<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2017:12520</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T19:43:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-12-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">6500718 \ CV EXPL  17-9258</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Roermond</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_arbeidsrecht">Civiel recht; Arbeidsrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AR 2017/6758</rdf:li>
          <rdf:li>AR-Updates.nl 2018-0012</rdf:li>
          <rdf:li>VAAN-AR-Updates.nl 2018-0012</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:12520">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:12520</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-12-21T09:40:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-12-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2017:12520 Rechtbank Limburg , 21-12-2017 / 6500718 \ CV EXPL  17-9258</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2017:12520:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Schorsing van het overeengekomen concurrentiebeding vooruitlopend op de uitspraak van de rechter in de bodemzaak.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2017:12520:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold caps">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Burgerlijk recht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Roermond</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 6500718 \ CV EXPL  17-9258</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van de kantonrechter van 21 december 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonend [adres eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] ,</para>
      <para>
        [woonplaats eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] ,</para>
      <para>eisende partij in conventie, verweerder in reconventie,</para>
      <para>gemachtigde mr. S.J.W.M. Vonken,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [X] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Roermond,</para>
      <para>gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie,</para>
      <para>gemachtigde mr. J.M. Pals.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] en [X]</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de dagvaarding</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de schriftelijke eis in reconventie</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- de op 6 december 2017 gehouden mondelinge behandeling en de bij die gelegenheid overgelegde conclusie van antwoord in conventie tevens eis in reconventie.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] is op 1 januari 2011 bij [X] in dienst getreden in de functie van Compressie adviseuse. [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] had voor die tijd samen met haar vader een steunkousenwinkel in Maastricht. [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] en haar vader zijn met de bedrijfsvoering van die winkel gestopt en [X] heeft de klantenkring van die zorgwinkel overgenomen en in het voorjaar van 2011 een zorgwinkel in Maastricht geopend. [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] is vervolgens bij [X] in dienst getreden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Na een onderbreking van meer dan drie maanden is [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] op 2 april 2014 weer voor bepaalde tijd in dienst getreden bij [X] . Op 2 april 2016 is de aanstelling omgezet in een dienstverband voor onbepaalde tijd in de functie van vestigingsmanager met een arbeidsomvang van minimaal 12 uur per week. Daarbij zijn partijen het navolgende non-concurrentiebeding overeengekomen. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Artikel 13. Non-Concurrentiebeding</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">1. Na beëindiging van het dienstverband door de Werknemer zal de Werknemer zich voor een</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">periode van 2 jaren rechtstreeks ervan onthouden om relaties en/of opdrachtgevers, waar ook</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">gevestigd, van de Werkgever - direct of indirect - te benaderen en/of met hen - op welke wijze</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">dan ook - zaken te doen en/of contacten te onderhouden. Voorts is het de Werknemer</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">verboden om binnen genoemde periode bij hen in dienst te treden.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">2. Onder relaties en/of opdrachtgevers van de Werkgever worden in dit verband tevens verstaan</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">alle potentiële relaties en/of opdrachtgevers, waar ook gevestigd, die voorkomen in het gehele</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">offertebestand van de Werkgever en/of waarmede Werkgever onderhandelingen voert over</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">mogelijke toekomstige opdrachten.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">3. Daarnaast is het de Werknemer na beëindiging van het dienstverband strikt verboden om te</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">trachten direct of indirect, personeel van Werkgever - of van een met hem gelieerde</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">vennootschap die behoort tot hetzelfde concern of dezelfde groep als Werkgever, alsmede</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">vennootschappen waarin Werkgever op enigerlei wijze participeert - ertoe te bewegen in dienst</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">te treden bij (een onderneming van) de Werknemer dan wel bij een andere Werkgever.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">4. Het is Werknemer verboden zonder schriftelijke toestemming van Werkgever, zowel</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">gedurende de dienstbetrekking als gedurende twee jaar na het einde daarvan, binnen het</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">geografische gebied in een straal van 75 kilometer vanaf de standplaats als bedoeld in</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">artikel 2 onder 2, voor klanten die voor de beëindiging van het dienstverband deel uitmaakten</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">of deel hebben uitgemaakt van de klantenkring van Werkgever, direct of indirect werkzaam te</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">zijn, betrokken te zijn, onderzoek te verrichten of een financieel belang te hebben bij, dan wel</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">advies te geven of diensten te verlenen of (neven)werkzaamheden aan een onderneming of</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">instelling die zich op dezelfde markt begeeft als Werkgever, dan wel die gelijke of</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">gelijksoortige werkzaamheden verricht, adviezen geeft en/of diensten verleent als</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Werkgever, of die dezelfde activiteiten ontplooit als Werkgever. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Met ingang van 1 januari 2017 is de zorgwinkel in Maastricht gesloten en beschikt [X] naast de hoofdvestiging in Roermond en een nevenvestiging in Sittard nog over een spreekuurlocatie in Maastricht. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] heeft de arbeidsovereenkomst met [X] tegen 1 november 2017 opgezegd. Per 1 november 2017 is [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] in dienst getreden bij OIM Orthopedie in de functie van TEK adviseur voor bepaalde tijd van een jaar met een arbeidsomvang van 36 uur per week. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] vordert – samengevat – :</para>
