<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2023:835</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-02-21T08:28:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-02-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-02-03</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C/05/402807 / ES RK 22-125</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2023:835">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2023:835</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-02-21T08:27:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-02-21</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2023:835 Rechtbank Gelderland , 03-02-2023 / C/05/402807 / ES RK 22-125</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2023:835:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De rechtbank oordeelt dat een uitsluitend naar islamitisch recht gesloten huwelijk naar Nederlands recht geen wettelijk huwelijk is en daardoor niet door een Nederlandse rechter kan worden ontbonden. De rechtbank gaat er echter vanuit dat er (ook) een wettelijk huwelijk is gesloten. Dit is van groot belang omdat de Nederlandse wet het huwelijk alleen in zijn burgerlijke betrekkingen beschouwt; artikel 1:30 lid 2 BW. De rechtbank komt tot deze conclusie, omdat in de vertaling van de huwelijksakte is opgenomen dat partijen elkaars wettelijke echtgenoten zijn geworden en hieruit wordt begrepen dat er (ook) een burgerlijk huwelijk is gesloten dat in beginsel kan worden ontbonden. </para>
        <para>Voor de huwelijksdatum wordt aansluiting gezocht bij de vertaling van de huwelijksakte en bij de Declaration door het Consulaat-generaal te Amsterdam.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2023:835:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>beschikking</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>C/05/402807 ES RK 22-125</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Familie- en jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaakgegevens:	C/05/402807 / ES RK 22-125</para>
      <para>Datum uitspraak:	3 februari 2023</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking echtscheiding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoekster] </emphasis> (nader te noemen: de vrouw),</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>advocaat mr. J.J. van Vliet te [woonplaats] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerder] </emphasis> (nader te noemen: de man),</para>
      <para>zonder bekende woon- of verblijfplaats.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Het procesverloop<?linebreak?></title>
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Dit verloop blijkt uit:</para>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>het exploit van betekening van 6 april 2022;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de oproeping aan de man, gepubliceerd in de Staatscourant van 11 april 2022 nummer 10323;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen op 19 april 2022;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>nogmaals het verzoekschrift, ingekomen op 28 april 2022;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de mail namens de vrouw, ingekomen op 9 augustus 2022;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het F9-formulier namens de vrouw, ingekomen op 4 november 2022.<?linebreak?></para>
        </listitem>
      </orderedlist>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>De man is in deze procedure niet verschenen en ook niet iemand namens hem.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten<?linebreak?></title>
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De vrouw heeft de Nederlandse nationaliteit en de man heeft een onbekende nationaliteit.<?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Partijen zijn op [datum 1] op het Consulaat-generaal van de Islamitische Republiek Afghanistan in Den Haag een huwelijk met elkaar aangegaan. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>In de Basisregistratie Personen (BRP) is opgenomen dat partijen op [datum 2] een huwelijk hebben gesloten. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Uit een afschrift uit de BRP volgt dat de man op 7 juni 2011 met onbekende bestemming uit Nederland is vertrokken. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het verzoek<?linebreak?></title>
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De vrouw verzoekt de rechtbank bij beschikking:</para>
      <orderedlist numeration="loweralpha">
        <listitem>
          <para>tussen partijen de echtscheiding uit te spreken;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>partijen te bevelen met elkaar over te gaan tot verdeling van de gemeenschap, waarin zij met elkaar zijn gehuwd, met benoeming van een notaris en onzijdige personen als volgens de wet.</para>
        </listitem>
