<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2015:584</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-01-27T14:52:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-01-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">3746679 CV EXPL 15-187</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2015:584">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2015:584</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-01-27T14:52:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2015:584 Rechtbank Limburg , 26-01-2015 / 3746679 CV EXPL 15-187</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2015:584:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Regeling in huurgeschil.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2015:584:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">RECHTBANK LIMBURG</bridgehead>
    <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Burgerlijk recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 3746679 CV EXPL 15-187</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vonnis in kort geding van  26 januari 2015</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold caps">
          [eiseres], </emphasis>
      </para>
      <para>wonend te [woonplaats],</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>gemachtigde: mr. R.A. Wijnands</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold caps">
          [gedaagde], </emphasis>
      </para>
      <para>wonend te [woonplaats],</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>gemachtigde: mr. P. Winkens.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna verhuurster en huurster genoemd worden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het exploot van dagvaarding d.d. 13 januari 2015</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de conclusie van antwoord</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de door verhuurster op 15 januari 2015 en op 22 januari 2015 nog overgelegde stukken</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van comparitie van 26 januari 2015.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Ten slotte is vonnis bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Huurster huurt sinds 1 juli 2014 van verhuurster de woning staande en gelegen te [adres woning] tegen een overeengekomen huurprijs van € 675,00 per maand.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Verhuurster vordert - samengevat - de veroordeling van huurster tot ontruiming van het gehuurde en tot betaling van achterstallige huur en van een overeengekomen waarborgsom. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Het gestelde spoedeisende belang wordt aanwezig geacht.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Gelet op de in het geding gebrachte stukken en met name op het verhandelde ter zitting is de voorzieningenrechter van oordeel dat huurster, hoewel haar dit niet persoonlijk valt aan te rekenen, zich zodanig gedragen heeft dat met voldoende mate van zekerheid te verwachten valt dat de rechter in een eventuele bodemprocedure de huurovereenkomst zal beëindigen en haar zal veroordelen tot ontruiming van het gehuurde. Gelet op het spoedeisend belang van verhuurster is het gerechtvaardigd om hierop bij wege van onmiddellijke voorziening vooruit te lopen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Partijen hebben ter zitting een regeling getroffen, inhoudende dat huurster het gehuurde uiterlijk op 1 juli 2015 zal ontruimen, een en ander onder voor huurster geldende voorwaarden zoals opgenomen in het aan dit vonnis gehechte proces-verbaal, bij gebreke van voldoening waaraan verhuurster het recht heeft om het gehuurde eerder te doen ontruimen dan 1 juli 2015. De voorzieningenrechter zal derhalve beslissen conform die door partijen getroffen regeling. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Naast een veroordeling tot ontruiming, die krachtens artikel 434 juncto artikel 555 Rv door een gerechtsdeurwaarder ten uitvoer worden gelegd zonder machtiging daartoe van de rechter, heeft verhuurster geen belang (gesteld) bij een dwangsom. In zoverre worden de vorderingen afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>De proceskosten worden gecompenseerd in die zin, dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorzieningenrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt huurster om het gehuurde, de onroerende zaak aan de [adres woning], te ontruimen met alle personen en zaken die zich vanwege huurster in het gehuurde bevinden uiterlijk op 1 juli 2015 of zoveel eerder als blijkt dat huurster zich niet heeft gehouden aan één van de onder 1 tot en met 6 genoemde voorwaarden in het van dit vonnis deel uitmakende proces-verbaal van de zitting van vandaag;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>compenseert de proceskosten in die zin, dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit vonnis is gewezen door mr. E.P. van Unen en is in het openbaar uitgesproken.  </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>type: RK</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>