<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2019:8504</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-09-20T14:30:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-09-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-09-20</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03/027505-19 en 03/099051-19 (ter terechtzitting gevoegd)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2019:8504">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2019:8504</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-09-20T11:08:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-09-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2019:8504 Rechtbank Limburg , 20-09-2019 / 03/027505-19 en 03/099051-19 (ter terechtzitting gevoegd)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2019:8504:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De rechtbank veroordeelt een 22-jarige man tot een taakstraf van 180 uur en een gevangenisstraf van 6 maanden, waarvan 98 dagen voorwaardelijk, voor het dealen en aanwezig hebben van cocaïne en voor het voorhanden hebben van zwaar illegaal vuurwerk. </para>
        <para>De rechtbank legt daarmee een lagere straf op dan geëist omdat de rechtbank in haar bewezenverklaring uitgaat van een veel kortere pleegperiode en de rechtbank wil voorkomen dat de opleiding die verdachte thans volgt te veel zou worden doorkruist door het uitvoeren van een langdurige taakstraf.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2019:8504:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummers: 03/027505-19 en 03/099051-19 (ter terechtzitting gevoegd)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 20 september 2019 </emphasis>
      </para>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1997,</para>
      <para>wonende te [adresgegevens verdachte] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte wordt bijgestaan door mr. G.F. Schadd, advocaat, kantoorhoudende te Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 6 september 2019. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt. </para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer 03/027505-19:</para>
      <para>feit 1:		in de periode van 1 februari 2017 tot en met 1 februari 2019, in de gemeente Venray,  cocaïne heeft gedeald; </para>
      <para>feit 2: 	op 1 februari 2019 in de gemeente Venray 63,4 gram cocaïne opzettelijk aanwezig heeft gehad;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>parketnummer 03/099051-19:</para>
      <para>op 1 februari 2019 in Venray opzettelijk professioneel vuurwerk binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht, heeft opgeslagen, heeft vervaardigd, voorhanden heeft gehad of aan een ander ter beschikking heeft gesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de drie ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend kunnen worden bewezen. De officier van justitie heeft zich ten aanzien van parketnummer 03/027505-19, feit 1 op het standpunt gesteld dat de gehele ten laste gelegde periode kan worden bewezen. De officier van justitie heeft zich ten aanzien van feit 2 van dit parketnummer op het standpunt gesteld dat slechts een hoeveelheid van 15,3 gram cocaïne kan worden bewezen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft ten aanzien van parketnummer 03/027505-19, feit 1 aangevoerd dat slechts de pleegperiode van 1 december 2018 tot en met 1 februari 2019 kan worden bewezen en dat de verdachte moet worden vrijgesproken van het overige. De raadsman heeft ten aanzien van feit 2 van dit parketnummer aangevoerd dat slechts een hoeveelheid van 15,3 gram cocaïne kan worden bewezen. Ten aanzien van het onder parketnummer 03/099051-19 ten laste gelegde heeft de raadsman aangevoerd dat kan worden bewezen dat de verdachte het vuurwerk voorhanden heeft gehad. De raadsman heeft zich voor het overige gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.  </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
          <footnote-ref linkend="_c2204ccd-8f04-4e16-b2da-e5735bc74ac4" />
        </para>
        <para>De rechtbank zal alle feiten bewezen verklaren. De rechtbank zal volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen, omdat de verdachte de feiten heeft bekend en er namens hem geen vrijspraak is bepleit (artikel 359, derde lid, Wetboek van Strafvordering).</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ten aanzien van parketnummer 03/027505-19:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">feit 1:</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank is van oordeel dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat de verdachte vóór 1 december 2018 opzettelijk cocaïne heeft verkocht, afgeleverd, verstrekt en/of vervoerd. De verdachte zal daarom van dit onderdeel van de tenlastelegging worden vrijgesproken.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht het feit bewezen, zij het met een kortere pleegperiode, gelet op:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de bekennende verklaring van de verdachte ter terechtzitting;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de verklaring van [naam 1]<footnote-ref linkend="_a1a247f4-4b5b-43a9-9760-a903aa69f7f3" />;</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- het proces-verbaal van bevindingen met betrekking tot het onderzoek verdovende middelen<footnote-ref linkend="_39c11b04-1641-497c-aa72-d617c1d2e0f8" />;</para>
      <para>- de verklaring van [naam 2]<footnote-ref linkend="_5ae04730-2049-4294-a3cc-c86da5537f44" />;</para>
