<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2017:10035</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-05-12T18:02:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-10-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">03/700450-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:10035">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2017:10035</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-10-17T16:33:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-10-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2017:10035 Rechtbank Limburg , 17-10-2017 / 03/700450-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2017:10035:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak voor poging doodslag/zware mishandeling en bedreiging ten aanzien van een medewerker van het COA. Wettig bewijs voor het maken van een beweging met een mes richting aangever. Geen overtuiging dat dit bewust een stekende beweging was.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2017:10035:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 03/700450-16</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak (gemachtigde raadsman)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 17 oktober 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de strafzaak tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte] ,</emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboortegegevens] ,</para>
      <para>wonende te [adres verdachte] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte wordt bijgestaan door mr. W.J.J. Lunsingh Tonckens, advocaat, kantoorhoudende te Maastricht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Onderzoek van de zaak</title>
    <para>De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 3 oktober 2017. De verdachte is niet verschenen. Wel is verschenen zijn gemachtigde raadsman. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De tenlastelegging</title>
    <parablock>
      <para>De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. </para>
      <para>De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">primair: heeft geprobeerd [slachtoffer] te doden;</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">subsidiair: heeft geprobeerd [slachtoffer] zwaar lichamelijk letsel toe te brengen; </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">meer subsidiair: [slachtoffer] heeft bedreigd, door met een mes een stekende beweging te maken in de richting van de buik van die [slachtoffer] . </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het bewijs</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
        </para>
        <para>De officier van justitie is van mening dat niet bewezen kan worden dat de verdachte [slachtoffer] heeft geprobeerd te doden of zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, omdat er geen sprake was van een begin van uitvoering. De bedreiging kan wel bewezen worden, op basis van de aangifte van [slachtoffer] , de getuigenverklaring van [getuige] en de verklaring van de verdachte. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        </para>
        <para>De raadsman verzoekt vrijspraak van de poging tot doodslag en de poging tot het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. Uit het procesdossier komt namelijk onvoldoende vast te staan dat de verdachte een stekende beweging heeft gemaakt en/of dat de verdachte (voorwaardelijk) opzet heeft gehad op het doden van [slachtoffer] of het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel aan [slachtoffer] . Ook de bedreiging kan niet bewezen worden, omdat bij [slachtoffer] door het handelen van verdachte niet de redelijke vrees kon ontstaan dat hij daadwerkelijk gedood zou worden of zwaar lichamelijk letsel zou oplopen. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Het oordeel van de rechtbank</emphasis>
        </para>
        <para>Heeft de verdachte een stekende beweging gemaakt in de richting van de buik van de aangever [slachtoffer] ? Dat is de eerste vraag die de rechtbank moet beantwoorden. In het dossier zit wat dit betreft voldoende wettig bewijs, in de vorm van de aangifte van [slachtoffer] en de getuigenverklaring van [getuige] . Uit de verklaringen van deze woonbegeleiders van het asielzoekerscentrum van Maastricht volgt dat er een heftig incident heeft plaatsgevonden op 22 september 2016. Aan de verdachte werd toen medegedeeld dat hij zes dagen niet in het asielzoekerscentrum, en daarmee dus ook zijn kamer, mocht komen. Hij heeft toen een mes gepakt van zijn kamer en meerdere keren in zijn linkerarm gesneden (op een foto in het dossier zijn meerdere sneden te zien en openliggend weefsel). Al snijdend in zijn arm is hij zijn kamer uitgelopen richting [slachtoffer] en [getuige] , die hem waren gevolgd. De verdachte maakte daarbij een beweging die zij hebben opgevat als een stekende beweging naar [slachtoffer] . De verdachte heeft echter verklaard dat hij geen stekende beweging naar [slachtoffer] heeft gemaakt en hem niet wilde doden of verwonden. Hij wilde wel zichzelf verwonden en heeft daarom zichzelf gesneden. </para>
        <para>De verklaring van de verdachte sluit niet uit wat [slachtoffer] en [getuige] zeggen te hebben waargenomen, namelijk dat de verdachte met zijn mes een beweging richting [slachtoffer] maakte, maar er zit kennelijk wel een groot verschil tussen het handelen en de bedoelingen van de verdachte en hoe zijn handelen op [slachtoffer] en [getuige] is overgekomen. Dit verschil maakt dat de rechtbank niet overtuigd is dat de verdachte de bedoeling had om [slachtoffer] te steken en hem daarmee te doden of lichamelijk letsel toe te brengen. Omdat de rechtbank niet overtuigd is dat de verdachte bewust een stekende beweging naar [slachtoffer] gemaakt heeft, acht zij ook niet bewezen dat hij met zijn bewegingen de bedoeling had om [slachtoffer] te bedreigen. De rechtbank is verder van oordeel dat bij [slachtoffer] geen redelijke vrees kon ontstaan dat hij gedood zou worden of ernstig gewond zou raken, omdat de verdachte bezig was om zichzelf te snijden. De rechtbank zal de verdachte daarom vrijspreken van het hem primair, subsidiair en meer subsidiair tenlastegelegde. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Het beslag</title>
    <para>Het inbeslaggenomen mes dient te worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <parablock>
      <para>De rechtbank: </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- spreekt de verdachte vrij van het primair, subsidiair en meer subsidiair tenlastegelegde; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- bepaalt dat het volgende in beslag genomen voorwerp dient te worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende:</para>
    <para>- zie besl.portaal   1    1.00 STK Mes – 847286.</para>
    <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.B. Bax, voorzitter, mr. dr. M.C.A.E. van Binnebeke en mr. W.F.J. Aalderink, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.K. Klompe, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 oktober 2017.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Buiten staat</emphasis>
      </para>
      <para>Mr. W.F.J. Aalderink is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>BIJLAGE: De tenlastelegging</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 22 september 2016 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer] opzettelijk van het leven te beroven, met dat opzet met een mes een stekende beweging heeft gemaakt in de richting van de buik, in elk geval het lichaam, van die [slachtoffer] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 22 september 2016 in de gemeente Maastricht ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet met een mes een stekende beweging heeft gemaakt in de richting van de buik, in elk geval het lichaam, van die [slachtoffer] , terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 22 september 2016 in de gemeente Maastricht [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend met een mes een stekende beweging gemaakt in de richting van de buik, in elk geval het lichaam, van die [slachtoffer] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para> .</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>