<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:RBGEL:2021:1200</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-03-15T14:34:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-03-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Rechtbank_Gelderland" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Rechtbank Gelderland</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-03-15</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">05/881795-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_materieelStrafrecht">Strafrecht; Materieel strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2021:1200">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2021:1200</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-03-15T14:33:38</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-03-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:RBGEL:2021:1200 Rechtbank Gelderland , 15-03-2021 / 05/881795-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:RBGEL:2021:1200:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Veroordeling ex-burgermedewerker Defensie voor medeplegen van verduistering en van oplichting.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:RBGEL:2021:1200:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">RECHTBANK GELDERLAND</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team strafrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zittingsplaats Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer: 05/881795-18</para>
      <para>Datum uitspraak	: 15 maart 2021</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenspraak</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">vonnis van de meervoudige kamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">de officier van justitie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>,</para>
      <para>geboren op [geboortedag] 1963 in [woonplaats] , </para>
      <para>wonende aan de [adres] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Raadsvrouw: mr. B.A.T. Brouwer, advocaat in Apeldoorn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzittingen van 8 februari 2021 en 1 maart 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De inhoud van de tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 januari 2018 tot en met 06 februari 2019 te Apeldoorn en/of 't Harde en/of Ugchelen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meerdere, althans een kast(en) en/of stoel(en) en/of wasdroger(s) en/of wasmachine(s) en/of televisie(s) en/of stofzuiger(s) en/of </para>
      <para>matras(sen) en/of dekbed(den) en/of koelkast(en), in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde, te weten aan het ministerie van Defensie, (telkens) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 januari 2018 tot en met 06 februari 2019 te Apeldoorn en/of 't Harde en/of Ugchelen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk meerdere, althans een kast(en) en/of stoel(en) en/of wasdroger(s) en/of wasmachine(s) en/of televisie(s) en/of stofzuiger(s) en/of matras(sen) en/of dekbed(den) en/of koelkast(en), in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele toebehoorde aan het Ministerie van Defensie, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en welk(e) goed(eren) verdachte en/of zijn mededader(s), (telkens) uit hoofde van zijn/hun persoonlijke dienstbetrekking, te weten als medewerker van het [afdeling] , in elk geval anders dan door misdrijf, onder zich hadden, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 04 februari 2019 tot en met 06 februari 2019 te Haarlem en/of Apeldoorn en/of Voorthuizen en/of 't Harde, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ongeveer 154 rolkastdeuren, althans een groot aantal rolkastdeuren, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte</para>
      <para>en/of zijn mededader(s) toebehoorde, te weten aan het ministerie van Defensie, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>althans, indien het vorenstaande onder 2 niet tot een veroordeling leidt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 04 februari 2019 tot en met 06 februari 2019 te Haarlem en/of Apeldoorn en/of Voorthuizen en/of 't Harde, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk 154 rolkastdeuren, althans een groot aantal rolkastdeuren, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele toebehoorde aan het Ministerie van </para>
      <para>Defensie, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en welk(e) goed(eren) verdachte en/of zijn mededader(s), uit hoofde van zijn/hun persoonlijke dienstbetrekking, te weten als medewerker van het [afdeling] , in elk geval anders dan door misdrijf, onder zich hadden, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 09 januari 2019 tot en met 07 februari 2019 te Apeldoorn en/of 't Harde, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen</para>
      <para>van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van </para>
      <para>verdichtsels het ministerie van Defensie heeft bewogen tot betaling van een geldbedrag van </para>
      <para>2.489,50 euro (zie p. 149 proces-dossier), hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar met vorenomschreven oogmerk valselijk en in strijd met de waarheid – twee</para>
