<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:11931</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-23T11:07:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/140854-25</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11931">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11931</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-03-23T10:58:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-03-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:11931 Rechtbank Gelderland , 03-10-2025 / 05/140854-25</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:11931:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Man veroordeeld voor het medeplegen van opzetheling tot een taakstraf van 150 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 1 maand met een proeftijd van 2 jaren. Vordering benadeelde partij tot 12.633,23 euro toegewezen</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:11931:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats: Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05/140854-25</para>
      <para>Datum uitspraak	: 3 oktober 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]  </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1993 op Aruba, </para>
      <para>wonende aan [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. P. Hoesstee, advocaat in Zutphen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 19 september 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 1</emphasis>
      </para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 4 mei 2025 tot en met 5 mei 2025 te [plaats] (gemeente Epe), tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer motoren, te weten: </para>
    </parablock>
    <para>- een zwarte BMW R 1250 Adventure (met kenteken [kenteken] ) en/of</para>
    <para>- een zilvergrijze BMW S 1000 RR (met kenteken [kenteken] ), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich <emphasis role="italic">wederrechtelijk</emphasis> toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen motoren onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande onder 1 niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 5 mei 2025 tot en met 6 mei 2025 te [plaats] (gemeente Epe) en/of Almere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meer motoren, te weten:</para>
    </parablock>
    <para>- een zwarte BMW R 1250 Adventure (met kenteken [kenteken] ) en/of</para>
    <para>- een zilvergrijze BMW S 1000 RR (met kenteken [kenteken] ), althans een goed heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">feit 2</emphasis>
      </para>
      <para>hij op of omstreeks 8 mei 2025 te Almere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meerdere motoren, te weten:</para>
    </parablock>
    <para>- een zwarte Yamaha Tenere 700 Rally, kenteken [kenteken] ,</para>
    <para>- een zwarte BMW R1300GS, kenteken [kenteken] ,</para>
    <para>- een blauwe Suzuki GSX1300R, kenteken [kenteken] ,</para>
    <para>- een grijze BMW R1250GS, kenteken [kenteken] ,</para>
    <para>- een triple black BMW R1250GS, zonder kenteken, chassisnummer: [nummer] ,</para>
    <para>- een blauw/witte BMW HP4, zonder kenteken, chassisnummer: [nummer] (vals)</para>
    <para>en/of</para>
    <para>- een witte BMW R1250GS, geen kenteken, chassisnummer: [nummer] (vals),</para>
    <parablock>
      <para>althans een goed heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen</para>
      <para>goed betrof.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_a3886313-87ce-4d21-8236-94e54239c72a" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van feit 1 </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 primair tenlastegelegde.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft ten aanzien van feit 1 geen bewijsverweer gevoerd.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Aangever [aangever] heeft verklaard dat in de nacht van 4 op 5 mei 2025 twee motoren, te weten een zwarte BMW R 1250 GS Adventure met kenteken [kenteken] en een zilvergrijze BMW </para>
      <para>S 1000 RR met kenteken [kenteken] uit de achtertuin van zijn woning in [plaats] zijn weggenomen. Hij zag braakschade aan de schuurdeur.<footnote-ref linkend="_79583dcb-c874-49c1-98db-fa547c241cde" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De politie heeft camerabeelden uitgekeken. Verbalisant [verbalisant 1] heeft omschreven dat hij op de camerabeelden met datum- en tijdsaanduiding 5 mei 2025 om 04:39:05 uur zag dat er vanuit de rechterzijde van de T-splitsing twee personen met een motor aan kwamen rennen. De verbalisant zag dat persoon 1 de motor bij het stuur vast had en dat persoon 2 de motor vanaf de achterzijde duwde.<footnote-ref linkend="_a51b5278-caf0-43f3-9b6d-a59a3399f0ec" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit onderzoek is gebleken dat medeverdachte [medeverdachte 1] een garagebox huurde in Almere.<footnote-ref linkend="_6dfb3993-11b4-4243-96ca-687381c9bfa2" /> De politie heeft de camerabeelden van deze garagebox uitgekeken. De politie heeft de personen op de camerabeelden van 5 mei 2025 herkend als zijnde verdachte, medeverdachte [medeverdachte 1] en medeverdachte [medeverdachte 2] . De politie beschrijft de beelden als volgt. Op de beelden met datum- en tijdsaanduiding 5 mei 2025 om 23:42:24 uur zag de verbalisant dat medeverdachte [medeverdachte 2] een motor naar binnen reed. De verbalisant herkende deze motor als zijnde de gestolen motor met het kenteken [kenteken] . Enkele seconden later verschijnt verdachte in beeld. Op de tijdsaanduiding 23:58:32 uur is te zien dat verdachte en zijn twee medeverdachten aan de motor aan het sleutelen zijn.