, zouden we dan volgende week vrijdag alsnog de sleuteloverdracht hebben.</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">		Fingers crossed, hopelijk kunnen we alsnog snel aan de slag </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <parablock>
        <para>In de brief van 24 november 2020 van Abitare aan [gedaagde] staat, geciteerd voor zover hier van belang (productie 6 bij dagvaarding):</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wij zijn geschrokken dat mijn vader en de zoon van onze aannemer, tevergeefs aan uw nieuwe woning zijn geweest ondanks de gemaakte afspraak. Een email van afzegging heb ik niet ontvangen, wellicht is dit naar het verkeerde mail adres gestuurd?</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">U heeft mijn vader een en ander uitgelegd iz de situatie met uw nieuwe woning, zoals u weet is de keuken binnen 1 tot 2 weken compleet op magazijn zoals reeds door pap is medegedeeld. (…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">U heeft aan mijn vader toegezegd dat u de aanbetaling (…) twv € 8.200,00 vandaag zou betalen, deze was u vergeten. (…)”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <parablock>
        <para>Partijen hebben vervolgens via Whatsapp gecommuniceerd. In de Whatsapp-correspondentie staat, geciteerd voor zover hier van belang (productie 5 bij dagvaarding):</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">di 1 dec.</emphasis>
        </para>
        <para>[ [gedaagde] ]		<emphasis role="italic">Hoi [naam] , ik zie inderdaad dat ik een foutje heb gemaakt het bedrag staat weer op	mijn rekening, ik ga het alsnog in orde maken. Excuses! </emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">do 3 dec</emphasis>
          <emphasis role="italic">. </emphasis>
        </para>
        <para>[Abitare]		<emphasis role="italic">Gmorgen Heer [gedaagde] , tot heden niet binnen? Hoe kan dit? Graag vandaag bericht. Grtjs [naam] </emphasis></para>
        <para>[ [gedaagde] ]<emphasis role="italic">		Hoi [naam] , het is overgemaakt, ik zal je een betaalbewijs doorsturen zodra ik thuis ben</emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">do 4 dec</emphasis>
          <emphasis role="italic">. </emphasis>
        </para>
        <para>[Abitare]		<emphasis role="italic">? Niets ontvangen</emphasis></para>
        <para>[ [gedaagde] ]<emphasis role="italic">		Ik weet niet wat er verkeerd gaat met de mail, maar dan app ik het zo wel door </emphasis></para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)” </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <parablock>
        <para>Bij e-mail van 8 december 2020 heeft Abitare [gedaagde] nogmaals herinnerd aan de betaling van de aanbetalingsfactuur (productie 7 bij dagvaarding). Voorts staat in deze email, geciteerd voor zover hier van belang: </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“Volgende week zal ook een factuur twv 50% toegezonden worden aangezien de keuken reeds op magazijn is en de datum is vastgesteld, dit conform de voorwaarden welke u geaccepteerd heeft.”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>Op 4 januari 2021 heeft Abitare [gedaagde] bericht dat de keuken klaar stond om geleverd te worden (productie 8 dagvaarding). Daarbij heeft Abitare aangegeven dat de keuken pas geleverd en geplaatst kan worden op het moment dat [gedaagde] de volledige som heeft betaald. Abitare heeft [gedaagde] verzocht de volledige koopsom ad € 32.800,00 binnen vijftien dagen te voldoen.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <parablock>
        <para>Per e-mail van 4 januari 2021 (productie 9 dagvaarding) heeft [gedaagde] als volgt gereageerd: </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“(…) </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ik ben het niet eens met de claim in de bijlage van uw-mail.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hoe kan ik hier bezwaar tegen maken? (…) ”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Abitare vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] veroordeelt: </para>
      <para>a. om binnen dertig dagen na het wijzen van dit vonnis medewerking te verlenen aan Abitare om over te gaan tot aflevering en montage van de door [gedaagde] bestelde keuken met apparatuur, zulks op last van een dwangsom van € 500,00 per dag met een maximum van € 15.000,00, </para>
      <para>tot betaling van: </para>