      </orderedlist>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">echtscheiding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Op grond van artikel 3 van EG Verordening 2201/2003 van 27 november 2003 komt aan de Nederlandse rechter rechtsmacht toe van het verzoek tot echtscheiding, omdat de vrouw tenminste zes maanden onmiddellijk voorafgaand aan haar verzoek in Nederland woont.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>Artikel 10:56 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt of naar Nederlands recht de ontbinding van het huwelijk kan worden uitgesproken en op welke gronden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De vrouw stelt dat zij alleen volgens islamitisch recht is gehuwd. Zij heeft een vertaling van de huwelijksakte van het Consulaat-generaal van de Islamitische Republiek Afghanistan in Den Haag overgelegd. De vrouw stelt dat zij nooit naar Nederlands recht is gehuwd, maar dat het huwelijk van partijen wel gemeld is aan het consulaat van Afghanistan. De vrouw verzoekt de echtscheiding uit te spreken van het naar islamitisch recht gesloten huwelijk van partijen. De vrouw stelt dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. De vrouw stelt verder dat de man de vrouw in 2012 heeft verlaten en naar Afghanistan is vertrokken. Zij heeft de man sindsdien niet meer gezien. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>Anders dan de vrouw gaat de rechtbank ervan uit dat tussen partijen (ook) een wettelijk huwelijk is gesloten. Dit is van groot belang, omdat artikel 1:30 lid 2 BW bepaalt dat de Nederlandse wet het huwelijk alleen in zijn burgerlijke betrekkingen beschouwt. Een uitsluitend naar islamitisch recht gesloten huwelijk is naar Nederlands recht geen wettelijk huwelijk en kan daardoor niet door een Nederlandse rechter worden ontbonden. <?linebreak?>De rechtbank komt tot deze conclusie, omdat in de vertaling van de huwelijksakte is opgenomen dat partijen elkaars wettelijke echtgenoten zijn geworden. De rechtbank begrijpt hieruit dat er een burgerlijk huwelijk is gesloten dat in beginsel kan worden ontbonden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5.</nr>
      <para>Uit de vertaling van de huwelijksakte blijkt verder dat partijen op [datum 1] zijn gehuwd. Uit de BRP volgt echter dat partijen op [datum 2] zijn gehuwd. De rechtbank heeft de (advocaat van de) vrouw om opheldering gevraagd over de huwelijksdata op de huwelijksakte en de BRP die niet overeenstemmen. Daarop heeft de advocaat namens de vrouw laten weten dat zij stelt eenmaal gehuwd te zijn en wel op [datum 1] . De datum genoemd in het BRP van [datum 2] is de vrouw onbekend. Vervolgens is de vrouw nogmaals om verduidelijking verzocht over de niet overeenstemmende huwelijksdata. Daarop heeft de advocaat van de vrouw laten weten, in afwijking van wat eerder is toegelicht, dat de juiste huwelijksdatum van partijen [datum 2] is, omdat het Afghaanse consulaat dit heeft verklaard in de huwelijksakte. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6.</nr>
      <para>De rechtbank overweegt als volgt. Uit de overgelegde huwelijksakte maakt de rechtbank op dat partijen op [datum 1] op het Consulaat-generaal van de Islamitische Republiek Afghanistan te Den Haag zijn gehuwd. Als bijlage bij de huwelijksakte zit een <emphasis role="italic">Declaration</emphasis> waarin door het Consulaat-generaal te Amsterdam op [datum 2] is bevestigd dat het huwelijk van partijen is gesloten. Deze <emphasis role="italic">Declaration</emphasis> is op 26 januari 2006 gelegaliseerd namens de minister voor Buitenlandse Zaken. De rechtbank maakt hieruit op dat het huwelijk van partijen op [datum 1] is gesloten, en dat de <emphasis role="italic">Declaration</emphasis> of bevestiging van het gesloten huwelijk op [datum 2] is opgemaakt. Voor de huwelijksdatum zoekt de rechtbank daarom aansluiting bij de datum van [datum 1] , zoals die uit de vertaling van de huwelijksakte blijkt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.7.</nr>
      <para>Nu de man geen verweer heeft gevoerd, gaat de rechtbank ervan uit dat het huwelijk van partijen duurzaam is ontwricht, en is het verzoek tot echtscheiding voor toewijzing vatbaar.<?linebreak?><emphasis role="italic">Bevel verdeling</emphasis></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.8.</nr>
      <para>De vrouw heeft de rechtbank voorts verzocht te bepalen dat partijen met elkaar overgaan tot verdeling van de gemeenschap, waarin zij zijn gehuwd. <?linebreak?></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.9.</nr>
      <para>De rechtbank overweegt hierover als volgt. De vrouw heeft zich niet uitgelaten over het toepasselijke huwelijksvermogensregime. De rechtbank kan niet vaststellen welk recht van toepassing is op dit verzoek, onder meer omdat de nationaliteit van de man onduidelijk is. De vrouw stelt dat de man de Afghaanse nationaliteit heeft, maar volgens de BRP heeft de man een onbekende nationaliteit. Verdere gegevens over onder meer rechtskeuze voor of tijdens het huwelijk en de eerste huwelijksdomicilie ontbreken. De rechtbank kan daardoor ook niet vaststellen of er sprake is van een huwelijkse gemeenschap van goederen, die partijen dienen te verdelen. De rechtbank zal het verzoek van de vrouw daarom afwijzen. Ook overigens lijkt de vrouw geen belang te hebben bij haar verzoek, omdat zij al geruime tijd geen contact heeft met de man. Bij toewijzen van het verzoek van de vrouw is, bij gebrek aan contact tussen partijen, niet de verwachting dat zij met elkaar zullen overgaan tot verdeling van de gemeenschap, voor zover die tussen partijen bestaat.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>spreekt de echtscheiding uit tussen de partijen, die met elkaar gehuwd zijn op [datum 1] te Den Haag, in de Basisregistratie Personen opgenomen als huwelijk gesloten op [datum 2] ,</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>wijst af wat meer of anders is verzocht.</para>
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Deze beschikking is gegeven door mr. I. de Bruin, rechter, in tegenwoordigheid van F. Wolters als griffier en in het openbaar uitgesproken op 3 februari 2023.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>