<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBHAA:2008:BH5032</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T08:00:40</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BH5032</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Haarlem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Haarlem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2008-12-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">AWB 07/5887</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2008:BH5032">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2008:BH5032</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T04:16:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2009-03-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBHAA:2008:BH5032 Rechtbank Haarlem , 19-12-2008 / AWB 07/5887</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBHAA:2008:BH5032:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Eiser kan zich niet verenigen met de keurontheffing nu deze voorziet in de aanleg van een sloot tussen zijn perceel en het naastgelegen perceel. Geen procesbelang nu de Landinrichtingscommissie heeft aangegeven het werk niet uit te voeren</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBHAA:2008:BH5032:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK HAARLEM </para>
      <para>Sector bestuursrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>zaaknummer:  AWB 07 - 5887</para>
    <para />
    <para>uitspraak van de meervoudige kamer van 19 december 2008 </para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[eiser],</para>
      <para>wonende te [adres],</para>
      <para>eiser,</para>
      <para>gemachtigde: H. Karels, werkzaam bij administratiekantoor H. Karels,	 </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>tegen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier,</para>
      <para>verweerder,	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>derde partij,</para>
      <para>de Landinrichtingscommissie voor ruilverkaveling De Gouw.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>1.	Procesverloop</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij besluit van 13 december 2006 heeft verweerder op aanvraag van de Landinrichtingscommissie voor de ruilverkaveling De Gouw ontheffing verleend van het bepaalde in artikel 15, onder a, b en h van  de Keur van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 2006 (hierna: de Keur) voor het uitvoeren van diverse inrichtingswerkzaamheden - waaronder het dempen, graven en verbreden van sloten, het plaatsen van pompen en het wijzigen van waterpeilen - in de gemeente [adres] (in het gebied dat wordt begrensd door de A.C. de Graafweg, ’t Zwet/Molensloot, Grote Zomerdijk, Kerkweg, Verlengde Kerkweg en Nieuweweg) overeenkomstig de bij het besluit behorende tekeningen.</para>
      <para>Tegen dit besluit heeft eiser bij brief van 14 januari 2007, aangevuld bij brieven van 23 februari 2007 en van 6 september 2008 bezwaar gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Bij besluit van 5 juni 2007, verzonden op 22 juni 2007, heeft verweerder het bezwaar gegrond verklaard en de onderleider in oostelijke richting opgeschoven. Daarbij heeft verweerder verwezen naar het advies van 14 mei 2007 van de Adviescommissie bezwaren. 	</para>
    <para />
    <para>Tegen dit besluit heeft eiser bij brief van 1 augustus 2007, aangevuld bij brief van 28 september 2007 beroep ingesteld. </para>
    <para />
    <para>Verweerder heeft op de zaak betrekking hebbende stukken ingezonden en een verweerschrift ingediend.	</para>
    <para />
    <para>Bij brief van 14 januari heeft derde partij zijn standpunt uiteengezet.</para>
    <para />
    <para>Op 6 september 2008 heeft eiser nadere stukken ingediend.</para>
    <para />
    <para>Het beroep is behandeld ter zitting van 18 september 2008, alwaar eiser in persoon is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. M. Bregman, J. Zijp en R. Wagenaar, allen werkzaam bij het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Namens de derde partij zijn verschenen A.I.L. Rennings, werkzaam bij de Dienst Landelijk Gebied, en B. Hakvoort, voorzitter van de Landinrichtingscommissie. </para>
    <para />
    <para>2.	Overwegingen</para>
    <para />
    <para>Eiser kan zich met het bestreden besluit niet verenigen, voor zover het ziet op de aanleg van een kavelscheidingssloot tussen zijn perceel en dat van de firma [naam]. Reeds voor de behandeling van het beroepschrift heeft de derde partij besloten de betreffende sloot niet aan te leggen en dit aan de overige partijen kenbaar gemaakt. Ter zitting is namens de derde partij nogmaals de toezegging gedaan dat de betreffende sloot, zoals weergegeven op de bij deze uitspraak gevoegde tekening, niet op basis van de onderhavige ontheffing zal worden gerealiseerd. De rechtbank komt tot de conclusie dat eiser onder deze omstandigheden niet langer een procesbelang heeft. Het beroep dient derhalve niet-ontvankelijk te worden verklaard. Gelet hierop komt de rechtbank niet toe aan de vraag of het beroep van eiser op grond van artikel 6:13 van de Algemene wet bestuursrecht niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens het aanvoeren van beroepsgronden tegen een onderdeel van het besluit waartegen in bezwaar geen gronden zijn aangevoerd.</para>
    <para />
    <para>3.	Beslissing</para>
    <para />
    <para>           De rechtbank: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het beroep niet ontvankelijk</para>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. I.M. Ludwig, voorzitter van de meervoudige kamer</para>
      <para>en mr. A.C. Terwiel-Kuneman en mr. drs. L. Beijen, rechters, en op 19 december 2008  in het openbaar uitgesproken, in tegenwoordigheid van mr. D. Krokké, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>afschrift verzonden op:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Rechtsmiddel</para>
      <para>Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA  Den Haag. Het hoger beroep dient te worden ingesteld door het indienen van een beroepschrift binnen zes weken onmiddellijk liggend na de dag van verzending van de uitspraak door de griffier.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>