      <para>offertes/verhuisformulieren ingediend voor de verhuizing van 154 roldeurkasten, althans een groot aantal roldeurkasten ten behoeve van de Defensielocatie aan [adres] en/of - voornoemde offertes/verhuisformulieren verwerkt in het digitale systeem PLANON en/of DIgi-inkoop en/of - voornoemde offertes/verhuisformulieren goedgekeurd/betaalbaar gesteld en/of - de (goedgekeurde) offertes/verhuisformulieren aan verhuisbedrijf [bedrijf] doen toekomen en/of - vervolgens de roldeurkasten afgeleverd bij (een) particulier(en) en/of op </para>
      <para>(een) privéadres(sen).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">2.	Overwegingen ten aanzien van het bewijs</emphasis>
      <footnote-ref linkend="_e41a8307-2f5b-4b84-80e7-ebdb6318e718" />
    </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder feit 1 en feit 2 primair tenlastegelegde. Verder heeft de officier van justitie gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 en feit 2 subsidiair tenlastegelegde en aan feit 3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte vrijgesproken dient te worden van het onder feit 1 en feit 2 primair tenlastegelegde. De raadsvrouw heeft zich ten aanzien van het onder feit 1 en feit 2 subsidiair tenlastegelegde en ten aanzien van feit 3, gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van het onder feit 1 en feit 2 primair tenlastegelegde</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank zal verdachte vrijspreken van het onder feit 1 en feit 2 primair ten laste gelegde en overweegt daartoe het volgende. Verdachte had uit hoofde van zijn functie als medewerker van het [afdeling] de mogelijkheid te beschikken over de in de tenlastelegging genoemde goederen. Hierdoor kan geen sprake zijn van een oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van het onder feit 1 subsidiair tenlastegelegde</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <para>- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] , p. 100 tot en met 102;</para>
    <para>- het verhoor van medeverdachte [medeverdachte] , p. 405, 407 en 408;</para>
    <para>- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 1 maart 2021;</para>
    <para>- het verhoor van medeverdachte [medeverdachte 2] , p. 476, 488 en 490.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal verdachte partieel vrijspreken van het onderdeel “uit hoofd van zijn/hun persoonlijke dienstbetrekking” en overweegt daartoe het volgende. Verdachte was ten tijde van het plegen een ambtenaar. Verduistering door een ambtenaar valt niet onder het bereik van artikel 322 van het Wetboek van Strafrecht (verder: Sr), zodat dit onderdeel van het ten laste gelegde feit niet kan worden bewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van het onder feit 2 subsidiair tenlastegelegde</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal van aangifte van [aangeefster 1] , p. 103 tot en met 104;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>het verhoor van medeverdachte [medeverdachte 3] , p. 417.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 1 maart 2021;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para>- het verhoor van medeverdachte [medeverdachte 2] , p. 476, 488 en 490.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank zal verdachte wederom partieel vrijspreken van het ten laste gelegde onderdeel “uit hoofde van zijn/hun persoonlijke dienstbetrekking”, nu verdachte als ambtenaar niet onder het bereik van artikel 322 Sr valt. </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ten aanzien van feit 3</emphasis>
      </para>
      <para>Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bewijsmiddelen:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het proces-verbaal van aangifte van [aangeefster 1] , p. 105 en 106;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 1 maart 2021.</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>proces-verbaal bevindingen financiële transacties [bedrijf] met bijlagen, p. 148 tot en met p. 152.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank kwalificeert het bewezenverklaarde handelen, bestaande uit het in twee delen indienen van verhuisformulieren met weglating van de daadwerkelijke bestemming van de kasten, als listige kunstgrepen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De bewezenverklaring</title>
    <para>Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 1 en feit 2 subsidiair en onder feit 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat: </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op één of meer tijdstip(pen)</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 01 januari 2018 tot en met 06 februari 2019 te Apeldoorn en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> 't Harde en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> Ugchelen, <emphasis role="strike-through">althans in Nederland,</emphasis> tezamen en in vereniging met een <emphasis role="strike-through">of meer</emphasis> ander<emphasis role="strike-through">en</emphasis>, <emphasis role="strike-through">althans alleen, (</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">)</emphasis> opzettelijk meerdere, <emphasis role="strike-through">althans een</emphasis> kast<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> stoel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> wasdroger<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> wasmachine<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> televisie<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of </emphasis></para>
