<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2020:358</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T22:39:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-01-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-01-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/03/272503 / JE RK 19-2989</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>PFR-Updates.nl 2020-0019</rdf:li>
          <rdf:li>FJR 2020/27.29</rdf:li>
          <rdf:li>JPF 2020/55 met annotatie van Graaf, J.H. de</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2020:358">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2020:358</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-01-17T15:54:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-01-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2020:358 Rechtbank Limburg , 07-01-2020 / C/03/272503 / JE RK 19-2989</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2020:358:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Afwijzing verzoek bekrachtiging schriftelijke aanwijzing, kindgebonden budget, ‘het is naar het oordeel van de kinderrechter niet aan de GI - immers niet inhoudelijk of naar haar aard inherent aan haar taak - te treden in de financiële rechten en plichten van de vader en hoe deze daaraan uitvoering geeft’</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2020:358:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK LIMBURG</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie en jeugd</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens	: C/03/272503 / JE RK 19-2989</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>datum uitspraak: 7 januari 2020</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking bekrachtiging schriftelijke aanwijzing</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de gecertificeerde instelling WILLIAM SCHRIKKER STICHTING JEUGDBESCHERMING &amp; JEUGDRECLASSERING</emphasis>,</para>
      <para>hierna te noemen: de GI,</para>
      <para>gevestigd te Amsterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [minderjarige]
        </emphasis>, geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , hierna te noemen [minderjarige] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vader]
        </emphasis>, </para>
      <para>hierna te noemen de vader,</para>
      <para>wonend te [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:</para>
    </parablock>
    <para>- het verzoek met bijlagen van de GI van 16 december 2019, ingekomen bij de griffie op 18 december 2019.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 7 januari 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. </para>
      <para>Gehoord zijn:</para>
    </parablock>
    <para>- twee vertegenwoordigsters van de GI;</para>
    <para>- de vader;</para>
    <para>- [de grootmoeder] (hierna te noemen: de grootmoeder), als informant.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gezag over [minderjarige] wordt uitgeoefend door de vader en mevrouw [de moeder] (hierna te noemen: de moeder). [minderjarige] verblijft bij de grootmoeder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [minderjarige] staat sinds 30 januari 2017 onder toezicht van de GI. Zij is in mei 2019 uit huis geplaatst bij de grootmoeder. Bij beschikking van 22 januari 2019 is de ondertoezichtstelling van [minderjarige] laatstelijk verlengd tot 30 januari 2020. Bij beschikking van 25 oktober 2019 is de machtiging uithuisplaatsing van [minderjarige] in een voorziening van pleegzorg laatstelijk verlengd tot uiterlijk 20 januari 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft op 20 november 2019 een schriftelijke aanwijzing aan de vader gegeven. Hierin is het volgende opgenomen: </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">‘U betaalt het kindgebonden budget vanaf het moment van schrijven aan oma. U betaalt het volledig bedrag maandelijks per rekening aan oma.</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">U geeft de juiste gegevens door aan SVB, zodat zij beoordelen wie recht heeft op het kindgebonden budget. </emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">U gaat met uw hulpverlening Zorgen &amp; Zo op zoek naar een gepast bedrag dat u aan oma betaalt om de afgelopen maanden (vanaf mei 2019) te compenseren en laat op uiterlijk 5 december 2019 aan JZW weten wat de uitkomst hiervan is.</emphasis>
        </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="italic">Mogelijke consequentie is dat wanneer u bovenstaande aanwijzing niet opvolgt de JZW deze schriftelijke aanwijzing zal laten bekrachtigen door de rechtbank.’</emphasis>
