<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2024:2360</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-23T11:13:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-04-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/05/432750 KG RK 24-208</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#wraking">Wraking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht">Bestuursrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2024:2360">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2024:2360</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-04-23T11:12:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2024:2360 Rechtbank Gelderland , 17-04-2024 / C/05/432750 KG RK 24-208</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2024:2360:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wrakingsverzoek afgewezen. De beslissing van de rechter om geen uitstel te verlenen voor de mondelinge behandeling is een procedurele beslissing. Dit vormt geen grond voor wraking. Verzoeker heeft geen concrete feiten of omstandigheden gesteld waaruit de vooringenomenheid of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor van de rechter kan worden afgeleid. De stelling dat de rechter in verschillende adviescommissies zit is daarvoor onvoldoende.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2024:2360:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beslissing</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wrakingskamer</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer:	C/05/432750 / KG RK 24-208</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Beslissing van 17 april 2024	</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te Barneveld</para>
      <para>hierna te noemen: verzoekster</para>
      <para>gemachtigde: mr. D. Pieterse,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>strekkende tot de wraking van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">mr. I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas,</emphasis>
      </para>
      <para>rechter in deze rechtbank</para>
      <para>hierna te noemen: de rechter. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het proces-verbaal van 29 februari 2024 waarin het mondelinge wrakingsverzoek en de gronden daarvoor zijn vermeld;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de schriftelijke reactie van de rechter van 12 maart 2024.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Bij de mondelinge behandeling zijn verschenen:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>verzoekster, bijgestaan door haar gemachtigde mr. D. Pieterse, advocaat te Den Haag</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de rechter.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het wrakingsverzoek</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het verzoek strekt tot wraking van de rechter in de zaak met nummer ARN 23/2375 tussen verzoekster en de burgemeester van de gemeente Barneveld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <parablock>
        <para>Verzoekster heeft blijkens het proces-verbaal van het mondelinge wrakingsverzoek, zoals toegelicht bij de mondelinge behandeling, aan haar verzoek ten grondslag gelegd dat de rechter heeft geweigerd om uitstel van de mondelinge behandeling te verlenen, waardoor zij zich niet goed kon voorbereiden, niet in de gelegenheid was tijdig stukken in te dienen of getuigen te laten horen. Verzoekster stelt dat zij op 15 februari 2024 telefonisch door de griffie van de rechtbank is geïnformeerd dat de geplande mondelinge behandeling van 29 februari 2024 op verzoek van de wederpartij was uitgesteld en op 8 april 2024 zou plaatsvinden. Op 29 februari 2024 ontving haar advocaat echter om 9.30 uur het bericht dat de zitting toch die dag om 14.00 uur zou plaatsvinden. </para>
        <para>Tijdens de mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek heeft verzoekster als nieuwe grond aangevoerd dat de rechter deel uitmaakt van adviescommissies voor de behandeling van bezwaren van verschillende gemeenten. Verzoekster heeft verklaard dat zij hier een dag voor de mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek achter is gekomen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De rechter heeft laten weten niet in de wraking te berusten en heeft op het verzoek gereageerd. Die reactie wordt hierna voor zover nodig besproken.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Een rechter kan alleen gewraakt worden als zich omstandigheden voordoen waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarvan is sprake als de rechter jegens een procesdeelnemer vooringenomen is of als de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Daarbij is het uitgangspunt dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn omdat hij als rechter is aangesteld. Voor het oordeel dat de rechterlijke onpartijdigheid toch schade lijdt, bestaat alleen grond in geval van bijzondere omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het aannemen van (de objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid. Uit de wet volgt dat de verzoeker die concrete omstandigheden moet aanvoeren en wel zodra deze aan hem bekend zijn geworden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De beslissing om geen uitstel te verlenen voor de mondelinge behandeling in de hoofdzaak, is een procedurele beslissing. Procedurele beslissingen kunnen als zodanig in beginsel geen grond vormen voor wraking: wraking is geen verkapt rechtsmiddel. De wrakingskamer komt geen oordeel toe over de juistheid van een procedurele beslissing. Dat oordeel is voorbehouden aan de rechter die in geval van aanwending van een rechtsmiddel belast is met de behandeling van de zaak. Een procedurele beslissing levert alleen grond voor wraking op indien deze gelet op de motivering of de wijze van totstandkoming daarvan zo onjuist of onbegrijpelijk is dat deze uitsluitend door vooringenomenheid kan worden verklaard. Daarvan is naar het oordeel van de wrakingskamer in dit geval geen sprake. De wrakingskamer sluit niet uit dat aan verzoekster onjuiste informatie is verstrekt over de datum van de mondelinge behandeling van de hoofdzaak door de griffie van de rechtbank. Dat doet echter niet af aan het feit dat sprake is van een procedurele beslissing van de rechter om geen uitstel te verlenen. Verzoekster heeft onvoldoende toegelicht op grond waarvan deze procedurele beslissing niet anders kan zijn ingegeven dan door vooringenomenheid van de rechter en dat is ook niet gebleken. Ter zitting heeft de rechter verklaard dat de mogelijkheid bestond dat de behandeling van de hoofdzaak zou worden aangehouden om verzoekster de mogelijkheid te geven om alsnog stukken in te dienen of getuigen te laten horen; daaraan is de rechter echter niet toegekomen omdat de rechter door verzoekster is gewraakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Verzoekster heeft verder aan het verzoek ten grondslag gelegd dat de rechter vooringenomen is omdat zij deel uitmaakt van verschillende adviescommissies. De door verzoekster aangevoerde gronden betreffen echter slechts veronderstellingen en suggesties. Concrete feiten waaruit de wrakingskamer de vooringenomenheid van de rechter of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor kan afleiden, ontbreken. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Aangezien niet van vooringenomenheid van de rechter is gebleken, wordt het verzoek afgewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De wrakingskamer van de rechtbank wijst het verzoek tot wraking af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Deze beslissing is gegeven door mr. S.J. Peerdeman, voorzitter, mr. A.A. Roodenburg en mr. R.M.H. Pennings, leden in tegenwoordigheid van de griffier […] en in openbaar uitgesproken op 17 april 2024.</para>
              <para />
              <para />
              <para>de griffier						de voorzitter</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>