<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2021:763</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-18T16:00:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-01-21</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05-171431-20</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zutphen</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2021:763">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2021:763</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-02-18T15:59:54</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-02-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2021:763 Rechtbank Gelderland , 21-01-2021 / 05-171431-20</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2021:763:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De rechtbank veroordeelt een 50-jarige man uit Nijmegen tot een gevangenisstraf van 3 maanden met aftrek van de tijd die de man al in voorlopige hechtenis heeft gezeten en tot het verrichten van een taakstraf van 180 uren, voor het plegen van een woninginbraak samen met anderen, waarbij kostbare en onvervangbare kunstwerken zijn buit gemaakt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2021:763:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Zutphen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05-171431-20</para>
      <para>Datum uitspraak	: 21 januari 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedag] in [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsman: mr. H.J.M. Nijenhuis, advocaat in Nijmegen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen van 15 oktober 2020 en 7 januari 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is na toewijzing van een vordering tot nadere omschrijving van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 25 mei 2020 te Apeldoorn,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,</para>
      <para>heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,</para>
      <para>een hoeveelheid schilderijen en etsen,</para>
      <para>(te weten </para>
    </parablock>
    <para>- Rembrandt van Rijn (6x ets) Titels; 'Petrus en Johannes bij de poort van de tempel'/ 'Rembrandt met hoed en sjaal met donker gezicht' / 'De engel verschijnt aan de herders' / </para>
    <para>'De triomf van Mordechai' / 'De kwakzalver'/ 'Het uilenspiegeltje'</para>
    <para>- Jacob Maris (1x schilderij) Titel; 'Meisje met de bloemenmand, dromend bij hek'</para>
    <para>- Hendrik Willem Mesdag (1x schilderij) Titel; 'Zeegezicht'</para>
    <para>- Jan Toorop (1x ets) Titel; 'Nettenboetsters'</para>
    <para>- Johan Barthold Jongkind (1x schilderij) Titel; 'Een huisje in een berglandschap'</para>
    <para>- Anton Gerhard Alexander Ridder van Rapperd (2x schilderij) Titels; 'Een jonge werkman aan het weefgetouw' / 'Een werkjongen aan het weefgetouw'</para>
    <para>- Rembrandt van Rijn (6x ets) Titels; 'Petrus en Johannes bij de poort van de tempel'/ 'Rembrandt met hoed en sjaal met donker gezicht' / 'De engel verschijnt aan de herders' / </para>
    <para>'De triomf van Mordechai' / 'De kwakzalver'/ 'Het uilenspiegeltje'</para>
    <para>- Jacob Maris (1x schilderij) Titel; 'Meisje met de bloemenmand, dromend bij hek'</para>
    <para>- Hendrik Willem Mesdag (1x schilderij) Titel; 'Zeegezicht'</para>
    <para>- Jan Toorop (1x ets) Titel; 'Nettenboetsters'</para>
    <para>- Johan Barthold Jongkind (1x schilderij) Titel; 'Een huisje in een berglandschap'</para>
    <para>- Anton Gerhard Alexander Ridder van Rapperd (2x schilderij) Titels; 'Een jonge werkman aan het weefgetouw' / 'Een werkjongen aan het weefgetouw'),</para>
    <parablock>
      <para>in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde, te weten aan [benadeelde] ,</para>
      <para>terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen schilderijen en etsen voornoemd onder  zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;</para>
      <para>(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht) </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_74c41de6-e69e-4249-a61d-74d3c03c1937" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van de woninginbraak waarbij elf kunstwerken zijn weggenomen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft bepleit dat verdachte vrijgesproken dient te worden, nu het aandeel van verdachte in het geheel ten hoogste kan worden aangemerkt als medeplichtigheid, maar medeplichtigheid niet ten laste is gelegd.</para>
      <para>Ten aanzien van de ets van Jan Toorop “De Nettenboetsters”, welke onterecht in de tenlastelegging is opgenomen, verzoekt de raadsman verdachte in elk geval partieel vrij te spreken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank </emphasis>
      </para>
      <para>Aangever [benadeelde] heeft in zijn aangifte verklaard dat op maandag 25 mei 2020 tussen 00:00 uur en 6:30 uur uit zijn woning een aantal kunstwerken is weggenomen. In de eetkamer van de woning is een schuifraam opengebroken door een ruitje in de slaan. De daders zijn via dit raam naar binnen geklommen.<footnote-ref linkend="_8b210aee-651c-4165-b751-2c6788e4ad08" /></para>
      <para>De volgende kunstwerken zijn weggenomen uit de woning van [benadeelde] :</para>
    </parablock>
