<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:10802</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-16T16:40:22</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-02-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">017764-21</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:10802">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:10802</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-10T13:49:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:10802 Rechtbank Gelderland , 13-02-2025 / 017764-21</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:10802:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling Opiumwet (procesafspraken)</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:10802:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05.017764.21</para>
      <para>Datum uitspraak	: 13 februari 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">verkort vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedatum] 1984 in [geboorteplaats], </para>
      <para>wonende aan de [adres], [postcode] in [woonplaats].</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. H. Hadžić, waarnemend voor mr. J.A. Schadd, advocaten in Arnhem.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1</para>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 7 maart 2020 tot en met 29 juni 2020, te Veeningen, gemeente De Wolden en/of te Sint Kruis, gemeente Sluis, althans (telkens) in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoer en/of vervaardigd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende metamfetamine, zijnde metamfetamine (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst 1, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2</para>
      <para>hij in de periode van 7 maart 2020 tot en met 29 juni 2020, te Veeningen, gemeente De Wolden en/of te Sint Kruis, gemeente Sluis en/of elders in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of ander, althans alleen, (telkens) om een feit bedoeld in het vier of vijfde lid van artikel van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bereiden, bewerken en/of verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen het grondgebied van Nederland brengen, van (een) (grote) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende methamfetamine, zijnde methamfetamine (telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, voor te bereiden en/of te bevorderen, hebben verdachte en/of zijn mededaders voorhanden gehad:</para>
    </parablock>
    <para>- Een of meerdere liter(s)</para>
    <parablock>
      <para>• tolueen</para>
      <para>• 30 liter aceton</para>
      <para>• 245 liter zoutzuur</para>
      <para>• 20 liter benzylcyanide</para>
      <para>• 352 liter mono-methylamine 40%</para>
      <para>• 425 liter ammonium hydroxide</para>
      <para>• 925 liter isobutyl alcohol</para>
    </parablock>
    <para>- een of meerdere kilo(‘s)</para>
    <parablock>
      <para>• caustic soda en/of</para>
      <para>• wijnsteenzuur en/of</para>
    </parablock>
    <para>- een of meerdere reactieketels (inhouden 928 liter) en/of</para>
    <para>- een of meerdere centrifuges en/of</para>
    <para>- een of meerdere grote gaswassers en/of</para>
    <para>- een of meerdere afzuigkasten (waarvan twee gevuld met kattengrit) en/of</para>
    <para>- een of meerdere au bain marie bakken en/of</para>
    <para>- een of meerdere grote vriezers en/of</para>
    <para>- een of meerdere grote koelemmers en/of</para>
    <para>- een of meerdere dozen aluminiumfolie,</para>
    <parablock>
      <para>waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige reden</para>
      <para>had(den) te vermoeden, dat dat/die chemicaliën en/of voorwerpen (al dan niet in</para>
      <para>combinatie met elkaar) bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Procesafspraken </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Openbaar Ministerie (OM) en de raadsman van verdachte hebben de mogelijkheid onderzocht van het maken van procesafspraken over de afdoening van deze strafzaak. Naar aanleiding hiervan heeft de officier van justitie de rechtbank op 23 januari 2025 een ondertekende overeenkomst procesafspraken toegezonden. In deze overeenkomst zijn de door het OM, verdachte en zijn raadsman gemaakte procesafspraken, waaronder een gemeenschappelijk afdoeningsvoorstel, opgenomen. Partijen beogen daarmee de strafzaak op korte termijn tot een einde te laten komen. De overeenkomst is aangehecht aan dit vonnis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De overwegingen van de rechtbank over de procesafspraken</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank overweegt dat de rechter alleen acht kan slaan op door het OM en de verdediging gemaakte procesafspraken als gewaarborgd is dat wordt voldaan aan de eisen die artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) stelt. Deze waarborg is in het bijzonder van belang omdat in de regel mede van een dergelijke overeenkomst deel uitmaakt dat de verdachte afziet van de uitoefening van bepaalde aan hem toekomende verdedigingsrechten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft de hiervoor weergegeven inhoud en strekking van de procesafspraken tijdens de terechtzitting van 30 januari 2025 aan verdachte voorgehouden en met hem besproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank stelt vast dat verdachte tijdens de terechtzitting