<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBHAA:2012:BV1969</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T01:13:06</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BV1969</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Haarlem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Haarlem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2012-01-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">539506 VV EXPL 11-322</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen)</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827&amp;artikel=53">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 53</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827&amp;artikel=54">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 54</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005290">Burgerlijk Wetboek Boek 7</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005290&amp;artikel=229">Burgerlijk Wetboek Boek 7 229</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005290&amp;artikel=268">Burgerlijk Wetboek Boek 7 268</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJF 2012/93</rdf:li>
          <rdf:li>JHV 2012/62 met annotatie van mr. Gardenbroek</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2012:BV1969">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2012:BV1969</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T09:33:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2012-01-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBHAA:2012:BV1969 Rechtbank Haarlem , 11-01-2012 / 539506 VV EXPL 11-322</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBHAA:2012:BV1969:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vordering tot ontruiming van woning door onbekende erfgenamen. Betekening aan het parket van de OvJ, gevolgd door aankondiging in een landelijk dagblad. Gedaagden niet in rechte verschenen. Betekening ex artikel 54 lid 2 Rv is aangewezen, gelet op het te respecteren (spoedeisend) belang van eiseres bij de vordering.  De vordering wordt  toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBHAA:2012:BV1969:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK HAARLEM</para>
      <para>Sector kanton</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Locatie Haarlem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaak/rolnr.: 539506/VV EXPL 11-322 </para>
      <para>datum uitspraak: 11 januari 2012</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>VERSTEKVONNIS VAN DE KANTONRECHTER IN KORT GEDING</para>
    <para />
    <para>inzake</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>de stichting STICHTING PRÉ WONEN</para>
      <para>te Haarlem</para>
      <para>eiseres</para>
      <para>hierna te noemen Pré Wonen</para>
      <para>gemachtigde Van der Hoeden Mulder</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>tegen</para>
    <para> </para>
    <parablock>
      <para>De gezamenlijke erven van [XXX]</para>
      <para>zonder bekende woon- of verblijfplaats</para>
      <para>gedaagden</para>
      <para>hierna te noemen De erven van [XXX].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De procedure</para>
      <para>Pré Wonen heeft de erven van [XXX] gedagvaard bij exploot van 23 december 2011, betekend aan het parket van de Officier van Justitie bij de rechtbank te Haarlem, en door middel van een publicatie van een uittreksel van het exploot in het landelijk dagblad Het Parool van 27 december 2011. </para>
      <para>De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden op 4 januari 2012. De erven van [XXX] zijn niet ter zitting verschenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten</para>
      <para>[XXX] heeft van Pré Wonen de woning gehuurd aan de [adres] te [woonplaats] (hierna: de woning) tegen een huurprijs van (laatstelijk) € 209,69 per maand.</para>
      <para>[XXX] is op 26 oktober 2011 overleden.</para>
      <para>3.	De erfgenamen van [XXX] zijn niet bekend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering</para>
      <para>Pré Wonen vordert bij wijze van voorlopige voorziening veroordeling van de erven van [XXX] tot ontruiming van de woning en betaling van € 207,08 per maand voor iedere maand dat de erven van [XXX] de woning na 31 december 2011 in gebruik houden, met veroordeling van de erven van [XXX] in de kosten van het geding.</para>
      <para>Pré Wonen stelt een spoedeisend belang te hebben bij de vordering, ten einde de woning zo spoedig mogelijk ter beschikking te kunnen stellen aan een woningzoekende en de huurderving te beperken.</para>
      <para>De beoordeling</para>
      <para>1. Ingevolge artikel 53 Rv kan in drie gevallen, onder de in de leden 1, 2 en 3 genoemde voorwaarden, de vermelding van de namen en woonplaatsen van de gezamenlijke erfgenamen achterwege blijven. Gesteld noch gebleken is dat in het onderhavige geval aan (een van de) genoemde voorwaarden is voldaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter heeft Pré Wonen echter een te respecteren (spoedeisend) belang bij de vordering. Nu Pré Wonen niet bekend is met (namen en/of adressen van) erfgenamen v[XXX] dan wel de persoon of woonplaats van een executeur of vereffenaar van de nalatenschap, staat haar slechts de wijze van dagvaarding als voorzien in artikel 54 lid 2 ter beschikking. Nu aan de eisen van artikel 54 lid 2 Rv is voldaan, zal verstek worden verleend tegen de erven van [XXX]. De vorderingen zullen worden toegewezen omdat deze naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter niet ongegrond of onrechtmatig zijn, met dien verstande dat de schadevergoeding toewijsbaar is zolang de erven van [XXX] na 31 december 2011 nalatig zijn met de oplevering van de woning. </para>
    <para />
    <para>3. De proceskosten komen voor rekening van de erven van [XXX] omdat deze in het ongelijk worden gesteld. Omdat Pré Wonen de door haar gevorderde noodzakelijk gemaakte advertentiekosten niet heeft gespecificeerd, zal dit gedeelte van de vordering als onbepaald  worden afgewezen.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Beslissing</para>
      <para>De kantonrechter:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- veroordeelt de erven van [XXX] bij wijze van voorlopige voorziening: </para>
      <para>a.	om de woonruimte aan de [adres] te [woonplaats] binnen drie dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen, leeg op te leveren en de sleutels over te dragen aan Pré Wonen;</para>
      <para>b.	om aan Pré Wonen een schadevergoeding te betalen van € 207,08 voor iedere maand of gedeelte daarvan dat de erven van [XXX] na 31 december 2011 nalatig zijn met de oplevering van de woning aan Pré Wonen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>- veroordeelt de erven van [XXX] tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van Pré Wonen tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:</para>
      <para>dagvaarding			€   98,31</para>
      <para>griffierecht			€ 106,00</para>
      <para>salaris gemachtigde		€ 400,00;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
    <para />
    <para>- wijst af wat meer of anders mocht zijn gevorderd.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Dit vonnis is gewezen door mr. C.E. van Oosten-van Smaalen en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.</para>
    <para />
    <para>Coll.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>