<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2021:1784</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-12T12:55:51</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-04-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-04-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/225362-19</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2021:1784">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2021:1784</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-04-16T10:17:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-04-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2021:1784 Rechtbank Gelderland , 12-04-2021 / 05/225362-19</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2021:1784:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De militaire kamer heeft een oud-medewerker van de Koninklijke Marechaussee veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren. Verdachte heeft zich meermaals schuldig gemaakt aan oplichting, valsheid in geschrift en opzettelijk gebruik maken van een vervalst geschrift</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2021:1784:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05/225362-19</para>
      <para>Datum uitspraak	: 12 april 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige militaire kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1986 in [geboorteplaats] , </para>
      <para>wonende aan de [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw, mr. N. Amine, en raadsman, mr. S.M. Diekstra, advocaten in Leiden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 29 maart 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is na toewijzing van een vordering tot wijziging van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 11 september 2019 tot en met 14 september 2019 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, althans in Nederland meermalen althans eenmaal (telkens) met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, de hierna te noemen perso(o)n(en) te weten</para>
      <para>
        [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] heeft bewogen tot de afgifte van  €1200, althans enig goed en/of</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>
          [benadeelde 3] heeft bewogen tot de afgifte van €1600, althans enig goed en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een onbekend gebleven Colombiaanse man heeft bewogen tot de afgifte van €500, althans enig goed en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>twee onbekend gebleven Koeweitse mannen heeft bewogen tot de afgifte van €1200, althans enig goed</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>hebbende hij, verdachte, toen aldaar (telkens) met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- (telkens) valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid</para>
    </parablock>
    <para />
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>zich voorgedaan als een betrouwbare KMar-medewerker in burger met KMar-pas en/of in KMar-uniform als chief immigration/hoofd immigratie en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>tijdens het tweedelijns controle gesprek gevraagd hoeveel (contant) geld  voornoemde perso(o)n(en) bij zich had(den) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>(vervolgens) van voornoemde perso(o)n(en)gevraagd naar de hoogte van de dekkingsgraad van de reisverzekering en/of naar het bezit van een reisverzekering/medische verzekering en/of naar een visum en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>aangegeven dat de dekkingsgraad van de reisverzekering onvoldoende was en dat de hoogte hiervan €60.000 moest zijn en/of dat een reisverzekering noodzakelijk was en/of dat het visum niet goed was en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>voornoemde perso(o)n(en) de mogelijkheid gegeven de dekkingsgraad van de reisverzekering aan te passen/te verhogen en/of een reisverzekering af te sluiten en/of dat de geregelde verhoging van de dekkingsgraad van de reisverzekering buiten de gestelde tijd was en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>voorgehouden dat hij, verdachte, het op humanitaire gronden in orde kon maken en/of een uitzondering kon maken door een (nood)clausule en/of garantenstelling op humanitaire gronden toe te passen, maar dat dit geld ging kosten en/of dat hiervoor een geldboete voor moest worden betaald, anders zou(den) voornoemde pers(o)n(en) de toegang tot het Schengengebied worden geweigerd en/of worden geweigerd verder (door) te reizen in het Schengengebied en/of te worden teruggestuurd en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een dusdanige betrouwbare voorstelling van zaken gegeven dat bij voornoemde perso(o)n(en) de indruk heeft gewekt dat er daadwerkelijk sprake zou zijn van een onjuiste dekkingsgraad van de reisverzekering en/of dat een reisverzekering en/of visum noodzakelijk zou zijn en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>voornoemde perso(o)n(en) geprobeerd te laten betalen middels het aanbieden van een creditcard bij een pinapparaat wetende dat dit pinapparaat voor voornoemde betaling niet geschikt was en/of (uiteindelijk) voornoemde perso(o)n(en) met contant geld laten betalen en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>nadat voornoemde person(o)n(en)aan verdachte het geldbedrag had(den) betaald aan voornoemde perso(o)n(en) tweedelijns formulieren en/of weigeringsformulieren als bevestiging van de clausule meegegeven en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de paspoort(en) van voornoemde perso(o)n(en) voorzien van een inreisstempel,</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <parablock>