desgevraagd heeft bevestigd dat hij zich kan vinden in voornoemde procesafspraken die onder meer inhouden dat geen onderzoekswensen worden ingediend, geen verweer wordt gevoerd, dat verdachte kan instemmen met een bewezenverklaring overeenkomstig de overgelegde tenlastelegging, en dat geen hoger beroep wordt ingesteld als de rechtbank komt tot een bewezenverklaring en strafoplegging conform het afdoeningsvoorstel of binnen de in de overeenkomst genoemde bandbreedte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte, die gedurende het proces van het maken van procesafspraken en tijdens de terechtzitting is bijgestaan door zijn raadsvrouw, vrijwillig, op basis van voldoende duidelijke informatie en terwijl hij zich bewust was van de rechtsgevolgen, is gekomen tot de ondubbelzinnige beslissing mee te werken aan het afdoeningsvoorstel en de daarmee gepaard gaande afstand van zijn verdedigingsrechten. De rechtbank heeft zich er bij de inhoudelijke behandeling op 30 januari 2025 van vergewist dat verdachte nog steeds achter de gemaakte afspraken staat. Daarnaast heeft de rechtbank getoetst of de procesafspraken, gelet op wat is bepaald in de artikelen 348 en 350 van het Wetboek van Strafvordering, stand kunnen houden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles overziend is de rechtbank van oordeel dat zij acht kan slaan op het voornoemde afdoeningsvoorstel en zal de inhoud hiervan als herhaald en ingelast beschouwen. Wel heeft de rechtbank aanvullend gestreept in de tenlastelegging onder feit 2. De rechtbank zal beslissen zoals hieronder weergegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">één of</emphasis> meer tijdstippen in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 7 maart 2020 tot en met 30 mei 2020, te Veeningen, gemeente De Wolden <emphasis role="strike-through">en/of te Sint Kruis, gemeente Sluis, althans (telkens) in Nederland,</emphasis> (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen<emphasis role="strike-through">, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens)</emphasis> opzettelijk heeft bereid en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> bewerkt en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> verwerkt <emphasis role="strike-through">en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> vervoerd en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> vervaardigd, <emphasis role="strike-through">in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad</emphasis> een <emphasis role="strike-through">(</emphasis>grote<emphasis role="strike-through">)</emphasis> hoeveelheid van een materiaal bevattende metamfetamine, zijnde metamfetamine (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst 1<emphasis role="strike-through">, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2</para>
      <para>hij in de periode van 7 maart 2020 tot en met 29 juni 2020, <emphasis role="strike-through">te Veeningen, gemeente De Wolden en/of</emphasis> te Sint Kruis, gemeente Sluis<emphasis role="strike-through"> en/of elders in Nederland</emphasis>, <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> tezamen en in vereniging met een ander of anderen<emphasis role="strike-through">, althans alleen, (</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> om een feit bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, te weten het opzettelijk bereiden, bewerken en/of verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen het grondgebied van Nederland brengen, van <emphasis role="strike-through">(een) (</emphasis>grote<emphasis role="strike-through">)</emphasis> hoeveelhe<emphasis role="strike-through">(i)</emphasis>d<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van een materiaal bevattende methamfetamine, zijnde methamfetamine <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, voor te bereiden en/of te bevorderen, hebben verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededaders voorhanden gehad:</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="strike-through">- Een of meerdere liter(s)</emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para>• meerdere liters tolueen</para>
      <para>• 30 liter aceton</para>
      <para>• 245 liter zoutzuur</para>
      <para>• 20 liter benzylcyanide</para>
      <para>• 352 liter mono-methylamine 40%</para>
      <para>• 425 liter ammonium hydroxide</para>
      <para>• 925 liter isobutyl alcohol</para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere kilo<emphasis role="strike-through">(</emphasis>‘s<emphasis role="strike-through">)</emphasis></para>
    <parablock>
      <para>• caustic soda en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>• wijnsteenzuur en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere reactieketels (inhouden 928 liter) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere centrifuges en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere grote gaswassers en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere afzuigkasten (waarvan twee gevuld met kattengrit) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere au bain marie bakken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere grote vriezers en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere grote koelemmers en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- <emphasis role="strike-through">een of</emphasis> meerdere dozen aluminiumfolie,</para>
    <parablock>