      <para>- het proces-verbaal Onderzoek verdovende middelen<footnote-ref linkend="_3c85fa2a-08b6-4359-8dea-dc54b69367f9" />;</para>
      <para>- het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut<footnote-ref linkend="_5babe411-6ac2-44c3-af88-7875ea6d6da9" />. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank begrijpt de tenlastelegging aldus dat de officier van justitie heeft bedoeld ten laste te leggen dat de verdachte in de pleegperiode meermalen cocaïne heeft verkocht, waaronder een hoeveelheid van 1,1 gram en een hoeveelheid van 0,3 gram. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">feit 2:</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht het feit bewezen gelet op:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de bekennende verklaring van de verdachte ter terechtzitting;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van bevindingen met betrekking tot de doorzoeking van de woning<footnote-ref linkend="_9b9d6e6d-1e81-4774-bf5a-748a41c838cd" />;</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- de kennisgevingen van inbeslagneming<footnote-ref linkend="_5e7bf498-0309-4cc9-92af-561ffa88bb44" />;</para>
      <para>- het proces-verbaal onderzoek verdovende middelen<footnote-ref linkend="_f00634c2-1ee6-4471-9bed-7c9ec3ad6d8c" />;</para>
      <para>- het rapport van het politielaboratorium te Amsterdam d.d. 7 mei 2019.<footnote-ref linkend="_aba0a4eb-9b55-49fd-93e6-27a40d8e1c6e" /></para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ten aanzien van parketnummer 03/099051-19:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht het feit bewezen gelet op:</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de bekennende verklaring van de verdachte ter terechtzitting;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van bevindingen met betrekking tot de doorzoeking van de woning<footnote-ref linkend="_f00d8210-bc3b-4fd4-bd0a-2fe924b8e886" />;</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- de kennisgeving van inbeslagneming<footnote-ref linkend="_6d7ec26e-68fc-437b-ab3b-cb984d9792bb" />; </para>
      <para>- het proces-verbaal onderzoek vuurwerk<footnote-ref linkend="_a38d87dd-6d52-4aa6-822f-63af239d30c4" /> .</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De bewezenverklaring</emphasis>
        </para>
        <para>De rechtbank acht bewezen dat de verdachte </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>parketnummer 03/027505-19: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>feit 1</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>in de periode van 1 december 2018 tot en met 1 februari 2019 in de gemeente Venray, meermalen telkens opzettelijk heeft verkocht een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>feit 2</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>op 1 februari 2019 in de gemeente Venray opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 15,3 gram cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>parketnummer 03/099051-19: </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>op 1 februari 2019 te Venray opzettelijk professioneel vuurwerk, bestemd voor particulier gebruik, te weten, twee stuks Cobra 6, voorhanden heeft gehad.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para>Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>ten aanzien van feit 1:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ten aanzien van feit 2:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod; </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ten aanzien van parketnummer 03/099051-19:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">overtreding van een voorschrift gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer, opzettelijk begaan. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para>De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De straf en/of de maatregel</title>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De vordering van de officier van justitie</emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 278 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en met de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering in het rapport van 19 augustus 2019, met uitzondering van een locatiegebod. Daarnaast heeft de officier van justitie gevorderd aan de verdachte op te leggen een taakstraf van 240 uren te vervangen door 120 dagen hechtenis. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman heeft primair verzocht aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf van zes maanden, waarvan het onvoorwaardelijke deel gelijk dient te zijn aan het reeds ondergane voorarrest. Aan het voorwaardelijke deel kunnen de voorwaarden worden verbonden zoals de reclassering heeft voorgesteld, met uitzondering van het locatiegebod. Daarnaast kan een taakstraf worden opgelegd. De raadsman heeft subsidiair aangegeven zich te kunnen vinden in de eis van de officier van justitie.  </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het dealen van cocaïne. Cocaïne is een harddrug met een sterk verslavende werking. Door de verkoop en levering ervan heeft de verdachte bijgedragen aan de verspreiding en het gebruik van cocaïne en daarmee de gezondheid van personen in gevaar gebracht. Hij heeft dit voor zijn eigen geldelijke gewin gedaan en daarmee zijn eigen belang boven het algemene belang en het belang van anderen gesteld. Daarnaast heeft de verdachte 15,3 gram cocaïne opzettelijk voorhanden gehad. Ten slotte heeft de verdachte illegaal vuurwerk voorhanden gehad. Illegaal vuurwerk is in handen van een leek levensgevaarlijk. Vanwege de reële kans op een ontploffing, heeft verdachte anderen in gevaar gebracht. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De bewezenverklaarde feiten zijn drie ernstige strafbare feiten die een </para>