      <para>zich aldus voorgedaan als een persoon die belast was met de grensbewaking,</para>
      <para>waardoor genoemde personen telkens werden bewogen tot bovenomschreven</para>
      <para>afgiftes;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 11 september 2019 tot en met 14 september 2019 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer meermalen, althans eenmaal, (telkens) één of meer geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>één of meer tweedelijns controle formulieren (dossier pag. 29 en 35) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een M17 formulier weigering toegang aan de grens aan onderdanen van derde landen (dossier pag. 36) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>één of meer paspoorten (dossier pag. 24, 30 en 85) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een formulier verklaring ex art. 2.4 tweede lid van het Vreemdelingenbesluit (dossier pag. 92) valselijk heeft opgemaakt en/of heeft vervalst door</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>voornoemde formulier(en) te ondertekenen met en/of te voorzien van de door verdachte verzonnen na(a)m(en) adjudant-onderofficier [naam 1] met dienstnummer [nummer 1] en/of [naam 2] , welke perso(o)n(en) niet bestaan en/of niet werkzaam zijn bij de Koninklijke Marechaussee en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>voornoemde paspoort(en) te voorzien van een inreisstempel(s) met nummer(s) G189 en/of G466 en/of G468 en/of G489 en/of G488 en/of G469 en/of G693 en/of G782, welke inreisstempel(s) niet van verdachte is/zijn en/of waarvan verdachte niet als gebruiker van voornoemde inreisstempel(s) staat geregistreerd,</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>met het oogmerk om deze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 11 september 2019 tot en met 14 september 2019 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse en/of vervalste geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>één of meer tweedelijns controle formulieren (dossier pag. 29 en 35) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een M17 formulier weigering toegang aan de grens aan onderdanen van derde landen (dossier pag. 36) en/of</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>één of meer paspoorten (dossier pag. 4, 30 en 85), </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>een formulier verklaring ex art 12 tweede lid van het Vreemdelingenbesluit (dossier pag. 92) </para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <parablock>
      <para>als waren deze echt en onvervalst,</para>
      <para>door deze aan [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] en/of [benadeelde 3] te geven en/of te verstrekken en/of terug te geven als bevestiging van de toegepaste clausule en/of die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] en/of [benadeelde 3] hiermee als gecontroleerd aan te merken en/of als rechtmatig in Schengengebied aan te merken bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat deze formulieren waren voorzien van de door verdachte verzonnen na(a)m(en) adjudant-onderofficier [naam 1] met dienstnummer [nummer 1] en/of [naam 2] , welke perso(o)n(en) niet bestaan en/of niet werkzaam zijn bij de Koninklijke Marechaussee en/of waren voorzien van door verdachte valselijk opgemaakte handtekeningen en/of deze paspoorten door verdachte waren voorzien van een inreisstempel(s) met nummer(s) G189 en/of G466 en/of G468 en/of G489 en/of G488 en/of G469 en/of G693 en/of G782, welke voornoemde inreisstempel(s) niet van verdachte is/zijn en/of waarvan verdachte niet als gebruiker van voornoemde inreisstempel(s) staat geregistreerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_8bf41560-6dab-45b0-9c5e-42c85ffed5d0" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 1</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De feiten</emphasis>
      </para>
      <para>Ten aanzien van de oplichting van [benadeelde 1] , [benadeelde 2] , [benadeelde 3] en de twee onbekend gebleven Koeweitse mannen, in de periode van 11 september 2019 tot en met 14 september 2019, is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] en [benadeelde 2] , p. 19, 20 en 21;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 3] , p. 80 en 81;</para>
    <para>- het proces-verbaal uitkijken camerabeelden, p. 120; </para>
    <para>- de verklaring van verdachte ter terechtzitting.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vervolgens ziet de militaire kamer zich voor de vraag gesteld of verdachte zich tevens schuldig heeft gemaakt aan de oplichting van een onbekend gebleven Colombiaanse man.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie </emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft bepleit dat verdachte partieel vrijgesproken dient te worden van de onder feit 1 ten laste gelegde oplichting van een onbekend gebleven Colombiaanse man. De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte geld aangeboden heeft gekregen van de Colombiaanse man, maar dat hij dit heeft afgeslagen. Volgens de verdediging heeft verdachte juist door dit aanbod het plan opgevat te handelen zoals hij heeft gedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de militaire kamer </emphasis>
      </para>
