<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:9740</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-11T16:05:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-11-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05096900525</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:9740">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:9740</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-11T16:03:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:9740 Rechtbank Gelderland , 10-11-2025 / 05096900525</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:9740:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vrijspraak grooming; geen bewijs dat de verdachte het oogmerk had ontuchtige handelingen te plegen met iemand onder de 16 jaar. Vrijspraak sturen en tonen seksuele afbeeldingen aan iemand onder de 16 jaar: geen bewijs dat de verdachte wist dat de minderjarige jonger dan 16 jaar was.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:9740:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05.096900.25</para>
      <para>Datum uitspraak	: 10 november 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum 1] 1964 in [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan de [adres] , [postcode]  [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. D. Koningsbloem, advocaat in ’s-Hertogenbosch. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij in of omstreeks 21 juni 2023 tot en met 21 juli 2023 te Hedel, gemeente Maasdriel, in elk geval in Nederland,</para>
      <para>door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst </para>
      <para>aan een persoon, te weten [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 2007, </para>
      <para>die de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt</para>
      <para>een ontmoeting heeft voorgesteld met het oogmerk ontuchtige handelingen, met een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, te plegen en/of </para>
      <para>een afbeelding van een seksuele gedraging te vervaardigen, waarbij een persoon die de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt was betrokken,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte, enige handeling heeft ondernomen tot het verwezenlijken van die ontmoeting, door zich op 21 juli 2023 te bevinden op de met voornoemde [slachtoffer] afgesproken plek, te weten de Maasbrug te Hedel (met een tas met daarin een tondeuse en/of glijmiddel en/of slagroom);</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij in of omstreeks 21 juni 2023 tot en met 21 juli 2023 te Hedel, gemeente Maasdriel, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal,</para>
      <para>een afbeelding, een voorwerp en/of een gegevensdrager bevattende een afbeelding, waarvan de vertoning schadelijk was te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaar,</para>
      <para>te weten afbeeldingen en/of video’s van (onder andere) (een) geslachtsde(e)l(en)</para>
      <para>heeft verstrekt, aangeboden en/of vertoond</para>
      <para>aan een minderjarige, van wie hij, verdachte, wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze jonger was dan zestien jaar, te weten [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum 2] 2007;</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De standpunten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat feit 1 wettig en overtuigend bewezen kan worden. Daarbij heeft hij aangevoerd dat sinds de wetswijziging van 1 maart 2019 voor bewezenverklaring van grooming niet meer is vereist dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat [slachtoffer] jonger was dan 16 jaar. </para>
      <para>Omdat dit vereiste wel geldt voor feit 2 en niet kan worden vastgesteld dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat [slachtoffer] jonger was dan 16 jaar, is voor feit 2 vrijspraak gevorderd. </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor feit 1 wordt veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden met oplegging van bijzondere voorwaarden en een proeftijd van 2 jaar. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>Ten aanzien van feit 1 heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Voor feit 2 is vrijspraak bepleit. Aangevoerd is dat [slachtoffer] aan verdachte had aangegeven dat hij 16 jaar was en dat hij gedurende hun WhatsApp-contact 17 jaar was geworden. Niet kan worden bewezen dat verdachte wist of moest vermoeden dat [slachtoffer] jonger was dan 16 jaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Overwegingen ten aanzien van het bewijs</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt het navolgende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 1</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie meent dat dit feit bewezen kan worden en de advocaat voert daartegen geen inhoudelijk verweer. De rechtbank komt tot de conclusie dat de hier ten laste gelegde grooming