<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2023:2595</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-22T13:55:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-05-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-04-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10158644 \ CV EXPL 22-2992</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegEnkelvoudig">Eerste aanleg - enkelvoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Nijmegen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2023:2595">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2023:2595</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-05-22T13:55:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-05-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2023:2595 Rechtbank Gelderland , 14-04-2023 / 10158644 \ CV EXPL 22-2992</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2023:2595:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Facturen dierenarts, beroep op wanprestatie. Verweer is ter zitting weerlegd. Gedaagde heeft zijn stelling, door niet ter zitting te verschijnen, niet nader onderbouwd. Wanprestatie is niet vast komen te staan, vordering toegewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2023:2595:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>vonnis</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team kanton en handelsrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Nijmegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaakgegevens	10158644 \ CV EXPL  22-2992 \ 398 \ 40140</para>
      <para>uitspraak van 14 april 2023</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis  </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid<emphasis role="bold"> [eisende partij]</emphasis></para>
      <para>gevestigd te [plaats]</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">eisende partij  </emphasis>
      </para>
      <para>gemachtigde Medicas B.V. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [gedaagde partij]
        </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [plaats]</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">gedaagde partij  </emphasis>
      </para>
      <para>procederend in persoon </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen worden hierna [eisende partij] en [gedaagde partij] genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1.</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het tussenvonnis van 23 december 2022 en de daarin genoemde processtukken;</para>
      <para>- de zittingsaantekeningen van de mondelinge behandeling van 10 maart 2023, ter gelegenheid waarvan aan de zijde van [eisende partij] een aanvullende productie is overgelegd. [gedaagde partij] is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen. Hij heeft zich de middag voor de zitting afgemeld in verband met familie omstandigheden (overlijden). [gedaagde partij] is verzocht een rouwkaart te overleggen, maar heeft dit nagelaten. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2.</nr>
      <para>Vervolgens is vonnis bepaald.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>
        [eisende partij] is een dierenartspraktijk. [eisende partij] heeft in de periode van 4 januari tot en met 11 mei 2021 diergeneeskundige hulp aan [gedaagde partij] geleverd ten behoeve van zijn hond [naam hond] en haar pups. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Op grond van de verleende diergeneeskundige hulp heeft [eisende partij] de volgende facturen aan [gedaagde partij] verzonden:</para>
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry>
                <para>
                  <emphasis role="bold">Datum factuur</emphasis>
                </para>
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para>
                  <emphasis role="bold">Factuurbedrag</emphasis>
                </para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>4 januari 2021</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>90,05</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>2 februari 2021</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€ </para>
              </entry>
              <entry>
                <para>402,71</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>25 februari 2021</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>90,35</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>12 maart 2021</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€ </para>
              </entry>
              <entry>
                <para>188,37</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>11 mei 2021</para>
              </entry>
              <entry>
                <para>€ </para>
              </entry>
              <entry>
                <para>22,51</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para>
                  <emphasis role="bold">Totaal</emphasis>
                </para>
              </entry>
              <entry>
                <para>
                  <emphasis role="bold">€ </emphasis>
                </para>
              </entry>
              <entry>
                <para>
                  <emphasis role="bold">793,99</emphasis>
                </para>
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>
        [eisende partij] heeft [gedaagde partij] meerdere malen herinnerd aan betaling van de facturen. Tijdens telefoongesprekken op 9 maart en 25 maart en een bezoek aan [gedaagde partij] op 21 mei 2021 heeft [gedaagde partij] betaling van de facturen toegezegd, maar [gedaagde partij] is deze toezeggingen niet nagekomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>
        [eisende partij] heeft haar vordering vervolgens overgedragen aan haar (incasso)gemachtigde MediCas B.V. Laatstgenoemde heeft op 12 oktober 2021 een zogenoemde 14-dagenbrief aan [gedaagde partij] gestuurd. Daarnaast heeft de gemachtigde in de periode 2 november 2021 tot en met 2 augustus 2022 [gedaagde partij] aangemaand en gesommeerd tot betaling over te gaan. [gedaagde partij] heeft de vordering van [eisende partij] onbetaald gelaten. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vordering en het verweer</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>
