<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:11650</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-12T13:56:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-20</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-07-01</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">066169-25</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11650">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:11650</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-02-12T13:54:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-02-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:11650 Rechtbank Gelderland , 01-07-2025 / 066169-25</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:11650:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Gevangenisstraf van 9 maanden voor het medeplegen van diefstal bij 7 verschillende winkels binnen een periode van 2 maanden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:11650:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05.066169.25</para>
      <para>Datum uitspraak	: 1 juli 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [verdachte] 1980 in [geboorteplaats] , </para>
      <para>ingeschreven aan [adres] , Roemenië,</para>
      <para>op dit moment gedetineerd in [plaats 1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. M.P. Hilhorst, advocaat in Utrecht .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zij op een of meer tijdstippen gelegen in of omstreeks de periode van 18 december 2024 tot en met 7 februari 2025 te Barneveld en/of Woerden en/of Huizen en/of Amsterdam en/of Utrecht en/of Rosmalen en/of Almere , althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een of meerdere goederen zoals omschreven in de in deze tenlastelegging genoemde processen-verbaal van aangifte met de volgende kenmerken:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. PL0600-2025029101, [bedrijf 1] te Barneveld , pleegdatum 18-12-2024 (medicijnen,</para>
    <para>cosmetica- en gezichtsverzorgingsartikelen met een totale waarde van 748 euro),</para>
    <para />
    <para>2. PL0900-2025029992, [bedrijf 1] te Woerden , pleegdatum 21-12-2024 (drogisterij-artikelen met een totale waarde van 867 euro),</para>
    <para />
    <para>3. PL0900-2025040592, [bedrijf 2] te Huizen , pleegdatum 21-01-2025 (parfum met een</para>
    <para>totale waarde van 164 euro),</para>
    <para />
    <para>4. PL1300-2025045192, [bedrijf 1] te Amsterdam , pleegdatum 22-01-2025 (cosmetica-</para>
    <para>en gezichtsverzorgingsartikelen met een totale waarde van 824 euro),</para>
    <para />
    <para>5. PL0900-2025030091, [bedrijf 1] te Utrecht , pleegdatum 23-01-2025 (cosmetica-artikelen en parfum met een totale waarde van 901 euro),</para>
    <para />
    <para>6. PL2100-2025036447, [bedrijf 2] te Rosmalen , pleegdatum 06-02-2025 (parfum met een totale waarde van 420 euro) en/of</para>
    <para />
    <para>7. PL0900-2025048542, [bedrijf 1] te Almere , pleegdatum 07-02-2025 (cosmetica-artikelen met een totale waarde van 742 euro),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>in elk geval enig goed dat/die geheel of ten dele toebehoorde(n) aan [bedrijf 1] en/of [bedrijf 2] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of haar mededader(s), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_f5a4f115-da87-4b21-b480-cca8bed0570b" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 1] Barneveld , p. 24-26;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 1] Woerden , p. 29-30;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 2] Huizen , p. 32-33;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 1] Amsterdam , p. 34-35;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 1] Utrecht , p. 37-39;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 2] Rosmalen , p. 40-41;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte namens [bedrijf 1] Almere , p. 43-45; </para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 17 juni 2025.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het  tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zij op <emphasis role="strike-through">een of meer </emphasis>tijdstippen gelegen in <emphasis role="strike-through">of omstreeks </emphasis>de periode van 18 december 2024 tot en met 7 februari 2025 te Barneveld en/of Woerden en/of Huizen en/of Amsterdam en/of Utrecht en/of Rosmalen en/of Almere , <emphasis role="strike-through">althans in Nederland,</emphasis> meermalen<emphasis role="strike-through">, althans eenmaal</emphasis> tezamen en in vereniging met een of meer anderen<emphasis role="strike-through">, althans alleen, een of meerdere</emphasis> goederen zoals omschreven in de in deze tenlastelegging genoemde processen-verbaal van aangifte met de volgende kenmerken:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. PL0600-2025029101, [bedrijf 1] te Barneveld , pleegdatum 18-12-2024 (medicijnen,</para>
    <para>cosmetica- en gezichtsverzorgingsartikelen met een totale waarde van 748 euro),</para>
    <para />
    <para>2. PL0900-2025029992, [bedrijf 1] te Woerden , pleegdatum 21-12-2024 (drogisterij-artikelen met een totale waarde van 867 euro),</para>
    <para />
    <para>3. PL0900-2025040592, [bedrijf 2] te Huizen , pleegdatum 21-01-2025 (parfum met een</para>
    <para>totale waarde van 164 euro),</para>
    <para />
    <para>4. PL1300-2025045192, [bedrijf 1] te Amsterdam , pleegdatum 22-01-2025 (cosmetica-</para>
    <para>en gezichtsverzorgingsartikelen met een totale waarde van 824 euro),</para>
    <para />
    <para>5. PL0900-2025030091, [bedrijf 1] te Utrecht , pleegdatum 23-01-2025 (cosmetica-artikelen en parfum met een totale waarde van 901 euro),</para>
    <para />
    <para>6. PL2100-2025036447, [bedrijf 2] te Rosmalen , pleegdatum 06-02-2025 (parfum met een totale waarde van 420 euro) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para />
    <para>7. PL0900-2025048542, [bedrijf 1] te Almere , pleegdatum 07-02-2025 (cosmetica-artikelen met een totale waarde van 742 euro),</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed dat/</emphasis>die geheel <emphasis role="strike-through">of ten dele </emphasis>toebehoorde<emphasis role="strike-through">(</emphasis>n<emphasis role="strike-through">)</emphasis> aan [bedrijf 1] en/of [bedrijf 2] <emphasis role="strike-through">, in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of haar mededader(s),</emphasis> heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">diefstal door twee of meer verenigde personen, meermaals gepleegd</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van de straf </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 9 maanden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat aan verdachte een onvoorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd gelijk aan de duur van het voorarrest. Aanvullend kan een taakstraf of een voorwaardelijk strafdeel worden opgelegd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich op een bijzonder grote schaal schuldig gemaakt aan diefstal bij winkels van [bedrijf 1] en [bedrijf 2] . Zij is samen met haar medepleger(s) op een strooptocht door Nederland getrokken, een land waar zij verder geen binding mee had, zonder enig respect te tonen voor de eigendommen van anderen. Daarbij gingen zij op beroepsmatige en geraffineerde wijze te werk. Binnen een periode van twee maanden heeft verdachte bij 7 verschillende winkels voor duizenden euro’s aan gestolen goederen buitgemaakt. Voor de gedupeerden heeft zij daarmee niet alleen financiële schade, maar ook overlast en ergernis veroorzaakt. De rechtbank rekent dat verdachte aan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft ter terechtzitting spijt betuigd. Ze heeft verklaard dat zij in Nederland graag een toekomst wil opbouwen en wil gaan werken als manicure. Ze is bezig om Nederlands te leren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft kennisgenomen van het uittreksel uit de Europese Justitiële Documentatie van 4 maart 2025. Daaruit volgt dat verdachte de afgelopen vijf jaar in het Verenigd Koninkrijk, Spanje en Italië vele malen is veroordeeld voor soortgelijke delicten. De rechtbank stelt vast dat sprake is van veelvuldige (internationale) recidive. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij het bepalen van de op te leggen straf heeft de rechtbank verder gekeken naar de oriëntatiepunten voor de rechtspraak en straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. Alles afwegende zal de rechtbank aan verdachte een gevangenisstraf opleggen voor de duur van 9 maanden. De tijd die verdachte al in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht zal in mindering worden gebracht op de straf.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De beoordeling van de civiele vorderingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De volgende benadeelde partijen hebben zich in het strafproces gevoegd en een vordering tot schadevergoeding ingediend:</para>
    </parablock>
    <orderedlist numeration="arabic">
      <listitem>
        <para>
          [bedrijf 2] Nederland vordert € 584,20 aan materiële schade wegens diefstal van goederen bij de winkels van [bedrijf 2] in Huizen en Rosmalen ;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>
          [bedrijf 3] , het moederbedrijf van [bedrijf 1] , vordert € 4.075,29 aan materiële schade wegens diefstal van goederen bij de winkels van [bedrijf 1] in Barneveld , Woerden , Amsterdam , Utrecht en Almere ; </para>
      </listitem>
    </orderedlist>
    <para>telkens vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Standpunten</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vorderingen van de benadeelde partijen in het geheel kunnen worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft aangevoerd dat het de vraag is of de vorderingen helemaal kloppen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overweging van de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partijen als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade hebben geleden. De vorderingen zijn door de verdediging niet gemotiveerd betwist. De vorderingen komen (op afrondingsverschillen na) overeen met de bedragen genoemd in de aangiftes en zijn voorzien van lijsten met weggenomen goederen. De gevorderde bedragen komen de rechtbank bovendien redelijk voor, zodat de vorderingen in hun geheel zullen worden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal de materiële schadevergoeding voor [bedrijf 2] Nederland vaststellen op € 584,20. Verdachte is wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd vanaf 6 februari 2025. Dit is de datum van het laatste bewezenverklaarde feit waarbij [bedrijf 2] Nederland schade heeft geleden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal de materiële schadevergoeding voor [bedrijf 3] als onbetwist vaststellen op € 4.075,29. Verdachte is wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd vanaf  7 februari 2025. Dit is de datum van het laatste bewezenverklaarde feit waarbij [bedrijf 3] schade heeft geleden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank overweegt ten aanzien van beide vorderingen dat verdachte en haar medeverdachte [medeverdachte] ieder voor dit schadebedrag (hoofdelijk) kunnen worden aangesproken. Verdachte hoeft niet meer te betalen indien en voor zover haar medeverdachte deze schade heeft vergoed.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank ziet ten aanzien van beide vorderingen aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 36f en 311 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 9 maanden</para>
    <para />
    <para> beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [bedrijf 2] </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte in verband met het bewezenverklaarde tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [bedrijf 2] Nederland van € 584,20 aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 februari 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald);<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [bedrijf 2] Nederland, een bedrag te betalen van € 584,20 aan materiële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 februari 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 11 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt; <?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para> bepaalt dat als de medeverdachte (een deel van) het schadebedrag betaalt dat bedrag op de betalingsverplichting van verdachte in mindering wordt gebracht;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [bedrijf 3] </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte in verband met het bewezenverklaarde tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [bedrijf 3] van € 4.075,29 euro aan materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 februari 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald);<?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partij in deze procedure heeft gemaakt en de kosten die de benadeelde partij mogelijk nog moet maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [bedrijf 3] , een bedrag te betalen van € 4.075,29 euro aan materiële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 februari 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 50 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt; <?linebreak?></para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <para> bepaalt dat als de medeverdachte (een deel van) het schadebedrag betaalt dat bedrag op de betalingsverplichting van verdachte in mindering wordt gebracht. </para>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Graat (voorzitter), mr. M.C. Gerritsen en mr. L.M. Vogel, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.K. Verberkt, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 1 juli 2025.</para>
              <para />
              <para>
                <emphasis role="italic">mr. Vogel is buiten staat om dit vonnis mede te ondertekenen. </emphasis>
              </para>
              <para />
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_f5a4f115-da87-4b21-b480-cca8bed0570b" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost-Nederland opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PLO600-2025096659, gesloten op 15 april 2025 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>