      <para>Getuige tolk met tolkennummer [nummer 2] heeft verklaard dat zij op 14 september 2019 omstreeks 13:19 uur en 13:48 uur heeft getolkt in de taal Spaans. De tolkdiensten waren aangevraagd door verdachte. De getuige heeft verklaard dat als zij een aantal dagen voor 14 september 2019 niet betrokken was geweest bij de aangifte van twee Argentijnen, het gesprek van 14 september 2019 haar dan niet was opgevallen. Het verhaal van de aangifte zat nog vers in haar geheugen en het patroon herhaalde zich, daarom heeft zij er op gelet. De getuige heeft verklaard dat verdachte in het eerste gesprek tegen de Colombiaanse man zei dat alles in orde was, op de verzekering na, nu deze € 50.000,00 dekte in plaats van € 60.000,00. Volgens de getuige wilde verdachte een uitzondering maken en een clausule toepassen op basis van humanitaire gronden. Dit hield in dat de passagier een boete van  € 500,00 moest betalen. De Colombiaanse man zei dat hij wel genoeg geld bij zich had, maar niet om € 500,00 af te staan. Verdachte zei dat als de man kon bewijzen dat hij wel over € 500,00 kon beschikken, verdachte hem alsnog toe zou laten. De getuige heeft verklaard dat uit het tweede gesprek duidelijk werd dat de Colombiaanse man contact heeft gehad met zijn moeder en dat zij € 500,00 via Western Union zou sturen. Vervolgens heeft de Colombiaanse man € 500,00 betaald en heeft hij hiervoor een papieren bewijs ontvangen, als bewijs dat hij alsnog toegelaten werd.<footnote-ref linkend="_489f4a25-0532-4cf9-b346-2f35a33d9c33" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Getuige [getuige] was op 14 september 2019 postcommandant van de late dienst. [getuige] heeft verklaard dat verdachte die dag niet op de dienstlijst stond, maar wel aanwezig was en dat hij in burger gekleed was. Bij de aanvang van de late dienst om 13:30 uur was verdachte al voor onbekende tijd bezig met een DDM (<emphasis role="italic">de rechtbank begrijpt: Doel, Duur, Middelen</emphasis>) onderzoek van een Colombiaanse passagier. Dit onderzoek vond plaats in het achterste kantoor van aankomst Schengen. [getuige] heeft verklaard dat omstreeks 13:52 uur verdachte vanuit het voorste kantoor met een dichtgevouwen A4-papier in zijn linkerhand naar het achterste kantoor liep.<footnote-ref linkend="_4cc13032-6835-4337-8108-0e78daf77a46" /></para>
      <para>Verdachte heeft verklaard dat hij op zaterdag 14 september 2019 aanwezig was op Schiphol om aan zijn portfolio te werken.<footnote-ref linkend="_bd0b144d-0b41-47c6-8b67-bb7d2b92ed29" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De militaire kamer komt op grond van het voorgaande tot de conclusie dat verdachte ook de Colombiaanse man heeft bewogen tot het betalen van een geldbedrag. Uit de verklaring van de tolk blijkt dat de wijze waarop verdachte hem daartoe heeft bewogen vergelijkbaar is met de  eerdergenoemde gedragingen die verdachte heeft bekend. Verdachte heeft zich voorgedaan als KMar-medewerker in burger en heeft de Colombiaanse man doen geloven dat de dekkingsgraad van zijn verzekering ontoereikend was. Verdachte heeft voornoemde man bewogen tot afgifte van geld. Hij heeft dit gedaan door te stellen dat verdachte een uitzondering zou maken op grond van humanitaire redenen en de man toe zou laten, maar wel op de voorwaarde dat de man € 500,00 moest betalen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oplichtingsmiddelen</emphasis>
      </para>
      <para>De militaire kamer stelt vast dat verdachte documenten heeft ondertekend met een andere naam dan zijn eigen naam en dat hij zich als chief immigration heeft voorgedaan. Daarmee is sprake van het aannemen van een valse naam en een valse hoedanigheid.  Verdachte heeft [benadeelde 1] , [benadeelde 2] , [benadeelde 3] , de twee onbekend gebleven Koeweitse mannen en de onbekend gebleven Colombiaanse man verder bewogen tot afgifte van in totaal € 4.500,00 door hen te vertellen dat de dekkingsgraad van de reisverzekering niet in orde was. Hij heeft hen documenten meegegeven die als bewijs zouden dienen dat zij verder konden reizen. Ook heeft verdachte in één geval gebruik gemaakt van een niet werkend pinapparaat. Daarmee heeft verdachte bedrieglijk gehandeld op een wijze die als listige kunstgrepen en als een samenweefsel van verdichtsels kan worden aangemerkt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 2 en feit 3</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen ten aanzien van feit 2 en feit 3:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] en [benadeelde 2] , p. 21, 29 en 36;</para>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 3] , p. 87 en 92;</para>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 72;</para>
    <para>- het proces-verbaal van bevindingen, p. 104;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 29 maart 2021.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van de militaire kamer is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 1, feit 2 en feit 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op één of meer tijdstip(pen) </emphasis>in<emphasis role="strike-through"> of omstreeks</emphasis> de periode van 11 september 2019 tot en met 14 september 2019 te Schiphol, <emphasis role="strike-through">gemeente Haarlemmermeer, althans in Nederland</emphasis> meermalen <emphasis role="strike-through">althans eenmaal (</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> met het oogmerk om zich <emphasis role="strike-through">en/of een ander</emphasis> wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een valse hoedanigheid en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> door listige kunstgrepen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> door een samenweefsel van verdichtsels, de hierna te noemen perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> te weten</para>
      <para>