<footnote-ref linkend="_b8ff9ad5-b869-4d64-9f62-5987fea044a1" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De motor met het kenteken [kenteken] is door de politie in de garagebox in Almere aangetroffen.<footnote-ref linkend="_4294f30f-4427-4d3c-9d37-f47269fac2c5" /> De politie heeft de motor met kenteken [kenteken] op 6 mei 2025 om 1.09 uur op straat in [plaats] aangetroffen. Om 2.53 uur en 2.54 uur treft de politie verdachte en de beide medeverdachten daar in de nabije omgeving aan.<footnote-ref linkend="_3bd5e76a-fa22-4801-ba19-b948cc46741b" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij de persoon op de camerabeelden is die de motor duwt. Verder heeft verdachte verklaard dat de twee BMW-motoren klaar waren gezet op straat. Eén van de motoren ging niet aan, waardoor deze motor door verdachte en zijn medeverdachte is achtergelaten op de hoek van de straat in [plaats] om deze later op te halen. De andere motor die in de garagebox is aangetroffen is daar naar toe gereden. Verdachte vermoedde dat de motoren waren gestolen, omdat het tijdstip van het achterlaten van de motoren niet klopte. Het was midden in de nacht. Verdachte heeft ook verklaard dat hij in een garagebox in Almere heeft gesleuteld aan de motor die hij op de beelden voortduwde.<footnote-ref linkend="_aed5dc4a-c344-49a2-ba80-b326619ef1dc" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Primair: diefstal van de motoren</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank komt allereerst toe aan de vraag of wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich met zijn medeverdachten schuldig heeft gemaakt aan de diefstal met braak van de twee BMW-motoren. Uit het dossier noch uit het verhandelde ter terechtzitting is gebleken dat verdachte zich, al dan niet gezamenlijk met zijn medeverdachten, schuldig heeft gemaakt aan de primair ten laste gelegde diefstal met braak. Dat verdachte heeft verklaard dat hij vermoedde dat de motoren van diefstal afkomstig waren, maakt nog niet dat bewezen kan worden dat het ook verdachte is geweest die, al dan niet in vereniging met zijn medeverdachten, deze motoren zich wederrechtelijk heeft toegeëigend. Daarom spreekt de rechtbank verdachte vrij van het primair ten laste gelegde feit. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Subsidiair: (opzet)heling van de motoren</emphasis>
      </para>
      <para>Vervolgens komt de rechtbank toe aan de vraag of wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van (opzet)heling van de twee motoren. De rechtbank overweegt daartoe het volgende. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft verklaard dat er in de nacht van 4 op 5 mei 2025 twee motoren voor hem en zijn medeverdachten waren klaargezet op de hoek van een straat in [plaats]. Verdachte vermoedde dat deze motoren van diefstal afkomstig waren, omdat de motoren daar midden in de nacht waren achtergelaten. Verdachte heeft bevestigd dat hij de persoon is die op de camerabeelden een motor voortduwt. Vervolgens is één van de motoren meegenomen naar een garagebox in Almere. De andere motor is op de hoek van de straat in [plaats] achtergelaten.. Op camerabeelden van de garagebox is te zien dat verdachte en zijn medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] aan de motor met kenteken [kenteken] sleutelden. Verdachte heeft bevestigd dat hij in de garagebox aan de motor heeft gesleuteld. De politie heeft de motor met kenteken [kenteken] in de garagebox in Almere aangetroffen en de motor met kenteken [kenteken] in [plaats] aangetroffen met verdachte en de beide medeverdachten even later in de nabijheid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op basis van de bovenstaande bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat de ten laste gelegde voorwerpen, te weten de twee motoren, door diefstal waren verkregen en dat het niet anders kan dan dat verdachte dit wist gelet op de feiten en omstandigheden waaronder verdachte en zijn medeverdachten handelden, zoals het in de nacht op straat voortduwen van een motor en het sleutelen aan een motor bij een garagebox in de zeer late avonduren. Daarmee is sprake van opzetheling.</para>
      <para>Verdachte en zijn medeverdachten hebben in gezamenlijkheid de motoren opgehaald die op straat waren klaargezet en hebben één van de motoren naar de garagebox in Almere gebracht. Daarna hebben zij gezamenlijk aan de motor gesleuteld. De rechtbank is daarom van oordeel dat sprake was van medeplegen, bestaande uit een gezamenlijke uitvoering. