<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:1360</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-24T10:15:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-02-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-02-05</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05.344478.24</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:1360">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:1360</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-11-24T10:13:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:1360 Rechtbank Gelderland , 05-02-2025 / 05.344478.24</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:1360:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van twee jaren voor winkeldiefstal en huisvredebreuk.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:1360:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05.344478.24</para>
      <para>Datum uitspraak	: 19 februari 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1979 in [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan de [adres] , [postcode] in [woonplaats] ,</para>
      <para>op dit moment gedetineerd in de P.I. [verblijfplaats] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. M.T. Lamers, advocaat in Nijmegen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.<?linebreak?>hij op of omstreeks 29 oktober 2024 te Arnhem een ketting en/of een armband en/of aanstekers, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de [bedrijf 1] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;</para>
    <para />
    <para>2.<?linebreak?>hij op of omstreeks 29 oktober 2024 te Arnhem in het besloten lokaal een winkelpand bij de [bedrijf 1] (gelegen in het winkelcentrum [bedrijf 2] ), althans bij een ander of anderen dan bij verdachte, in gebruik wederrechtelijk is binnengedrongen immers was hem, verdachte, met ingang van 26 mei 2024 schriftelijk de toegang tot die winkel ontzegd voor de duur van 1 jaar.</para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_514caf1a-b020-40de-b825-c04fe0554452" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van feit 1:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 1] , p. 6-7;</para>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 10;</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 37-38.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van feit 2:</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens Winkelcentrum [bedrijf 2] , p. 20;</para>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 10;</para>
    <para>- het proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 37.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1.<?linebreak?>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks </emphasis>29 oktober 2024 te Arnhem een ketting en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een armband en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> aanstekers<emphasis role="strike-through">, in elk geval enig goed, dat/</emphasis>die geheel <emphasis role="strike-through">of ten dele </emphasis>aan de [bedrijf 1] <emphasis role="strike-through">, in elk geval aan een ander</emphasis> toebehoorde<emphasis role="strike-through">(</emphasis>n<emphasis role="strike-through">)</emphasis> heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;</para>
    <para />
    <para>2.<?linebreak?>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks </emphasis>29 oktober 2024 te Arnhem in het besloten lokaal een winkelpand bij de [bedrijf 1] (gelegen in het winkelcentrum [bedrijf 2] )<emphasis role="strike-through">, althans bij een ander of anderen dan bij verdachte,</emphasis> in gebruik wederrechtelijk is binnengedrongen immers was hem, verdachte, met ingang van 26 mei 2024 schriftelijk de toegang tot die winkel ontzegd voor de duur van 1 jaar.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">diefstal</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">in het besloten lokaal bij een ander in gebruik, wederrechtelijk binnendringen </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat aan verdachte zal worden opgelegd de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (hierna: ISD-maatregel). </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat aan verdachte een straf zal worden opgelegd die gelijk is aan het voorarrest, zodat hij na de executie van de reeds opgelegde straffen kan terugkeren naar zijn beschermde woonvorm. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf en/of maatregel rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan winkeldiefstal en huisvredebreuk. Dit zijn vervelende feiten die voor de gedupeerden, naast financiële schade, overlast en ergernis met zich brengen. Uit het strafblad van verdachte blijkt dat verdachte in de afgelopen jaren met regelmaat voor soortgelijke misdrijven is veroordeeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De door verdachte gepleegde feiten betreffen misdrijven waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten. In de vijf jaren voorafgaand aan de bewezenverklaarde feiten is verdachte ten minste driemaal wegens een misdrijf onherroepelijk tot een vrijheidsbenemende straf of maatregel, een vrijheidsbeperkende maatregel of een taakstraf veroordeeld. De rechtbank stelt verder vast dat verdachte de bewezenverklaarde feiten heeft begaan na tenuitvoerlegging van deze straffen. Verdachte voldoet hiermee aan de wettelijke vereisten voor het opleggen van de ISD-maatregel. