<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBHAA:2006:AY7906</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T18:19:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AY7906</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Haarlem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Haarlem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2006-07-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">308517/CV EXPL 06-4040</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2006:AY7906">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2006:AY7906</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T00:30:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2006-09-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBHAA:2006:AY7906 Rechtbank Haarlem , 26-07-2006 / 308517/CV EXPL 06-4040</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBHAA:2006:AY7906:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Na annulering door gedaagden van een koopovereenkomst met betrekking tot een auto, vordert eiseres met een beroep op de BOVAG-voorwaarden 10% van de aanschafwaarde van de auto. De vordering wordt afgewezen, nu op de overeenkomst niet naar de voorwaarden wordt verwezen en gesteld noch gebleken is dat de toepasselijkheid ervan  bij het sluiten van de overeenkomst ter sprake is gekomen. Het ophangen van de algemene voorwaarden in het bedrijf en het afdrukken daarvan op de achterzijde van de overeenkomst is niet voldoende zijn om de voorwaarden van toepassing te laten zijn.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBHAA:2006:AY7906:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>RECHTBANK HAARLEM</para>
      <para> Sector kanton</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para> Locatie Haarlem</para>
    <para> </para>
    <parablock>
      <para> zaak/rolnr.: 308517/CV EXPL 06-4040</para>
      <para> datum uitspraak: 26 juli 2006</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para> VONNIS VAN DE KANTONRECHTER </para>
    <para> </para>
    <para> inzake</para>
    <para> </para>
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap Van Kalmthout en van Niel B.V.</para>
      <para>te Hoofddorp</para>
      <para>eisende partij</para>
      <para>gemachtigde: A.E. de Best</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>tegen</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[gedaagden]</para>
      <para>beiden te [woonplaats]</para>
      <para>gedaagde partijen</para>
      <para>gemachtigde: C.T. Snijder</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para> Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Van Kalmthout, [gedaagden].</para>
    <para> </para>
    <para> </para>
    <para> De procedure</para>
    <para> </para>
    <para>Van Kalmthout heeft [gedaagden] op 13 april 2006 gedagvaard (met bijgevoegd 13 producties). [gedaagden] hebben geantwoord (met 3 producties). Bij vonnis van 7 juni 2006 is een comparitie van partijen gelast. De comparitie heeft plaatsgevonden op 27 juni 2006, waarna vonnis is bepaald op heden. </para>
    <para />
    <para> De feiten</para>
    <para> </para>
    <parablock>
      <para> Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende betwist en/of op grond van de onweersproken inhoud van overgelegde producties, staat in dit geding het volgende vast:</para>
      <para>a. [gedaagden] zijn echtelieden.</para>
      <para>b. Op 15 september 2004 heeft [gedaagde sub 2] een orderbevestiging ondertekend, inhoudende dat zij en [gedaagde sub 1] een nieuwe Ford Focus zouden kopen ad € 22.187,06, onder inruiling van hun oude auto.</para>
      <para>c. [gedaagden] hebben op 15 september 2004 eveneens een financieringsaanvraag ondertekend. </para>
      <para>d. Op het moment van de beoogde aflevering - 29 november 2004 - hebben [gedaagden] een zogenaamde Options Overeenkomst ter ondertekening gekregen, betrekking hebbende op deze financiering. </para>
      <para>e. Zij hebben de Options Overeenkomst niet ondertekend en de auto uiteindelijk niet afgenomen.</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para> De vordering</para>
    <para> </para>
    <para> Van Kalmthout vordert (samengevat) hoofdelijke veroordeling van [gedaagden] tot betaling van € 2.925,--. </para>
    <para> </para>
    <parablock>
      <para> Zij stelt daartoe het volgende. Op de overeenkomst zijn de BOVAG-voorwaarden van toepassing. Door intrekken van de bestelling zijn zij daarom 10 % van de aanschafwaarde </para>
      <para> (€ 2.218,70) verschuldigd.  Daarnaast zijn zij rente (€ 256,29) en buitengerechtelijke incassokosten (€ 450,--) verschuldigd.</para>
    </parablock>
    <para> </para>
    <para> Het verweer</para>
    <para> </para>
    <para> [gedaagden] hebben gemotiveerd verweer gevoerd. Daarop zal, voorzover van belang, bij de beoordeling van het geschil nader worden ingegaan.</para>
    <para> </para>
    <para> De beoordeling van het geschil</para>
    <para> </para>
    <para> [gedaagden] hebben uitdrukkelijk betwist dat de BOVAG-voorwaarden zijn overeengekomen.</para>
    <para> </para>
    <para> Ter comparitie heeft de kantonrechter aan Van Kalmthout verzocht haar stelling dat deze voorwaarden zijn overeengekomen nader te onderbouwen, nu in de door [gedaagde sub 2] getekende opdrachtbevestiging niet wordt aangegeven dat deze op de koopovereenkomst van toepassing zijn. Daarop heeft Van Kalmthout aangegeven dat de BOVAG-voorwaarden overal in haar zaak zijn opgehangen en deze bovendien op de achterzijde van de ondertekende opdrachtbevestiging zijn afgedrukt. </para>
    <para> </para>
    <para> Het volgende wordt overwogen. Het in de zaak hangen van algemene voorwaarden en het afdrukken daarvan op de achterzijde van een overeenkomst - wat daar ook van zij, [gedaagden] betwisten dat en het origineel van de opdrachtbevestiging was niet beschikbaar tijdens de comparitie - is niet voldoende om deze van toepassing te laten zijn. Daartoe is minst genomen noodzakelijk dat er in de overeenkomst naar wordt verwezen (wat in deze zaak niet het geval is) of dat de toepasselijkheid van die voorwaarden bij het sluiten van de overeenkomst ter sprake is gekomen. Dit laatste is echter niet door Van Kalmthout gesteld. De conclusie moet daarom zijn dat de BOVAG-voorwaarden geen deel uitmaken van de overeenkomst.</para>
    <para> </para>
    <para> Daarmee is de (enige) rechtsgrond onder de vordering van Van Kalmthout komen te ontvallen. Dit leidt tot afwijzing van de vordering.</para>
    <para> </para>
    <para> Al hetgeen partijen overigens hebben opgeworpen behoeft daarmee geen nadere bespreking.</para>
    <para> </para>
    <para> De proceskosten komen voor rekening van Van Kalmthout omdat deze in het ongelijk wordt gesteld.</para>
    <para> </para>
    <para> </para>
    <para> Beslissing</para>
    <para> </para>
    <para> De kantonrechter:</para>
    <para> </para>
    <para> - wijst het gevorderde af; </para>
    <para> </para>
    <para> - veroordeelt van Kalmthout tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van [gedaagden] tot en met vandaag worden begroot op € 350,--;</para>
    <para> </para>
    <para> - verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    <para> </para>
    <para> Dit vonnis is gewezen door mr. B. Vogel en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>