        [benadeelde 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [benadeelde 2] heeft bewogen tot de afgifte van €1200, <emphasis role="strike-through">althans enig goed</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    </parablock>
    <para>- [benadeelde 3] heeft bewogen tot de afgifte van €1600, <emphasis role="strike-through">althans enig goed</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- een onbekend gebleven Colombiaanse man heeft bewogen tot de afgifte van €500, <emphasis role="strike-through">althans enig goed</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- twee onbekend gebleven Koeweitse mannen heeft bewogen tot de afgifte van €1200, <emphasis role="strike-through">althans enig goed</emphasis></para>
    <para />
    <parablock>
      <para>hebbende hij, verdachte, toen aldaar <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> met vorenomschreven oogmerk -zakelijk weergegeven- <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> valselijk en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> listiglijk en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> bedrieglijk en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> in strijd met de waarheid</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- zich voorgedaan als een betrouwbare KMar-medewerker in burger met KMar-pas en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> in KMar-uniform als chief immigration/hoofd immigratie en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- tijdens het tweedelijns controle gesprek gevraagd hoeveel <emphasis role="strike-through">(</emphasis>contant<emphasis role="strike-through">)</emphasis> geld voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> bij zich had<emphasis role="strike-through">(</emphasis>den<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>-	<emphasis role="strike-through">(</emphasis>vervolgens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> gevraagd naar de hoogte van de dekkingsgraad van de reisverzekering en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> naar het bezit van een reisverzekering/medische verzekering en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> naar een visum en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- aangegeven dat de dekkingsgraad van de reisverzekering onvoldoende was en dat de hoogte hiervan €60.000 moest zijn en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> dat een reisverzekering noodzakelijk was en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> dat het visum niet goed was en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> de mogelijkheid gegeven de dekkingsgraad van de reisverzekering aan te passen/te verhogen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een reisverzekering af te sluiten en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> dat de geregelde verhoging van de dekkingsgraad van de reisverzekering buiten de gestelde tijd was en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- voorgehouden dat hij, verdachte, het op humanitaire gronden in orde kon maken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> een uitzondering kon maken door een (nood)clausule <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of garantenstelling op humanitaire gronden toe te passen, maar dat dit geld ging kosten en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> dat hiervoor een geldboete voor moest worden betaald, anders zou<emphasis role="strike-through">(</emphasis>den<emphasis role="strike-through">)</emphasis> voornoemde pers<emphasis role="strike-through">(</emphasis>o<emphasis role="strike-through">)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> de toegang tot het Schengengebied worden geweigerd en/of worden geweigerd verder (door) te reizen in het Schengengebied en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> te worden teruggestuurd en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- een dusdanige betrouwbare voorstelling van zaken gegeven dat bij voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> de indruk heeft gewekt dat er daadwerkelijk sprake zou zijn van een onjuiste dekkingsgraad van de reisverzekering en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> dat een reisverzekering en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> visum noodzakelijk zou zijn en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> geprobeerd te laten betalen middels het aanbieden van een creditcard bij een pinapparaat wetende dat dit pinapparaat voor voornoemde betaling niet geschikt was en<emphasis role="strike-through">/of (</emphasis>uiteindelijk<emphasis role="strike-through">)</emphasis> voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> met contant geld laten betalen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- nadat voornoemde person<emphasis role="strike-through">(</emphasis>o<emphasis role="strike-through">)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> aan verdachte het geldbedrag had<emphasis role="strike-through">(</emphasis>den<emphasis role="strike-through">)</emphasis> betaald aan voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> tweedelijns formulieren en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> weigeringsformulieren als bevestiging van de clausule meegegeven en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- de paspoort<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> van voornoemde perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> voorzien van een inreisstempel,</para>
    <parablock>
      <para>	zich aldus voorgedaan als een persoon die belast was met de grensbewaking,</para>