        <para>onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigen. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>De rechtbank houdt ten voordele van de verdachte rekening met het feit dat hij ter terechtzitting inzicht heeft getoond in de ernst van de door hem gepleegde misdrijven. Ook houdt de rechtbank rekening met zijn persoonlijke omstandigheden, zoals die tijdens de terechtzitting naar voren zijn gebracht. De rechtbank heeft kennis genomen van het strafblad van de verdachte d.d. 13 augustus 2019, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten is veroordeeld. In geval van een veroordeling is artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht van toepassing. In het reclasseringsrapport van 19 augustus 2019 is te lezen dat het voorarrest indruk op verdachte heeft gemaakt. Als gevolg van verdachtes handelen is de woning van de moeder van verdachte tijdelijk gesloten. Moeder is teleurgesteld in haar zoon. Dit zijn voor de verdachte redenen om te stoppen met zijn delictgedrag, te breken met de contacten die hij in dat kader had en om zich te richten op een opleiding. De reclassering adviseert een meldplicht en een locatiegebod.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Alles overwegende zal de rechtbank aan verdachte een gevangenisstraf voor de duur van zes maanden opleggen, met aftrek van de tijd die de verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, waarvan achtennegentig dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Aan deze proeftijd zullen verschillende bijzondere voorwaarden worden verbonden. De rechtbank ziet geen noodzaak tot het opleggen van een locatiegebod. </para>
        <para>Tevens zal de rechtbank aan verdachte een taakstraf opleggen voor de duur van honderdtachtig uren, te vervangen door negentig dagen hechtenis. Deze straf is lager dan door de officier van justitie geëist, omdat de rechtbank in haar bewezenverklaring uitgaat van handel in cocaïne gedurende een veel kortere periode. Daarnaast wil de rechtbank voorkomen dat de opleiding die verdachte thans volgt te veel zou worden doorkruist door het uitvoeren van een langdurige taakstraf. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Ten slotte zal de rechtbank het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opheffen met ingang van heden. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>7</nr>Het beslag</title>
    <para>De officier van justitie heeft gevorderd het inbeslaggenomen geldbedrag van € 2.900,00 en een niet inbeslaggenomen geldbedrag van € 5.800,00 verbeurd te verklaren.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat alleen het geldbedrag van € 2.900,00 kan worden verbeurd verklaard, omdat niet kan worden vastgesteld dat het geldbedrag van € 5.800,00 afkomstig is uit de opbrengsten van drugshandel. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat het geldbedrag van € 2.900,00 moet worden verbeurd verklaard. Het geldbedrag is vatbaar voor verbeurdverklaring, omdat het aan verdachte toebehoort en verdachte het door de handel in cocaïne heeft verkregen. </para>
      <para>De rechtbank zal de vordering van de officier van justitie voor het overige afwijzen, omdat van het geldbedrag van € 5.800,00 niet is gebleken dat dit met het plegen van een strafbaar feit is verkregen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De wettelijke voorschriften</title>
    <para>De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 33, 33a, 57, 63 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet, de artikelen 1a, 2, 6 van de Wet op de economische delicten, artikel 9.2.2.1 Wet milieubeheer en artikel 1.2.2. lid 1 van het Vuurwerkbesluit, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Strafbaarheid</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>verklaart de verdachte strafbaar;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Straf</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> van <emphasis role="bold">zes (6) maanden</emphasis>, waarvan <emphasis role="bold">achtennegentig (98) dagen voorwaardelijk</emphasis>, met een proeftijd van twee (2) jaren;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van het onvoorwaardelijke gedeelte van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd:</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de Identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>- stelt voorts de volgende bijzondere voorwaarden, waaraan de veroordeelde gedurende de proeftijd heeft te voldoen:</para>
    <orderedlist numeration="loweralpha">
      <listitem>