      <para>stofzuiger<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> matras<emphasis role="strike-through">(</emphasis>sen<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> dekbed<emphasis role="strike-through">(</emphasis>den<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> koelkast<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, <emphasis role="strike-through">in elk geval enig goed,</emphasis> die geheel <emphasis role="strike-through">of ten dele</emphasis> toebehoorden aan het Ministerie van Defensie, <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),</emphasis> en welk<emphasis role="strike-through">(</emphasis>e<emphasis role="strike-through">)</emphasis> goed<emphasis role="strike-through">(</emphasis>eren<emphasis role="strike-through">)</emphasis> verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(s)</emphasis>, <emphasis role="strike-through">(</emphasis>telkens<emphasis role="strike-through">) uit hoofde van zijn/hun persoonlijke dienstbetrekking, te weten</emphasis> als </para>
      <para>medewerker van het [afdeling] , <emphasis role="strike-through">in elk geval anders dan door misdrijf,</emphasis> onder zich hadden, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">in of omstreeks de periode van 04 februari 2019 tot en met</emphasis> 06 februari 2019 te Haarlem en<emphasis role="strike-through">/of Apeldoorn en/of</emphasis> Voorthuizen <emphasis role="strike-through">en/of 't Harde, althans in  Nederland</emphasis>, tezamen en in vereniging met een <emphasis role="strike-through">of meer</emphasis> ander<emphasis role="strike-through">en</emphasis>, <emphasis role="strike-through">althans alleen,</emphasis> opzettelijk 154 roldeurkasten, <emphasis role="strike-through">althans een groot aantal rolkastdeuren, in elk  geval enig goed</emphasis>, die geheel <emphasis role="strike-through">of ten dele</emphasis> toebehoorden aan het Ministerie van Defensie, <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),</emphasis> en welk<emphasis role="strike-through">(</emphasis>e<emphasis role="strike-through">)</emphasis> goed<emphasis role="strike-through">(</emphasis>eren<emphasis role="strike-through">)</emphasis> verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, <emphasis role="strike-through">uit hoofde van zijn/hun persoonlijke dienstbetrekking, te weten</emphasis> als medewerker van het [afdeling] , <emphasis role="strike-through">in elk geval anders dan door misdrijf,</emphasis> onder zich hadden, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3.</para>
      <para>hij in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 09 januari 2019 tot en met 07 februari 2019 te Apeldoorn en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> 't Harde<emphasis role="strike-through">, althans in Nederland,</emphasis> tezamen en in vereniging met een <emphasis role="strike-through">of meer</emphasis> ander<emphasis role="strike-through">en</emphasis>, <emphasis role="strike-through">althans alleen,</emphasis> met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen <emphasis role="strike-through">door het aannemen van een valse hoedanigheid en/of</emphasis> door listige kunstgrepen <emphasis role="strike-through">en/of door een samenweefsel van </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">verdichtsels</emphasis> het ministerie van Defensie heeft bewogen tot betaling van een geldbedrag van </para>
      <para>2.489,50 euro (zie p. 149 proces-dossier), hebbende verdachte en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(</emphasis>s<emphasis role="strike-through">)</emphasis> toen aldaar met vorenomschreven oogmerk valselijk en in strijd met de waarheid – twee offertes/verhuisformulieren ingediend voor de verhuizing van 154 roldeurkasten, <emphasis role="strike-through">althans een groot aantal roldeurkasten</emphasis> ten behoeve van de Defensielocatie aan [adres] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> - voornoemde offertes/verhuisformulieren verwerkt in het digitale systeem PLANON en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> DIgi-inkoop en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> - voornoemde offertes/verhuisformulieren goedgekeurd/betaalbaar gesteld en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> - de (goedgekeurde) offertes/verhuisformulieren aan verhuisbedrijf [bedrijf] doen toekomen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> - vervolgens de roldeurkasten afgeleverd bij <emphasis role="strike-through">(een)</emphasis> particulier<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> op </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">(een)</emphasis> privéadres<emphasis role="strike-through">(</emphasis>sen<emphasis role="strike-through">)</emphasis>. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen. </para>