      <para>	waardoor genoemde personen telkens werden bewogen tot bovenomschreven</para>
      <para>	afgiftes;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op één of meer tijdstip(pen)</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 11 september 2019 tot en met 14 september 2019 te Schiphol, <emphasis role="strike-through">gemeente Haarlemmermeer</emphasis> meermalen, <emphasis role="strike-through">althans eenmaal, (</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> één of meer geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- één of meer tweedelijns controle formulieren (dossier pag. 29 en 35) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- een M17 formulier weigering toegang aan de grens aan onderdanen van derde landen (dossier pag. 36) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- één of meer paspoorten (dossier pag. 24, 30 en 85) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- een formulier verklaring ex art. 2.4 tweede lid van het Vreemdelingenbesluit (dossier pag. 92) valselijk heeft opgemaakt <emphasis role="strike-through">en/of heeft vervalst</emphasis> door</para>
    <para>- voornoemde formulier<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> te ondertekenen met en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> te voorzien van de door verdachte verzonnen na<emphasis role="strike-through">(a)</emphasis>m<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> adjudant-onderofficier [naam 1] met dienstnummer [nummer 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [naam 2] , welke perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> niet bestaan <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of niet werkzaam zijn bij de Koninklijke Marechaussee en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- voornoemde paspoort(en) te voorzien van een inreisstempel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> met nummer<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> G189 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G466 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G468 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G489 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G488 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G469 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G693 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G782, welke inreisstempel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> niet van verdachte <emphasis role="strike-through">is/</emphasis>zijn en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> waarvan verdachte niet als gebruiker van voornoemde inreisstempel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> staat geregistreerd,</para>
    <parablock>
      <para>	met het oogmerk om deze als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;</para>
      <para>3.</para>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op één of meer tijdstip(pen)</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 11 september 2019 tot en met 14 september 2019 te Schiphol, <emphasis role="strike-through">gemeente Haarlemmermeer</emphasis> meermalen, <emphasis role="strike-through">althans eenmaal, (</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> opzettelijk gebruik heeft gemaakt van <emphasis role="strike-through">valse en/of</emphasis> vervalste geschriften die bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten</para>
    </parablock>
    <para>- één of meer tweedelijns controle formulieren (dossier pag. 29 en 35) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- een M17 formulier weigering toegang aan de grens aan onderdanen van derde landen (dossier pag. 36) en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    <para>- één of meer paspoorten (dossier pag. 4, 30 en 85), </para>
    <para>- een formulier verklaring ex art 12 tweede lid van het Vreemdelingenbesluit (dossier pag. 92) </para>
    <parablock>
      <para>als waren deze echt en onvervalst,</para>
      <para>door deze aan [benadeelde 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [benadeelde 2] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [benadeelde 3] te geven en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> te verstrekken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> terug te geven als bevestiging van de toegepaste clausule en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> die [benadeelde 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [benadeelde 2] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [benadeelde 3] hiermee als gecontroleerd aan te merken en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> als rechtmatig in Schengengebied aan te merken bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat deze formulieren waren voorzien van de door verdachte verzonnen na<emphasis role="strike-through">(a)</emphasis>m<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> adjudant-onderofficier [naam 1] met dienstnummer [nummer 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [naam 2] , welke perso<emphasis role="strike-through">(o)</emphasis>n<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> niet bestaan <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of niet werkzaam zijn bij de Koninklijke Marechaussee en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> waren voorzien van door verdachte valselijk opgemaakte handtekeningen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> deze paspoorten door verdachte waren voorzien van een inreisstempel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> met