<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9168</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T13:00:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BA9168</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Haarlem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Haarlem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2007-07-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">15/800775-07</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001903">Wetboek van Strafvordering</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001903&amp;artikel=65">Wetboek van Strafvordering 65</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001903&amp;artikel=67">Wetboek van Strafvordering 67</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001903&amp;artikel=69">Wetboek van Strafvordering 69</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJFS 2007, 212</rdf:li>
          <rdf:li>NbSr 2007/328</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9168">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9168</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T01:38:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2007-07-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9168 Rechtbank Haarlem , 04-07-2007 / 15/800775-07</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9168:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De raadkamer van de rechtbank Haarlem geeft ambtshalve toepassing aan artikel 69 Sv, om twee gelijktijdige vervolgingen ter zake van hetzelfde materiële feit te voorkomen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9168:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>SECTOR STRAFRECHT</para>
      <para>                                                                  VESTIGING SCHIPHOL</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>                                                             BEVEL GEVANGENHOUDING</para>
    <para />
    <para>Parketnummer: 15/800775-07</para>
    <para />
    <para>De rechtbank;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gezien de vordering van de officier van justitie, strekkende tot</para>
      <para>gevangenhouding van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[verdachte]</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],</para>
      <para>wonende te  , Z.V.W.O.V.H.T.L.,</para>
      <para>thans verblijvende: Detentiecentrum, HvB Schiphol Oost te Oude Meer;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gelet op het tegen de verdachte verleende bevel tot bewaring van 03 juli 2007,</para>
      <para>welk bevel van kracht is tot 17 juli 2007;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>gehoord de officier van justitie;</para>
    <para />
    <para>gehoord de verdachte;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>overwegende, dat de rechtbank na onderzoek is gebleken dat de verdenking,</para>
      <para>bezwaren en gronden, die tot het bevel tot bewaring van verdachte hebben</para>
      <para>geleid, ook thans nog bestaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>overwegende, in het bijzonder het volgende,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte en zijn medeverdachte zijn op 13 juni 2007 op Schiphol</para>
      <para>aangehouden op verdenking van medeplegen van uitvoer van een aanzienlijke</para>
      <para>hoeveelheid materiaal dat MDA of MDMA of amfetamine bevatte. Na</para>
      <para>inbewaringstelling van de verdachte door de rechter-commissaris is door de</para>
      <para>raadkamer op 27 juni 2007 voor dit feit de gevangenhouding bevolen, voor de</para>
      <para>duur van 90 dagen.</para>
      <para>De officier van justitie heeft aangevoerd dat na deze datum in een rapport</para>
      <para>van het Douane laboratorium is vastgesteld dat er geen sprake is van MDA,</para>
      <para>MDMA of amfetamine, maar dat van de onder de verdachten in beslag genomen 2</para>
      <para>substanties de ene substantie fenacetine bevatte en de andere substantie</para>
      <para>paracetamol en cafeïne bevatte. Verder is door het laboratorium in een</para>
      <para>volgend rapport verklaard dat de eerstgenoemde substantie een</para>
      <para>versnijdingmiddel is voor cocaïne en de andere substantie een</para>
      <para>versnijdingmiddel is voor heroïne.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens zijn de verdachte en zijn medeverdachte op 3 juli 2007 voorgeleid</para>
      <para>aan de rechter-commissaris door wie zij rauwelijks in bewaring zijn gesteld</para>
      <para>wegens het medeplegen van voorbereidingshandelingen van overtreding van</para>
      <para>artikel 10a Opiumwet. Op 4 juli 2007 heeft de officier van justitie gevorderd</para>
      <para>dat de rechtbank de gevangenhouding zal bevelen voor dit feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet aanleiding om het verzoek van de officier van justitie in te</para>
      <para>willigen en de gevangenhouding te bevelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat de verdachte en zijn medeverdachte ook onder het</para>
      <para>door de officier van justitie nieuw omschreven feit nog steeds vervolgd worden</para>
      <para>voor hetzelfde materiële feitencomplex als dat waarvoor zij op 13 juni 2007</para>
      <para>zijn aangehouden. Tevens stelt zij vast dat de officier van justitie in dit</para>
      <para>geval geen toepassing heeft kunnen geven aan artikel 67b Sv, omdat die</para>
      <para>bepaling uitsluitend kan worden toegepast gelijktijdig met de vordering tot</para>
      <para>gevangenhouding of bij de verlenging daarvan, maar niet na betekening van de</para>
      <para>dagvaarding in eerste aanleg. Geen van deze situaties doet zich in deze zaak</para>