niet bewezen kan worden omdat in deze zaak niet voldaan wordt aan de eisen die de wet aan de bewezenverklaring van dat strafbare feit stelt. De rechtbank overweegt daarover het volgende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Grooming, strafbaar gesteld in artikel 248e (oud) in het Wetboek van Strafrecht, is met ingang van 1 maart 2019 gewijzigd in die zin dat de daadwerkelijke betrokkenheid van een persoon beneden de leeftijd van zestien jaren, als genoemd aan het begin van deze bepaling, niet meer bewezen hoeft te worden. De strafbaarstelling ziet daarmee ook op het benaderen voor seksuele doeleinden van een ouder persoon die zich voordoet als iemand die de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt. De leeftijd is in die zin geobjectiveerd dat het niet uitmaakt of de betrokken persoon in werkelijkheid wel of niet jonger dan 16 jaar was.</para>
      <para>Deze wetswijziging laat onverlet dat voor bewezenverklaring van grooming als bedoeld in artikel 248e (oud) Sr, uit de bewijsmiddelen moet blijken dat het oogmerk van de verdachte was gericht op het plegen van ontuchtige handelingen met iemand die jonger is dan zestien jaar. Met andere woorden: wat is tenlastegelegd kan alleen worden bewezen als uit bewijsmiddelen blijkt dat verdachte met de uitnodiging voor een ontmoeting zijn zinnen had gezet op seksuele handelingen met iemand jonger dan zestien jaar, ongeacht de daadwerkelijke leeftijd van het slachtoffer. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 30 juni 2023 heeft [slachtoffer] , die gedurende de ten laste gelegde periode 15 jaar was, via WhatsApp op een vraag over zijn leeftijd aan verdachte geantwoord dat hij 16 jaar oud was (pagina 124, regel 1279). Op 24 juni 2023 heeft [slachtoffer] verdachte geantwoord dat hij de tiende van de volgende maand, dus op 10 juli, jarig is (pagina 103, regel 109 en 111). Op 10 juli 2023 zou [slachtoffer] naar zijn zeggen dus 17 jaar geworden zijn. Verdachte heeft hierna via WhatsApp aan [slachtoffer] voorgesteld elkaar in de avond van 21 juli 2023 te ontmoeten om seks met hem te hebben en daarvoor nader genoemde voorwerpen mee te nemen. Vervolgens is verdachte op die avond op de afgesproken plek met de door hem genoemde voorwerpen aangetroffen door de politie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het voorgaande laat zien dat het dossier slechts aanwijzingen biedt dat verdachte zijn zinnen had gezet op een jongen, waarvan hij in de veronderstelling verkeerde dat deze 17 jaar oud was. Er is in het dossier geen bewijsmiddel te vinden waaruit blijkt dat verdachte het oogmerk had om bij de voorgestelde ontmoeting ontuchtige handelingen te verrichten met een jongen jonger dan 16 jaar. Dit leidt de rechtbank tot de conclusie dat feit 1 niet wettig en overtuigend bewezen kan worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 2</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verder volgt uit het dossier dat verdachte in de ten laste gelegde periode via WhatsApp en beeldbellen op verscheidene momenten pornografische afbeeldingen en video’s aan [slachtoffer] heeft gestuurd, waarop hij zijn geslachtsdeel heeft getoond. Nu het dossier geen bewijs bevat dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat [slachtoffer] op die momenten jonger was dan 16 jaar, kan ook wat als feit 2 is tenlastegelegd niet worden bewezen. </para>
      <para>Dit oordeel stemt overeen met het standpunt van zowel de officier van justitie als dat van de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Slotsom</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank kan zich voorstellen dat het handelen van verdachte, zoals dat uit het dossier en uit wat er op de zitting is besproken naar voren komt, in de maatschappij als moreel  afkeurenswaardig wordt beschouwd, en bij de ouders van [slachtoffer] gevoelens van verontwaardiging opwekt. Zij hebben aan de rechtbank verteld hoe hun zoon en zijzelf kampen met de nare gevolgen van wat er tussen verdachte en hem is voorgevallen. </para>
      <para>De rechtbank moet echter oordelen op basis van de tenlastelegging en van wat de wetgever strafbaar heeft gesteld. Dat leidt, zoals hiervoor uiteengezet, tot de slotsom dat niet kan worden bewezen dat verdachte zich aan de hem ten laste gelegde strafbare feiten heeft schuldig gemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte wordt daarom van beide feiten vrijgesproken. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank spreekt verdachte vrij van het onder feit 1 en feit 2 tenlastegelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.L. Wesstra, voorzitter, mr. A. Tegelaar en mr. R.M.H. Pennings,  rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.J.M. Fransen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 10 november 2025.</para>
              <para />
              <para>De griffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>