<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLIM:2014:7062</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-08-07T14:34:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-08-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Limburg" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Limburg</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-08-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/03/187817 / FA RK 14-335</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#bodemzaak">Bodemzaak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Maastricht</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2014:7062">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2014:7062</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-08-07T14:31:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-08-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLIM:2014:7062 Rechtbank Limburg , 05-08-2014 / C/03/187817 / FA RK 14-335</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLIM:2014:7062:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>BOR in voorlopige voorzieningen, geen aanhouding om verloop BOR te volgen. </para>
      <para />
      <para>Wel rapportage Raad in bodemprocedure.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLIM:2014:7062:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold caps">Rechtbank Limburg</emphasis>
  </para>
  <para>Familie en jeugd</para>
  <parablock>
    <para>Zittingsplaats Maastricht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>C/03/187817 / FA RK 14-335Zaaknummer: C/03/187817 / FA RK 14-335</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Beschikking van 5 augustus 2014 betreffende voorlopige voorzieningen</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>in de zaak van:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold underline">
        [belanghebbende]
      </emphasis>,</para>
    <para>wonende te [woonplaats],  </para>
    <para>hierna te noemen de vrouw,</para>
    <para>advocaat: mr. F.M. van Venrooij-Nieuwenhuis, kantoorhoudende te Heerlen,</para>
    <para>tegen:</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold underline">
        [belanghebbende]
      </emphasis>,</para>
    <para>wonende te [woonplaats],  </para>
    <para>hierna te noemen de man,</para>
    <para>advocaat: mr. S.G.L. Bremen, kantoorhoudende te Landgraaf.</para>
  </parablock>
  <section role="overwegingen">
    <title>Verdere beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 29 april 2014 heeft de rechtbank de beslissing ten aanzien van het verzoek tot vaststelling van een voorlopige verdeling van de zorg- en opvoedingstaken ten aanzien van de minderjarige kinderen [minderjarige A] en [minderjarige B] aangehouden in afwachting van een door de Raad voor de Kinderbescherming (verder: de Raad) dienaangaande uit te brengen advies.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Raad heeft op 21 juli 2014 zijn rapport uitgebracht. </para>
      <para>De Raad heeft naar aanleiding van die rapportage geadviseerd te bepalen dat de contacten tussen de minderjarige [minderjarige A] en de man voorlopig, tot daarover nader wordt beslist, zullen plaatsvinden via de begeleide omgangsregeling (BOR) onder professionele begeleiding van Xonar of Axnaga, waarbij wordt verstaan dat de professional de regie over de contacten heeft, en overigens de behandeling van de zaak aan te houden voor een periode van ten minste acht maanden.</para>
      <para>Ten aanzien van de minderjarige [minderjarige B] heeft de Raad geadviseerd de beslissing aan te houden voor de duur van acht maanden, teneinde partijen de gelegenheid te geven in de tussen liggende periode de ingezette hulpverlening voort te zetten en de hulpverlening voor [minderjarige B] op te starten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De man heeft bij brief van 28 juli 2014 te kennen gegeven zich te kunnen vinden in het advies van de Raad.</para>
      <para>De vrouw heeft op1 augustus 2014 eveneens aangegeven dat zij zich (grotendeels) in het rapport van de Raad kan vinden.</para>
      <para>Beide partijen hebben afgezien van een mondelinge behandeling en hebben verzocht een beschikking te geven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt voorop dat gelet op de aard en het karakter van de onderhavige voorlopige voorzieningenprocedure een aanhouding van de beslissing voor een periode van acht maanden, zoals door de Raad is geadviseerd, niet aan de orde kan zijn.  </para>
      <para>De voorlopige voorzieningenprocedure strekt er immers toe om op korte termijn een  oplossing te verschaffen ten aanzien van dringende kwesties die partijen verdeeld houden. In dat kader past geen aanhouding voor langere tijd.</para>
      <para>Voor zover de Raad heeft geadviseerd de beslissingen aan te houden voor een periode van acht maanden zal de rechtbank dat advies niet volgen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal, met inachtneming van de inhoud en strekking van het rapport van de Raad, thans een voorlopige voorziening dienen te treffen die gelet op de omstandigheden van het geval in het belang van de kinderen is te achten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal, van oordeel zijnde dat zulks in het belang van [minderjarige A] is, overeenkomstig het advies van de Raad bij wege van voorlopige voorziening beslissen dat de contacten tussen de man en [minderjarige A] zullen plaatsvinden via de begeleide omgangsregeling (BOR) onder professionele begeleiding van Xonar of Axnaga, waarbij de professional de regie over de contacten heeft.</para>
      <para>Voor wat betreft de verdere voortgang en afwikkeling van het BOR traject is in het kader van de onderhavige voorlopige voorzieningen procedure geen plaats. De door de Raad uit te brengen rapportage met betrekking tot de voortgang van het BOR traject dient dan ook in de tussen partijen  aanhangige echtscheidingsprocedure (bekend onder zaaknummer  189184 FA RK 14-732) te worden ingebracht, in welke procedure vervolgens een verdere beslissing zal worden gegeven met betrekking tot de verdeling van de zorgtaken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van de minderjarige [minderjarige B] is door de Raad geadviseerd vooralsnog geen verdeling van de zorgtaken vast te stellen, zulks om partijen de gelegenheid te geven de ingezette hulpverlening voort te zetten en de hulpverlening voor [minderjarige B] op te starten.</para>
      <para>Gelet op dat advies van de Raad zal de rechtbank het verzoek tot vaststelling van een voorlopige zorgverdeling met [minderjarige B] afwijzen, nu vaststelling van een voorlopige zorgverdeling onder die omstandigheden thans niet in het belang van [minderjarige B] is te achten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de contacten tussen de man en de minderjarige [minderjarige A], geboren op [1998], voorlopig, tot daarover nader zal worden beslist, zullen plaatsvinden via de begeleide omgangsregeling (BOR) onder professionele begeleiding van Xonar of Axnaga, waarbij de professional de regie heeft over de contacten;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat de Raad uiterlijk na 8 maanden (pro forma) de rapportage van Xonar/Axnaga omtrent de voortgang ten aanzien van de contacten met [minderjarige A] bij de rechtbank dient in te dienen, in de tussen partijen bij deze rechtbank aanhangige echtscheidingszaak bekend onder het zaaknummer, 189184 / FA RK 14-732;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het verzoek tot vaststelling van een voorlopige zorgverdeling ten aanzien van de minderjarige [minderjarige B], geboren op [2002].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mr. P.J.H. Frénay, rechter, tevens kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op <emphasis role="bold">5 augustus 2014</emphasis>, in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak staat voor partijen geen hogere voorziening open.</para>
      <para />
      <para />
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>