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is van oordeel dat verdachte zich aldus schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van opzetheling van de twee in de tenlastelegging genoemde BMW-motoren. De rechtbank acht daarmee het onder feit 1 subsidiair ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Ten aanzien van feit 2 </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gerekwireerd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder feit 2 tenlastegelegde nu er sprake is van onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft verzocht om verdachte vrij te spreken van het onder feit 2 tenlastegelegde. Niet kan worden vastgesteld dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat de motoren die zijn aangetroffen in de garagebox van misdrijf afkomstig waren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank merkt allereerst op dat de BMW-motor met kenteken [kenteken] in zowel de tenlastelegging van feit 1 subsidiair (heling) en in feit 2 (heling) is opgenomen. Onder feit 1 heeft de rechtbank reeds bewezen verklaard dat verdachte deze motor heeft geheeld. Verdachte kan niet tweemaal voor de (opzet)heling van dezelfde motor vervolgd worden. De rechtbank is voor de beoordeling van dit feit ervan uitgegaan dat deze motor geen onderdeel is van de tenlastelegging.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat betreft de overige zes in de garagebox aangetroffen motoren overweegt de rechtbank het volgende. Uit geen van de bewijsmiddelen noch het verhandelde ter terechtzitting is gebleken dat verdachte op een ander moment dan in de nacht van 5 op 6 mei 2025 in de garagebox in Almere aanwezig is geweest. Verdachte heeft weliswaar verklaard dat hij vermoedde dat de motor waaraan hij op dat moment sleutelde van diefstal afkomstig was, maar uit geen van de feiten en omstandigheden is gebleken dat verdachte dit vermoeden had of redelijkerwijs had moeten hebben ten opzichte van de overige in de garagebox aanwezige motoren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank acht gelet op het voorgaande het tenlastegelegde onder feit 2  niet wettig en overtuigend bewezen, waardoor zij verdachte hiervan vrij spreekt. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het subsidiair tenlastegelegde onder feit 1 heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 5 mei 2025 tot en met 6 mei 2025 te [plaats] (gemeente Epe) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> Almere, tezamen en in vereniging met <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meer<emphasis role="italic">dere</emphasis> anderen, <emphasis role="strike-through">althans alleen, een of</emphasis> meer<emphasis role="italic">dere</emphasis> motoren, te weten:</para>
    </parablock>
    <para>- een zwarte BMW R 1250 Adventure (met kenteken [kenteken] ) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- een zilvergrijze BMW S 1000 RR (met kenteken [kenteken] ), <emphasis role="strike-through">althans een goed heeft verworven, </emphasis>voorhanden heeft gehad <emphasis role="strike-through">en/of heeft overgedragen,</emphasis> terwijl hij en zijn mededader<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dit goed wist<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden</emphasis> dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">medeplegen van opzetheling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van straf</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot het verrichten van een taakstraf van 180 uren subsidiair 90 dagen hechtenis, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 1 maand met een proeftijd van 2 jaren. Aan het voorwaardelijke strafdeel dienen de bijzondere voorwaarden uit het reclasseringsadvies van 27 augustus 2025 te worden verbonden.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft erop gewezen dat verdachte sinds zijn aanhouding positieve ontwikkelingen heeft doorgemaakt. Verdachte heeft inmiddels een baan, een eigen woning, betaalt alimentatie en lost zijn studieschuld af. De raadsvrouw heeft bepleit dat aan verdachte een deels voorwaardelijke gevangenisstraf met bijzondere voorwaarden dient te worden opgelegd. Indien er een onvoorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd, dient deze de duur van het voorarrest niet te overstijgen nu een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van een langere duur de positieve ontwikkelingen in het leven van verdachte kunnen doorkruizen. Daarnaast heeft de raadsvrouw verzocht om een taakstraf op te leggen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van opzetheling van twee motoren. Door op deze wijze te handelen was verdachte een spil in de handel in gestolen motoren. Verdachte heeft hiermee getoond geen respect te hebben voor de eigendommen van anderen en heeft hiermee veel (financiële) overlast veroorzaakt. De aangever verliest niet alleen het bezit van zijn motoren, maar wordt ook geconfronteerd met de administratieve en emotionele last van het melden van de diefstal en alle gevolgen nadien. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot de persoon van verdachte heeft de rechtbank gelet op een uittreksel uit het justitiële documentatieregister van 6 september 2025 waaruit blijkt dat hij eerder is veroordeeld voor vermogensdelicten, waaronder de diefstal van een bromfiets. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft acht geslagen op het reclasseringsadvies van Tactus Reclassering Flevoland d.d. 27 augustus 2025. De reclassering benoemt dat zij zorgen heeft rondom het sociale netwerk van verdachte, omdat één van de medeverdachten zijn huisgenoot was. De reclassering benoemt het als positief dat verdachte sinds augustus 2025 zijn eigen huurwoning heeft en zich niet meer direct in dit netwerk bevindt. Momenteel heeft verdachte een betaalde baan waaruit hij zijn inkomen verschaft. De reclassering ziet het als risicoverhogend als deze baan zou wegvallen. De motivatie voor het plegen van het feit door verdachte was financieel. De reclassering vindt dat er sprake is van risico's binnen de huidige relatie van verdachte en zijn relatie met zijn ex-vrouw en kinderen. Verdachte heeft al een lange tijd zijn kinderen niet gezien en het contact tussen beide ouders is nihil. Verdachte zou, nu hij zijn eigen woning heeft, een structurele omgang willen met zijn kinderen. Dat het contact met zijn ex-vrouw stroef verloopt, zorgt voor spanningen bij<?linebreak?