<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLEE:2007:BA4744</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T18:00:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BA4744</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2007-05-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">17/880141-07 RDK</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLEE:2007:BA4744">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLEE:2007:BA4744</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T01:23:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2007-05-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLEE:2007:BA4744 Rechtbank Leeuwarden , 02-05-2007 / 17/880141-07 RDK</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLEE:2007:BA4744:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Geschokte rechtsorde, voorlopige hechtnis, verdenking, nadere grond, ernstige bezwaren</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLEE:2007:BA4744:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK LEEUWARDEN</para>
      <para>Sector strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>                                                       Bevel gevangenhouding</para>
    <para />
    <para>Parketnummer: 17/880141-07</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>BESCHIKKING</para>
      <para>van de rechtbank van het arrondissement Leeuwarden, meervoudige raadkamer, in</para>
      <para>de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[verdachte],</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],</para>
      <para>wonende te [adres],</para>
      <para>thans verblijvende PI Overijssel, PIV Zwolle te Zwolle.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze</para>
      <para>rechtbank, heeft op 25 april 2007 een bevel tot bewaring van de verdachte</para>
      <para>verleend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank de gevangenhouding</para>
      <para>van de verdachte zal bevelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze vordering is heden behandeld in raadkamer, blijkens het daarvan opgemaakte</para>
      <para>proces-verbaal, waarbij de verdachte is gehoord.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij die behandeling is de rechtbank gebleken dat de verdenking, bezwaren en</para>
      <para>gronden, welke tot het bevel tot bewaring aanleiding hebben gegeven, ook thans</para>
      <para>nog bestaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft betoogd dat de rechtsorde niet, althans niet meer, geschokt</para>
      <para>is door de gedraging die aan verdachte wordt verweten. Hij heeft daarbij</para>
      <para>verwezen naar de uitspraak van de rechtbank Haarlem van 13 april 2007, LJN BA</para>
      <para>2938, alsmede naar de uitspraken van het EHRM te Straatsburg inzake Letellier,</para>
      <para>Smirnova, Czarnecki en Jablonski. De rechtbank stelt om te beginnen vast dat</para>
      <para>zij ingevolge de artikelen 93 en 94 van de Grondwet voor de beoordeling of de</para>
      <para>rechtsorde ernstig is geschokt niet alleen acht moet slaan op artikel 67a van</para>
      <para>het wetboek van strafvordering, maar tevens op de uitleg die het EHRM aan dit</para>
      <para>begrip geeft, welke uitleg ingeval van strijdigheid met de Nederlandse</para>
      <para>wetgeving voorgaat. Het gaat daarbij in het bijzonder om uitleg van artikel</para>
      <para>5, eerste en derde lid EVRM. De rechtbank volgt de raadsman in zijn betoog</para>
      <para>dat de interpretatie van laatstgenoemd artikel door het EHRM meebrengt dat</para>
      <para>voorlopige hechtenis een uitzondering is op het recht op persoonlijke</para>
      <para>vrijheid. In de onderhavige zaak betekent dit dat de voorlopige hechtenis</para>
      <para>niet noodzakelijkerwijze voortvloeit uit de tegen verdachte gerezen</para>
      <para>verdenking, maar dat een nadere grond aanwezig moet zijn. In de onderhavige</para>
      <para>zaak staat slechts ter discussie of de voorlopige hechtenis van verdachte</para>
      <para>gerechtvaardigd is, omdat de rechtsorde door het feit waarvan zij wordt</para>
      <para>verdacht ernstig geschokt is. De rechtbank volgt de raadsman in zijn betoog,</para>
      <para>mede gebaseerd op de hiervoor aangehaalde uitspraken, dat van een ernstig</para>
      <para>geschokte rechtsorde slechts sprake kan zijn als voldaan wordt aan de volgende</para>
      <para>criteria:</para>
      <para>a. In het licht van de bijzondere ernst van het concrete feit waarvan</para>
      <para>verdachte wordt verdacht en de publieke reactie daarop bestaat het gevaar dat</para>
      <para>de vrijlating van deze verdachte tot maatschappelijke onrust zal leiden.</para>
      <para>b. Van maatschappelijke onrust is sprake indien het in de samenleving</para>
      <para>onbegrijpelijk en onaanvaardbaar zou worden geacht indien deze verdachte haar</para>
      <para>berechting in vrijheid zou mogen afwachten.</para>
      <para>Anders dan de raadsman heeft betoogd is de rechtbank van oordeel dat in de</para>
      <para>zaak van verdachte aan deze twee criteria wordt voldaan. De verdenking bestaat</para>
      <para>dat verdachte, na daartoe het plan te hebben opgevat, twee keer met een</para>
      <para>vuurwapen op ruiten van de woning van het slachtoffer heeft gevuurd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er zijn ernstige bezwaren tegen verdachte gerezen, mede omdat zij heeft</para>
      <para>erkend, deze schoten te hebben gelost. Bij deze stand van zaken moet de</para>
      <para>rechtbank aannemen dat verdachtes gedraging naar haar uiterlijke vorm geschikt</para>
      <para>was om één of meer personen, die zich in de woning bevonden, van het leven te</para>
      <para>beroven. Er bestaat verdenking dat verdachte gepoogd heeft, het hoogste</para>
      <para>rechtsgoed dat door de wet en internationale verdragen wordt beschermd -het</para>
      <para>menselijk leven- te schenden. Door de wijze van uitvoering en omdat het feit</para>
      <para>zich heeft afgespeeld in een woonbuurt was het extra choquerend. De rechtbank</para>
      <para>is van oordeel dat onder deze omstandigheden door verdachtes gedraging de</para>
      <para>rechtsorde ernstig is geschokt. De rechtbank wijst er in dit verband op dat in</para>
      <para>de samenleving grote bezorgdheid bestaat over het toenemend geweld en de</para>
      <para>verruwing bij het ontstaan en oplossen van conflicten en dat in brede kring</para>
      <para>wordt aangedrongen op krachtiger strafrechtelijk optreden daartegen.</para>
      <para>Vrijlating van verdachte zou naar het inzicht van de rechtbank dan ook tot</para>
      <para>maatschappelijke onrust leiden, omdat de samenleving invrijheidstelling van</para>
      <para>verdachte onbegrijpelijk en onaanvaardbaar zou achten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De rechtbank zal daarom de gevangenhouding van de verdachte bevelen.</para>
    <para />
    <para>BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De rechtbank:</para>
    <para />
    <para>beveelt de gevangenhouding van de verdachte voor een termijn van 30 dagen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven op 02 mei 2007 door mrs. M.H. Severein, voorzitter,</para>
      <para>B.J. de Jong, J. van Bruggen, rechters, bijgestaan door J. de Jong,</para>
      <para>griffier.</para>
      <para>Deze beschikking is getekend door de voorzitter.</para>
      <para>De griffier is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>