    <para>- Rembrandt van Rijn (6x ets), titels: 'Petrus en Johannes bij de poort van de tempel'/ 'Rembrandt met hoed en sjaal met donker gezicht' / 'De engel verschijnt aan de herders' / </para>
    <para>'De triomf van Mordechai' / 'De kwakzalver'/ 'Het uilenspiegeltje';</para>
    <para>- Jacob Maris (1x schilderij), titel; 'Meisje met de bloemenmand, dromend bij hek';</para>
    <para>- Hendrik Willem Mesdag (1x schilderij),titel: 'Zeegezicht';- Anton Gerhard Alexander Ridder van Rapperd (2x schilderij), titels: 'Een jonge werkman aan het weefgetouw' / 'Een werkjongen aan het weefgetouw'.<footnote-ref linkend="_3262fc26-0a05-42de-8007-667cd3290bc7" /></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft tijdens de zitting verklaard dat hij een half jaar vóór de inbraak is benaderd en op de hoogte is gebracht van het plan om bij aangever in te breken en (in ieder geval) de 6 werken van Rembrandt te stelen. Die bewuste nacht zijn ze in twee verschillende auto’s met vier personen naar de woning van [benadeelde] gereden. Verdachte is over het hek geklommen en heeft een ruitje ingetikt en heeft met een schroevendraaier het raam geopend. Daarna zijn anderen de woning in gegaan en hebben de kunstwerken uit de woning gehaald. Verdachte heeft in de auto gewacht. De kunstwerken zijn in de auto gelegd waarin verdachte zat en verdachte heeft de kunstwerken een aantal dagen onder zich gehouden en heeft foto’s van de kunstwerken gemaakt. Hij zou een bepaald percentage van de opbrengst voor zijn aandeel krijgen.<footnote-ref linkend="_737d12ca-e4f0-4da2-9508-f5ccd34dcf40" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van de hiervoor aangehaalde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte een significante bijdrage bij de inbraak heeft gehad en dat sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking met de andere daders. </para>
      <para>Verdachte is weliswaar niet zelf in de woning geweest en heeft de werken niet zelf bij aangever van de muur genomen, hij was op de hoogte van het plan, was bij de uitvoering aanwezig en heeft daaraan deelgenomen door de braakhandelingen te verrichten en heeft na afloop de gestolen werken meegenomen en gedurende enige dagen in bewaring gehad.</para>
      <para>De rechtbank acht daarmee het tenlastegelegde medeplegen van de inbraak wettig en overtuigend bewezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aangever heeft in zijn aangifte ook de werken Jan Toorop (1x ets), Titel: '<emphasis role="italic">Nettenboetsters'</emphasis> en Johan Barthold Jongkind (1x schilderij) Titel: <emphasis role="italic">'Een huisje in een berglandschap</emphasis>' als gestolen opgegeven. Later heeft hij aangegeven zich te hebben vergist en heeft hij verklaard dat die werken niet waren gestolen (dossierpagina’s p. C100 en C382). In zoverre zal verdachte van het hem tenlastegelegde worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 25 mei 2020 te Apeldoorn,</para>
      <para>tezamen en in vereniging met <emphasis role="strike-through">een of meer</emphasis> anderen, <emphasis role="strike-through">althans alleen</emphasis>,</para>
      <para>heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,</para>
      <para>een hoeveelheid schilderijen en etsen,</para>
      <para>te weten </para>
    </parablock>
    <para>- Rembrandt van Rijn (6x ets) Titels; 'Petrus en Johannes bij de poort van de tempel'/ 'Rembrandt met hoed en sjaal met donker gezicht' / 'De engel verschijnt aan de herders' / </para>
    <para>'De triomf van Mordechai' / 'De kwakzalver'/ 'Het uilenspiegeltje'</para>
    <para>- Jacob Maris (1x schilderij) Titel; 'Meisje met de bloemenmand, dromend bij hek'</para>
    <para>- Hendrik Willem Mesdag (1x schilderij) Titel; 'Zeegezicht'</para>
    <para>
      <emphasis role="strike-through">- Jan Toorop (1x ets) Titel; 'Nettenboetsters'</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="strike-through">- Johan Barthold Jongkind (1x schilderij) Titel; 'Een huisje in een berglandschap'</emphasis>
    </para>
    <para>- Anton Gerhard Alexander Ridder van Rapperd (2x schilderij) Titels; 'Een jonge werkman aan het weefgetouw' / 'Een werkjongen aan het weefgetouw'<emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed</emphasis>, die geheel <emphasis role="strike-through">of ten dele</emphasis> aan een ander dan aan verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> toebehoorden, te weten aan [benadeelde] ,</para>
    <para>terwijl verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> zich de toegang tot de plaats van het misdrijf <emphasis role="strike-through">heeft/</emphasis>hebben verschaft <emphasis role="strike-through">en/of die weg te nemen schilderijen en etsen voornoemd onder  zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht</emphasis> door middel van braak<emphasis role="strike-through">, verbreking</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> inklimming.