      <para>waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige reden</para>
      <para>had(den) te vermoeden, dat dat/die chemicaliën en/of voorwerpen (al dan niet in</para>
      <para>combinatie met elkaar) bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing dat verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Voor zover meer feiten bewezen zijn verklaard, worden de bewijsmiddelen alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarop deze betrekking hebben. De bewijsmiddelen zullen worden uitgewerkt in die gevallen waarin de wet aanvulling van het vonnis vereist en zullen dan in een aan dit vonnis te hechten bijlage worden opgenomen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder B en D van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 2:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">medeplegen van, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen door voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden of andere betaalmiddelen voorhanden te hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van de straf </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft conform het afdoeningsvoorstel gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 9 maanden, met een proeftijd van 2 jaren, een geldboete van 5.000 euro, te betalen in 20 maandelijkse termijnen, en voor feit 1 tot een taakstraf van 240 uren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft de rechtbank verzocht te beslissen conform het afdoeningsvoorstel, behalve dat het in termijnen betalen van de geldboete niet nodig is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft betrokkenheid gehad bij een “amfetaminelab”. Hij heeft zich daar samen met anderen beziggehouden met de productie van amfetamine. Het is algemeen bekend dat verdovende middelen in het algemeen en synthetische drugs in het bijzonder, zeer schadelijk zijn voor de volksgezondheid. Amfetamine heeft bovendien een sterk verslavende werking.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarnaast veroorzaakt de productie van synthetische drugs schade aan het milieu vanwege illegale afvaldumping. Ook zijn er grote risico’s verbonden aan het opslaan en bewerken van de chemicaliën in een illegaal drugslab, zoals brand- en ontploffingsgevaar en het vrijkomen van giftige en bijtende dampen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met de productie van en de handel in harddrugs wordt snel en veel geld verdiend, wat gepaard gaat met diverse vormen van ondermijnende criminaliteit. Verdachte is door zijn handelen medeverantwoordelijk voor de schadelijke effecten die door de productie van synthetische drugs worden veroorzaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij de bepaling van de op te leggen straf zal de rechtbank acht slaan op de procesafspraken, de grondslagen daarvan en het daaruit voortvloeiende afdoeningsvoorstel en overeenkomstig beslissen. Het voorstel staat naar het oordeel van de rechtbank in redelijke verhouding tot de ernst van de zaak. Hierbij overweegt de rechtbank uitdrukkelijk dat het voorstel niet alleen een efficiënte en voortvarende behandeling dient, maar ook een effectieve afdoening van de zaak. De rechtbank wijkt in zoverre wel af (maar niet substantieel) van de procesafspraken dat zij de taakstraf van 240 uur voor beide feiten tezamen oplegt. Ook zal de rechtbank beslissen dat de geldboete niet in termijnen wordt betaald.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Omdat de rechtbank in lijn met de overeenkomst van partijen oordeelt, vloeit daaruit immers in beginsel voort dat het belang bij een behandeling van de zaak in hoger beroep ontbreekt. Partijen hebben tijdens de zitting aangegeven dat zij zich zullen neerleggen bij een vonnis als de strafoplegging overeenkomt met de daarover gemaakte afspraken. De op te leggen straf kan daarmee onmiddellijk ten uitvoer worden gelegd. De overeenkomst doet daarmee ook recht aan de belangen van de maatschappij. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen: </para>
    </parablock>
    <para>-	9, 14 a, 14b, 14c, 22c, 22d, 23, 24c, 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht;</para>
    <para>-	2, 10 en 10a van de Opiumwet.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar; </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">9 maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> bepaalt dat deze <emphasis role="bold">gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd</emphasis>, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van twee jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit; </para>
    <para />
    <para> legt op een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis> van <emphasis role="bold">240 uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 dagen; </para>
    <para />
    <para> legt op een <emphasis role="bold">geldboete</emphasis> van <emphasis role="bold">€ 5.000</emphasis>,- bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 60 dagen hechtenis.</para>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit verkort vonnis is gewezen door mr. M.J. Ouweneel (voorzitter), mr. A.M.P.T. Blokhuis en mr. R.D. Leen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. T.J. Schoen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 13 februari 2025.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>mr. R.D. Leen is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>