        <para>primair de werking van het tussen partijen overeengekomen non-concurrentiebeding te schorsen tot het moment dat over de geldigheid van dit beding in een bodemprocedure een oordeel is gegeven doch in elk geval voor de duur van de onderhavige procedure; </para>
        <para>subsidiair tot betaling van een voorschot van het totaalbedrag aam vergoeding waarop [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] uit hoofde van artikel 7:653 lid 4 BW (oud) aanspraak kan maken;</para>
        <para>primair en subsidiair tot veroordeling van [X] tot betaling van € 925,00 exclusief btw aan buitengerechtelijke incassokosten, vermeerderd met rente en de proceskosten. [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] voert verweer tegen de vordering in reconventie.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [X] vordert:</para>
        <para>
          [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] per direct te verbieden om werkzaam te zijn c.q. werkzaamheden te</para>
        <para>verrichten, op welke basis en in welke vorm ook, in dienstbetrekking of anderszins, voor</para>
        <para>of bij OIM Orthopedie, waaronder begrepen OIM Heerlen BV en OIM Nijmegen BV, en</para>
        <para>
          [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] te gebieden om per direct alle werkzaamheden, op welke basis en in</para>
        <para>welke vorm ook, in dienstbetrekking of anderszins, voor of bij OIM Orthopedie,</para>
        <para>waaronder begrepen OIM Heerlen BV en OIM Nijmegen BV, te staken en volledig</para>
        <para>gestaakt te houden, totdat in een bodemprocedure omtrent de toelaatbaarheid zal zijn</para>
        <para>beslist;</para>
        <para>
          [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] te veroordelen tot betaling aan [X] binnen 5</para>
        <para>dagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, van een voorschot op verbeurde</para>
        <para>boeten ten bedrage van € 15.000,- , althans een door de Voorzieningenrechter in goede</para>
        <para>justitie vast te stellen bedrag;</para>
        <para>en [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] te veroordelen in de kosten van het geding.</para>
        <para>
          [X] voert verweer tegen de vordering in conventie.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>De kantonrechter is van oordeel dat [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] voldoende spoedeisend belang bij het gevorderde heeft.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Nu de vorderingen in conventie en reconventie met elkaar samenhangen zal de kantonrechter deze hierna gezamenlijk bespreken en beoordelen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Partijen zijn het er over eens dat OIM Orthopedie een concurrent is van [X] en dat [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] tijdens haar dienstverband bij [X] dezelfde werkzaamheden uitvoerde als zij thans uitvoert in het kader van het dienstverband bij OIM Orthopedie.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Aan de kantonrechter ligt nu de vraag voor om in het kader van een voorlopig oordeel, vooruitlopend op hetgeen de bodemrechter later zal beslissen, een voorlopige voorziening te treffen. De kantonrechter is van oordeel dat zij, in de gegeven omstandigheden  vooruitlopend op hetgeen de bodemrechter in het kader van de belangenafweging later zal beslissen reeds een voorlopig oordeel kan geven. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Door het overeenkomen van het non-concurrentiebeding kan de werkgever zijn (economische) belangen beschermen tegen oneerlijke concurrentie. De rechter kan een dergelijk beding geheel of gedeeltelijk vernietigen op grond dat, in verhouding tot het te beschermen belang van de werkgever, de werknemer door dat beding onbillijk wordt benadeeld. De kantonrechter is van oordeel dat er met een aanmerkelijk mate van zekerheid van kan worden uitgegaan dat de bodemrechter het beding niet in stand zal laten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Uit de stukken en hetgeen tijdens de mondelinge behandeling is besproken is de kantonrechter gebleken dat [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] al geruime tijd heeft aangegeven en overleg heeft gehad met [X] over de uitbreiding van haar werktijd. Ook is gebleken dat [X] steeds wel voorwaardelijke toezeggingen heeft gedaan, maar [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] al die tijd aan het lijntje heeft gehouden door geen concreet aanbod tot uitbreiding van de werktijd te doen, en dat terwijl er wel personeelsmutaties plaatsvonden en onvoldoende is weersproken dat deze uren ter beschikking van [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] gesteld hadden kunnen worden. Het aanbod van [X] om de arbeidsomvang uit te breiden naar 20 uur per week op het moment dat [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] over een definitieve toezegging van 36 uur per week bij OIM Orthopedie beschikte (tegen ook nog betere arbeidsvoorwaarden) kan de kantonrechter in deze situatie dan ook niet anders bestempelen dan als mosterd na de maaltijd. [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] wordt door het beding dusdanig onbillijk benadeeld in haar mogelijkheden dat dit beding in de gegeven omstandigheden niet in stand zou moeten blijven. De kantonrechter zal daarom het geding schorsen totdat in een bodemzaak over de geldigheid van het beding een oordeel is gegeven. Uit dit oordeel volgt dat de reconventionele vorderingen van [X] alle moeten worden afgewezen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>Bij de beoordeling van de vraag of de gevorderde buitengerechtelijke (incasso-) kosten voor vergoeding in aanmerking komen, hanteert de kantonrechter het uitgangspunt, dat verrichtingen voorafgaand aan het geding worden gezien als voorbereiding van de gedingstukken en instructie van de zaak. Bij afzonderlijk voor vergoeding in aanmerking komende kosten moet het gaan om verrichtingen die meer omvatten dan een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. Daarvan is in deze zaak niet gebleken. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten zal daarom worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>
        [X] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure. De kosten aan de zijde van [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] worden begroot op:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>dagvaarding	€ 99,90</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>griffierecht	78,00</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>salaris gemachtigde 	6<emphasis role="underline">00,00</emphasis></para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>totaal	€  777,90</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>De kantonrechter zal dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaren.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter in kort geding</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in conventie en in reconventie </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>schorst de werking van het tussen partijen overeengekomen non-concurrentiebeding tot het moment dat over de geldigheid van dit beding in een bodemprocedure een oordeel is gegeven, </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [X] in de proceskosten aan de zijde van [eisende partij in conventie, verweerder in reconventie] gevallen en tot op heden begroot op € 777,90,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J. Schreurs-van de Langemheen en in het openbaar uitgesproken.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>type: HM</para>
        <para>coll:</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>