<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:8213</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-16T20:18:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/05/456021/ FZ RK 25/2079</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#schadevergoedingsuitspraak">Schadevergoedingsuitspraak</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:8213">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:8213</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-10-16T20:17:44</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-10-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:8213 Rechtbank Gelderland , 29-09-2025 / C/05/456021/ FZ RK 25/2079</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:8213:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek schadevergoeding afgewezen. Op grond van artikel 7:4 Wvggz wordt termijn van de crisismaatregel verlengd tot de eerst volgende werkdag. De burgemeester mag die verlengde termijn in de crisismaatregel opnemen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:8213:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens: C/05/456021 / FZ RK 25/2079</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">schadevergoeding artikel 10:12 Wvggz </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beschikking van 29 september 2025</emphasis>, op het ingediende verzoekschrift van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen verzoeker,</para>
      <para>wonend op een bij de rechtbank bekend adres,</para>
      <para>advocaat mr. P.W.E. Hoezen uit Winterswijk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>ter verkrijging van een beslissing over een verzoek om schadevergoeding door</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de gemeente] </emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te [plaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: verweerder.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Procesverloop</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het procesverloop blijkt uit:</para>
      <para>- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 26 augustus 2025,</para>
      <para>- het verweerschrift, ontvangen op 9 september 2025;</para>
      <para>- de reactie op het verweerschrift van mr. P.W.E. Hoezen van 15 september 2025;</para>
      <para>- de e-mail van [de gemeente] van 16 september 2025. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Partijen zijn akkoord met schriftelijke afdoening. Er heeft geen zitting over het verzoek plaatsgevonden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Feiten </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De burgemeester van [de gemeente] heeft op grond van artikel 7:1 eerste lid Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna Wvggz) ten aanzien van verzoeker een crisismaatregel genomen op 6 augustus 2025 uur om 23:20 met een geldigheidsduur tot en met 11 augustus 2025 23:20 uur.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Verzoek en verweer</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Verzoeker verzoekt [de gemeente] om een schadevergoeding van in totaal <?linebreak?>€ 500,- toe te kennen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Verzoeker stelt dat hij ten onrechte van zijn vrijheid beroofd geweest is en daarom recht heeft op schadevergoeding. Verzoeker stelt dat de wet niet in acht is genomen. Verzoeker stelt dat het besluit tot opleggen van de crisismaatregel niet rechtsgeldig is, omdat de maatregel in strijd met het bepaalde in artikel 7:5 Wvggz is opgelegd voor vijf dagen en in de wet uitdrukkelijk is bepaald dat de crisismaatregel voor ten hoogste drie dagen kan worden opgelegd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Verweerder voert hier tegen aan dat de geldigheidsduur van de crisismaatregel wordt verlengd als de hiervoor genoemde termijn eindigt op een zaterdag, zondag of een algemeen erkende feestdag als bedoeld in de Algemene termijnenwet. De crisismaatregel is opgelegd op woensdag 6 augustus 2025 om 23:20 uur en vanwege het eindigen van de termijn op een zaterdag is deze automatisch verlengd tot maandag 11 augustus 2025 om 23:20 uur.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>Beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Indien de wet niet in acht is genomen bij het nemen van een crisismaatregel of bij de toepassing van artikel 7:3 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), kan betrokkene of de vertegenwoordiger door middel van een schriftelijk en gemotiveerd verzoekschrift op grond van het eerste lid van artikel 10:12 Wvggz bij de rechter verzoeken tot schadevergoeding door respectievelijk de gemeente of de organisaties onder wiens verantwoordelijkheid de personen, bedoeld in artikel 7:3, vierde lid, hebben gehandeld. De rechter kent een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding toe. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Op grond van artikel 7:4 Wvggz bepaalt de burgemeester de geldigheidsduur van de crisismaatregel, die ten hoogste drie dagen bedraagt. Indien de termijn, bedoeld in de eerste volzin, eindigt op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag als bedoeld in de Algemene termijnenwet, wordt deze verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>Verzoeker stelt dat de crisismaatregel ten onrechte voor langer dan drie dagen door de burgemeester is opgelegd. Verzoeker meent dat de burgemeester slechts een crisismaatregel mag opleggen voor de eerste drie dagen en dat de verlenging als gevolg van de tweede zin van artikel 7:4 Wvggz geen bevoegdheid is van de burgemeester maar van rechtswege zou volgen. Die verlengde termijn mag dan blijkbaar volgens verzoeker ook niet in de maatregel als geldigheidsduur worden opgenomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>De rechtbank wijst het verzoek af. Uit de wettekst blijkt duidelijk dat de termijn van de crisismaatregel wordt verlengd tot de eerstvolgende werkdag als de termijn eindigt in een weekend. In dit geval eindigde de termijn op zaterdag en daarom is de maatregel rechtsgeldig verlengd tot maandag. De rechtbank ziet niet in waarom deze verlenging niet een bevoegdheid is van de burgemeester. De wettekst verwijst immers in de tweede zin van artikel 7:4 Wvggz nadrukkelijk naar de termijn <emphasis role="underline">uit de eerste volzin</emphasis> en dus naar de door de burgemeester te bepalen termijn. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>De rechtbank ziet overigens ook niet in welk belang verzoeker heeft bij het maken van een onderscheid tussen de termijn die door de burgemeester zou worden bepaald en een verlenging van rechtswege. Sterker nog: door de verlengde termijn op te nemen in de crisismaatregel is het voor de betrokkene meteen duidelijk wat de geldigheidsduur van de crisismaatregel is, wat de transparantie alleen maar ten goede komt. De rechtbank kan zich geen situatie bedenken waarbij dit tot verwarring of onduidelijkheid kan leiden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>Gelet op het voorgaande zal het verzoek om schadevergoeding worden afgewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>Beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>wijst het verzoek af. </para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beschikking is gegeven door mr. B. Krijnen, rechter, in tegenwoordigheid van A.G. Wisselink, griffier en in het openbaar uitgesproken op 29 september 2025.</para>
                <para />
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Tegen deze beslissing staat hoger beroep open op grond van artikel 358 lid 1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>