nummer<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> G189 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G466 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G468 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G489 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G488 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G469 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G693 <emphasis role="strike-through">en/</emphasis>of G782, welke voornoemde inreisstempel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> niet van verdachte <emphasis role="strike-through">is/</emphasis>zijn en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> waarvan verdachte niet als gebruiker van voornoemde inreisstempel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> staat geregistreerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">feit 1:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">oplichting, meermaals gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">ten aanzien van de feiten 2 en 3:</emphasis>
        <emphasis role="bold italic">de voortgezette handeling van:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">valsheid in geschrift, meermaals gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">opzettelijk gebruik maken van een vervalst geschrift, als bedoeld in artikel 225 lid 1, van het Wetboek van Strafrecht, meermaals gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de feiten</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van de straf </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren. Daarnaast heeft de officier van justitie gevorderd dat aan deze proeftijd de bijzondere voorwaarden worden verbonden zoals geadviseerd door de reclassering. Ten aanzien van het beslag heeft de officier van justitie zich op het standpunt gesteld dat één deel van het inbeslaggenomen geldbedrag, te weten € 1.050,00, afkomstig is uit misdrijf en daarom verbeurd moet worden verklaard. Op het resterende bedrag, te weten € 1.200,00, blijft conservatoir beslag rusten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft bepleit dat rekening dient te worden gehouden met het volgende. Verdachte kampt met gevoelens van schaamte die hebben geleid tot suïcidale gedachten, waarvoor hij onder behandeling is geweest. Verdachte heeft voor zijn schulden betalingsregelingen getroffen met zijn schuldeisers en heeft per 17 april 2021 een fulltime baan. Verder heeft verdachte de zorg over zijn bij hem inwonende zoon. De verdediging stelt zich op het standpunt dat de oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf negatieve gevolgen zal hebben op het voornoemde. Tot slot verzoekt de verdediging de militaire kamer te volstaan met een veroordeling tot een fikse taakstraf. Ten aanzien van het beslag heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat verdachte afstand doet van het gehele geldbedrag ad</para>
      <para>€ 2.250,00.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de militaire kamer</emphasis>
      </para>
      <para>De militaire kamer heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De militaire kamer heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan de oplichting van meerdere personen en aan vervalsing van meerdere douaneformulieren. Dit zijn zeer ernstige feiten. Verdachte heeft zich voorgedaan als betrouwbare KMar-medewerker en heeft daarbij misbruik gemaakt van zijn positie. Verdachte heeft met zijn handelen het vertrouwen van de reizigers grovelijk geschaad. Dit betreft niet alleen het vertrouwen in de KMar, maar ook in Nederland als veilig gastland. Verdachte heeft daarnaast het algemeen aanzien van de KMar, een dienst die staat voor veiligheid en bescherming, bezoedeld. Uit het dossier is gebleken dat verdachte het geld voor zijn eigen plezier heeft gebruikt. </para>
      <para>De militaire kamer rekent voorgaande verdachte bijzonder zwaar aan, zeker nu hij de rang van opperwachtmeester had. Verdachte had hiermee een voorbeeldfunctie en was verantwoordelijk voor, onder andere, het voorkomen van corruptie. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het uittreksel justitiële documentatie d.d. 12 februari 2021 volgt dat verdachte niet eerder veroordeeld is. Ook weegt de militaire kamer mee dat verdachte als gevolg van zijn gedraging is ontslagen.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De reclassering schat het recidiverisico in als laag. Volgens de reclassering zijn er, behalve de huidige financiële problemen, geen andere factoren die het recidiverisico verhogen. De reclassering acht het positief dat verdachte professionele hulp geaccepteerd heeft en de aangereikte handvatten in de praktijk toepast.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De militaire kamer is van oordeel dat de feiten zodanig ernstig zijn, dat een gevangenisstraf met een behoorlijk onvoorwaardelijk gedeelte, mede uit een oogpunt van generale preventie aangewezen acht.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegende acht de militaire kamer een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren, passend en geboden. De militaire kamer acht een voorwaardelijk deel als stok achter de deur noodzakelijk, aangezien verdachte over een omvangrijke schuld beschikt. Voorkomen moet worden dat hij in de verleiding komt om nieuwe vermogensdelicten te begaan. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>De beoordeling van het beslag</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De militaire kamer beslist dat het geldbedrag ad € 2.250,00 dat aan verdachte toebehoort en dat geheel door middel van feit 1 is verkregen, verbeurd wordt verklaard. De militaire kamer overweegt daartoe dat aannemelijk is dat het gehele inbeslaggenomen geldbedrag door middel van feit 1 is verkregen.  </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>9</nr>De beoordeling van de civiele vordering</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij het Ministerie van Defensie heeft in verband met feit 1 een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 850,93 aan materiële schade.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard, omdat de vordering niet is ingediend door iemand die daartoe bevoegd is en omdat het bedrag dat gevorderd wordt geen rechtstreekse schade betreft. Subsidiair heeft de verdediging gesteld dat de vordering moet worden afgewezen, vanwege de zeer beperkte draagkracht van verdachte. Meer subsidiair heeft de verdediging gesteld dat de vordering moet worden afgewezen, nu verdachte al wederrechtelijk voordeel is ontnomen en de vordering op hetzelfde wederrechtelijk verkregen voordeel ziet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overweging van de militaire kamer</emphasis>
      </para>
      <para>De militaire kamer ziet in het enkele feit dat de indiener het verzoek om schadevergoeding heeft ingediend zonder daartoe strekkende volmacht van het Ministerie van Defensie, geen grond om te twijfelen aan de bevoegdheid tot indiening van het verzoek. Door de verdediging is niet onderbouwd waarom aan die bevoegdheid moet worden getwijfeld, zodat daarin geen grond is gelegen om de vordering niet-ontvankelijk te verklaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met betrekking tot de vraag of sprake is van rechtstreekse schade wordt als volgt overwogen. Uit artikel 51f, eerste lid van het Wetboek van Strafvordering volgt dat degene die rechtstreeks schade heeft geleden door een strafbaar feit, zich ter zake van zijn vordering tot schadevergoeding als benadeelde partij kan voegen in het strafproces. Van rechtstreekse schade is sprake wanneer iemand is getroffen in een belang dat door de overtreden strafbepaling wordt beschermd. Voor vergoeding komt alleen die schade in aanmerking die rechtstreeks het gevolg is van het feit zoals in de tenlastelegging is omschreven. Voorgaande houdt in dat doorgaans alleen het slachtoffer van het strafbare feit zich kan voegen als benadeelde partij. Hier bestaan een aantal uitzonderingen op.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De militaire kamer is van oordeel dat in onderhavig geval geen sprake is van rechtstreekse schade. Het Ministerie van Defensie is niet direct slachtoffer geworden van de door verdachte gepleegde oplichting. Daarnaast valt het Ministerie van Defensie niet onder de kring van voegingsgerechtigden die aangemerkt wordt als een uitzondering op het uitgangspunt dat alleen het slachtoffer van het strafbare feit zich kan voegen als benadeelde partij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelet op het voorgaande zal de militaire kamer het Ministerie van Defensie niet-ontvankelijk verklaren in zijn vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>10</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33a, 56, 57, 225, 326 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>11</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De militaire kamer:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) maanden</emphasis>, waarvan <emphasis role="bold">4 (vier) maanden voorwaardelijk</emphasis>, met een <emphasis role="bold">proeftijd van 3 (drie) jaren</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> verklaart verbeurd het geldbedrag van € 2.250,00;</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline italic">De beslissing op de vordering van de benadeelde partij het Ministerie van Defensie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para> verklaart de benadeelde partij het Ministerie van Defensie niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade.</para>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="3">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <colspec colname="colC" />
        <tbody>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Y. van Wezel (voorzitter) en mr. G.W.B. Heijmans, rechters, en kolonel mr. M. Hoedeman, militair lid, in tegenwoordigheid van mr. H. Hadžić, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 12 april 2021.</para>
              <para />
              <para>De oudste rechter en het militair lid zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. </para>
              <para />
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry namest="colA" nameend="colC">
              <para />
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
            <entry>
              <para />
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_8bf41560-6dab-45b0-9c5e-42c85ffed5d0" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door kapitein [naam 3] van de Koninklijke Marechaussee, Cluster Integriteit, Sectie Interne Onderzoeken, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer PL27AZ/19-4000063, gesloten op 23 december 2019 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_489f4a25-0532-4cf9-b346-2f35a33d9c33" label="2">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen tolken TVcN, p. 122-124.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_4cc13032-6835-4337-8108-0e78daf77a46" label="3">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 107-108.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_bd0b144d-0b41-47c6-8b67-bb7d2b92ed29" label="4">
    <para> Verklaring van verdachte ter terechtzitting.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>