<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2017:9804</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-11T15:16:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-10-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">6144086 CV EXPL 17-5882</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:9804">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:9804</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-11T15:16:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2017:9804 Rechtbank Limburg , 10-10-2017 / 6144086 CV EXPL 17-5882</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2017:9804:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Na overlegging van een kort geding vonnis van de bestuursrechter concludeert de kantonrechter dat geen sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 7:231, lid 2, BW, zodat de verhuurder ten onrechte de huurovereenkomst op die grondslag heeft ontbonden. Niet aannemelijk dat huurster op andere wijze ernstig is tekortgeschoten in de nakoming van de huurovereenkomst. De gevorderde ontruiming wordt daarom afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2017:9804:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Burgerlijk recht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 6144086 \ CV EXPL  17-5882</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van de kantonrechter van 10 oktober 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend [adres eiser] ,</para>
      <para>
        [woonplaats eiser] ,</para>
      <para>gemachtigde mr. J.J.M.H. Stevens,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend [adres gedaagde] ,</para>
      <para>
        [woonplaats gedaagde] ,</para>
      <para>gemachtigde mr. W.J.F. Geertsen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het op 21 september 2017 tussen partijen gewezen tussenvonnis;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de op 3 oktober 2017 ingekomen akte van [eiser] ;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de op 4 oktober 2017 ingekomen productie van [gedaagde] .</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Hierna is wederom vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Beide partijen hebben een kopie van het vonnis van de bestuursrechter als voorzieningenrechter van deze rechtbank van 25 september 2017 in de zaak tussen [gedaagde] en de burgemeester van de gemeente Sittard-Geleen overgelegd. In dat vonnis heeft de voorzieningenrechter het primaire besluit, waarbij de burgemeester van de gemeente Sittard-Geleen heeft gelast tot sluiting van de woningen, bijgebouwen en het bijbehorende erf gelegen aan de adressen [adres gedaagde] , [adres eiser] en [adres 3] te [plaats] , voor de duur van 3 maanden met ingang van 15 augustus 2017, tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar geschorst. De voorzieningenrechter heeft daartoe – kort en zakelijk weergegeven – overwogen dat hij voorshands onvoldoende aannemelijk acht dat de woning van [gedaagde] betrokken is geweest bij de handel in drugs. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Dat betekent dat voorshands geoordeeld moet worden dat geen sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 7:231, lid 2, BW, en [eiser] ten onrechte op die grondslag de huurovereenkomst met ingang van 5 juli 2017 heeft ontbonden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eiser] heeft zich verder op het standpunt gesteld dat [gedaagde] ernstig is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst doordat [gedaagde] geen onderhoudswerkzaamheden en/of herstelwerkzaamheden aan het gehuurde verrichtte, dat [gedaagde] met meerdere personen in het gehuurde verbleef en [gedaagde] weigerde om potentiële kopers tot de woning toegang te verlenen, maar [eiser] heeft die tegenover [gedaagde] gemaakte verwijten niet onderbouwd. Gesteld noch anderszins is gebleken welke concrete onderhoudswerkzaamheden en/of herstelwerkzaamheden [gedaagde] heeft nagelaten te verrichten, welke persoon of personen bij [gedaagde] zou of zouden inwonen en evenmin op welke dag/dagen [gedaagde] geweigerd zou hebben om potentiële kopers toegang tot de woning te verlenen. Er kan derhalve met grote mate van zekerheid worden aangenomen dat in een bodemprocedure zal worden geoordeeld dat geen sprake is van een ernstige tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst en dat een gevorderde ontbinding en ontruiming zal worden afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op € 600,00 ter zake van salaris voor de gemachtigde. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter: </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>wijst de vordering van [eiser] af;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>veroordeelt [eiser] in de proceskosten aan de zijde van [gedaagde] gevallen en tot op heden begroot op € 600,00.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. G.M.P. Brouns, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken.</para>
        <para>Typ: FL</para>
        <para>Coll.:</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>