<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2020:4182</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-11T15:24:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-06-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03/866201-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2020:4182">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2020:4182</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-11T15:24:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2020:4182 Rechtbank Limburg , 11-06-2020 / 03/866201-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2020:4182:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Artikel 11a van de Opiumwet. Vrijspraak. Verdachte is blijkens het procesdossier sinds 2015 voor 32 uur per week werkzaam geweest bij een bedrijf ten aanzien van wie bewezen is dat zij zich schuldig heeft gemaakt aan overtreding van artikel 11a. Het dossier bevat verder echter geen enkele informatie over (het handelen van) de verdachte. Verklaring van de raadsman ter zitting kan niet worden gebezigd voor het bewijs.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2020:4182:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 03/866201-18</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak (gemachtigde raadsman)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 11 juni 2020</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [woonplaats] op [geboortedatum] 1978,</para>
      <para>wonende te [adresgegevens verdachte] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte wordt bijgestaan door mr. L.P.H. Hameleers, advocaat kantoorhoudende te Roermond.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 28 mei 2020. De verdachte is niet verschenen. Wel is verschenen zijn gemachtigde raadsman. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte samen met anderen of alleen stoffen en voorwerpen te koop heeft aangeboden, verkocht en voorhanden heeft gehad en gegevens voorhanden heeft gehad, waarvan hij wist of ernstige reden had om te vermoeden dat deze bestemd waren om beroepsmatig, bedrijfsmatig of op grote schaal hennep te telen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft betoogd dat uit de aard en het samenstel van de op 26 juni 2017 in de bedrijfsruimtes van [medeverdachte] aangetroffen goederen die in de tenlastelegging zijn vermeld blijkt dat deze goederen bestemd zijn voor de beroeps- of bedrijfsmatige hennepteelt. Er werden onder meer hennepzaden aangetroffen die blijkens de inbeslaggenomen administratie via de website [internetsite] van het bedrijf in grote hoeveelheden zijn verkocht aan zowel particulieren als bedrijven. Op deze site werd ook informatie gegeven over de professionele hennepteelt. Uit de inbeslaggenomen administratie blijkt verder dat een aanzienlijk deel van de omzet van [medeverdachte] werd gegenereerd met contant geld en dat door klanten veelvuldig werd betaald met biljetten van € 500,00, hetgeen in het ‘normale’ betalingsverkeer niet gebruikelijk is. Ook verkocht [medeverdachte] groeimiddelen in jerrycans van 5 liter of 10 liter die niet worden gekocht door de ‘kleine’ teler en dus bestemd moeten zijn voor de beroeps- en bedrijfsmatige hennepkweek. Aangezien er op voornoemde website melding werd gemaakt van de wetswijziging per 1 maart 2015, moet worden verondersteld dat [medeverdachte] en haar bestuurders op de hoogte waren van de wetswijziging en wetenschap hadden van het illegale karakter van hun activiteiten. Nu de verdachte bij de politie heeft verklaard dat hij zeker sinds maart 2015 voor 32 uur per week werkzaam was binnen het bedrijf, heeft hij moeten vermoeden dat de door [medeverdachte] geleverde goederen bestemd waren voor de illegale hennephandel. Gelet op de genoemde arbeidsduur was de bijdrage van de verdachte van voldoende gewicht om te spreken van medeplegen. De verdachte heeft zich, gelet op het voorgaande, tezamen en in vereniging met [medeverdachte] en zijn bestuurders schuldig gemaakt aan voorbereidingshandelingen voor de beroeps- en bedrijfsmatige hennepkweek. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft betoogd dat de verdachte moet worden vrijgesproken van het ten laste gelegde, omdat het procesdossier geen bewijsmateriaal bevat dat de verdachte op enigerlei wijze betrokken is geweest bij voorbereidingshandelingen voor de illegale hennepteelt. De verdachte ontkent dit ook. Voor zover de op 26 juni 2017 aangetroffen goederen kunnen worden gerelateerd aan de teelt van hennep heeft de verdachte gehandeld conform de instructies van [medeverdachte] en geen grote hoeveelheden hennepzaden verkocht. De aangetroffen hennepzaden die in grotere hoeveelheden waren verpakt waren bestemd voor de tussenhandel of moesten nog in kleinere hoeveelheden worden verpakt. Aan computers, telefoons en andere apparatuur is onderzoek verricht, maar daaruit blijkt niet dat er voorwerpen of stoffen zijn verkocht voor de grootschalige teelt. Onder verwijzing naar het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 31 januari 2018 (ECLI: NL:GHDHA: 2018:134) heeft de raadsman gesteld dat niet is bewezen dat de door [medeverdachte] verkochte goederen bestemd waren voor de beroeps- of bedrijfsmatige teelt van hennep en evenmin dat de verdachte dat heeft geweten of ernstige reden had te vermoeden dat zulks het geval was.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Op 26 juni 2017 zijn er bij een doorzoeking in de bedrijfsruimtes van [medeverdachte] grote hoeveelheden voorwerpen en stoffen aangetroffen die kunnen worden gebruikt ten behoeve van het kweken van hennep. Ook werden bij die doorzoeking klappers met informatie over hennepzaden en over materialen voor het kweken van hennep aangetroffen. Uit de bij die doorzoeking inbeslaggenomen administratie van [medeverdachte] blijkt verder dat [medeverdachte] (en voor 29 september 2016: [naam vof] ) in de ten laste gelegde periode onder meer via de website [internetsite] voorwerpen en stoffen die kunnen worden gebruikt ten behoeve van het  beroeps- of bedrijfsmatig kweken van hennep, heeft verkocht aan bedrijven en particulieren.</para>
        <para>De verdachte heeft bij de politie verklaard dat hij in ieder geval sinds 2015 voor 32 uur per week werkzaam was voor [medeverdachte] , maar hij heeft niet gezegd welke werkzaamheden hij verrichtte. Ook overigens bevat het procesdossier geen enkele informatie over (het handelen van) de verdachte. Wat de raadsman ter zitting heeft verklaard over de feitelijke werkzaamheden van de verdachte, kan niet worden gebezigd voor het bewijs. Gelet hierop acht de rechtbank het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen, zodat de verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- spreekt de verdachte vrij van het tenlastegelegde.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C. Wapenaar, voorzitter, mr. drs. E.C.M. Hurkens en </para>
      <para>mr. W. Loof, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.A.J. Wenders en mr. A.F. Stuurman, griffiers, en uitgesproken ter openbare zitting van 11 juni 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>BIJLAGE I: De tenlastelegging</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 1 maart 2015 tot en met 26 juni 2017 te Hoensbroek, in elk geval in de gemeente Heerlen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen in een bedrijfspand, gelegen aan de [adres] , stoffen en/of voorwerpen te koop heeft aangeboden, verkocht, afgeleverd, verstrekt, vervoerd, vervaardigd of voorhanden gehad, te weten </para>
    </parablock>
    <para>- potgrond</para>
    <para>- isolatiemateriaal</para>
    <para>- groei- en bloeimiddelen</para>
    <para>- verwarmingen</para>
    <para>- kachels</para>
    <para>- luchtbevochtigers</para>
    <para>- slangklemmen</para>
    <para>- watersproeiers</para>
    <para>- hygrometers</para>
    <para>- insectenbestrijdingsmiddelen</para>
    <para>- waterpompen</para>
    <para>- koppelingen</para>
    <para>- waterslangen</para>
    <para>- buizen</para>
    <para>- zekeringen</para>
    <para>- stroomkabels</para>
    <para>- installatiekabels</para>
    <para>- ventilatoren</para>
    <para>- kweekmediums</para>
    <para>- stekkentrays</para>
    <para>- pluggen</para>
    <para>- bloempotten</para>
    <para>- vijverfolie</para>
    <para>- watervaten</para>
    <para>- hennepzaadjes</para>
    <para>- gripzakjes</para>
    <para>- handschoenen</para>
    <para>- big shoppers</para>
    <para>- assimilatielampen</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of gegevens voorhanden heeft gehad, te weten klappers, inhoudende onder meer folders, prijslijsten, catalogussen, bestellijsten betreffende (informatie met betrekking tot) hennepzaden en materialen voor de beroeps- of bedrijfsmatige hennepkweek,</para>
      <para>waarvan hij en/of zijn mededader(s) wist(en) of ernstige reden had(den) te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van een van de in artikel 11, derde en vijfde lid van de Opiumwet strafbaar gestelde feiten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>