<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBHAA:2004:AO9470</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T10:34:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AO9470</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Haarlem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Haarlem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2004-01-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">98293 / KG ZA 03-677</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2004:AO9470">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBHAA:2004:AO9470</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T20:58:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2004-05-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBHAA:2004:AO9470 Rechtbank Haarlem , 23-01-2004 / 98293 / KG ZA 03-677</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBHAA:2004:AO9470:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek om aanhouding kort geding afgewezen en eiseres niet-ontvankelijk verklaard nu gedaagde niet is gedagvaard tegen de geappointeerde dag en ook niet vrijwillig is verschenen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBHAA:2004:AO9470:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>Zaaknummer: 98293/KG ZA 03-677</para>
      <para>Zittingsdatum: 23 januari 2004</para>
      <para>713</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>RECHTBANK TE HAARLEM</para>
    <para />
    <para>Proces-verbaal zitting in kort geding</para>
    <para />
    <para>Ter terechtzitting van 23 januari 2004 van de voorzieningenrechter van de rechtbank te Haarlem, mr. A.J. van der Meer, zitting houdend in kort geding, bijgestaan door mr. A. Eerdhuijzen, griffier, zijn ter behandeling van het bij verzoek om dagbepaling aanhangig gemaakte geding met zaaknummer: 98293/KG ZA 03-677 van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[eiseres],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>eisende partij,</para>
      <para>procureur mr. T.J.P. Jager,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>-- tegen --</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[gedaagde],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>gedaagde partij,</para>
      <para>advocaat mr. R. Caspers te Badhoevedorp.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>nadat de zaak is uitgeroepen geen van partijen ter zitting verschenen.</para>
    <para />
    <para>Vervolgens heeft de voorzieningenrechter als volgt overwogen. </para>
    <para />
    <para>Omdat daags voor de zitting van de kant van eiseres - anders dan de Huisregels kort geding en beslag van de rechtbank Haarlem voorschrijven - nog geen kopie van de uitgebrachte dagvaarding was ontvangen, heeft de griffie van de rechtbank twee maal het kantoor van de procureur van eiseres gebeld met de vraag wat de bedoeling van eiseres met dit kort geding was. Omdat toen geen duidelijk antwoord op die vraag werd verkregen, heeft de griffie van de rechtbank een half uur voor het begin van de zitting genoemd kantoor opnieuw gebeld. De procureur van eiseres heeft de griffie toen laten weten dat partijen nog in onderhandeling waren, dat de dagvaarding nog niet was uitgebracht en dat eiseres om een (pro forma) aan-houding van de zaak verzocht.</para>
    <para />
    <para>Op aanvraag van eiseres heeft de voorzieningenrechter op grond van het bepaalde in artikel 254 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering de dagvaarding van gedaagde bevo-len tegen vrijdag 23 januari 2004 te 9.00 uur. Het telefonisch door de procureur van eiseres gedaan verzoek om een (pro forma) aanhouding van de zaak kan niet worden toegewezen. Weliswaar is door genoemd verzoek om dagbepaling, waarbij de zaak in overeenstemming met het bepaalde in artikel 18 van het Besluit orde van dienst gerechten op de kort gedingrol van de rechtbank is geschreven, voor de rechtbank een zaak tussen partijen aanhangig, maar nu eiseres niet aan eerder bedoeld bevel heeft voldaan, gezien het bepaalde in artikel 125 Rv en geen van partijen vrijwillig is verschenen, niet tussen partijen zelf. Mitsdien moet ge-noemd verzoek worden afgewezen en eiseres, voor zover zij een vordering heeft willen doen, daarin niet ontvankelijk verklaard worden. </para>
    <para> </para>
    <para> Vervolgens heeft de voorzieningenrechter de volgende beslissing uitgesproken.</para>
    <para> </para>
    <para>De beslissing</para>
    <para />
    <para>De voorzieningenrechter:</para>
    <para />
    <para>- Verklaart eiseres niet-ontvankelijk in haar vordering.</para>
    <para />
    <para>- Wijst het verzoek van eiseres tot (pro-forma) aanhouding af.</para>
    <para />
    <para>- Veroordeelt eiseres in de kosten van dit geding, tot op de uitspraak van dit vonnis aan de zijde van gedaagde begroot op nihil.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>Waarvan proces-verbaal,</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>