<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2021:4419</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-06-04T09:29:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-05-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/03/279548 / HA ZA 20-342</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2021:4419">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2021:4419</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-06-04T09:28:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2021:4419 Rechtbank Limburg , 26-05-2021 / C/03/279548 / HA ZA 20-342</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2021:4419:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>bel.mij. uit Cyprus CFD trading met consument</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2021:4419:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="c3364410-4bdd-4c0b-a715-c952159e460c" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="735b3e1e-fe43-4432-a7ba-70a2332c3e38" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Burgerlijk recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/03/279548 / HA ZA 20-342</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in incident van 26 mei 2021 (bij vervroeging)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie,</para>
      <para>eiseres in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. M.A. Hupkes,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>vennootschap naar het recht van Cyprus </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">MAGNUM FX (CYPRUS) LTD., </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te 33025 Limassol, Cyprus,</para>
      <para>gedaagde in conventie, eiseres in voorwaardelijke reconventie,</para>
      <para>verweerster in het incident,</para>
      <para>advocaat mr. W.M. Schonewille.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] en Magnum FX genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het vonnis in het incident van 2 december 2020;</para>
      <para>- de conclusie van antwoord tevens houdende eis in reconventie met de producties M18 tot en met M25;</para>
      <para>- de conclusie van antwoord in reconventie houdende incidentele vordering ex art. 843a Rv (zoals “BW” wordt gelezen) en/of art. 15 AVG;</para>
      <para>- de conclusie van antwoord in het incident houdende vordering ex art. 843a Rv en/of art. 15 AVG met productie M26.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is bepaald dat vonnis in het incident zal worden gewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Voor de feiten verwijst de rechtbank naar hetgeen in het vonnis in het incident van 2 december 2020 onder “2. De feiten” is vermeld.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil </title>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">in de hoofdzaak</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">in conventie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Voor hetgeen [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] in de hoofdzaak vordert verwijst de rechtbank naar hetgeen in het vonnis in het incident van 2 december 2020 onder 3.1 is vermeld.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in reconventie</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>Magnum FX vordert in voorwaardelijke reconventie voor uitsluitend het geval dat de rechtbank beslist dat de Raamovereenkomst en/of de gesloten CFD overeenkomsten geheel of gedeeltelijk zijn of worden vernietigd, én indien de rechtbank het door [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] gevorderde bedrag geheel of gedeeltelijk toewijst (nr. 243 conclusie van antwoord) dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:</para>
        <para>
          [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] veroordeelt tot ongedaanmaking van alle door haar van Magnum FX ontvangen prestaties in het kader van de Raamovereenkomst en de door haar gesloten CFD’s en haar veroordeelt om aan Magnum FX op grond van het bepaalde in art. 3:53 lid 2 BW jo. art. 6:210 lid 2 en/of art. 6:278 BW te betalen € 73.481,44 althans een bedrag dat gelijk is aan het bedrag dat in conventie aan [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] wordt toegewezen, althans een bedrag dat de rechtbank in goede justitie meent redelijk en gerechtvaardigd te zijn, alsmede de wettelijke handelsrente vanaf de dag van betekening van het te wijzen vonnis tot aan de dag van algehele voldoening,</para>
        <para>met veroordeling van [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] in de kosten van de procedure in conventie en reconventie.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">in het incident</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>
        [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] vordert dat de rechtbank bij incidenteel vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Magnum FX veroordeelt om binnen twee weken na betekening van het vonnis een digitale kopie te verstrekken van alle geluidopnames die zij heeft gemaakt van telefoongesprekken tussen Magnum FX alsmede door haar ingeschakelde derden en [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] , met veroordeling van Magnum FX om aan [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] een dwangsom te betalen van € 5000,- voor iedere dag dat zij niet aan deze veroordeling voldoet, met een maximum van € 75.000,-, met veroordeling in de kosten van het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>
        [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] heeft hieraan – kort gezegd – ten grondslag gelegd dat zij er belang bij heeft om te weten wat partijen over en weer in telefoongesprekken met elkaar hebben besproken. Art. 35 van de algemene voorwaarden van Magnum FX geeft haar een recht om die gesprekken op te vragen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling in het incident</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Magnum FX heeft in haar antwoord aangevoerd dat indien [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] haar het verzoek had gedaan, zij zonder meer bereid was geweest om de nu gevorderde kopie te verstrekken. Zij is, naar eigen zeggen, al bezig om een en ander te verzamelen en vraagt om in de gelegenheid te worden gesteld vrijwillig aan de vordering te voldoen. De rechtbank acht termen aanwezig om Magnum FX in staat te stellen vrijwillig aan het gevorderde te voldoen. De zaak wordt verwezen naar de rol van 23 juni 2021 voor uitlating zijdens beide partijen over de vraag of Magnum FX al dan niet inmiddels heeft voldaan aan de hiervoor onder 3.3 vermelde vordering.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Elke andere beslissing wordt aangehouden. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">in het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>stelt partijen in staat om zich ter rolle van 23 juni 2021 uit te laten over de vraag of Magnum FX aan [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] heeft verstrekt een digitale kopie van alle geluidopnames die zij heeft gemaakt van telefoongesprekken tussen Magnum FX alsmede door haar ingeschakelde derden en [eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie, eiseres in het incident] ;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">in de hoofdzaak en in het incident</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.R. Sijmonsma en in het openbaar uitgesproken op 26 mei 2021 </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>