      <para>Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De kwalificatie van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezenverklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">ten aanzien van het onder feit 1 subsidiair tenlastegelegde:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">medeplegen van verduistering, meermaals gepleegd;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">ten aanzien van het onder feit 2 subsidiair tenlastegelegde:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">medeplegen van verduistering;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">ten aanzien van feit 3</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">medeplegen van oplichting.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>De strafbaarheid van de feiten.</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De feiten zijn strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>De strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>7</nr>De overwegingen ten aanzien van de straf</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de officier van justitie</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot het verrichten van een werkstraf voor de duur van 240 uren, met aftrek van 6 uren ter zake van de tijd in inverzekeringstelling doorgebracht. Verder heeft de officier van justitie gevorderd dat het onder verdachte in beslag genomen geldbedrag van € 3.000,00 verbeurd wordt verklaard, nu dit geld afkomstig is uit misdrijf, te weten feit 2. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsvrouw heeft bepleit dat in het voordeel van verdachte meegewogen dient te worden dat hij zowel bij de politie als thuis onmiddellijk openheid van zaken heeft gegeven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De beoordeling door de rechtbank</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.</para>
      <para>Verdachte heeft zich over een periode van ruim één jaar veelvuldig schuldig gemaakt aan verduistering, in vereniging gepleegd. Verdachte vervulde daarbij de centrale rol. Hij heeft contacten gelegd en onderhouden met afnemers. Daarnaast is uit de tapgesprekken gebleken dat verdachte de hoofdrol heeft gespeeld bij het vervoer en de aflevering van de goederen. Zo heeft hij niet alleen het verhuisbedrijf aangestuurd, maar heeft hij zelf ook goederen afgeleverd met een defensievoertuig. Naast verduistering heeft verdachte zich tevens schuldig gemaakt aan oplichting. Hij heeft op grove wijze misbruik gemaakt van zijn positie. Door zijn handelen heeft verdachte zijn oud-werkgever, het ministerie van Defensie, financiële schade toegebracht. Daarnaast heeft verdachte het vertrouwen van het ministerie van Defensie ernstig geschaad. De rechtbank neemt het verdachte zeer kwalijk dat hij overheidsgelden heeft gebruikt om zichzelf financieel te verrijken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het uittreksel justitiële documentatie d.d. 28 december 2020 volgt dat verdachte niet eerder is veroordeeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank houdt er in strafverminderende zin rekening mee dat het feiten uit 2018 betreft. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegende acht de rechtbank een werkstraf voor de duur van 240 uren, met aftrek van 6 uren ter zake van de tijd in inverzekeringstelling doorgebracht, passend en geboden. De hoeveelheid van feiten en de ernst en omvang van de verduistering zouden de oplegging van een (deels) onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigen, maar de rechtbank acht een werkstraf meer passend vanwege de leeftijd van verdachte en de omstandigheid dat het oude feiten betreft. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>8</nr>De beoordeling van het beslag</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank beslist dat het geldbedrag van € 3.000,00 dat aan verdachte toebehoort en dat geheel uit de baten van feit 2 is verkregen, verbeurd wordt verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>De toegepaste wettelijke bepalingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 9, 22c, 22d, 33, 33a, 57, 321 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>10</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> verklaart verdachte hiervoor strafbaar;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para> veroordeelt verdachte wegens het bewezenverklaarde tot een <emphasis role="bold">werkstraf voor de duur van 240 uren, </emphasis>met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 (honderdtwintig) dagen;</para>
    </parablock>
    <para> beveelt dat voor de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van de werkstraf in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf 6 uren in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat per dag in verzekering doorgebracht 2 uur in mindering wordt gebracht;</para>
    <para />
    <para> verklaart verbeurd het geldbedrag van € 3.000,00.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit vonnis is gewezen door mr. Y. van Wezel (voorzitter), mr. G.W.B. Heijmans en </para>
      <para>mr. C.E.W. van de Sande, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H. Hadžić, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 15 maart 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De oudste en de jongste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_e41a8307-2f5b-4b84-80e7-ebdb6318e718" label="1">
    <para> Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant] en [verbalisant] van de Koninklijke Marechaussee, district Landelijke en Buitenlandse Eenheden, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer 190505.1030.0724, gesloten op 19 november 2019 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier, tenzij anders vermeld.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>