      <parablock>
        <para> de hoofdsom van € 32.800,00, </para>
        <para> de buitengerechtelijke kosten van € 1.103,00 dan wel een door de kantonrechter in goede justitie te bepalen bedrag,</para>
        <para> de wettelijke rente over het sub a gevorderde vanaf 19 januari 2021 tot aan de dag van volledige betaling,</para>
        <para> de kosten van deze procedure, waaronder begrepen een salaris voor de gemachtigde, </para>
        <para> de nakosten (krachtens artikel 237 lid 4 Rv), te begroten op een half salarispunt van het toegewezen salaris voor de gemachtigde met een maximum van € 100,00, met bepaling dat indien deze kosten niet binnen twee weken na betekening van dit vonnis zijn betaald, [gedaagde] daarover de wettelijke rente is verschuldigd vanaf dat moment tot aan de dag der algehele voldoening. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Abitare stelt dat [gedaagde] toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de op hem uit hoofde van de tussen partijen gesloten koop-/ aanneemovereenkomst rustende betalingsverplichting. Doordat [gedaagde] geen betalingen heeft verricht, is hij in verzuim komen te verkeren en hij is de wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten verschuldigd geworden. Abitare stelt verder dat zij door [gedaagde] wordt tegengewerkt in de nakoming van de op haar rustende verbintenissen ter zake van de levering en plaatsing van de keuken. Abitare vordert daarom ook medewerking van [gedaagde] om de keuken af te leveren en te monteren, zulks op last van een dwangsom. Ter zake van de dwangsom stelt Abitare dat een dwangsom op zijn plaats is, omdat [gedaagde] willens en wetens nakoming door Abitare tegenwerkt. De voor [gedaagde] gemaakte keuken staat in het magazijn van Abitare. Deze neemt onnodige ruimte in beslag waardoor Abitare belemmerd wordt in haar bedrijfsvoering. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] betwist de vordering en stelt dat de overeenkomst enkel door hem is ondertekend terwijl deze op zowel zijn naam als die van zijn echtgenote staat. Daarnaast stelt hij dat de overeenkomst onder dwang is getekend. Een medewerker van Abitare stond ineens voor zijn deur met de overeenkomst en dat voelde enigszins bedreigend aan. De keuken is besteld voor een woning waarover toen nog onderhandelingen werden gevoerd en waarvan de koop niet is doorgegaan. Dat de koop van de woning niet door is gegaan, is meerdere malen aan Abitare medegedeeld. [gedaagde] stelt dat het in rekening brengen van de volledige koopsom niet redelijk is. Volgens hem kan Abitare de bestelde keukenapparatuur in een andere keuken plaatsen. Het houtwerk heeft Abitare op eigen risico besteld nog voordat er een koopovereenkomst met betrekking tot de woning was. Afname en montage van de keuken is, aldus [gedaagde] , schier onmogelijk omdat zij in de huidige woning geen ruimte hebben om de keuken te plaatsen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover relevant, nader ingegaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Tussen partijen is niet in geding dat er een overeenkomst is gesloten voor de koop en montage van een op maat gemaakte keuken op 21 oktober 2020.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft gesteld dat de overeenkomst zowel op zijn naam als die van zijn echtgenote staat maar dat de handtekening van zijn echtgenote ontbreekt. [gedaagde] verbindt hier geen rechtsgevolg aan en alleen al daarom kan het verweer niet slagen. Voor zover de kantonrechter moet begrijpen dat [gedaagde] daarmee een beroep heeft willen doen op artikel 1:88 BW en heeft bedoeld  dat de overeenkomst vernietigd dient te worden, dan heeft te gelden dat niet [gedaagde] maar alleen zijn echtgenote een beroep op die vernietigingsgrond kan doen (artikel 1:89 lid 1 BW) èn de koop van een keuken niet onder de reikwijdte van artikel 1:88 BW valt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft betoogd dat de overeenkomst onder invloed van dwang tot stand is gekomen. De kantonrechter begrijpt dat [gedaagde] met dat betoog een beroep heeft willen doen op de vernietigingsgrond van artikel 3:44 lid 1 BW. Ter onderbouwing van zijn betoog heeft [gedaagde] alleen aangevoerd dat een medewerker van Abitare bij hem langs is geweest met de overeenkomst. Die stelling alleen is onvoldoende om aan te kunnen nemen dat sprake is geweest van enige bedreiging, laat staan van een zodanige bedreiging dat een redelijk oordelend mens daardoor kan worden beïnvloed, zoals artikel 3:44 lid 1 BW dat vereist. Het verweer dat de overeenkomst onder dwang is getekend, wordt gepasseerd.