<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2017:3224</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-06-08T09:43:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-04-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-04-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/04/127034 / HA ZA 13-359</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_goederenrecht">Civiel recht; Goederenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBLIM:2015:11407" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Tussenuitspraak: ECLI:NL:RBLIM:2015:11407</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBLIM:2015:11406" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Tussenuitspraak: ECLI:NL:RBLIM:2015:11406</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHSHE:2020:3762" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg">Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2020:3762</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:3224">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:3224</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-06-04T14:01:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-06-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2017:3224 Rechtbank Limburg , 12-04-2017 / C/04/127034 / HA ZA 13-359</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2017:3224:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tussenvonnis. Deskundigenrapport bekritiseerd door partijdeskundige. Opdracht aan rechtbankdeskundige om een aanvullend rapport op te stellen. Zie ook arrest van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 26 april 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:1346.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2017:3224:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="ac2a52a4-7a0a-4fb4-8bdf-ee8b44a0066a" depth="2" width="13" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>
      <inlinemediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="e4ea3b70-0ff8-4bc7-9804-57d772953bc2" depth="2" width="523" format="image/png" />
        </imageobject>
      </inlinemediaobject>vonnis</para>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Burgerlijk recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer / rolnummer: C/04/127034 / HA ZA 13-359</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van 12 april 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eiser]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [plaatsnaam] ,</para>
      <para>eiser in conventie,</para>
      <para>verweerder in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. G.M.W. Scaf te Voerendaal,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [gedaagde sub 1] ,</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [plaatsnaam] ,</para>
      <para>2.	<emphasis role="bold">[gedaagde sub 2]</emphasis>,</para>
      <para>wonende te [plaatsnaam] ,</para>
      <para>gedaagden in conventie,</para>
      <para>eisers in reconventie,</para>
      <para>advocaat mr. W.P.G. Verstappen te Eindhoven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagden] genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het tussenvonnis van 20 mei 2015</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het deskundigenbericht van 7 juni 2016</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie na deskundigenbericht van [eiser]</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie na deskundigenbericht tevens akte houdende overleggen nadere producties</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>	van [gedaagden]</para>
      <para>- uitlating over producties 13 tot en met 17 van [eiser] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De verdere beoordeling</title>
    <bridgehead role="bold">in conventie en in reconventie</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De rechtbank verwijst vooreerst naar haar vonnis van 18 februari 2015, bij de inhoud waarvan wordt volhard. Bij dat vonnis is in conventie overwogen dat de bespreking en beslissing ten aanzien van de vorderingen 1., 2. en 5 worden aangehouden in afwachting van het deskundigenrapport. Ten aanzien van de vorderingen 3. en 4. is overwogen dat deze voor toewijzing gereed liggen. Ten aanzien van het gevorderde sub 6. is overwogen dat deze vordering zal worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Bij voormeld vonnis is in reconventie overwogen dat de eerste vordering voor toewijzing gereed ligt. De bespreking en beslissing van de tweede vordering is in afwachting van het deskundigenrapport aangehouden. Ten aanzien van de derde vordering is geoordeeld dat deze zal worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De rechtbank verwijst verder naar haar vonnis van 20 mei 2015, bij de inhoud waarvan eveneens wordt volhard. Bij dat vonnis is een deskundige benoemd ter beantwoording van de in dat vonnis vermelde (vraag)punten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>De deskundige heeft op 7 juni 2016 gerapporteerd. In dat rapport heeft de deskundige - kort gezegd - de schade beschreven, de maximale belasting van zijgevel, bestrating en keermuur berekend en geconcludeerd dat de meest plausibele oorzaak van de schade belasting door zware voertuigen is (althans dat de schade daardoor wordt versterkt).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6.</nr>
