<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBHAA:2012:BY2126</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T10:03:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BY2126</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Haarlem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Haarlem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-10-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">15/270587-11 (art. 552a Sv)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2012:BY2126">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2012:BY2126</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T11:04:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-11-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBHAA:2012:BY2126 Rechtbank Haarlem , 04-10-2012 / 15/270587-11 (art. 552a Sv)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBHAA:2012:BY2126:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Enkelvoudige raadkamer; beschikking ex artikel 552a Sv; bescherming arikel 3:86, derde lid, BW.</para>
        <para>Het slachtoffer van verduistering heeft niet de bescherming van artikel 3:86, derde lid, BW. In casu is de belanghebbende het bezit van de personenauto door verduistering verloren. </para>
        <para>De rechtbank verklaart het klaagschrift gegrond, heft op het beslag en gelast de teruggave aan klager van de personenauto.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBHAA:2012:BY2126:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK HAARLEM</para>
      <para>Sector Strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Locatie Haarlem</para>
    <para />
    <para>Enkelvoudige raadkamer</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Registratienummer: 12/251 </para>
      <para>Parketnummer: 15/270587-11</para>
      <para>Uitspraakdatum: 4 oktober 2012</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>beschikking (art. 552a Sv.)</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. Ontstaan en loop van de procedure</para>
      <para>Op 10 februari 2012 is op de griffie van de rechtbank Haarlem ingekomen een klaagschrift, gedateerd 10 februari 2012 van mr. C.P. Zwaanswijk, gemachtigde van </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[klager], klager,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1965 te Den Haag, </para>
      <para>wonende te [adres]</para>
      <para>domicilie kiezende te Den Haag, ten kantore van mr. C.P. Zwaanswijk, advocaat.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het klaagschrift strekt tot opheffing van het daarop gelegde beslag, met last tot teruggave aan klager van:</para>
      <para>-  1 personenauto, merk Mercedes-Benz, kenteken [kentekennummer].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 4 oktober 2012 is dit klaagschrift op een openbare zitting in raadkamer behandeld. </para>
      <para>Klager, is in persoon verschenen, bijgestaan door mr. C.P. Zwaanswijk, voornoemd. </para>
      <para>Tevens was aanwezig de officier van justitie mr. J.G. Hendriks en belanghebbende [naam].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Van het verhandelde ter zitting is afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt. De inhoud daarvan wordt als hier ingelast beschouwd. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2. Beoordeling </para>
      <para>Vast is komen te staan, dat bedoelde personenauto op 17 augustus 2011 op rechtmatige wijze onder klager in beslag is genomen en dat het beslag nog voortduurt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat klager niet ontvankelijk dient te worden verklaard in zijn klaagschrift, nu het klaagschrift niet binnen 14 dagen na de schriftelijke kennisgeving van de officier van justitie van 5 december 2011 is ingediend.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens klager is er onder meer op gewezen dat klager, door een verhuizing, pas op 2 februari 2012 op de hoogte geraakt was van de kennisgeving van de officier van justitie en klager mitsdien ontvankelijk is in zijn verzoek.</para>
      <para>Voorts is aangevoerd dat klager een geslaagd beroep op derdenbescherming ex artikel 3:86 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan doen aangezien </para>
      <para>- er sprake is van onbevoegdheid van de vervreemder en van een geldige koopovereenkomst en levering;</para>
      <para>- er sprake is van overdracht van een roerende zaak;</para>
      <para>- de overdracht is geschied anders dan om niet;</para>
      <para>- klager heeft om een identiteitsbewijzen gevraagd, en bij het RBW nagevraagd of de auto als gestolen gesignaleerd stond; derhalve heeft klager de op hem rustende onderzoeksplicht correct uitgeoefend en mitsdien kan hij als verkrijger te goeder trouw als bedoeld in artikel 3:86 BW worden beschouwd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat de kennisgeving van de officier van justitie van 15 december 2012 hem eerst op 2 februari 2012 heeft bereikt, en is van oordeel dat het - nu het klaagschrift vervolgens zo spoedig mogelijk bij de rechtbank is bezorgd - tijdig is ingediend.</para>
      <para>Klager is dan ook, nu het klaagschrift voorts is ingediend binnen de in artikel 552a, derde lid, Sv. gestelde termijn, daarin ontvankelijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 3:86, derde lid, BW schrijft voor dat de eigenaar van een roerende zaak die het bezit daarvan door diefstal heeft verloren, deze gedurende drie jaren, te rekenen van de dag van de diefstal af, als zijn/haar eigendom kan opeisen.</para>
      <para>In het onderhavige geval is belanghebbende het bezit van de personenauto door verduistering verloren, en het slachtoffer van verduistering heeft niet de bescherming van artikel 3:86, derde lid, BW. De personenauto dient terug te worden gegeven aan klager.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Op grond van het vorenstaande dient te worden beslist als volgt.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>3. Beslissing </para>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>verklaart het klaagschrift gegrond, heft op het daarop gelegde beslag en gelast de teruggave aan klager van 1 personenauto, merk Mercedes-Benz, kenteken [kenteken[kentekennummer].</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>4. Samenstelling raadkamer en uitspraakdatum </para>
      <para>Deze beschikking is gegeven door</para>
      <para>mr. J. Snitker, rechter, </para>
      <para>in tegenwoordigheid van C.A. de Koning, griffier, </para>
      <para>en in het openbaar uitgesproken op 4 oktober 2012</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Registratienummer: 12/251 </para>
      <para>Inzake: [klager]	blad 2</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>beschikking</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>