        </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader heeft geen gevolg gegeven aan de schriftelijke aanwijzing.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek en de standpunten ter zitting</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De GI heeft verzocht de schriftelijke aanwijzing van 20 november 2019 te bekrachtigen. <?linebreak?>Ter onderbouwing van het verzoek heeft de GI gesteld dat de vader de schriftelijke aanwijzing niet opvolgt. Doordat de vader dit niet doet, is de grootmoeder onvoldoende in staat om op financieel gebied voor [minderjarige] te zorgen. Door de GI is meerdere keren gepoogd om hierover in gesprek te gaan met de vader, maar de vader onderneemt geen actie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter zitting heeft de GI bij het verzoek gepersisteerd en aanvullend verklaard dat in juli 2019 met de vader de afspraak is gemaakt dat hij (een gedeelte van) het kindgebonden budget aan de grootmoeder zou betalen, maar dat de vader deze afspraak niet is nagekomen. De Sociale Verzekeringsbank heeft de vader nog aangeschreven. De vader heeft daarop niet (binnen de daarvoor gestelde termijn) gereageerd. De grootmoeder is niet officieel gescreend door pleegzorg en ontvangt geen pleegvergoeding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vader heeft ter zitting verweer gevoerd en gesteld dat [minderjarige] per 6 november 2019 op zijn adres is uitgeschreven en de grootmoeder zelf een aanvraag bij de Sociale Verzekeringsbank kan indienen. Hij heeft maar een beperkt inkomen en heeft zelf ook kosten voor [minderjarige] gemaakt. Op dit moment is alles stopgezet door de Sociale Verzekeringsbank.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De grootmoeder heeft ter zitting aangegeven achter het verzoek te staan. Ze heeft een beperkt inkomen aangezien ze volledig is afgekeurd. Ze heeft veel met de moeder moeten oplossen aangezien er nieuwe zomer- en winterkleding voor [minderjarige] moest worden gekocht. Het is jammer dat de vader daarin geen verantwoordelijkheid heeft genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van artikel 1:263 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de GI ter uitvoering van haar taak schriftelijke aanwijzingen geven betreffende de verzorging en opvoeding van de minderjarige. Zij kan dit doen indien de met het gezag belaste ouder of de minderjarige niet instemmen met, dan wel niet of onvoldoende medewerking verlenen aan de uitvoering van het plan, bedoeld in artikel 4.1.3, eerste lid, van de Jeugdwet of indien dit noodzakelijk is teneinde de concrete bedreigingen in de ontwikkeling van de minderjarige weg te nemen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van artikel 1:263 lid 3 BW kan de GI de kinderrechter verzoeken de schriftelijke aanwijzing te bekrachtigen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Een schriftelijke aanwijzing is een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De kinderrechter toetst of de schriftelijke aanwijzing zorgvuldig en onder afweging van alle betrokken belangen tot stand is gekomen en toereikend is gemotiveerd. Bij de beoordeling van de noodzaak een schriftelijke aanwijzing te geven komt de GI een zekere beleidsvrijheid toe. Dit betekent dat de kinderrechter, gegeven de taak van de GI, beoordeelt of in de gegeven omstandigheden voldoende grond bestaat om een schriftelijke aanwijzing te geven. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van de ingediende stukken en de verklaringen ter zitting is naar het oordeel van de kinderrechter niet komen vast te staan dat er voldoende grond bestaat voor het geven van de onderhavige schriftelijke aanwijzing. De aanwijzing ziet op de financiën van de vader en de doeluitkeringen (kinderbijslag/ kindgebonden budget) die hij ontvangt in verband met de kosten voor [minderjarige] en ziet aldus louter indirect op de verzorging en opvoeding van [minderjarige] . <?linebreak?>De ouder(s) hebben weliswaar een onderhoudsplicht voor [minderjarige] , maar het is naar het oordeel van de kinderrechter niet aan de GI - immers niet inhoudelijk of naar haar aard inherent aan haar taak - te treden in de financiële rechten en plichten van de vader en hoe deze daaraan uitvoering geeft. Niet gebleken dat zulks onderdeel zou uitmaken van het plan van aanpak dan wel dat de aanwijzing in dit geval ingegeven is door de noodzaak om concrete bedreigingen in de ontwikkeling van [minderjarige] weg te nemen. Bovendien is door de vader onweersproken gesteld dat [minderjarige] per 6 november 2019 op zijn adres is uitgeschreven, dat per die datum de ontvangen doeluitkeringen waarschijnlijk zullen worden teruggevorderd en dat het de grootmoeder in ieder geval vanaf die datum vrij staat zelf een aanvraag in te dienen bij de Sociale Verzekeringsbank en Belastingdienst (zodat ook met de inzet van andere (minder vergaande) middelen het doel kan worden bereikt dat de GI voor ogen staat). <?linebreak?>Ook moet in aanmerking worden genomen dat de vader onweersproken heeft gesteld dat de door hem ontvangen gelden op zijn (en mogelijk teruggevorderd gaan worden), waar in het besluit van de GI geen rekening mee is gehouden.</para>
      <para>Naar het oordeel van de kinderrechter kan de aanwijzing dan ook niet de toetsing aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur doorstaan (en is deze onder meer in strijd met het specialiteits-, evenredigheids- en motiveringsbeginsel). De kinderrechter zal het verzoek van de GI om de schriftelijke aanwijzing te bekrachtigen dan ook afwijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kinderrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het verzoek van de GI. </para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beschikking is gegeven door mr. C.M.W. Nobis, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. S.M.J. Dohmen als griffier en in het openbaar uitgesproken op 7 januari 2020 en op schrift gesteld op 17 januari 2020.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>