>verdachte. Ook binnen de huidige relatie van verdachte zijn er soms ruzies. Daarnaast is het dagelijks gebruik van cannabis door verdachte een punt van aandacht, ondanks dat dit momenteel zijn dagelijks functioneren niet in de weg lijkt te staan. Het gebruik van cannabis kan wel van invloed zijn op de financiële middelen van verdachte. Verdachte stelt zich open op tijdens de meldplichtafspraken en staat open voor een reclasseringstoezicht. De reclassering constateert risico's op meerdere leefgebieden zoals financiën, dagbesteding en sociaal netwerk. Tijdens een reclasseringstoezicht kan verdachte ondersteund worden op deze leefgebieden om op deze manier aan risicovermindering te werken. De reclassering schat het risico op recidive in als laag-gemiddeld. De reclassering adviseert om aan verdachte een (deels) voorwaardelijke straf met de volgende bijzondere voorwaarden op te leggen: een meldplicht bij de reclassering, het volgen van de gedragsinterventie cognitieve vaardigheden en de gedragsinterventie middelengebruik, het hebben van dagbesteding en het meewerken aan middelencontrole. De rechtbank neemt dit advies over en maakt de conclusies tot de hare. <?linebreak?></para>
      <para>Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank gekeken naar straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. De rechtbank zal, ook gelet op de vrijspraak voor feit 2, daarom een lagere taakstraf opleggen dan door de officier is gevorderd, namelijk een taakstraf van 150 uur, bij niet uitvoeren te vervangen door 75 dagen hechtenis. De tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, zal van die straf worden afgetrokken. Daarnaast acht de rechtbank een stok achter de deur noodzakelijk, zodat verdachte in de toekomst niet nog eens de fout in zal gaan. Daarom zal de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand opleggen, met een proeftijd van 2 jaren. Aan het voorwaardelijk strafdeel zullen de bijzondere voorwaarden uit het reclasseringsadvies van 27 augustus 2025 worden verbonden. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>De beoordeling van de civiele vordering</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij [aangever] heeft in verband met feit 1 een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 14.265,46 aan materiële schade en € 4.000,- aan smartengeld, allebei vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunten</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij ten aanzien van de materiële schade kan worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Voor het overige deel, het smartengeld, heeft de officier van justitie verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering te verklaren, nu dit deel van de vordering onvoldoende onderbouwd is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering ten aanzien van het smartengeld onvoldoende is onderbouwd. De benadeelde partij dient voor dit deel van de vordering niet-ontvankelijk te worden verklaard. Ten aanzien van de materiële schade heeft de verdediging betoogd dat er onvoldoende bekend is over de schade aan de motoren, zodat niet met zekerheid vast staat dat er rechtstreeks verband bestaat tussen de schade en het bewezenverklaarde. De benadeelde partij dient daarom niet-ontvankelijk in de vordering te worden verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overweging van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Materiële schade </emphasis>
      </para>
      <para>Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. De benadeelde partij heeft door het bewezenverklaarde handelen schade aan beide motoren. De hoogte van de schade blijkt uit de onderbouwing bij het verzoek tot schadevergoeding, te weten de taxatie van de motoren. De schadeposten zijn voldoende onderbouwd en komen redelijk voor. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk. Daarom is de rechtbank van oordeel dat de vordering tot een hoogte van <?linebreak?>€ 12.633,23 kan worden toegewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het procesdossier is gebleken dat de benadeelde partij enkele goederen, te weten de gestolen tassen en koffers, terug heeft ontvangen. Of er sprake is van schade kan de rechtbank niet vaststellen en het levert een onevenredige belasting voor het strafproces op om benadeelde om nadere bewijsvoering te verzoeken. De rechtbank zal derhalve de benadeelde partij daarom voor dit deel van de vordering (ter hoogte van € 1.632,23) niet-ontvankelijk verklaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Smartengeld </emphasis>
      </para>