      <para>voor: bij het doen van de vordering tot gevangenhouding op 27 juni 2007 ging</para>
      <para>de officier van justitie er kennelijk nog van uit dat er een verdenking</para>
      <para>bestond voor uitvoer van materiaal dat MDA of MDMA of amfetamine bevatte.</para>
      <para>Aangezien de voorlopige hechtenis is bevolen voor 90 dagen en een</para>
      <para>zittingsdatum is gepland op 25 september 2007, zal een tussentijdse verlenging</para>
      <para>van de voorlopige hechtenis voorafgaand aan betekening van de dagvaarding zich</para>
      <para>evenmin voordoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door de raadsman van de verdachte is aangevoerd dat het eerste rapport van het</para>
      <para>laboratorium al op 25 juni 2007 is ontvangen op het parket van de officier van</para>
      <para>justitie te Schiphol en dat de officier van justitie daarom op de raadkamer</para>
      <para>gevangenhouding van 27 juni 2007 wist dat er geen sprake was van een</para>
      <para>verdenking voor uitvoer van materiaal bevattende MDA of MDMA of amfetamine.</para>
      <para>Daarnaast is door de raadsman betoogd dat het bevel tot gevangenhouding van 27</para>
      <para>juni 2007 is verleend voor de duur van 90 dagen terwijl er nu voor een andere</para>
      <para>omschrijving van hetzelfde materiële feitencomplex andermaal om een</para>
      <para>gevangenhouding van 90 dagen wordt gevraagd, zodat sprake is van twee</para>
      <para>gelijktijdige vervolgingen ter zake van hetzelfde materiële feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat het eerste argument van de raadsman betreft stelt de rechtbank voorop dat</para>
      <para>het bevel gevangenhouding van 27 juni 2007 thans formeel niet ter toetsing</para>
      <para>voorligt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van het argument over de dubbele vervolging overweegt de rechtbank</para>
      <para>het volgende. Zoals hierboven is vastgesteld kan met het invoeren van de</para>
      <para>wettelijke mogelijkheid om de voorlopige hechtenis voor 90 dagen te bevelen de</para>
      <para>vordering als bedoeld in artikel 67b Sv niet meer kan worden gedaan zodra de</para>
      <para>voorlopige hechtenis daadwerkelijk voor een dergelijke termijn is bevolen. Uit</para>
      <para>de wetsgeschiedenis kan evenwel niet worden opgemaakt dat de wetgever er</para>
      <para>bewust voor gekozen zou hebben om een dergelijke wijziging van de</para>
      <para>vervolgingsgrondslag onder die omstandigheden niet langer mogelijk te laten</para>
      <para>zijn, zodat het ervoor moet worden gehouden dat een dergelijke mogelijkheid</para>
      <para>ook nu nog bestaat, zij het niet via de weg van artikel 67b Sv.</para>
      <para>De rechtbank acht het daarom niet onbegrijpelijk dat de officier van justitie</para>
      <para>ervoor gekozen heeft om de rechter-commissaris te verzoeken om de verdachte op</para>
      <para>de nieuwe omschrijving van het feitencomplex rauwelijks in bewaring te stellen</para>
      <para>en vervolgens zo snel mogelijk voor dit feit de gevangenhouding te vorderen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie heeft ter zitting van 4 juli 2007 betoogd dat de</para>
      <para>vervolging voor medeplegen van uitvoer van materiaal bevattende MDA of MDMA of</para>
      <para>amfetamine feitelijk vervalt door toewijzing van de vordering gevangenhouding</para>
      <para>voor het medeplegen van voorbereidingshandelingen van overtreding van artikel</para>
      <para>10a Opiumwet. De rechtbank is van oordeel dat dit standpunt van de officier</para>
      <para>van justitie, nu toepassing van artikel 67b Sv niet mogelijk is, geen steun</para>
      <para>vindt in de wet. Het bevel tot voorlopige hechtenis van 27 juni 2007 vervalt</para>
      <para>niet automatisch door de toewijzing van de vordering gevangenhouding voor het</para>
      <para>medeplegen van voorbereidingshandelingen van overtreding van artikel 10a</para>
      <para>Opiumwet. Voor het bewerkstelligen van het door de officier van justitie</para>
      <para>beoogde effect is noodzakelijk dat toepassing wordt gegeven aan artikel 69 Sv</para>
      <para>en het bevel tot voorlopige hechtenis van 27 juni 2007 wordt opgeheven.</para>
      <para>De rechtbank ziet aanleiding om ambtshalve toepassing te geven aan deze</para>
      <para>bepaling, zodat geen sprake zal zijn van twee gelijktijdige vervolgingen ter</para>
      <para>zake van hetzelfde materiële feit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tenslotte stelt de rechtbank vast dat het bevel tot voorlopige hechtenis van</para>
      <para>27 juni 2007 zeven dagen van kracht is geweest. Om te voorkomen dat de totale</para>
      <para>duur van de voorlopige hechtenis langer is dan indien wel toepassing gegeven</para>
      <para>had kunnen worden aan artikel 67b Sv, ziet de rechtbank aanleiding om de</para>
      <para>totale duur van de voorlopige hechtenis te beperken tot 83 dagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>gelet op de artikelen 65, 66, 67, 67a en 78 Wetboek van Strafvordering;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt de gevangenhouding van verdachte voor een termijn van</para>
      <para>drie en tachtig dagen ingaande op het ogenblik der tenuitvoerlegging en</para>
      <para>bepaalt dat de voorlopige hechtenis zal worden ondergaan in een huis van</para>
      <para>bewaring hier te lande.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan op 04 juli 2007 door:</para>
      <para>mrs.  G.F.H. Lycklama A Nijeholt, voorzitter,</para>
      <para>      M.W. Scholte, rechter,</para>
      <para>      E.A. Minderhoud, rechter,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van H. Brinks, griffier.</para>
    </parablock>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>