<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:11653</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-12T14:12:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">114155-23</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11653">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11653</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-12T14:10:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:11653 Rechtbank Gelderland , 09-09-2025 / 114155-23</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:11653:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand, met een proeftijd van 1 jaar, voor schuldheling van koelkasten.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:11653:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05.114155.23</para>
      <para>Datum uitspraak	: 9 september 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachten]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1949 in [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. D.L.A.M. Pluijmakers, advocaat in Almere .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juni 2021 tot en met 3 november 2022 te Nijkerk, althans in Nederland, koelkasten (te weten 18, althans 12 stuks), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juni 2021 tot en met 3 november 2022 te Nijkerk, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, koelkasten (te weten 18, althans 12 stuks), althans een of meer goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van deze goederen wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het door misdrijf verkregen goederen betroffen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_876dbe6a-73b7-46f3-b684-5fd8c702023d" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van het primair tenlastegelegde </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat verdachte dient te worden vrijgesproken van het primair tenlastegelegde, nu verdachte geen wegnemingshandelingen heeft verricht en er derhalve geen sprake was van diefstal. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van het subsidiair tenlastegelegde </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is subsidiair ten laste gelegd dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan opzetheling dan wel schuldheling van 18, althans 12 koelkasten, in de periode van 1 juni 2021 tot en met 3 november 2022. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Niet ter discussie staat dat verdachte op 3 november 2022 te Nijkerk 12 koelkasten heeft verworven. De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte wist dat deze 12 koelkasten door misdrijf verkregen goederen betroffen. Wel had verdachte redelijkerwijs moeten vermoeden dat het om door misdrijf verkregen goederen ging, waardoor verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan schuldheling. Er is ten aanzien hiervan sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] namens [bedrijf] van 3 november 2022, p. 55-56, 59-60;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 26 augustus 2025. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voorts concludeert de rechtbank, in lijn met de standpunten van de officier van justitie en de verdediging, dat het dossier onvoldoende aanknopingspunten biedt dat verdachte zich in de periode voor 3 november 2022 schuldig heeft gemaakt aan opzet- dan wel schuldheling van (zes) koelkasten. De rechtbank zal verdachte van dit onderdeel van de tenlastelegging dan ook vrijspreken.  </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op<emphasis role="strike-through"> één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 juni 2021 tot en met</emphasis> 3 november 2022 te Nijkerk<emphasis role="strike-through">, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal,</emphasis> koelkasten (te weten <emphasis role="strike-through">18, althans </emphasis>12 stuks)<emphasis role="strike-through">, althans een of meer goederen</emphasis> heeft verworven <emphasis role="italic">en</emphasis> voorhanden heeft gehad <emphasis role="strike-through">en/of heeft overgedragen</emphasis>, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van deze goederen <emphasis role="strike-through">wist, althans </emphasis>redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het door misdrijf verkregen goederen betroffen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">schuldheling.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft bepleit dat aan verdachte een geheel voorwaardelijke (werk)straf wordt opgelegd met een proeftijd van 1 jaar. Het feit is gedateerd en verdachte is sindsdien niet meer met politie en justitie in aanraking geweest. Ook speelde verdachte een beperkte rol ten opzichte van de rol van zijn medeverdachte. Daarnaast heeft de raadsman de rechtbank verzocht om rekening te houden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte, in het bijzonder de zorgtaken van verdachte in verband met de ziekte van zijn vrouw en de gezondheidsproblemen die bij hem zelf zijn geconstateerd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan schuldheling van 12 koelkasten. Daarmee heeft hij niet alleen willen profiteren van een eerder gepleegd misdrijf, maar ook bijgedragen aan het in stand houden van dergelijke misdrijven. Door aldus te handelen heeft de verdachte bovendien geen enkel respect getoond voor andermans eigendom. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft acht geslagen op het strafblad van verdachte. Daaruit blijkt dat verdachte in de vijf voorafgaande jaren geen soortgelijk delict heeft gepleegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verder heeft de rechtbank kennisgenomen van het rapport van de reclassering van 15 juli 2025. Daaruit volgt dat er op het merendeel van de leefgebieden sprake is van stabiliteit bij verdachte. </para>
      <para>De reclassering ziet in de financiële situatie van verdachte wel een (mogelijke) risicofactor. Verdachte heeft schulden die hij nog moet afbetalen en voelt zich daardoor genoodzaakt om, ondanks zijn pensioengerechtigde leeftijd, nog te werken om wat bij te verdienen naast zijn AOW. Positief is het feit dat verdachte sinds het onderhavige delict, inmiddels bijna drie jaar geleden, niet meer bij politie en justitie in beeld is gekomen. Mede gezien de gedateerdheid van het feit adviseert de reclassering een straf zonder bijzondere voorwaarden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij het bepalen van de op te leggen straf heeft de rechtbank verder gekeken naar de straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. Ook houdt de rechtbank er rekening mee dat er sinds het feit bijna drie jaar zijn verstreken en dat de redelijke termijn is overschreden. Daarnaast neemt de rechtbank in aanmerking dat verdachte zorg draagt voor zijn zieke vrouw en zelf ook met gezondheidsproblemen kampt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegend acht de rechtbank een straf conform de eis van de officier van justitie passend en geboden, maar met een proeftijd van 1 jaar in plaats van 2 jaren. Verdachte is in de bijna drie jaren die zijn verstreken sinds het feit niet opnieuw met politie en justitie in aanraking gekomen voor soortgelijke feiten. De rechtbank zal aan verdachte een voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen voor de duur van 1 maand, met een proeftijd van 1 jaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>De beoordeling van de civiele vordering</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [aangever] heeft namens de benadeelde partij [bedrijf] een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert een bedrag van € 82.777,- aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente. Verder wordt om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overweging van de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>Nu de rechtbank enkel tot een bewezenverklaring komt ten aanzien van de 12 koelkasten die onder verdachte in beslag zijn genomen en zijn teruggegeven aan de rechtmatige eigenaar, bestaat er geen grond om de vordering (deels) toe te wijzen. De rechtbank zal de vordering van de benadeelde partij dan ook afwijzen. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf en/of maatregel is gegrond op de artikelen 22c, 22d en 417bis van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> spreekt verdachte vrij van het primair tenlastegelegde; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het subsidiair tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 maand;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	bepaalt dat deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van 1 jaar schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [bedrijf]</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> wijst af de vordering van de benadeelde partij [bedrijf] </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. Gerritsen (voorzitter), mr. J.M. Graat en mr. S.W. van Kasbergen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.K. Verberkt, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 9 september 2025.</para>
              <para />
              <para>
                <emphasis role="italic">mr. Van Kasbergen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. </emphasis>
              </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_876dbe6a-73b7-46f3-b684-5fd8c702023d" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost-Nederland opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL0600-2022590080, gesloten op 27 april 2023 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld..</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>