        <para>de veroordeelde dient zich binnen drie dagen na het onherroepelijk worden van het vonnis te melden bij de <emphasis role="bold">Reclassering Nederland, Slachthuisstraat 31 te Roermond</emphasis>. De veroordeelde blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt om het reclasseringstoezicht uit te voeren;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de veroordeelde dient mee te werken aan een vorm van <emphasis role="bold">dagbesteding</emphasis> (school, werk of anderszins), zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;  </para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para>- geeft de reclassering opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;</para>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">honderdtachtig (180) uren</emphasis>;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van <emphasis role="bold">negentig (90) dagen</emphasis>;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Voorlopige hechtenis</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- heft op het (geschorste) bevel voorlopige hechtenis met ingang van heden; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          <emphasis role="bold">verklaart verbeurd</emphasis> het in beslag genomen geldbedrag van € 2.900,00 (goednummer 1161822);</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>wijst af de vordering van de officier van justitie ten aanzien van het overige. </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C.M. Nollen, voorzitter, mr. J.H. Klifman en mr. R.J.M.G. Rulkens, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.A.E. van de Venne, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 20 september 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. J.H. Klifman is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
      <para>BIJLAGE I: De tenlastelegging</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">parketnummer 03/027505-19: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 1 februari 2017 tot en met 1 februari 2019 in de gemeente Venray, althans in Nederland, (telkens) opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 1,1 gram en/of 0,3 gram cocaïne, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van een </para>
      <para>materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(art 10 lid 4 Opiumwet, art 2 ahf/ond B Opiumwet)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2</para>
      <para>hij op of omstreeks 1 februari 2019 in de gemeente Venray opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 63,4 gram cocaïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, </para>
      <para>dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(art 10 lid 3 Opiumwet, art 2 ahf/ond C Opiumwet)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">parketnummer 03/099051-19: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 1 februari 2019 te Venray, althans in Nederland, opzettelijk, professioneel vuurwerk, bestemd voor particulier gebruik, te weten, twee stuks Cobra 6, binnen het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft opgeslagen en/of heeft vervaardigd en/of voorhanden heeft gehad en/of aan een ander ter beschikking heeft </para>
      <para>gesteld;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>(art 1.2.2 lid 1 Vuurwerkbesluit<emphasis role="bold">)</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_c2204ccd-8f04-4e16-b2da-e5735bc74ac4" label="1">
    <para> Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie Eenheid Limburg, District Noord- en Midden-Limburg, Basisteam Venray/Gennep, proces-verbaalnummer PL2300-2019009810, gesloten d.d. 27 februari 2019, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 225.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_a1a247f4-4b5b-43a9-9760-a903aa69f7f3" label="2">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 19 januari 2019, pagina’s 25 tot en met 30.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_39c11b04-1641-497c-aa72-d617c1d2e0f8" label="3">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 januari 2019, met bijlagen, pagina’s 34 tot en met 42.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_5ae04730-2049-4294-a3cc-c86da5537f44" label="4">
    <para> Proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 1 februari 2019, pagina’s 48 tot en met 53.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3c85fa2a-08b6-4359-8dea-dc54b69367f9" label="5">
    <para> Proces-verbaal Onderzoek verdovende middelen d.d. 18 februari 2019, pagina’s 54 en 55. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_5babe411-6ac2-44c3-af88-7875ea6d6da9" label="6">
    <para> Deskundigenrapport van het Nederlands Forensisch Instituut d.d. 19 maart 2019, zaaknummer 2019.03.11.102 (aanvraag 001), opgemaakt door ing. C.M.M. Diever-Heezen, NFI-deskundige forensische drugsanalyse (los opgenomen). </para>
  </footnote>
  <footnote id="_9b9d6e6d-1e81-4774-bf5a-748a41c838cd" label="7">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen d.d. 1 februari 2019, met bijlagen, pagina’s 81 en 109. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_5e7bf498-0309-4cc9-92af-561ffa88bb44" label="8">
    <para> Kennisgeving van inbeslagneming, pagina’s 141 tot en met 144. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_f00634c2-1ee6-4471-9bed-7c9ec3ad6d8c" label="9">
    <para> Proces-verbaal onderzoek verdovende middelen d.d. 2 februari 2019, pagina’s 148 tot en met 154. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_aba0a4eb-9b55-49fd-93e6-27a40d8e1c6e" label="10">
    <para> Geschrift, inhoudende een rapport d.d. 7 mei 2019, afkomstig van drs. R.F. Kranenburg, forensisch expert (los opgenomen). </para>
  </footnote>
  <footnote id="_f00d8210-bc3b-4fd4-bd0a-2fe924b8e886" label="11">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen d.d. 1 februari 2019, met bijlagen, pagina’s 81 en 109. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_6d7ec26e-68fc-437b-ab3b-cb984d9792bb" label="12">
    <para> Kennisgeving van inbeslagneming, pagina 140. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_a38d87dd-6d52-4aa6-822f-63af239d30c4" label="13">
    <para>Verkort proces-verbaal onderzoek vuurwerk Centraal Onderzoeksteam Vuurwerk (COV) d.d. 25 februari 2019, pagina’s 157 en 158. </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>