<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2020:4491</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-25T08:37:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-06-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">8257557 / CV EXPL 20-53</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2020:4491">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2020:4491</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-24T10:09:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2020:4491 Rechtbank Limburg , 24-06-2020 / 8257557 / CV EXPL 20-53</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2020:4491:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Incident, relatieve bevoegdheid, forumkeuzebeding, discussie totstandkoming overeenkomst, vordering onder € 25.000,00</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2020:4491:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="6f7d02eb-7e26-4329-a577-dc5d2f56329b" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="a022b17b-79ea-4be0-bec6-4e20d0a65e43" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Burgerlijk recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 8257557 \ CV EXPL 20-53</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in incident van 24 juni 2020</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid HASURO HOLDING B.V.,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te Laarbeek,</para>
      <para>woonplaats kiezende ten kantore van Ketting Strafadvocatuur te Amsterdam,</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>gemachtigde mr. M. Ketting,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats gedaagde] ,</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>gemachtigde mr. M. Strijks.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna Hasuro en [gedaagde] genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding van 19 december 2019 met producties 1 tot en met 3;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 4 tevens houdende de incidentele vordering tot relatieve onbevoegdverklaring;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van repliek met producties 4 tot en met 9 tevens houdende de incidentele conclusie van antwoord.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling in het incident</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [gedaagde] vordert – samengevat – voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>dat de kantonrechter zich relatief onbevoegd verklaart;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>veroordeling van Hasuro tot betaling van de proceskosten, vermeerderd met rente.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde] legt – samengevat – aan haar vordering ten grondslag dat Hasuro een beroep doet op de geldleningsovereenkomst die volgens Hasuro tot stand is gekomen tussen haar en [gedaagde] . In die overeenkomst staat het volgende forumkeuzebeding op grond waarvan de kantonrechter van deze rechtbank relatief onbevoegd is om kennis te nemen van de vordering van Hasuro:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“Ieder geschil aangaande de totstandkoming, de uitleg en/of uitvoering van de overeenkomst en/of opdrachten zullen bij uitsluiting worden voorgelegd aan de bevoegde rechter van de rechtbank Oost-Brabant.” </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Hasuro voert verweer en stelt dat de kantonrechter van deze rechtbank relatief bevoegd is om kennis te nemen van haar vordering.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Met Hasuro acht de kantonrechter van deze rechtbank zichzelf relatief bevoegd. De kantonrechter licht zijn oordeel hieronder nader toe. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>Artikel 108 lid 1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) biedt partijen de mogelijkheid om bij overeenkomst een relatief bevoegde rechter aan te wijzen. Als de vordering – zoals in dit geval – niet meer bedraagt dan € 25.000,00 dan heeft een forumkeuzebeding geen gevolg, tenzij sprake is van een van de uitzonderingen van artikel 108 lid 2 Rv. Het gaat dan om de situatie waarin:</para>
      <orderedlist numeration="arabic">
        <listitem>
          <para>het forumkeuzebeding is overeengekomen ná het ontstaan van het geschil; of </para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de werknemer, de consument of de huurder degene is die zelf de procedure begint bij de in het forumkeuzebeding aangewezen rechter.</para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>2.5.1.</nr>
        <para>Van de situatie genoemd onder 1 is in dit geval geen sprake. Tussen partijen staat namelijk ter discussie of de geldleningsovereenkomst waarin het forumkeuzebeding staat, tot stand is gekomen. Dit betekent dat partijen geen forumkeuzebeding zijn overeengekomen als er geen geldleningsovereenkomst tot stand is gekomen. Mocht de geldleningsovereenkomst wel tot stand zijn gekomen, dan is dat gebeurd vóór het ontstaan van het geschil. Aangezien het forumkeuzebeding onderdeel uitmaakt van de geldleningsovereenkomst, kan het beding niet zijn overeengekomen ná het ontstaan van het geschil.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.5.2.</nr>
        <para>Ook is geen sprake van de situatie genoemd onder 2. De procedure is namelijk niet door een werknemer, consument of huurder gestart. Daarnaast is de procedure niet aanhangig gemaakt bij de in het forumkeuzebeding aangewezen bevoegde rechter van de Rechtbank Oost-Brabant, maar bij de kantonrechter van deze rechtbank. </para>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Uit rechtsoverwegingen 2.5, 2.5.1 en 2.5.2 volgt dat het forumkeuzebeding waarop [gedaagde] zich beroept geen gevolg heeft. Dat betekent dat de hoofdregel van artikel 99 lid 1 Rv bepalend is voor de vraag welke kantonrechter bevoegd is om kennis te nemen van de vordering van Hasuro en dat is die van de woonplaats van [gedaagde] , dus de kantonrechter van deze rechtbank. De incidentele vordering moet worden afgewezen.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Hasuro worden begroot op:</para>
        <para>- salaris gemachtigde 	€<emphasis role="underline">	100,00 </emphasis>(1,0 punt)</para>
        <para>totaal 	€	100,00</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De kantonrechter</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">in het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>wijst het gevorderde af,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het incident, aan de zijde van Hasuro tot op heden begroot op € 100,00.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">in de hoofdzaak </emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 22 juli 2020 voor dupliek aan de zijde van [gedaagde] .</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M.J.F. Piëtte en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2020.<footnote-ref linkend="_00ef4c86-21e3-4382-ae2d-e4a116580808" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_00ef4c86-21e3-4382-ae2d-e4a116580808" label="1">
    <para>type: <emphasis role="bold">Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.</emphasis></para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>