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde] heeft gesteld dat hij meerdere malen heeft aangegeven dat de koop van de woning niet door zou gaan. Behalve dat het blijft bij een blote stelling name - op welke momenten heeft [gedaagde] dit Abitare laten weten? - die door Abitare gemotiveerd is betwist, koppelt [gedaagde] hier geen rechtsgevolg aan. De kantonrechter gaat dan ook aan dit verweer voorbij.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Het verweer dat het in rekening brengen van de volledige koopsom niet redelijk is, wordt gepasseerd. Abitare heeft de blote stellingnames dat de door haar voor de keuken van [gedaagde] bestelde apparatuur in een andere keuken kan worden geplaats dan wel dat het houtwerk door Abitare is besteld nog voordat de koopovereenkomst, gemotiveerd betwist. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <parablock>
        <para>Op grond van voornoemde is de kantonrechter van oordeel dat de tussen partijen gesloten overeenkomst rechtsgeldig tot stand is gekomen en is blijven voortbestaan. Zolang de overeenkomst voortduurt, kan Abitare nakoming van [gedaagde] vorderen.</para>
        <para>De door Abitare gevorderde hoofdsom van € 32.800,00 (r.o. 3.1. onder b), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 januari 2021, zal worden toegewezen.De door Abitare gevorderde medewerking tot aflevering van de keuken met apparatuur kan worden toegewezen (r.o. 3.1. onder a). De gevorderde medewerking aan montage zal daarentegen worden afgewezen nu de woning, waarvoor de keuken is besteld, niet in eigendom aan [gedaagde] toebehoort: de koop en de levering hebben immers - zo stelt [gedaagde] , hetgeen door Abitare niet is betwist - niet plaatsgevonden. De gevorderde dwangsom zal worden toegewezen als bepaald in het dictum. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <parablock>
        <para>Abitare maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten ter hoogte van € 1.103,00 (r.o. 3.1. onder c). Het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) is van toepassing. Abitare heeft op </para>
        <para>4 januari 2021 aan [gedaagde] een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.<?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>
        [gedaagde] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van Abitare worden tot op heden begroot op:</para>
      <para>- dagvaarding		€	   108,22</para>
      <para>- griffierecht		€	1.013,00</para>
      <para>- salaris gemachtigde 	€	<emphasis role="underline">   996,00</emphasis> (2 x tarief  € 498,00) </para>
      <para>totaal 				€	 2.117,22 </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>De nakosten worden toegewezen zoals gevorderd. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om binnen dertig dagen na het wijzen van dit vonnis medewerking te verlenen aan Abitare om over te gaan tot aflevering van de door [gedaagde] bestelde keuken met apparatuur, zulks op last van een dwangsom van € 500,00 per dag met een maximum van € 15.000,00, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan Abitare te betalen een bedrag van € 32.800,00 aan hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 januari 2021 tot aan de dag van volledige betaling, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] om aan Abitare te betalen een bedrag van € 1.103,00 aan buitengerechtelijke kosten, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, aan de zijde van Abitare gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 2.117,22, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5.</nr>
      <parablock>
        <para>veroordeelt [gedaagde] onder de voorwaarde dat deze niet binnen twee weken na aanschrijving door Abitare volledig aan dit vonnis voldoet, in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op: </para>
        <para>- € 100,00 aan salaris gemachtigde, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot aan de dag der algehele voldoening, </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.7.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. K.J.H. Hoofs en in het openbaar uitgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>NZ</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>