<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBLEE:2006:AV8768</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T10:58:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AV8768</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2006-04-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">17/080337-97 TBS</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBLEE:2004:AQ5886" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/verzet" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Op verzet tegen : ECLI:NL:RBLEE:2004:AQ5886</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBLEE:2010:BO8177" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/verzet" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#overig">Verzetvonnis: ECLI:NL:RBLEE:2010:BO8177, Overig</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLEE:2006:AV8768">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLEE:2006:AV8768</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T23:28:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2006-04-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBLEE:2006:AV8768 Rechtbank Leeuwarden , 06-04-2006 / 17/080337-97 TBS</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBLEE:2006:AV8768:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Psychische stoornis, recidivegevaar, contra-expertise, risicotaxatie, testresultaten</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBLEE:2006:AV8768:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>Rechtbank Leeuwarden</para>
    <para />
    <para>Sector strafrecht</para>
    <para />
    <para>VERLENGING TERBESCHIKKINGSTELLING</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitspraak: 6 april 2006 </para>
      <para>Parketnummer: 17/080337-97 </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>BESLISSING van de rechtbank te Leeuwarden, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, op de vordering van de officier van justitie in het arrondissement Leeuwarden tegen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>	[veroordeelde]</para>
      <para>	geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],</para>
      <para>	thans verblijvende Dr. Henri van der Hoevenkliniek te Utrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>PROCESGANG</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft schriftelijk gevorderd dat de rechtbank de termijn van terbeschikkingstelling van de veroordeelde zal verlengen met twee jaar.</para>
      <para>De behandeling heeft plaatsgevonden op 23 maart 2006, waarbij aanwezig waren de veroordeelde, haar raadslieden mr. A.A. Franken en mr. W.H. Jebbink, de officier van justitie en drs. [deskundige 1], [deskundige 2] en prof. dr. [deskundige 3] als getuige-deskundigen. De rechtbank heeft acht geslagen op de stukken, waaronder met name het rapport met advies van het behandelteam van de inrichting waar de veroordeelde van overheidswege wordt verpleegd, d.d. 25 oktober 2005, alsmede de aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van de veroordeelde. Voorts heeft de rechtbank kennis genomen van het rapport van prof. dr. [deskundige 3] d.d. 22 maart 2006 en de brief van veroordeelde d.d. 21 maart 2006.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>OVERWEGINGEN</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadslieden van veroordeelde stellen dat de vordering tot verlenging dient te worden afgewezen nu er geen sprake is van een psychische stoornis. Zij hebben daartoe gemotiveerd gesteld dat:</para>
      <para>(a) volgens een aantal deskundigen veroordeelde niet lijdt aan enige stoornis, </para>
      <para>(b) de door de Van der Hoevenkliniek gestelde diagnose vaag en niet gemotiveerd is,</para>
      <para>(c) bij conflicterende deskundigenoordelen de veroordeelde het voordeel van de twijfel dient te krijgen.</para>
      <para>Voorts hebben de raadslieden gesteld dat het recidivegevaar niet dusdanig is, dat het maatschappelijk onverantwoord zou zijn indien de terbeschikkingstelling wordt beëindigd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter onderbouwing  van het bovenstaande heeft de verdediging  een contra-expertise laten uitvoeren door prof. dr. [deskundige 3].</para>
      <para>Ter zitting zijn prof. dr. [deskundige 3], alsmede drs. [deskundige 1] (GGZ-psycholoog hoofd behandeling) en [deskundige 2] (psychiater directeur behandeling) als getuige-deskundigen gehoord.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor de beantwoording van de vraag of de terbeschikkingstelling moet worden verlengd is met name van belang of er sprake is van herhalingsgevaar. Een risicotaxatie is zowel door de Van der Hoeven kliniek als prof. dr. [deskundige 3] uitgevoerd (onder meer) met behulp van de zogenoemde HCR-20 test. </para>
      <para>Ter terechtzitting is gebleken dat de Van der Hoevenkliniek en prof. dr. [deskundige 3] (mede) op grond van deze test tot een geheel ander eindoordeel komen ten aanzien van het recidiverisico.</para>
      <para>De rechtbank acht het daarom, gelet op de zorgvuldigheid van de beoordeling, wenselijk dat de  Van der Hoevenkliniek en prof. dr. [deskundige 3] de onderliggende testresultaten van de HCR-20 aan de rechtbank overleggen en zij het recidiverisico aan de hand van genoemde testresultaten nader onderbouwen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De rechtbank zal dan ook het onderzoek ter terechtzitting hervatten als na te melden.</para>
    <para />
    <para>DE BESLISSING</para>
    <para />
    <para>De rechtbank schorst het onderzoek voor onbepaalde tijd, doch maximaal één maand, zulks om de Van der Hoevenkliniek en prof. dr. [deskundige 3] in de gelegenheid te stellen bovengenoemde testresultaten te overleggen.</para>
    <para />
    <para>Bepaalt voorts dat voor de nader te bepalen terechtzitting een medewerker van de Van der Hoevenkliniek en prof. dr. [deskundige 3] dienen te worden opgeroepen, zulks om een toelichting te kunnen geven omtrent het recidiverisico.</para>
    <para />
    <para>Stelt daartoe de stukken in handen van de officier van justitie.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beslissing is gegeven door mr. O. Anjewierden, voorzitter, mr. G.C. Koelman en mr. Y. Huizing, rechters, bijgestaan door mr. S.C.A. van Kuijeren, griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 april 2006. </para>
      <para>Mrs. Huizing en Van Kuijeren zijn buiten staat deze beslissing vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>