      <para>Voor toekenning van immateriële schadevergoeding op grond van artikel 6:106 aanhef en onder b van het Burgerlijk Wetboek moet – kort gezegd – sprake zijn van aantasting in de persoon in de vorm van lichamelijk letsel, een persoon geschaad zijn in de eer of goede naam of van aantasting in de persoon ‘op andere wijze’. Voor de laatste categorie geldt dat sprake moet zijn van geestelijk letsel (met onderbouwing) dan wel, bij afwezigheid daarvan, dat sprake moet zijn van een situatie waarin de aard en de ernst van de normschending meebrengen dat de relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat een aantasting in de persoon kan worden aangenomen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Noch uit de vordering van de benadeelde partij, noch uit de onderbouwing daarvan, is gebleken dat de benadeelde partij ernstig psychische klachten en letsel heeft opgelopen. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat door de benadeelde partij onvoldoende is onderbouwd dat sprake zou zijn van een situatie waarin de aard en de ernst van de normschending meebrengen dat de relevante nadelige gevolgen daarvan voor de benadeelde zo voor de hand liggen, dat een aantasting in de persoon kan worden aangenomen. Het levert een onevenredige belasting van het strafproces op om benadeelde om nadere bewijsvoering te verzoeken. Daarom zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk in dit deel van de vordering verklaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Hoofdelijkheid</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank overweegt dat verdachte en zijn medeverdachten ieder voor het hele schadebedrag (hoofdelijk) kunnen worden aangesproken. Verdachte hoeft niet meer te betalen indien en voor zover zijn medeverdachten de schade hebben vergoed.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Wettelijke rente en schadevergoedingsmaatregel</emphasis>
      </para>
      <para>Verdachte is vanaf 5 mei 2025 wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht het aan de benadeelde partij toegewezen bedrag aan de Staat te betalen. Eventueel toegekende proceskosten zijn daar niet bij inbegrepen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>Beslag</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunten</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat alle in beslag genomen voorwerpen verbeurd dienen te worden verklaard. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank zal de voorwerpen: </para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>1 stuk slot (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447115, af te lezen nummers: ER4859 04/02/20 EN 176746 16 21.02.20.00, BMW); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 stuk module (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447118, BMS-09457511-01 170134275 MADE IN HUNGARY, Zilver, merk: Bosch); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 stuk gereedschap (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447120, rol ductape en tiewrap grijs en zwart); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 stuk sleutel (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447123, betreft een sleutel van een BMW-motor, BMW); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 stuk tas (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447127, Albert Heijn); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 stuk kleding (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447113, jas OMEGA V2 LADY en broek zwart met witte letters XL, zwart, merk: Omega); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 paar handschoenen (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447149, groen/zwart, merk: Reca); </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>1 stuk schroevendraaier (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447131, zwart,</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>merk: Facom); </para>
    <para>1 stuk helm (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447122, grijs, merk: Storm); </para>
    <para>met betrekking tot welke feit 1 is begaan, verbeurd verklaren.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 33, 33a, 36f, 47 en 416 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>11</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> spreekt verdachte vrij van het onder feit 2 tenlastegelegde;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het overige ten laste gelegde feit, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van <emphasis role="bold">1 (één) maand</emphasis>;</para>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>bepaalt dat deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van twee jaren niet heeft gehouden aan de volgende voorwaarden: <?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para> stelt als bijzondere voorwaarden dat:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para> verdachte zich binnen drie dagen na het ingaan van de proeftijd meldt bij Tactus Verslavingszorg op het adres Randstand 22-183, 1316 BM te Almere. Verdachte blijft zich melden op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;</para>
      <para> verdachte actief deelneemt aan de gedragsinterventie Cova of een andere gedragsinterventie die gericht is op cognitieve vaardigheden. De reclassering bepaalt welke training het precies wordt. Verdachte houdt zich aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer/begeleider;</para>
      <para> verdachte actief deelneemt aan de gedragsinterventie Leefstijl of een andere</para>
    </parablock>
    <para>gedragsinterventie die gericht is op verslaving en middelengebruik. De reclassering bepaalt welke training het precies wordt. Verdachte houdt zich aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer/begeleider;</para>
    <parablock>