        [eisende partij] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde partij] te veroordelen tot betaling van € 793,99 aan hoofdsom en € 119,10 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de contractuele rente van 0,65% per maand over € 793,99 vanaf de vervaldatum van de factuur, met veroordeling van [gedaagde partij] in de proceskosten, waaronder de nakosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [eisende partij] baseert haar vordering op de diergeneeskundige hulp die zij in de periode 4 januari tot en met 11 mei 2021 aan [gedaagde partij] heeft verleend. Als gevolg daarvan is [gedaagde partij] </para>
        <para>€ 793,99 aan [eisende partij] verschuldigd. [gedaagde partij] heeft, ondanks aanmaning, de facturen niet betaald en is daarom de buitengerechtelijke kosten en contractuele rente verschuldigd. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>
        [gedaagde partij] voert verweer. Daarop wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>Beoordeeld dient te worden of [gedaagde partij] de vordering van [eisende partij] dient te betalen. De kantonrechter constateert dat het verweer van [gedaagde partij] enkel gaat over de factuur van 25 februari 2022 van € 90,35 (factuurnummer P25022021-000022). Nu [gedaagde partij] (de juistheid van) de overige facturen niet heeft betwist, is dat deel van de vordering, totaal € 703,64 in ieder geval toewijsbaar.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [gedaagde partij] voert aan dat de factuur van 25 februari 2021 onterecht is aangezien de dierenarts heeft nagelaten een pup na de geboorte (bij de afspraak op 2 februari 2021) goed te controleren (wanprestatie). De dierenarts gaf toen – volgens [gedaagde partij] – aan dat de betreffende pup gezond was, maar een paar dagen laten bleek de pup een open gehemelte en geen kans van leven te hebben. Dit had de dierenarts bij de vorige afspraak ook kunnen constateren, zodat de kosten voor (onder andere) een nieuw consult ten onrechte in rekening zijn gebracht, aldus [gedaagde partij] . Namens [eisende partij] is ter zitting gesteld dat na de geboorte van de pups een standaardcontrole is uitgevoerd. Nader onderzoek is mogelijk maar vindt enkel op verzoek van de eigenaar plaats en daarvoor worden dan ook extra kosten in rekening gebracht. </para>
        <para>De betreffende pup was wel levensvatbaar echter brengt een open gehemelte hoge kosten met zich mee wanneer dit operatief dichtgemaakt moet worden. [gedaagde partij] heeft er zelf voor gekozen de pup in te laten slapen. Gelet op het voorgaande handhaaft [eisende partij] daarom haar vordering. [gedaagde partij] heeft, door niet te verschijnen, het ter zitting gestelde niet weersproken, zodat van de juistheid ervan moet worden uitgegaan. Als gevolg daarvan komt de door [gedaagde partij] gestelde wanprestatie niet vast te staan. Nu [gedaagde partij] voor het overige geen verweer heeft gevoerd tegen de hoogte van de gefactureerde kosten, is ook dit deel van de hoofdsom toewijsbaar. [gedaagde partij] zal dan ook worden veroordeeld tot betaling van de volledige hoofdsom. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>De gevorderde buitengerechtelijke kosten en contractuele rente worden eveneens toegewezen nu [gedaagde partij] daar geen verweer tegen heeft gevoerd en hij die verschuldigd is op grond van artikel 6:96 BW en artikel 6 van de betalingsvoorwaarden, waarvan hij de toepasselijkheid niet heeft betwist. Ambtshalve toepassing van Europees consumentenrecht leidt niet tot een ander oordeel: weliswaar is sprake van een hogere rente dan de wettelijke, doch van een onevenredig hoge schadevergoeding kan bezwaarlijk worden gesproken. De sterke bewoordingen “onevenredig hoog” sluiten niet aan bij dit geval, waar het renteverschil op jaarbasis ongeveer een bedrag van € 30,00 beloopt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4.</nr>
      <para>
        [gedaagde partij] wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten, waaronder de nakosten, dragen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De kantonrechter</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde partij] aan [eisende partij] te betalen een bedrag van € 913,09 te vermeerderen met de contractuele rente over € 793,99 vanaf de vervaldatums van de facturen tot de dag van volledige betaling; </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2.</nr>
      <para>veroordeelt [gedaagde partij] in de proceskosten, tot deze uitspraak aan de kant van [eisende partij] vastgesteld op € 107,22 aan dagvaardingskosten, € 322,00 aan griffierecht, € 264,00 aan salaris voor de gemachtigde en € 132,00 aan kosten die na dit vonnis zullen ontstaan<emphasis role="italic">, </emphasis>te vermeerderen, indien betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, met de explootkosten van betekening van het vonnis;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3.</nr>
      <para>verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4.</nr>
      <para>wijst het meer of anders gevorderde af.</para>
      <para />
      <para />
      <informaltable>
        <tgroup cols="3">
          <colspec colname="colA" />
          <colspec colname="colB" />
          <colspec colname="colC" />
          <tbody>
            <row>
              <entry namest="colA" nameend="colC">
                <para>Dit vonnis is gewezen door de kantonrechter mr. R.J.J. van Acht en in het openbaar uitgesproken op 14 april 2023.</para>
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
            <row>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
              <entry>
                <para />
              </entry>
            </row>
          </tbody>
        </tgroup>
      </informaltable>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>