<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2025:10670</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-10T10:04:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-09-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">171215 (ontneming)</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:10670">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2025:10670</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-12-10T10:04:34</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-12-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2025:10670 Rechtbank Gelderland , 03-09-2025 / 171215 (ontneming)</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2025:10670:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Veroordeling wegens voorhanden hebben wapen en munitie (pepperspray en een grote hoeveelheid kogel- en volmantelpatronen) in woning. Bekennende verdachte. De rechtbank legt geen straf of maatregel op met toepassing van art. 9a Sr, gelet op de aanzienlijke overschrijding van de redelijke termijn en het feit dat verdachte al twee dagen in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht naar aanleiding van (onder meer) deze verdenking. </para>
        <para>Daarnaast vrijspraak (gewoonte)witwassen. Enkelvoudige kasopstelling (EKO) zoals aangedragen door het OM is niet bruikbaar voor het bewijs. Geen sprake van een economische eenheid tussen alle betrokken verdachten. De rechtbank kan op basis van de berekening van het OM niet vaststellen dat sprake was van een voorwerp van witwassen in de vorm van onverklaarbaar vermogen (min-post). Het is niet aan de rechtbank om de EKO die ten grondslag ligt aan de verdenking van het OM dusdanig ingrijpend te wijzigen. Dit zou bovendien in strijd zijn met de goede procesorde.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2025:10670:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer	: 05/171215-22 (ontneming)</para>
      <para>Datum uitspraak	: 3 september 2025</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">uitspraak van de meervoudige kamer </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [veroordeelde]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op 22 januari 1959 in [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan de [adres] .</para>
    </parablock>
    <para>
      <?linebreak?>
    </para>
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. M.J. Schimmel, advocaat te Bussum.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de vordering</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De officier van justitie vordert dat de rechtbank het bedrag vaststelt waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e, vijfde lid, van het Wetboek van Strafrecht wordt geschat en de veroordeelde de verplichting oplegt tot betaling aan de Staat van het geschatte voordeel, welk voordeel door de officier van justitie is geschat op </para>
      <para>€ 494.846,00.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De procedure </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De zaak is op openbare terechtzittingen onderzocht. Daarbij is betrokkene verschenen met bijstand van haar raadsman, mr. Schimmel, voornoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft gedurende het voorbereidend onderzoek verzocht om de ontnemingszaak, aangebracht onder parketnummer 05/171215-22, af te splitsen van de inhoudelijke behandeling van de hoofdzaak en om deze op een later moment te behandelen. De rechtbank heeft dit verzoek op de terechtzitting van 24 februari 2025 toegewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter terechtzitting van 24 juli 2025 heeft de voorzitter namens de rechtbank voorgesteld om, in het geval dat de rechtbank komt tot een vrijspraak van het witwasfeit in de hoofdzaak, op 3 september 2025 gelijktijdig met de hoofdzaak uitspraak te doen in de ontnemingszaak, ondanks het eerder toegewezen verzoek tot afsplitsing. De officier van justitie en de verdediging hebben hiermee ingestemd. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter terechtzitting van 21 juli 2025 zijn de hoofdzaken met de parketnummers 05/171215-22 en 05/179676-22 gevoegd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van de vordering </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij vonnis van heden is betrokkene vrijgesproken van het onder parketnummer 05/171215-22 ten laste gelegde feit en veroordeeld voor de onder parketnummer 05/179676-22 ten laste gelegde feiten. Omdat er sprake is van een veroordeling in de gevoegde zaken met genoemde parketnummers is het Openbaar Ministerie ontvankelijk in de vervolging. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het wederrechtelijk verkregen voordeel van veroordeelde is door de politie berekend op basis van artikel 36e lid 3 van het Wetboek van Strafrecht. De politie heeft voor die berekening gebruik gemaakt van een eenvoudige kasopstelling (EKO), opgesteld voor [veroordeelde] en de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] gezamenlijk. Die EKO lag tevens ten grondslag aan het witwasfeit zoals ten laste gelegd onder parketnummer 05/171215-22. De rechtbank is voor dat witwasfeit gekomen tot een vrijspraak, omdat zij op basis van de door het Openbaar Ministerie aangedragen EKO niet kan vaststellen of sprake is van onverklaarbaar vermogen. Diezelfde omstandigheden doen zich voor in de ontnemingszaak tegen veroordeelde. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de vordering moet worden afgewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De beslissing is gegrond op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank wijst de vordering van de officier van justitie af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gegeven door mr. M.J. Wasmann, voorzitter, mr. K.A.M. van Hoof en mr. R.P.W. van de Meerakker, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H. Jansen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 3 september 2025.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mr. Jansen is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>