      <para> verdachte zich inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;</para>
      <para> verdachte meewerkt aan controle van het gebruik van alcohol en drugs om het middelengebruik te beheersen. De reclassering kan urineonderzoek en ademonderzoek (blaastest) gebruiken voor de controle. De reclassering bepaalt hoe vaak verdachte wordt gecontroleerd;</para>
    </parablock>
    <para>verdachte ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit, medewerking verleent aan het nemen van vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage biedt;</para>
    <para> geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;</para>
    <para />
    <para> legt op <emphasis role="bold">een taakstraf van 150 uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 75 dagen;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat voor de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van de taakstraf in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf uren in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat per dag in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht 2 uur in mindering wordt gebracht; </para>
    <para />
    <para> verklaart de volgende voorwerpen verbeurd: </para>
    <parablock>
      <para> 1 stuk slot (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447115, af te lezen nummers: ER4859 04/02/20 EN 176746 16 21.02.20.00, BMW); </para>
      <para> 1 stuk module (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447118, BMS-09457511-01 170134275 MADE IN HUNGARY, Zilver, merk: Bosch); </para>
      <para> 1 stuk gereedschap (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447120, rol ductape en tiewrap grijs en zwart); </para>
      <para> 1 stuk sleutel (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447123, betreft een sleutel van een BMW-motor, BMW); </para>
      <para> 1 stuk tas (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447127, Albert Heijn); </para>
      <para> 1 stuk kleding (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447113, jas OMEGA V2 LADY en broek zwart met witte letters XL, zwart, merk: Omega); </para>
      <para> 1 paar handschoenen (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447149, groen/zwart, merk: Reca); </para>
      <para> 1 stuk schroevendraaier (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447131, zwart,</para>
      <para> merk: Facom); </para>
      <para> 1 stuk helm (omschrijving: PL0600-2025208157-G3447122, grijs, merk: Storm); </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte in verband met het feit 1 tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij van € 12.633,23 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 mei 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para> verklaart de benadeelde partij [aangever] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade en smartengeld;</para>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [aangever] , een bedrag te betalen van € 12.633,23 aan materiële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 mei 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 98 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para> bepaalt dat als de medeverdachte(n) (een deel van) het schadebedrag betaalt/betalen dat bedrag op de betalingsverplichting van verdachte in mindering wordt gebracht.</para>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.H. Steenweg (voorzitter), mr. W. Bruins en mr. I. de Bruin, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.F.A. Vrede, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 oktober 2025.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>mrs. Steenweg en Vrede zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_a3886313-87ce-4d21-8236-94e54239c72a" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant 2] van de politie Eenheid Oost-Nederland, district Noord-Oost Gelderland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2025208276, gesloten op 12 juli 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte (aanvullende) processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_79583dcb-c874-49c1-98db-fa547c241cde" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aangifte [aangever] , p. 66-67. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_a51b5278-caf0-43f3-9b6d-a59a3399f0ec" label="3">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 100. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_6dfb3993-11b4-4243-96ca-687381c9bfa2" label="4">
    <para> Een wettelijk door [verbalisant 2] opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 1 september 2025 (geen onderdeel uitmakend van het doorgenummerde eind proces-verbaal).</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b8ff9ad5-b869-4d64-9f62-5987fea044a1" label="5">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 165.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4294f30f-4427-4d3c-9d37-f47269fac2c5" label="6">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 134. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_3bd5e76a-fa22-4801-ba19-b948cc46741b" label="7">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 83-85. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_aed5dc4a-c344-49a2-ba80-b326619ef1dc" label="8">
    <para> Verklaring van verdachte ter terechtzitting d.d. 19 september 2025.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>