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het rapport van de reclassering van 12 november 2024 volgt dat dat er bij verdachte sprake is van een delictpatroon in het plegen van vermogensdelicten. Een combinatie van een gebrek aan financiële middelen, een harddrugsverslaving, psychische problematiek en een forse pro-criminele houding maken samen dat het delictgedrag tot stand komt. Daarbij lijkt er sprake van een vicieuze cirkel die verdachte niet kan doorbreken: door zijn forse middelengebruik wordt zijn psychische kwetsbaarheid vergroot en door zijn psychische kwetsbaarheid gebruikt hij weer verdovende middelen. Door het forse middelengebruik ontstaat er ook een financieel tekort en voelt verdachte zich vanuit zijn pro-criminele houding en beperkte verstandelijke vermogens 'genoodzaakt' om delicten te plegen. Hierdoor blijft hij zich begeven in een crimineel- en drugsgerelateerd netwerk. De reclassering heeft geen beschermende factoren gesignaleerd. Hoewel het gunstig is dat verdachte een WLZ-indicatie heeft en hierdoor aanspraak maakt op (verblijfs)zorg, draagt dit niet bij aan het beperken van het recidiverisico tot een acceptabel niveau. De reclassering ziet geen mogelijkheden meer om middels een voorwaardelijk strafdeel het recidiverisico te beperken. Gelet op het voorgaande adviseert de reclassering om een onvoorwaardelijke ISD-maatregel op te leggen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande moet er ernstig rekening mee worden gehouden dat verdachte opnieuw een misdrijf zal begaan. De veiligheid van personen en goederen rechtvaardigt naar het oordeel van de rechtbank dan ook het opleggen van de ISD-maatregel. Een straf gelijk aan het voorarrest zoals door de verdediging bepleit, staat naar het oordeel van het rechtbank niet in verhouding tot de bewezenverklaarde feiten en de problematiek bij verdachte. Met een kale gevangenisstraf en daaropvolgend terugkeer naar de beschermde woonvorm wordt het delictpatroon van verdachte niet doorbroken en worden zowel de maatschappij als verdachte zelf niet beschermd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van twee jaren noodzakelijk en gewenst is. Door het gedwongen kader van de ISD-maatregel wordt de maatschappij beveiligd en krijgt verdachte een kans zich op verschillende gebieden te ontwikkelen en aan zijn problematiek te werken. De rechtbank is er - gelet op de kansen die verdachte eerder heeft gekregen binnen een voorwaardelijk kader - niet van overtuigd dat een minder streng kader, bijvoorbeeld in de vorm van een voorwaardelijke ISD-maatregel, dezelfde mogelijkheden voor bestendige verbetering en bescherming van de maatschappij zal bieden. De rechtbank merkt daarbij op dat als verdachte er binnen het kader van de ISD-maatregel in slaagt om vooruitgang te boeken, deze maatregel voorziet in voldoende perspectief op het geleidelijk verkrijgen van meer vrijheden. Of de maatregel in praktijk neer zal komen op een kale ISD, zoals door de verdediging is betoogd, hangt dan ook met name af van de houding van verdachte zelf.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De vordering tot tenuitvoerlegging (parketnummer 05-198422-23)</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De politierechter heeft verdachte op 23 augustus 2023 veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 93 dagen met aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek van Strafrecht waarvan 90 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie vordert dat de proeftijd wordt verlengd met één jaar. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat er geen reden is om de proeftijd te verlengen en dat de voorwaardelijke straf ten uitvoer gelegd kan worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt dat verdachte zich binnen de proeftijd opnieuw schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit. In de omstandigheid dat de ISD-maatregel aan verdachte wordt opgelegd, ziet de rechtbank aanleiding om de proeftijd van de voorwaardelijke straf te verlengen conform de eis van de officier van justitie. De voorwaardelijke straf kan als stok achter de deur voor verdachte dienen na afloop van de ISD-maatregel. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf en/of maatregel is gegrond op de artikelen  38m, 38n, 57, 138, 310 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> legt op de <emphasis role="bold">maatregel van plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van 2 (twee) jaren</emphasis>; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing ten aanzien van de vordering tot tenuitvoerlegging (parketnummer 05- 198422-23) </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verlengt de proeftijd als vermeld in het vonnis van de politierechter van 23 augustus 2023 met 1 (één) jaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A. Bonder (voorzitter), mr. S. Jansen en mr. J.F. van Halderen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.K. Verberkt, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 19 februari 2025.</para>
              <para />
              <para>mr. Van Halderen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
  </section>
  <footnote id="_514caf1a-b020-40de-b825-c04fe0554452" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost-Nederland opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2024509513, gesloten op 30 oktober 2024 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>