      <para>Het staat partijen vrij om - naast de processtukken - andere stukken aan de deskundige toe te zenden die voor het onderzoek van belang kunnen zijn. Door [gedaagden] is bij brief van zijn toenmalige advocaat van 26 juni 2015 het rapport van EMN Expertise (verder: EMN) van 17 januari 2014 en de verklaring van [deskundige 1] / [deskundige 2] van 10 juni 2015 aan de deskundige toegezonden. Beide stukken zijn vervolgens bij conclusie na deskundigenbericht in het geding gebracht. Daarnaast waren door [gedaagden] al twee rapporten van [deskundige 3] (verder: [deskundige 3] ) in het geding gebracht. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7.</nr>
      <para>Uit het rapport blijkt dat de deskundige is ingegaan op de inhoud van de door [eiser] in het geding gebrachte stukken van WSM Engineering (verder: WSM) en de bevindingen daarvan (groten)deels heeft overgenomen. De deskundige heeft de toezending van de stukken door [gedaagden] echter slechts voor kennisgeving aangenomen en de inhoud daarvan niet besproken in zijn rapport, ook niet nadat [gedaagden] hem daar in zijn reactie op het conceptrapport uitdrukkelijk om heeft verzocht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8.</nr>
      <para>De bevindingen van EMN en [deskundige 3] zijn evenwel strijdig met die van de deskundige; zowel EMN als [deskundige 3] hebben in hun rapport gesteld dat de berekeningen in het rapport van WSM niet correct zijn. Nu de deskundige uitdrukkelijk is uitgegaan van de juistheid van die berekeningen, had het naar het oordeel van de rechtbank op zijn weg gelegen om in te gaan op hetgeen in de rapporten van EMN en [deskundige 3] is aangevoerd en hun kritiek te weerleggen. Dat is niet gebeurd. Ook is de deskundige - naar het oordeel van de rechtbank ten onrechte - niet ingegaan op de overige opmerkingen in die rapporten, zoals onder meer over de dikte en de opbouw van kelderwand, de vraag naar de eventuele aanwezigheid van vochtwerende folie, de (rij)afstand tot de gevel en de in die rapporten genoemde alternatieve oorzaken van de schade. In dat kader merkt de rechtbank nog op dat de opdracht aan de deskundige in beginsel geen destructief onderzoek uitsluit.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9.</nr>
      <para>Gelet op het vorenstaande zal de rechtbank opdracht geven aan de deskundige om nader te rapporteren en daarbij in te gaan op de opmerkingen van [gedaagden] en de door hem ingeschakelde deskundigen, en dan met name (maar niet daartoe beperkt):</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>berekeningen en uitgangspunten (gebruikte materialen, wanddikte, spouwvulling en vochtwerende folie;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>(rij)afstand tot de gevel;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de alternatieve oorzaken van de schade die in die rapporten worden genoemd.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10.</nr>
      <para>Opgemerkt wordt nog dat de deskundige zich in het nadere onderzoek en rapportage kan beperken tot zijn bevindingen inzake de door hem aangetroffen situatie (de gestelde schade) en de mogelijke oorzaken daarvan. De deskundige behoeft niet in te gaan op (de wijze van) het feitelijke gebruik van [gedaagden] , de wijze waarop dit gebruik heeft plaatsgevonden en het causale verband tussen dat gebruik en de schade; dat zijn kwesties die de rechtbank dient te oordelen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11.</nr>
      <para>In afwachting van deponering van het nadere rapport zal de rechtbank iedere verdere beslissing aanhouden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para>De rechtbank</para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>bepaalt dat de bij vonnis van 20 mei 2015 benoemde deskundige nader dient te rapporteren omtrent de in dat vonnis geformuleerde vraagpunten en wel met inachtneming van hetgeen hierboven is overwogen, met name onder 2.9., en met inachtneming van de algemene regels voor deskundigenrapporten zoals die in het vonnis van 20 mei 2015 zijn opgenomen;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van 12 juli 2017 voor deponering van het nadere deskundigenrapport;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. K.A.J.C.M. van den Berg Jeths-van Meerwijk en in het openbaar uitgesproken op 12 april 2017.<footnote-ref linkend="_3621a520-5068-48db-acd6-2cecec5005bc" /></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <footnote id="_3621a520-5068-48db-acd6-2cecec5005bc" label="1">
    <para>type: MvA</para>
    <para>coll:</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>