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">“Diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming”</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van het feit</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het feit is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 11,5 maanden met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. De officier van justitie heeft hierbij rekening gehouden met de professionaliteit van de geplande inbraak, de grote waarde van de gestolen kunstwerken, het feit dat verdachte nog in een schorsing van de voorlopige hechtenis liep en tijdens het onderzoek geen openheid van zaken heeft gegeven. De officier van justitie heeft bij het bepalen van de straf ook rekening gehouden met het feit dat verdachte ervoor heeft gezorgd dat de bijzondere kunstwerken terug zijn gekomen bij [benadeelde] . </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft bepleit dat de tijd die verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht volstaat, eventueel met een deels voorwaardelijke gevangenisstraf en een (maximale) taakstraf. Nergens blijkt wat de exacte waarde van de gestolen kunstwerken is. Daarnaast verzoekt de raadsman rekening te houden met de positieve invloed die verdachte heeft op de bij hem inwonende 17-jarige zoon. Wanneer verdachte tot een langdurige gevangenisstraf veroordeeld zal worden, zal hij bovendien zijn woning verliezen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een professioneel geplande woninginbraak waarbij zeer kostbare, unieke en onvervangbare kunstwerken van onder andere Rembrandt van Rijn zijn buit gemaakt. Dit is een zeer ernstig feit. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van de persoon van verdachte houdt de rechtbank er rekening mee dat verdachte in het recente verleden niet veroordeeld is voor een vermogensdelict. De rechtbank houdt er aan de andere kant rekening mee dat verdachte dit feit heeft gepleegd terwijl hij in een schorsing van de voorlopige hechtenis liep. Dit heeft verdachte er niet van weerhouden zich opnieuw bezig te houden met het plegen van strafbare feiten. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft bij het bepalen van de straf gekeken naar de oriëntatiepunten van het LOVS. Daarin staat voor een woninginbraak als uitgangspunt een gevangenisstraf van drie maanden genoemd. De rechtbank heeft dit ook als uitgangspunt genomen en vindt een deels onvoorwaardelijke vrijheidsbenemende straf hier passend. </para>
      <para>De rechtbank houdt rekening met de hiervoor genoemde strafvermeerderende factoren: het medeplegen, de waarde en onvervangbaarheid van de buitgemaakte kunstwerken en het feit dat verdachte in een schorsing van de voorlopige hechtenis liep. In strafverminderende zin houdt de rechtbank er rekening mee dat verdachte ervoor heeft gezorgd dat de kunstwerken uiteindelijk teruggegeven zijn. </para>
      <para>De rechtbank zal verdachte daarom een gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden opleggen en een taakstraf voor de duur van 180 uren subsidiair 90 dagen vervangende hechtenis, met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De reeds geschorste voorlopige hechtenis zal worden opgeheven.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>8</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 9, 22c, 22d, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>9</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) maanden</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht; </para>
    <para />
    <para> legt op een <emphasis role="bold">taakstraf van 180 (honderdtachtig) uren</emphasis>, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van <emphasis role="bold">90 dagen</emphasis>;</para>
    <para />
    <para> beveelt dat voor de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van de taakstraf in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf uren in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat per dag in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht<emphasis role="underline"> 2 uur per dag </emphasis>in mindering wordt gebracht;</para>
    <para />
    <para> heft op de geschorste voorlopige hechtenis.</para>
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. R.W.H. van Brandenburg (voorzitter), </para>
              <para>mr. D.S.M. Bak en mr. T. Bertens, rechters, </para>
              <para>in tegenwoordigheid van L.J.M. Visser, griffier, </para>
              <para>en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op <emphasis role="bold">21 januari 2021</emphasis>.</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier is buiten staat mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_74c41de6-e69e-4249-a61d-74d3c03c1937" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door verbalisant [verbalisant] van de politie Oost-Nederland, districtsrecherche Noord- en Oost-Gelderland, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer 2020234891 (onderzoek Alblas) en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_8b210aee-651c-4165-b751-2c6788e4ad08" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van aangever [benadeelde] , p. C3-C4.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_3262fc26-0a05-42de-8007-667cd3290bc7" label="3">
    <para> Proces-verbaal van aangifte van [benadeelde] .</para>
  </footnote>
  <footnote id="_737d12ca-e4f0-4da2-9508-f5ccd34dcf40" label="4">
    <para> Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 7 januari 2021</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>